Tag: editie

Hij noemt de meeste mensen ‘jongetje’.

Aflevering 2 van de Multatuli-leesclub

– Het is wel een eigenaardig project, hoor die Volledige Werken. Neem nu dat deel 8 dat we deze week hebben gelezen.

– Ik heb het eerlijk gezegd niet helemaal uitgekregen.

– Dat bedoel ik. Ik ben weliswaar tot het einde gekomen, maar heb hele stukken overgeslagen. Al die nota’s en die ambtelijke stukken die niet eens allemaal door Dekker zelf geschreven zijn.

– [leest voor] “Ik heb de Eer Uwedg hiernevens aantebieden twee Declaraties van Reis en verblijfkosten, respectievelijk naar de Pepertuinen te Taloh Baleh en naar Aijer nanalie over land, tot inspectie der wegen in mijne afdeling.”

– Dat is dan toevallig wel door Dekker geschreven, maar…

– Hoe weet je dat? Lees verder >>

Meet the Bumas: Van faam tot naam

Door Thomas Pierrart

Uitreksel uit het Leeuwardse doopregister van 1694
Bron: NH Doopboeken Leeuwarden 1603-1811, online beschikbaar gemaakt door het Historisch Centrum Leeuwarden

Als fervent onderzoeker van alles wat met fictionele reisverhalen te maken heeft, begon ik onlangs aan een artikel te werken over Reis door de Elizeesche Velden (1753), een satirische reis naar het dodenrijk, die in het midden van de 18de eeuw geschreven werd door de Leeuwardse literator Johannes Buma (1694-1756). In tegenstelling tot zijn naamgenoot, de Friese classicus Lieuwe Annes Buma die zijn geld én naam schonk aan wat nu de Buma Bibliotheek heet, heeft Johannes Buma de tand des tijds minder goed doorstaan – iets wat bij 18de-eeuwse auteurs wel vaker het geval is.

Op 10 december 2010 beleefde Johannes Buma een van zijn zeldzame postume en literaire hoogtepunten. Dat gebeurde tijdens De Langste Dag, een initiatief naar aanleiding van het tienjarig bestaan van de DBNL, waarbij 75 Vlaamse en Nederlandse dichters hun literaire voorgangers hulde brachten. Gerrit Komrij las op die dag enkele Aanvullingen op ‘De Nederlandse poëzie van de twaalfde tot en met de twintigste eeuw in 3000 en enige gedichten’ voor, en nam daarbij een passage op uit een ander (overigens even satirisch) werk van Buma, de Boere bruiloft. Dat Komrij’s roots deels in Friesland liggen (zijn grootouders woonden daar voor ze naar Winterswijk verhuisden), zal het enthousiasme van de voordracht [vanaf 8:40] ongetwijfeld hebben gevoed. Lees verder >>

Per Karos naar St. Petersburg

Russische lotgevallen van de familie De Clercq in de negentiende eeuw

In de zomer van 1816 bezocht de Nederlandse letterkundige en zakenman Willem de Clercq, tevens een vooraanstaande figuur in de Nederlandse Réveil-beweging, Sint Petersburg. Hij deed dat op een zakenreis met als doel om na de Franse overheersing de handelsbetrekkingen van zijn familie te herstellen en uit te breiden. Van zijn reis maakte hij een uitgebreid verslag, waarin hij niet alleen de zakelijke kanten van zijn missie schetste, maar ook wat hij verder zag en meemaakte. Een van de versies van dit verslag is in 1962 in boekvorm uitgegeven door De Clercqs achterkleindochter dr. E.M. Kluit: Per karos naar St. Petersburg. Reisdagboek van de Amsterdamse graanhandelaar Willem de Clercq uit het jaar 1816. Het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis geeft de dagboeken van Willem de Clercq online uit, en ook hierin is zijn reis terug te vinden. Op dezelfde website is de route van de heen- en terugreis met behulp van interactieve kaarten in beeld gebracht.

