Tag: Digitale edities

Het eeuwige leven van een raadselboekje

Een nieuw raadsel-boekjen (SAB Deventer)

Door Marti Roos

Lucia. My dunckt ’t waer best wy hier wat raetseltjens vertelden.
Amaril. Dit is viesvaesery en mach by ons niet gelden.

Zo discussiëren de herderinnen in De Conincks toneelstuk Herdersche ongestadicheyt (1638). Raadsels beschouwt Amaril als nutteloos tijdverdrijf – wat hen niet weerhoudt vervolgens blindemannetje te spelen. Jammer, want nu komen we niet te weten wat voor raadsels ze elkaar hadden kunnen opgeven. Daarvoor moeten we omzien naar andere teksten.

Het aantal overgeleverde Nederlandse raadselboeken uit de vroegmoderne tijd is niet heel groot. Het oudst bekende is het anonieme Een Niev Clucht Boecxken  uit het midden van de 16e eeuw, dat allerlei soorten raadsels van diverse herkomst bevat. Raadsels vonden ook toepassing in belerende of stichtelijke context, zoals bij schoolmeester Jacob van der Mersch, wiens Raedtsel-boeck  uit 1593 in de daaropvolgende eeuw wel zeven keer werd herdrukt als T’groote Raedtsel-Boeck.  In de 17e-eeuwse literatuur worden raadsels ook een dichterlijk genre:  de dichters Roemer Visscher (1614) en Jan van der Veen (1653) schreven gedichten rondom raadselmotieven. Lees verder >>

De historische bibliotheek van de KANTL wordt toegankelijk via Google Books.

De KANTL gaat samenwerkingsverbanden aan met de Universiteitsbibliotheek en het Letterenhuis. Op 10 april komt minister van cultuur Sven Gatz deze samenwerkingen bezegelen.

Tijdens een kort maar krachtig programma zal de KANTL een deel van haar archief aan het Letterenhuis overhandigen. Ook de overdracht van meer dan 3000 oude en kostbare drukken van de KANTL aan de Universiteitsbibliotheek wordt dan officieel gemaakt. Door deze samenwerking zullen de boeken uit de collectie van de KANTL voortaan ook online beschikbaar zijn via de samenwerking van de Universiteitsbibliotheek met Google Books

Na de officiële overdracht  wordt het publiek de gelegenheid geboden om een rondleiding te volgen doorheen het prachtige Academiegebouw. Vooraf inschrijven is daarvoor wel noodzakelijk. Lees verder >>

Het toppunt van retorica: Sophocles’ Philoctetes

Door Ton Harmsen

063philoctetesHoe meesterlijk de Griekse tragedieschrijver Sophocles ook is, in de Nederlandse renaissance is hij een ondergeschoven kindje. Cornelis van Ghistele, die ook Ovidius en Terentius vertaalde, zette Sophocles’ Antigone over uit een Latijnse versie (1556). Verder bracht de zestiende eeuw niets voort, behalve de vertaling van Ajax in het Latijn door Josephus Justus Scaliger (1574). In de zeventiende eeuw had Sophocles minder te klagen. Vondel vertaalde drie van zijn zeven tragedies: Elektra (1639), Koning Edipus (1660) en Herkules in Trachin (1668). Pas negentig jaar later volgde Philoctetes, vertaald uit het Frans door Jacobus Stamhorst. Die Franse bewerking door Chateaubrun had van het originele stuk van de Griek geen spaan heel gelaten. Het Franse classicisme met zijn galante gesprekken, zijn strijd tussen liefde en eer en zijn afkeer van onwaarschijnlijke, en vooral van bovennatuurlijke zaken heeft geen enkel begrip voor de rauwe werkelijkheid die Sophocles in zijn treurspelen schildert. En de Nederlandse pendant, het Frans-klassicisme, was in dit opzicht nog erger.

Lees verder >>

Breid het bewaarbeleid voor tekstueel erfgoed uit!

Door Nicoline van der Sijs

De afgelopen tijd heb ik tweemaal ervaren dat het bewaren van tekstueel erfgoed bijzondere zorg vraagt. En dat in het beleid van de overheid lacunes bestaan die door particulier initiatief worden gedicht.

Zo bracht ik onlangs een bezoek aan het Medisch Leesmuseum dat prof.dr. Mart van Lieburg op een Urks bedrijventerrein heeft ingericht. Van Lieburg, hoogleraar Medische geschiedenis en bibliothecaris van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Geneeskunde, verzamelt hier zoveel mogelijk medische literatuur die door bibliotheken en musea wordt afgestoten. Bibliotheken moeten bezuinigen. Ze gaan ervan uit dat de nieuwe wereld digitaal is en dat de werken wel via internet beschikbaar zijn of zullen komen. Dat is wishful thinking: onder de afgestoten vakliteratuur zitten complete verzamelingen oraties en dissertaties uit de 19de en 20ste eeuw, alle jaargangen van de belangrijkste medische tijdschriften, plus waardevolle 17de-, 18de- en 19de-eeuwse boeken. Veelal uniek of uiterst zeldzaam, en slechts een fractie ervan is digitaal beschikbaar. De bibliotheken hebben geen tijd en geld om voor ieder afgestoten exemplaar te onderzoeken of dit al is gedigitaliseerd of nog elders in Nederland aanwezig is, en zetten complete boekenkasten bij het oud papier. Lees verder >>

Comburgse handschrift digitaal on-line

Door Willem Kuiper

Soms vind je iets bij toeval. Hoewel, toeval? Een middeleeuws spreekwoord luidt: “Men seget dicke in bispele / Ende hets dicke oec gesciet / Dat vligende craje bejaget iet.” (Die queeste vanden Grale, r. 1105-1107)  Op zijn Zaans gezegd: Een vliegende kraai vangt altijd wat.

25 jaar geleden studeerde Hella Hendriks, u mogelijk bekend van het Repertorium van Eigennamen in Middelnederlandse Literaire Teksten (REMLT), bij mij af op de Middelnederlandse vertaling van de Oudfranse Roman de la Rose. De ijsberg onder water van haar doctoraalscriptie was een synoptische diplomatische editie van de drie bewaard gebleven complete Middelnederlandse handschriften in combinatie met de Oudfranse brontekst. Die editie was gemaakt op een bescheiden PC met WordPerfect als tekstverwerker en opgedeeld in tientallen deelbestanden, die tot één doorlopende editie afgedrukt konden worden. Momenteel zijn wij bezig van die digitale deelbestanden één homogeen wpd en pdf bestand te maken. Binnenkort in dit theater! Lees verder >>