Tag: 20e eeuw

Grootvader en kleindochter (1919)

Jeugdverhalen over joden (74)


Links: de eerste vertaling/bewerking van Grootvader en kleindochter, door J.P.G. Westhoff. Rechts: de tweede vertaling/bewerking, door J. van Bergen. De ondertitel van de eerste editie luidt ‘Eene kerstgeschiedenis’; bij de tweede editie werd dit: ‘Een kerstvertelling’. De naam van de illustrator is niet bekend.

Door Ewoud Sanders

Vertaald uit het Duits door J.P.G. Westhoff (1832-1906) en J. van Bergen

Herkomst en drukgeschiedenis

De eerste editie Grootvader en kleindochter verscheen in 1888 bij uitgeverij J.H. van Peursem in Utrecht en is geschreven door J.P.G. Westhoff (1832-1906), een Lutherse predikant. Hij vertaalde het boek uit het Duits. De titel van de oorspronkelijke uitgave is niet bekend.

Lees verder >>

Fout

Foute boeken? Uit de kast (11)

 

Door Nico Keuning

Bij wijze van proeve van bekwaamheid kreeg ik in 1988 van de Chef Kunst van het Haarlems Dagblad het boek Fout van Boudewijn van Houten aangereikt ter recensie. Van Houten was voor zover ik weet het eerste kind van een NSB’er en SS’er dat er in een boek mee uit de kast kwam. Overigens zonder enig gevoel voor drama. De toon is ‘afstandelijk’ luidde mijn oordeel, ‘bijna laconiek’. In mijn bespreking van 18 februari 1988 lees ik: ‘Veel standpunten van de vader worden verworpen, maar soms ook wordt “his fathers voice” door een ongenuanceerde inleiding in een verdachte context geplaatst.’ Als voorbeeld noem ik de ‘halve waarheid’ van de vader in de jaren ’70: ‘Als er nu een partij kwam met ons programma, en die partij zou niet NSB heten, dan zou je eens moeten kijken hoeveel stemmen ze zouden krijgen.’ Een uitspraak met actuele waarde, maar zelfs als het waar zou zijn, maakt dat de NSB van toen niet minder fout.

Lees verder >>

Seizoenarbeid

Foute boeken? Uit de kast (9)

Door Nico Keuning

L.H. Wiener debuteerde in december 1966 met het verhaal ‘Mijne heren’ in Tirade, het tijdschrift van uitgever Geert van Oorschot. Maar de debuutbundel Seizoenarbeid (1967) zou, onder de voluit geschreven naam Lodewijk-Henri Wiener, verschijnen bij J.M. Meulenhoff. Uitgever Willem Bloemena had in het contract het streepje tussen de voornamen toegevoegd. Het verhaal ‘Jansen’ in de bundel werd de aanleiding tot een rechtszaak en een veroordeling tot het betalen van ƒ 3888,- inclusief de kosten van het proces. Een fors bedrag in die tijd. Lees verder >>

7 december 2019, Nijmegen: Presentatie Jaarboek Numaga 2019

Nijmegen in/en de literatuur
Schrijvers en de stad in de afgelopen 50 jaar

Bomans, Van der Heijden, Kellendonk, Ter Balkt: Nijmegen is in naam verbonden met een behoorlijk aantal naoorlogse schrijvers en dichters, maar betekent dat ook dat er zoiets bestaat als karakteristieke ‘Nijmeegse’ romans en verhalen? Is Nijmegen een literaire stad? Wat kenmerkt de Nijmeegse schrijver en wat de lokale lezer? Welke ontwikkeling hebben zij in de afgelopen vijftig jaar doorgemaakt? 

Lees verder >>

Hans Faverey: een Franse vertaling van zijn complete werk en een nieuw bundeltje

Door Marita Mathijsen

Bij De Bezige Bij is geen bundel van Hans Faverey meer te verkrijgen, laat staan de Verzamelde gedichten, waarvan inclusief de eerste uitgave in 1993 vier drukken verschenen zijn. Wie hem nu compleet zou willen hebben, is aangewezen op de tweedehandsmarkt. Het is wel bedroevend dat het werk van een van de oorspronkelijkste dichters van Nederland niet meer gewoon in de handel is. In het buitenland beseft men het belang van Faverey beter, en hoe! Sinds enkele weken is er een Franse vertaling van zijn complete oeuvre beschikbaar, bij de Brusselse uitgever Vie Parallèles. Welke andere Nederlandse dichter heeft dat ook? Ik zou geen voorbeeld weten. Bloemlezingen met vertalingen, die zijn er genoeg, maar een vertaling van volledige werken, verschenen onder de eenvoudige titel Poésies, is uniek. De vertaling is gemaakt door een drietal: Kim Andringa, Erik Lindner en Éric Suchère. Erik Lindner tekende voor een verhelderende inleiding. Het moet een hels karwei zijn geweest om gedichten die zo op taal gericht zijn en zo de aandacht leggen op de woorden zelf, de verplaatsingen ervan en de associaties die ze oproepen, in het Frans om te zetten. Ik was benieuwd naar de vertaling van de geestige dolfijngedichten, door Faverey zelf onnavolgbaar voorgedragen bij Poetry International:

Lees verder >>

De gehoorzame dode

Door Nico Keuning

De literatuur is een vrijstaat, waar als hoofdregel geldt dat de hoofdpersoon of het personage in een verhaal of roman niet verward moet worden met de auteur van het werk of een in werkelijkheid bestaande persoon. In fictie is het niet de mening van de auteur of persoon, maar die van een literair hoofdpersoon of personage. De roman is een product van de verbeelding. Lees verder >>

Van harte gefeliciteerd, meneer ’t Hart!