Terugblikkend op deze tweehonderd jaar geleden ondernomen reis organiseert het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis, in samenwerking met het Nederlands Instituut in St. Petersburg en de Stichting Réveil Archief, op 24 november 2017 een colloquium in de Koninklijke Bibliotheek Den Haag. Lees verder >>

Nieuws van Teksteditie Literatuur in Vlaanderen (Gent)

Recente edities van TLIV (voorjaar 2017)

Literatuur in Vlaanderen 1900-1950 (Academia Press): Victor Brunclair, Gedichten (nawoord Anneleen De Coux). Gent 2017. 

Experimentele literatuur in Vlaanderen (W∞lf): Gust Gils, Voor onpersoonlijk gebruik. Poëzie van Gust Gils (1965-1969) (nawoord tekstediteurs). Antwerpen 2017. 

Experimentele literatuur in Vlaanderen (W∞lf): Paul Snoek en Hugues C. Pernath, Soldatenbrieven. Met een inleiding van Jan Walravens (nawoord Joris Gerits). Antwerpen 2017. Lees verder >>

Te verschijnen: Het Journaalboek van Johannes Timmers, anno 1784

Johannes Timmers nam op 17 juli 1781 dienst bij de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Twee maanden later vertrok hij met zijn gelijknamige neef vanaf Texel naar Batavia. Maar de Engelse oorlogsschepen blokkeerden de kust en hun schip Holland moest al snel terugkeren. Een jaar later vertrok de VOC-vloot alsnog. De reis die ze maakten, is vastgelegd in een journaal dat in twee versies is overgeleverd. Het verhaalt van de spannende reis van de Holland via Kaap de Goede Hoop en Mauritius naar Ceylon (Sri Lanka). Daar ging Timmers junior aan land, terwijl Timmers senior doorvoer naar Batavia. Hij kwam in november 1784 in Nederland terug. Het persoonlijke reisverslag, versierd met fraaie tekeningen, is door Lodewijk Wagenaar en Nel Klaversma uitgegeven, met annotaties en een inleiding over de historische achtergronden. Zij zijn oud-medewerkers van het Amsterdam Museum dat de twee handschriften in 1998 verwierf.

Meer informatie bij uitgeverij Verloren.

Het reisverslag van Coenraad Ruysch. Deel XXVI (en slot): Van Nantes tot Saumur

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Dit is het laatste deel van de editie. Hieronder staan links naar alle afleveringen:

Alan Moss heeft ook een informatieve eigen website.

Het reisverslag van Coenraad Ruysch. Deel XXV: Van Bordeaux tot Nantes

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Alan Moss heeft ook een informatieve eigen website.

Nieuws van de Gentse onderzoeksgroep Teksteditie Literatuur in Vlaanderen

Op 23 maart 2017 organiseren Poëziecentrum, KANTL en TLIV een studienamiddag over poëzie en klassieke muziek.

De onderzoeksgroep Teksteditie Literatuur in Vlaanderen (UGent) organiseert in 2017 samen met Huygens ING (Den Haag) een studiedag: Transmissie van tekst in tekst.

Recente edities van TLIV (najaar 2016)

  • Cyriel Buysse, Tragedie en andere vroege verhalen. Gent, Woolf, 2016 (Cyriel Buyssebibliotheek 1).
  • Literatuur in Vlaanderen 1900-1950 (Academia Press): Victor Brunclair, Gedichten (met een nawoord van Anneleen De Coux)
  • ‘Richard Minne leest Guido Gezelle’, in Sonia Vandepitte, Bart Defrancq, Lieve Jooken (red.), Een sextant voor een taalspecialist. Bijdragen tot Joost Buysschaert in profiel. Gent, Academia Press, 2016, p. 169-176.

Lees verder >>

Het reisverslag van Coenraad Ruysch. Deel XXII: Van Grenoble tot Marseille

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Alan Moss heeft ook een informatieve eigen website.

