Tag: 19e eeuw

Else, een verhaal voor meisjes (1883)

Het ‘jodenmeisje’ Esther, met haar ravenzwarte haar en ‘een wat bruine’ huid, zingt voor de goedhartige Else en haar arrogante neef Ernst. Links de originele afbeelding, rechts een versie die ooit door een lezer met de hand is ingekleurd. De illustrator, die kennelijk niet wist hoe je een gitaar bespeelt, is onbekend.

Jeugdverhalen over joden (96)

Door Ewoud Sanders

Auteur: Catharina Felicia van Rees (1831-1915)
Oorspronkelijk Nederlands

Herkomst en drukgeschiedenis

Catharina Felicia van Rees was componiste en schrijfster. Zij wordt beschouwd als een voorvechtster van het eerste uur van de Nederlandse vrouwenbeweging. Zo pleitte zij voor meer meisjesscholen voor middelbaar onderwijs.

Lees verder >>

‘Esther Milonetti’ (1863)

Jeugdverhalen over joden (95)


Esther huilt nadat ‘de baldadige Ferdinand’ koopwaar uit haar bakje heeft geslagen. Andere schooljongens leren Ferdinand een lesje. Illustratie uit Almanak voor de jeugd (1863) door G.J. Bos (1825-1898).

Door Ewoud Sanders

Door Nicolaas Antonie van Charante (1811-1873)
Oorspronkelijk Nederlands

Herkomst en drukgeschiedenis

Nicolaas Antonie van Charante, auteur van het verhaal ‘Esther Milonetti’, was van 1846 tot zijn dood predikant in Zaandam. Hij was een groot voorstander van kinderpreken en schreef verhalen en poëzie voor de jeugd. Enkele van zijn werken zijn: De Bijbel voor jonge kinderen (1855), Kinderpoëzy (1861) en een hervertelling van De Levensgeschiedenis van Robinson Crusoe (1863). Daarnaast schreef hij voor kinderen in almanakken, jaarboekjes en tijdschriften.

         ‘Hij was een vroom christen’, aldus de Arnhemsche Courant in 1873 in een korte necrologie, ‘iets wat vooral uitkwam in droevige omstandigheden. Hij was, ofschoon niet misdeeld van talenten, als kinderschrijver niet zoo’n humorist als in het dagelijksche leven.’

Lees verder >>

De ‘arme jood’ Izaak wordt aangevallen door een hond (1853)

Jeugdverhalen over joden (94)


Handgekleurde houtgravure uit Het boek op linnen (1853)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend

Uit allerlei bronnen blijkt dat marskramers geregeld werden aangevallen door honden, vooral op het platteland. Soms werden die zelfs opzettelijk op hen afgestuurd. Het bovenstaande plaatje, waarin we zien dat de arme joodse marskramer Izaak door een hond wordt aangevallen, is afkomstig uit Het boek op linnen: een onverslijtelijk alphabet.

         Dit boekje werdin 1853 uitgegeven door de Directie der Houtgraveerschool in Leiden en is een zogeheten namen-abc, van Anton tot Zacharias. Op iedere pagina – bedrukt linnen – staan twee handgekleurde plaatjes, elk met de beginletter van de naam in kapitaal en onderkast, gevolgd door een regel tekst.

Lees verder >>

Anselmo (1844)


De joodse koopman Jussuph ondervraagt Anselmo op de slavenmarkt in Algiers. Illustratie uit: C. Schmid, Anselmo en Maria Laander (Leiden, 1864).

Jeugdverhalen over joden (93)

Door Ewoud Sanders

Auteur: J.C.F. von Schmid (1768-1854)
Uit het Duits vertaald door J.J. van der Linde

Herkomst en drukgeschiedenis

De Duitse priester Christoph von Schmid begon met schrijven voor de jeugd nadat hij in 1796 was benoemd tot hoofd van een grote school in Thannhausen in Beieren. Hij bleef schrijven nadat hij parochiepriester in Württemberg was geworden en zelfs als kanunnik van de kathedraal van Augsburg. Zijn jeugdboeken waren in de negentiende eeuw zeer populair. Ze zijn in ruim twintig talen vertaald.

         De eerste Nederlandse vertaling van het verhaal ‘Anselmo’ verscheen in 1844. Daarna is het vele malen gepubliceerd: onder meer in 1845, 1847, 1864, circa 1875, 1881, 1892 en 1903. Hieronder is geciteerd uit de oudst bewaard gebleven editie, uit 1847. Die verscheen in Den Haag bij de gebroeders J. en H. van Langenhuysen.

Lees verder >>

Johannes Kinker: de Kuschjes

Rolf den Otter is een YouTube-kanaal begonnen waarop hij gedichten uit de klassieke Nederlandse letterkunde voordraagt. Zoals de Kuschjes van Johannes Kinker. Of hoe een intellectuele jongeman van 21 een meisje door overredingskracht probeert te schaken… Drie jaar later zou een eveneens jonge Willem Bilderdijk een antwoord op dit gedicht schrijven. De scan komt van Google Books.

(Bekijk deze video op YouTube)

‘De Jood en de Touwslager’ (1840)

Jeugdverhalen over joden (92)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend
Moraal: heb je vijand lief; wraak is zoet

Herkomst en drukgeschiedenis

Het verhaal ‘De Jood en de Touwslager’ is te vinden in het Leesboek voor de jeugd, in voorbeelden ter opwekking van deugd en goede zeden. Over het doel van dit boek schrijft de anonieme schrijver in zijn voorbericht: ‘Ofschoon de mensch zwak blijft, zoo lang hij hier op aardt verkeert en de door ondervinding geleerde grijsaard evenmin boven struikelingen verheven is, als de nog onervarene jongeling; zoo kan het nogtans niet dan heilzaam zijn, der jeugd vroegtijdig de menschelijke zwakheden te leeren kennen en hen op te wekken tot het betrachten van die deugden, welke den grondslag leggen voor hun volgend geluk.’