Door Marc van Oostendorp

Vandaag viert Maarten ’t Hart zijn 75e verjaardag, een van de intrigerendste schrijvers die er momenteel in Nederland zijn; intrigerend bijvoorbeeld vanwege een neiging om vooral de minder sympathieke kanten van zijn karakter helemaal niet te verbloemen – niet in zijn werk en niet in zijn interviews. En dan gaat het niet over zogenaamd ‘minder sympathieke’ kanten die feitelijk iemand toch nog sympathiek maken, maar over bijvoorbeeld betweterigheid of bekrompenheid.

Neem mij zoals ik ben, zegt ’t Hart.

Lees verder >>

Pas verschenen: De stille plantage in Tekst in context

Op 8 november j.l. verscheen een editie van de eerste historische roman over de slavernij in het Nederlands: De stille plantage van Albert Helman. Het is de eerste editie van een postkoloniale tekst in de reeks Tekst in context, die zich richt op de hogere klassen van Havo en VWO. Daarmee doet Helman zijn intrede naast Hooft, Vondel, Bredero, Hildebrand en andere klassieken uit de Nederlandstalige literatuur.

Lees verder >>

Nieuwe online tentoonstelling: Vergeten schrijvers tot leven gewekt

Eeuwige schrijversroem en een vaste plek in de literaire canon, het is lang niet iedereen gegund. Waarom kennen we nog wel J. Slauerhoff of Louis Couperus, maar niet Til Brugman of Margot Scharten-Antink? Onderzoeker Elli Bleeker van de KNAW Humanities Cluster dwaalde drie maanden door het omvangrijke archief van het Literatuurmuseum op zoek naar vergeten schrijvers. Op zoek naar de verhalen die het waard zijn verteld te worden, ondanks dat – of juist omdat – de schrijver in kwestie zich bevindt in de marge van de literaire orde. Dit resulteerde in de online tentoonstelling Spoorzoeken in het archief, die vanaf nu te bezoeken is op Literatuurmuseum.nl.

Lees verder >>

Het hertalen van Couperus: toch een goed initiatief

Door Henk Wolf

Ik heb een irrationele aversie tegen hertalingen van negentiende- en twintigste-eeuwse Nederlandse literatuur. Die aversie wil ik hier – zoekend – proberen te verklaren. En daarna wil ik duidelijk maken waarom ik denk dat het hertalen van Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan toch een goed ding is.

Lees verder >>

Voor wie kwaad wil

Foute boeken? Uit de kast (3)

Door Nico Keuning

De schrijver en dichter Gerrit Krol – tevens computerdeskundige ‘in dienst van de Koninklijke’ Shell – had al een indrukwekkend literair oeuvre op zijn naam staan toen hij in 1990 Voor wie kwaad wil publiceerde, ‘een bespiegeling over de doodstraf’. Krol zet vraagtekens bij de rechtvaardigheid bij de strafbepaling als het gaat om de afweging ‘in de keus tussen consideratie met de verdachte en rechtvaardigheid tegenover het slachtoffer’. Lees verder >>

Eene dochter Israels, Schets uit het Leven eener Diacones (1911)

Jeugdverhalen over joden (62)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend.
Vertaald uit het Engels

Herkomst en drukgeschiedenis

‘Eene dochter Israels. Schets uit het Leven eener Diacones’ verscheen in 1911 in zes afleveringen als feuilleton in De Volksvriend, een Nederlandstalige krant die werd uitgegeven in Orange City, Iowa. De krant was gericht op Nederlandse emigranten in de Verenigde Staten. Aangezien dit bekeringsverhaal in Londen speelt, zal het door De Volksvriend uit een Britse bron zijn overgenomen. De titel van de oorspronkelijke uitgave is niet bekend. Esther (de ik-persoon) vertelt het relaas van haar bekering aan een andere zuster in het diaconessenhuis, een ziekenhuis op orthodox-protestantse grondslag.

Lees verder >>

15 november 2019, Leiden: Boeken uit de bibliotheek van Menno ter Braak

De Universitaire Bibliotheken Leiden (UBL) nodigt u van harte uit voor een middag met bijzondere aandacht voor

Boeken uit de bibliotheek van Menno ter Braak  
 
We verwelkomen u graag op vrijdag 15 november 2019 om 13.00 uur in de Vossiuszaal van de Universiteitsbibliotheek, Witte Singel 27 te Leiden.