Het reisverslag van Coenraad Ruysch. Deel XXI: Van Lyon tot Grenoble

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Het reisverslag van Coenraad Ruysch. Deel XX: Van Genève tot Lyon

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XIX: Genève

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

De kluchten van Joan van Paffenrode

Door Ton Harmsen

035HopmanUlrich1663Gelukkig beschikt de mens over een flinke dosis leedvermaak, anders zouden we maar weinig plezier beleven aan het zien of lezen van een zeventiende-eeuwse klucht. In die kluchten leren we de mens van zijn slechtste en ongelukkigste kant kennen. In blijspelen wil de hoofdpersoon nog wel eens iets goeds doen, daar helpen de personages elkaar om uit de moeilijkheden of tot een bepaald doel te komen. Bedrog, gierigheid, zelfvoldaanheid en begeerte spelen daarbij een rol, maar aan het eind komt alles goed: het sympatieke stel trouwt met elkaar, de vrek wordt van zijn gierigheid genezen of de bedrieger wordt ontmaskerd en weggejaagd. In een klucht zegeviert juist vaak de ondeugd; de hoofdpersoon vindt geen sympathie bij het publiek, maar trapt voor hun lering en vermaak in een valkuil van ondeugd en domheid. In dat opzicht zijn kluchten vaak triest: de personages zijn de dupe van hun eigen slechtheid en zelfgenoegzaamheid.

Misschien is dit geen wet van Meden en Perzen, maar het gaat wel op voor de twee kluchten van kapitein Joan van Paffenrode. Lees verder >>

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XVIII: Van Vicenza tot Genève

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Verschenen: Laban Kaptein (ed.), Pieter van Woensel, Remarks, made on a journey …

pieter-van-woensel-remarks-covers-homepageOnlangs publiceerde Laban Kaptein in eigen beheer de eerste twee delen van (de geplande driedelige editie van) Pieter van Woensels Remarks, made on a journey through Turkey, Natolia, the Crimea and Russia, in the years 1784–89. Het gaat om een Engelse, becommentarieerde editie van Aanteekeningen gehouden op eene reize door Turkijen, Natoliën, de Krim en Rusland in de jaaren 1784–89.

Zie voor meer informatie www.labankaptein.com.

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XVII: Van Venetië tot Vincenza

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

 

Alan Moss heeft ook een informatieve eigen website.

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XVI: Van Rome tot Venetië

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Alan Moss heeft ook een eigen, informatieve, website.

Meer dan 2500 brieven uit correspondentie Stijn Streuvels online

Het tweede luik van een groot editieproject van het Centrum voor Teksteditie en Bronnenstudie (CTB) rond Stijn Streuvels is voltooid. De online editie bevat nu meer dan 2.500 brieven uit de correspondentie van Stijn Streuvels met zijn uitgevers.

In november 2014 publiceerde het CTB 1.935 Nederlandstalige brieven uit Streuvels’ correspondentie met uitgevers als Lannoo, De Bock, Standaard en Zonnewende. Zonet werden nog eens 596 brieven van en aan Engelhorn, Insel, Langen-Müller en Wiener Verlag toegevoegd. Om te begrijpen hoe een auteur als Stijn Streuvels zich in de oorlogsjaren ten opzichte van bezettend Duitsland heeft gedragen, is de publicatie van deze bronnen cruciaal en noodzakelijk.

Lees verder >>

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XV: Rome en Napels

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

Alan Moss heeft ook een eigen, informatieve, website.

Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XIV: Van Genua tot Rome

Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

    Alan Moss heeft ook een eigen, informatieve, website.

