Tag: eindexamen

Eindexamen Nederlands: Het is veel erger

Door Marc van Oostendorp

In NRC Handelsblad van gisterenavond gaat Klaas Heemskerk van lerarenvereniging Levende talen in op mijn bezwaren tegen het eindexamen Nederlands. “Het is veel erger”, schrijft hij. “Het hele examensysteem is uit balans geraakt.” Hij beschrijft hoe scholen er steeds meer gericht raken om scholieren de onzinnige vragen te laten beantwoorden van het centraal eindexamen. Zelfs de schoolexamens raken aangetast: omdat de beoordeling van het schoolexamen niet teveel mag afwijken van het centrale deel, geven sommige scholen kennelijk al oude centrale examens, in plaats van toetsen over literatuurgeschiedenis.

Het stuk van Heemskerk staat helaas niet online, maar hij baseert zich op een rapport dat Levende talen online zette, en dat staat op de website van de vereniging. Lees, en schrik.

Lees verder >>

Compliment aan de examenmakers

Door Jaap Linde, leraar Nederlands, Grotiuscollege Heerlen

Dit jaar is er, traditiegetrouw, weer een hoop gedoe rond de examens in ons prachtvak Nederlands: de fora rijzen de pan uit, hoogleraren doen van zich spreken en iedereen die zich ertegenaan wil bemoeien, doet naar believen een duit in het zakje. Dat gebeurt volop in de tijd dat wij, correctoren, het werk volgens het correctievoorschrift behoren na te kijken. Ik doe dat altijd getrouw, gewoonweg omdat dat van mij gevraagd wordt, hoewel ik mezelf niet beschouw als een kritiekloos en volgzaam schaap, zoals kritieklozen wel eens worden gekwalificeerd of als een querulant of een zure trut, kwalificaties voor notoire kritiekhebbers.
Lees verder >>

De eindexamens Nederlands 2013 (vmbo en slot)

Door Marc van Oostendorp

(1) Deze hele week heb ik examens Nederlands gedaan. Iedereen die ouder is dan twintig denkt in deze examenperiode natuurlijk ook even aan zijn eigen eindexamen. In mijn tijd was het allemaal ook niet veel soeps, geloof ik. Ik kan niet zeggen dat alles toen zoveel beter of juist slechter was dan nu. Maar we hielden ons niet zo enorm bezig met alinea’s.
(2) Want dat is wat, op alle niveaus van het onderwijs, de klok slaat: alinea’s, alinea’s, alinea’s. Een tekst bestaat uit alinea’s en tussen die alinea’s bestaan verbanden. De ene alinea legt de vorige uit, of vormt er juist een tegenstelling mee, of vult haar aan.
(3) Na de vwo– en havo-examens heb ik vandaag ook gekeken naar de eindexamens voor het vmbo (behalve voor de zogenoemde basisberoepsgerichte leerweg, die examens komen aanstaande dinsdag). Overigens leken de vmbo-examens me het redelijkst. De meerkeuzevragen pasten hier wel, omdat de kwesties meestal eenduidig zijn en er ook niet de suggestie wordt gewekt dat je kritisch zou moeten nadenken. 

Lees verder >>

Bespreking eindexamen Nederlands havo 2013

Gebruik niet meer dan 20 woorden

Door Marc van Oostendorp
Gisteren mopperde ik dat het vwo-examen zoveel meerkeuzevragen bevatte. Het havo-examen, dat vandaag werd afgenomen en hier kan worden ingezien, had er nog veel meer. En daar zaten weer rare bij: ‘Met welk begrip kan de functie van alinea 2 ten opzichte van alinea 1 het beste getypeerd worden?’, bijvoorbeeld, waarbij het ‘juiste’ antwoord blijkt te zijn ‘constatering’. 
Hoe kan de functie van de ene alinea zijn dat hij de andere constateert? Ik begrijp daar niets van. Eerlijk, ik dacht toen ik die vraag las dat dit antwoord er alleen maar bij was gezet om de leerlingen eruit te gooien die niet begrepen dat een constatering nooit een functie kon zijn van het ene tekstdeel voor het andere. (‘Deze zin constateert die zin’?)
Affijn, om niet in herhaling te vallen, wil ik me nu eens richten op de open vragen in het havo-examen. Bijvoorbeeld de volgende, waarvoor je nog niet eens de tekst hoeft te lezen, omdat alles wat je weten moet al in de vraag zelf geciteerd wordt:

Lees verder >>

Bespreking eindexamen vwo Nederlands 2013

De illusie van het juiste antwoord

Door Marc van Oostendorp

Valt het vwo-eindexamen te maken? En heb je er wat aan als je dat ook kunt? Vorig jaar behandelde Bas Jongenelen hier op Neder-L de eindexamens Nederlands. Hij ging daarbij in op de samenvattingsopdracht: leerlingen moeten in hun eigen woorden een artikel kort samenvatten, waarbij ze al door de opstellers van het examen krijgen voorgekauwd welke onderwerpen er in die samenvatting aan de orde moeten komen. Een kunstje, constateerde Bas toen terecht, en dan wel een kunstje dat niet leuk is om te doen en waar je ook niets aan hebt.

Dit jaar wil ik ingaan op de andere opgaven die we onze scholieren stellen. En ik moet zeggen: als het vwo-examen van vandaag maatgevend is, dan is ook dat niet veel soeps.

Lees verder >>

Suzanne Aalberse: Positieve washback bij het CE Nederlands

Washback is het effect dat een toets sorteert. Als je weet dat het bij een toets belangrijk is dat je goed kunt voorlezen, dan train je voorlezen, ook als dat niet is waar je werkelijk het meeste aan hebt. Toetsen via voorlezen levert in dat geval negatieve washback op, want de tijd die je aan voorlezen oefenen besteedt, kun je niet meer besteden aan zinvollere dingen. Een toets zorgt voor positieve washback als hij stimuleert dat je verwerft wat je ook werkelijk graag wilt verwerven. Als een manier om positieve washback te stimuleren noemt Sible Andringa het methode-specifiek toetsen in zijn hoofdstuk in het NT2 handboek over toetsing. De stelling dat methode-specifiek toetsen positieve washback bevordert, wordt verder niet toegelicht.

Lees verder >>

Eindexamen Nederlands (4)

Al eerder (namelijk hier, hier en hier) schreef ik eindexamens Nederlands, nu weer – vandaag is het laatste examen, dat van het vmbo-BB. Waarop worden de BB’ers getoetst? Ze moeten teksten lezen waarover vragen worden gesteld en ze krijgen een schrijfopdracht. De teksten van het examen van vorig jaar staan hier, die van dit jaar worden hier gepubliceerd (althans, dat zou de bedoeling moeten zijn, maar aangezien het examen digitaal afgenomen wordt, is het blijkbaar niet mogelijk het examen toegankelijk te maken voor derden).

Het vmbo-BB is de laagste vorm van het vmbo en zou dus het makkelijkst moeten zijn. Als je echter het examen maakt, dan zul je zien dat deze leerlingen het dus helemaal niet makkelijk hebben. Integendeel, het examen Nederlands zit lastig in elkaar en kent veel valkuilen. Net als de overige vmbo’ers moeten zij leesvaardigheidsopdrachten en een schrijfopdracht maken in veel te weinig tijd, hetgeen een rare toetsvorm is. Als docent kijk je dus geen doordacht werk, maar haastwerk na.

Die schrijfopdracht moet er uit en dient in een aparte zitting afgenomen te worden, leesvaardigheid kan blijven. Na aanpassing, want met die huidige multiple choice-vragen is nogal wat mis. MC is vooral handig voor de docent, het nakijken gaat als een trein. Voor de leerling is het niet handig, omdat je vooral toetswijsheid moet hebben, de handigheid om met MC-vragen om te gaan.

Wordt er werkelijk valide en betrouwbaar getoetst op leesvaardigheid? Ik vraag het me af. Wat moeten leerlingen op het voortgezet onderwijs (welk schooltype maakt niet uit) kunnen als het gaat om leesvaardigheid? Leerlingen moeten de kern uit een tekst te kunnen halen. Dat is eigenlijk dat ze samen moeten kunnen vatten wat een ander schrijft.