Lees verder >>

Pas verschenen: ‘Ik denk nog het best met een pen in de hand’ – Het dagboek 1939-1944 van August Vermeylen

Een editie van de nooit eerder gepubliceerde oorlogsdagboeken van August Vermeylen (1939-1944).

‘Ik word vandaag 67 en vind daarin een aanleiding om weer een dagboek te houden’, noteert August Vermeylen op 12 september 1939. Dat deze Vlaamse schrijver, kunsthistoricus en politicus niet alleen essays en romans heeft geschreven, maar ook een verwoed dagboekschrijver is geweest, weten weinigen.

Lees verder >>

28 oktober – 13 december 2019, Gent: Tentoonstelling Willy Roggeman. Portret van de jongeman als schrijver (1951-1959)

Op 9 juni van dit jaar werd de Vlaamse auteur Willy Roggeman (°1934) 85. Roggeman is intussen meer dan zes decennia als schrijver actief. Vandaag is hij de auteur van circa 120 werken, waarvan het merendeel niet of slechts ten dele gepubliceerd werd. In de jaren ’60 en ’70 van de vorige eeuw ontwikkelde Roggeman zich tot een van Vlaanderens meest prominente dichters en essayisten. Ook schreef hij een reeks experimentele titels die hem in onze literatuurgeschiedenis een vaste plaats onder de vertegenwoordigers van het ‘absoluut proza’ opleverden. Sinds het begin van de jaren 1980 hield Roggeman op met publiceren, maar niet met schrijven. Zijn rijke archief vond intussen samen met zijn auteursbibliotheek een plaats in de Gentse Universiteitsbibliotheek.

Lees verder >>

Lucebert: lezen in plaats van leven

Door Marc van Oostendorp

Ze zijn er nog, de bewonderaars van Lucebert. Je kon er bijna aan twijfelen nadat de controversiële brieven van de schrijver naar boven kwamen die hij in zijn jeugd schreef. Zou dit de fascinatie voor de dichter doen uitdoven?

Nee, dus. Deze maand verscheen misschien wel het mooist vormgegeven boek dat ik dit jaar onder ogen heb gekregen: Lucebert. De zin van het lezen.

Het boek is een uitkomst van een project dat Lisa Kuitert enkele jaren geleden begon: een inventarisatie van de bibliotheek van Lucebert. Eerder publiceerde ze daarover het boek De lezende Lucebert, waarin deskundigen allerlei deelverzamelingen uit die bibliotheek belichtten. Het nieuwe boek gaat nu over de aantekeningen die Bertus Swaanswijk in zijn boeken maakte.

Lees verder >>

Jan Campert als man

Door Marc van Oostendorp

Jan Campert

Jan Campert (1902) is de dichter van één gedicht, De achttien dooden (‘Een cel is maar één meter lang / en nauw twee meter breed’). Maaike Meijer analyseert het in het nieuwe nummer van Nederlandse letterkunde. Dat nummer is helemaal gewijd aan mannelijkheid‘ en Meijers artikel gaat specifiek over de rol van mannelijkheid in drie ‘telsten’: behalve dat gedicht van Campert ook De donkere kamer van Damokles en de film Casablanca.

Het interessante van Meijers aanpak is dat ze haar smaak altijd laat meewegen. Ja, Nederlandse letterkunde is een wetenschappelijk tijdschrift; maar voor Meijer is dat geen belemmering om te vermelden dat de laatste strofe van De achttien dooden haar ontroert:

Lees verder >>

Gevonden: concepten romans S. Vestdijk

Bij het catalogiseren van boeken afkomstig van de Torenlaan te Doorn, uit de nalatenschap van Mieke en Simon Vestdijk, is onlangs een dummy-exemplaar van een paperback uitgave van De Ziener (de Bezige Bij, 1966) tevoorschijn gekomen met daarin in handschrift concepten voor een of meerdere romans.

Het geheel beslaat 56 pagina’s in handschrift. Sommige pagina’s bevatten alleen enkele steekwoorden of hoofdstuktitels, andere lijsten met personages, andere pagina’s complete uitwerkingen.

Lees verder >>

20 december 2019, Amsterdam: Rampzalig Nederland. De omgang met rampen in Nederland en Vlaanderen, 1780-1940

Universiteitsbibliotheek (Singel 425), Doelenzaal, Amsterdam

In de periode 1780-1940 deden zich in Nederland en Vlaanderen tal van rampen voor die een ontwrichtende invloed hadden op de samenleving. Denk bijvoorbeeld aan de Leidse buskruitramp van 1807 en de grootschalige rivieroverstromingen van 1809, 1820, 1855 en 1861. Ook in de koloniën waren rampen als vulkaanuitbarstingen en watersnoden terugkerende fenomenen. Door de opwarming van de aarde en de toenemende dreiging van klimaatrampen heeft het historisch onderzoek naar rampen en rampverwerking een hoge vlucht genomen. Het besef is doorgedrongen dat rampen een grote en vaak blijvende invloed hebben gehad op de ontwikkeling van lokale en nationale gemeenschappen.

Lees verder >>