    Heldinnenbrieven van Cornelis van Ghistele gedigitaliseerd

    Door Ton Harmsen

    005Penelope1580Tien jaar geleden promoveerde Olga van Marion in Leiden op Heldinnenbrieven: Ovidius’ Heroides in Nederland. Wat een klein genre leek, bleek veel te omvatten. Eerst waren er de vertalingen van Ovidius’ 21 brieven, en de drie apocriefe antwoordbrieven daarop. Daarna kwamen er brieven van eigen inventie door Nederlandse dichters, gesteld op de naam van heldinnen uit de bijbel en de kerkgeschiedenis, uit de klassieke en de vaderlandse geschiedenis, en tenslotte zelfs van fictieve personages uit de eigen tijd. De grondslag van deze omvangrijke literatuur legde Cornelis van Ghistele, die halverwege de zestiende eeuw als eerste alle brieven van Ovidius vertaalde, en ook de antwoordbrieven die aan Ovidius toegeschreven zijn. Daarbij bleef het niet: hij schreef ook nog eens zelf een antwoord op iedere brief. Daarmee gaf hij het startsein tot een groot gezelschapsspel: het schrijven van heldinnenbrieven werd een volksvermaak, dat zonder Van Ghistele niet zo in de Nederlandse literatuur zou zijn doorgedrongen. Rederijkerspoëzie heeft de naam van gekunsteld te zijn; maar een goede dichter kan ook binnen dat bestek voortreffelijke gedichten voortbrengen. Hoe meer je Van Ghistele leest hoe meer je van deze pionier gaat houden.

    Lees verder >>

    Vondels vertaling van Barlaeus’ Blyde inkomst van Maria de Medicis gedigitaliseerd

    Door Ton Harmsen

    004VondelBlydeInkomst1639

     In 1638 werd Maria de Medicis, de moeder van Lodewijk de Dertiende, met grote eer en staatsie door de burgemeesters van  Amsterdam verwelkomd. Hoewel de vorstin ruzie had met haar zoon en vooral met Richelieu, had zij groot aanzien. Zij was opgegroeid in het Palazzo Pitti in Florence, en bouwde in Parijs het Palais du Luxembourg. Zij was de moeder van de Franse koning, en van de Engelse en de Spaanse koningin. Met een groot gevolg was zij een week in Amsterdam, op doorreis (via Haarlem en Leiden) naar Den Haag. Daar wilde zij, tegen de zin van de Staten Generaal, met Frederik Hendrik het huwelijk bedisselen tussen de toekomstige stadhouder Willem II en haar kleindochter, de Engelse prinses Mary Stuart. Het bezoek van de koningin-moeder aan Amsterdam is opgeluisterd zoals dat bij een blijde inkomst van een groot vorst betaamt: toneelstellages werden opgericht, redevoeringen gehouden, een groot en feestelijk banket aangerecht; de stad toonde graag de rijkdom die uit alle werelddelen werd aangesleept en de geleerdheid en kunstzinnigheid die voorhanden was. En dat alles terwijl de Staten Generaal hadden aangedrongen op een sobere en zuinige ontvangst. Amsterdam greep de kans om zich te profileren als metropool! Zelf leverde Maria de Medicis een mooie bijdrage aan de feestvreugde door in het laatste uur van haar bezoek grootmoeder te worden van de nieuwe Franse kroonprins, Lodewijk de Veertiende. Dat konden de burgemeesters zo snel niet weten, maar het is een prachtige uitsmijter in de Medicea hospes, het officiële verslag door Caspar Barlaeus, dat ook in het Nederlands en het Frans verscheen bij Johan en Cornelis Blaeu: drie boeken in folio-formaat, voorzien van een portret van de vorstin – met haar in Amsterdam verworven rozenkrans van Franciscus Xaverius – naar het schilderij van Gerard van Honthorst, een groepsportret van de burgemeesters, en zestien grote gravures waar veel belangrijke prentkunstenaars aan meegewerkt hebben: Jan Martsen, Thomas de Keyser, Simon de Vlieger, Nicolaes Moeyaert; de prenten werden gegraveerd door Pieter Nolpe, Jonas Suyderhoef en Roeland en Salomon Savery.