Het examen Nederlands voor het vmbo-BB zou uit vier teksten moeten bestaan met onder iedere tekst de opdracht:

Vat iedere alinea samen in één zin. Zet alle zinnen achter elkaar zodat je een goedlopende samenvatting krijgt. Zorg ervoor dat je totale samenvatting uit minimaal zoveel en maximaal zoveel woorden bestaat.

De leerling kan zich goed voorbereiden op het examen, want hij weet wat er gevraagd gaat worden. Geen verwarrende MC-vragen, geen lees- én schrijfvaardigheid in één examen, maar duidelijkheid en eenduidigheid.

Eindexamen Nederlands (3)

Het havo-examen Nederlands was gisteren, het vwo-examen eergisteren en vandaag waren de leerlingen van vmboTL, GL en KB aan de beurt. TL en GL hebben hetzelfde examen, dat van KB wijkt voor een deel af. Het vmbo-TL/GL-examen bestaat uit een tekstboekje, een opdrachtenboekje en een uitwerkboekje. Voor de docent komt daar nog het correctievoorschrift bij. Ook het KB-examen kent een tekstboekje, opdrachtenboekje, uitwerkboekje en correctievoorschrift.

Deze vmbo-examens kennen drie categorieën: teksten met vragen, een tekst om samen te vatten en een schrijfopdracht (brief). Dit geheel dient binnen twee uur afgeraffeld te worden. Een examen is een serieuze zaak, er hangt veel vanaf voor de kandidaat, misschien wel zijn toekomst. Wat doen we in Nederland om een goed beeld te krijgen van het niveau van taalbeheersing? We laten de eindexamenkandidaten drie verschillende soorten opgaven maken in slechts twee uur tijd. Als kandidaat heb je geen tijd om na te denken, je bent je twee uur lang de blubber aan het schrijven.
Lees verder >>

Eindexamen Nederlands (2)

Gisteren ondergingen de vwo-leerlingen het eindexamen Nederlands, vandaag waren de havisten aan de beurt. Ook op dit schooltype is de samenvatting een onderdeel van het examen en ook op dit schooltype is de samenvattingsopdracht verworden tot een kunstje.

Kunstjes zijn heel leuk, maar je hebt er zo weinig aan. Ik kan een muntstuk laten verdwijnen achter mijn rechteroog, om het vervolgens weer tevoorschijn te laten komen via mijn keel. Dat is een leuk kunstje om mijn kleine neefje mee te verbazen. Iets soortgelijks is het examen Nederlands (maar dan zonder de verbazing). Na een paar keer oefenen weet je hoe het moet en kun je dit examen maken. Twee dingen zijn ervoor nodig: (1) vergeet alles wat je ooit geleerd hebt en (2) denk niet dat deze manier van samenvatten ergens toe leidt.

De teksten van het havo-examen staan hier, de opdrachten staan hier en als je het gemaakte werk na gaat kijken, dan heb je het correctievoorschrift nodig. De samenvattingsopdracht is als volgt:

Maak een goedlopende samenvatting in correct Nederlands van maximaal 200 woorden van de tekst ‘Bambi en het aah-gevoel’. Zorg ervoor dat deze samenvatting begrijpelijk is voor iemand die de oorspronkelijke tekst niet kent.
Uit je samenvatting moet duidelijk worden:
− wat het ‘aah’-gevoel ten aanzien van dieren inhoudt;
− hoe men in de oudheid de verhouding tussen mens en dier zag en wat vooral als verschil tussen mens en dier werd gezien;
− welke andere ontwikkelingen met betrekking tot (de kijk op) het dier vanaf de zeventiende eeuw volgden;
− hoe een groeiende kritiek op het denken tot een herwaardering van het dier leidde;
− met welke houding ten opzichte van dieren deze herwaardering samenging;
− hoe twee twintigste-eeuwse uitbeeldingen van het dierenfiguurtje Bambi een ontwikkeling in de houding van de mens ten opzichte van het dier laten zien;
− welk effect aan de meest recente uitbeelding van Bambi wordt toegeschreven.