    Lees verder >>

    Oude Erasmusvertalingen gedigitaliseerd

    Door Ton Harmsen

    003ErasmusVHet verzameld werk van Erasmus is alleen al door zijn omvang verbluffend. Hij moet dag in dag uit vellen vol geschreven hebben om dat gigantische oeuvre te scheppen. Zijn bijdrage aan politiek, pedagogiek, theologie, filosofie en filologie dreunt alle eeuwen door. Hij heeft in de Nederlanden, Frankrijk, Engeland, Italië en Duitsland gewoond en gewerkt, totdat hij in 1536 in Zwitserland begraven werd. De grote Roterodamus schreef geen woord in zijn moedertaal. Maar er zijn 74 verschillende titels van hem in het Nederlands vertaald, sommige verschillende malen. Alleen al de productie van deze eeuw (ik bedoel de laatste vijftien jaar) is indrukwekkend: de Lof der Zotheid verscheen in veelvoud, de uitgave in Rotterdam van de integrale correspondentie is halverwege en een kloeke serie (inmiddels zes delen) bij Athenaeum geeft een goed gespreid beeld van het oeuvre. We zitten om de vertaalde Erasmus niet verlegen.

     Een bijzonder gegeven is de bekendheid van Erasmus in het zestiende-eeuwse Amsterdam. Het cultuurcentrum in de zeventiende eeuw, maar hoe zat het in de eeuw daarvóór? In de periode 1524 tot 1600 zijn mij maar liefst 17 Nederlandstalige in Amsterdam gedrukte Erasmiana bekend, terwijl toneelstukken in Amsterdam pas gedrukt werden vanaf 1582; van dat jaar tot 1600 verschijnen in Amsterdam 18 toneelteksten, waarvan zes in het Latijn. Wie slechts het toneel bestudeert ziet Amsterdam in de eerste drie kwart, ja vier vijfde van de zestiende eeuw als een vissersdorp; wie het humanisme bestudeert ziet het als een geleerdenparadijs.

    Lees verder >>

    Het reisverhaal van Coenraad Ruysch. Deel XIII: Van Florence tot Genua

    Wij publiceren hier een kritische editie van het reisverslag van Coenraad Ruysch, verzorgd door Alan Moss van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hieronder staan links naar de tot nu toe verschenen delen:

    Alan Moss heeft ook een eigen, informatieve, website.

    Zeventiende-eeuwse vertalingen van de Ilias en de Odyssee gedigitaliseerd

    Door Ton Harmsen

    002Ilias1658Het grote wonder van de literatuurgeschiedenis is dat het eerste boek ook het beste is. Alle generaties dichters hebben geprobeerd het te overtreffen, maar het is niemand echt gelukt. Alle elementen van goede literatuur zijn bij Homerus aanwezig: spanning, avontuur, sex en politiek. Ethiek en etiquette. En daarbij een stijl om te zoenen. Alle levensvragen worden beantwoord, en zo mooi gezegd dat je het vers voor vers uit je hoofd zou willen leren. Levensvragen:

    Hoe hard kan je tegen een godin optreden? Dat ligt eraan hoe wanhopig je bent! Helena is tot het uiterste gedreven wanneer haar echtgenoot, Menelaus, en haar schaker, Paris, in het tiende jaar van de Trojaanse oorlog buiten de muren van Troje om haar duelleren. Een duel leek zowel de Grieken als de Trojanen na al die tijd een effectief middel om eindelijk hun geschil te beslechten. Menelaus is duidelijk de sterkste, maar Aphrodite (Venus) die Helena als prijs aan Paris (die inmiddels Alexander heet) had gegeven, grijpt in: zij ontvoert Alexander uit het gevecht en brengt hem naar een weinig martiaal oord: zijn slaapkamer.

    Zo vertelt Homerus in het derde boek van de Ilias. Onweerstaanbare poëzie, ook in het weerbarstige proza van Jan Hendrik Glazemaker (1658). Om Helena vervolgens naar Paris’ bed te krijgen verkleedt Venus zich als haar vertrouwde dienstbode, maar Helena herkent de godin aan haar fonkelende ogen, en woedend en wanhopig dient ze haar stevig van repliek: denk je dat je met mij kunt doen wat je wilt? Wil je me nog eens ontvoeren? Waarom heb je Paris laten winnen door vals te spelen? Ga zelf maar bij hem liggen!

    Lees verder >>