Net als bij het vwo-examen dien je ook nu gewoon de streepjes te volgen. Begin je samenvatting met: ‘Het ‘aah’-gevoel ten aanzien van dieren houdt in…’. Als je alle zeven streepjes op deze manier nagelopen hebt, dan is een onvoldoende voor dit onderdeel schier onmogelijk.

Wat een gemiste kans is dit toch, onze havisten verdienen beter. Samenvatten dient een vaardigheid te zijn (1) waarvoor je goed moet oefenen en (2) waar je echt iets aan hebt.

Eindexamen Nederlands

Deze week zijn de eindexamens van het voortgezet onderwijs. Dus ook voor het schoolvak Nederlands moeten de scholieren aan de bak. Een belangrijk onderdeel van het examen Nederlands is de samenvatting – sinds mensenheugenis. Toen ik in 1988 vwo-examen deed moest ik een lange tekst samenvatten tot 500 woorden. Dat was de enige opdracht: ‘Vat deze tekst samen, gebruik niet meer dan 500 woorden.’ Ik citeer uit mijn hoofd, dus de precieze formulering kan afwijken.

Het schoolvak Nederlands kent een stel nutteloze onderdelen, zoals poëzie-onderwijs, en een stel nuttige. Dat nutteloze is prachtig! De kennismaking met literatuur voor volwassenen hoort op het voortgezet onderwijs thuis en ik vind het belangrijk dat er veel lesuren aan besteed worden. Het schoolvak Nederlands kent ook een paar nuttige onderdelen, zoals de samenvatting.

Niemand vond het leuk, die samenvatting. Toch vonden we het inderdaad nuttig, want (zo vertelde de docent) goed kunnen samenvatten is een vaardigheid waar je de rest van je leven wat aan hebt. Zeker als je gaat studeren. En hij had gelijk. Of het komt door de oefeningen en het examen, weet ik niet, maar ik denk dat ik best goed kan samenvatten, een vaardigheid die mij geregeld van pas komt.

Met de komst van de Tweede Fase is de samenvattingsopdracht veranderd. Hij zit er nog wel in, maar het is een kleiner deel van een groter leesvaardigheidsgeheel geworden. De samen te vatten tekst is korter en ook de samenvatting die de leerling moet maken is korter. Bovendien krijgt de kandidaat hulp geboden, door middel van aanwijzingen wordt hij aan het handje mee door de tekst genomen.

Je kunt het vwo-examen zelf ook maken, want het tekstboekje, de opgaven en het correctievoorschrift staan online. De samenvattingsopdracht staat op de laatste pagina en is als volgt:

Maak een goedlopende samenvatting in correct Nederlands van de tekst ‘Ornament en smaakdictaat’ in maximaal 180 woorden. Zorg ervoor dat je samenvatting begrijpelijk is voor iemand die de oorspronkelijke tekst niet kent.

Dat lijkt een prima opdracht, de examenkandidaten krijgen er echter aanwijzingen bij:

Uit je samenvatting moet duidelijk worden:
– hoe de invloed van de culturele elite was en is op kunst in het algemeen en de architectuur in het bijzonder;
– tot welk voorschrift deze invloed heeft geleid;
– welke ontwikkelingen hebben bijgedragen tot toepassing van dit voorschrift en bij welke maatschappelijke tendensen dit voorschrift goed aansloot;
– van waaruit en hoe inmiddels een andere benadering waarneembaar is;
– welke tegenstelling de auteur signaleert en hoe hij daar tegenover staat.

Je hoeft dus niet meer te kunnen samenvatten, het enige wat nodig is, is dat je de streepjes volgt. Er zijn vijf streepjes, dus als je samenvatting uit die vijf onderdelen bestaat, dan kan het niet meer stuk. Het antwoord wordt min of meer weggegeven in de opgave.

Stel dat je tijdens je studie een tekst samenvat om hem voor te bereiden voor een tentamen, staan er dan ook van die streepjes onder waar je rekening mee moet houden? Nee, natuurlijk niet. Wat je geleerd hebt voor je eindexamen Nederlands kan dus linea recta de prullenbak in. Samenvatten is geen vaardigheid meer, het is een kunstje geworden. Samenvatten is niet leuk, maar het is ook niet eens meer nuttig.