         Het Leesboek voor de jeugd werd uitgegeven door uitgeverij Schalekamp, Van de Grampel en Bakker in Amsterdam. De eerste druk verscheen in 1840, de zesde, herziene druk in 1873. In de samenvatting is geciteerd uit de eerste druk.

Lees verder >>

Het Maastrichts onder Napoleon

Een tekst uit 1807

Door Flor Aarts

Tijdens de Franse tijd (1794-1814) was Maastricht de hoofdstad van het Département de la Meuse inférieure, het Departement van de Nedermaas. Dat Departement bestond uit de 2 huidige provincies Limburg en nog een gebied in Duitsland. De prefect, Jean Baptiste Ruggieri, ontving in 1807 een brief van Baron Charles Etienne Coquebert de Montbret, directeur van het Bureau de Statistique in Parijs.

Lees verder >>

Ver-van-mijn-bed-boek

Door Marita Mathijsen

Wat moet ik met een boek dat ik echt niet door mijn strot kan krijgen en dat 170 jaar geleden hoogste top was? Ik kamp met een solidariteitsprobleem. Ik probeer altijd het bijzondere van negentiende-eeuwse literatuur te zien. Ik let op wat de schrijver achter de misschien wat al te toevallige avonturen wil meedelen, ga mee met de gevoeligheden van de tijd, laat me meeslepen met dreigingen, melancholie, tederheid. Ik let op het ritme van de taal, de fraaie bouw van zinnen, de nuances van woorden. Ik hou van het vertelvermogen. Die negentiende-eeuwse schrijvers waren toch niet gek, die wisten hoe ze hun lezers moesten bespelen. Dus lees ik Helmers en Tollens en Loosjes met een negentiende-eeuwse bril en zie er de geweldenaren in die de tijdgenoten erin zagen.

Lees verder >>

Levie de marskramer (1841)

Jeugdverhalen over joden (91)

Door Ewoud Sanders

Auteur: Gijsbertus van Sandwijk (1794-1871)


Illustratie uit het Prenten-magazijn voor de jeugd (1841). De naam van de illustrator is niet bekend.

Het verhaaltje over Levie de marskramer werd in 1841 gepubliceerd in het Prenten-magazijn voor de jeugd. Dat tijdschrift verscheen tussen 1841 en 1852 en stond onder leiding van Gijsbertus van Sandwijk, een hoofdonderwijzer uit Purmerend. Van Sandwijk schreef het tijdschrift zelf vol.

Lees verder >>

‘Het loon der Liefdadigheid’ (1839)

Jeugdverhalen over joden (90)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend
Vertaald uit het Duits
Moraal: wie goed doet, goed ontmoet

Herkomst en drukgeschiedenis

Het verhaal ‘Het loon der Liefdadigheid’ werd in 1839 gepubliceerd in Philarete, tijdschrift voor de jeugd. Dat tijdschrift bestond van 1837 tot 1843 en bevatte veel vertalingen van artikelen uit Duitse en Franse jeugdtijdschriften. ‘Het loon der Liefdadigheid’ is vertaald uit het Duits. Deze geschiedenis begint in een dorp in de buurt van Hannover kort voor het uitbreken van de zevenjarige oorlog (1756-1763).

Philarete betekent ‘liefde door deugd’. Doel van het tijdschrift was zedelijke vorming.

Lees verder >>

‘Het loon der gastvrijheid’ (1839)

Jeugdverhalen over joden (89)


Tot zijn verbijstering treft de Lijflandse visser Andries zijn zoon doodgewaande George levend aan in een herberg. George wordt liefdevol ondersteund door de joodse marskramer Ephraïm. Illustratie van Carel Christiaan Anthony Last (1808-1876) in Philarete, tijdschrift voor de jeugd (1837).

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend
Moraal: wie goed doet, goed ontmoet
Waarschijnlijk vertaald uit het Duits

Herkomst en drukgeschiedenis

Het verhaal ‘Het loon der gastvrijheid’ is in 1839 gepubliceerd in Philarete, tijdschrift voor de jeugd. Dit weekblad werd toen uitgegeven door H. Nijgh in Rotterdam.

Lees verder >>

Beschouw het leven als een zomerdag… niet meer

Door Marc van Oostendorp

Het reisverslag is een goede vorm voor een boekje over Louis Couperus: iemand die weliswaar vooral bekend is door zijn ‘Haagse’ romans en zijn uitspraak ‘Zo ik iets ben, ben ik een Hagenaar’, maar die een groot deel van zijn leven buiten die stad doorbracht, en óók bekend werd als reisschrijver voor de Haagsche Post.

Lees verder >>

‘De edele wraak’ (1835)

Jeugdverhalen over joden (88)


Met gevaar voor eigen leven redt Levi de jonge Willem uit het brandende huis. Illustratie van Arie Rünckel (1876-1956) uit Levi, de boekenjood (1900).

Door Ewoud Sanders

Auteur: Hendrik Mijnoldus Böeseken (1789-1854)
Mogelijk vertaald uit het Duits
Moraal: hebt uw vijanden lief

Herkomst en drukgeschiedenis

Jacoba Johanna Böeseken-Peltenburg (1798-1890) schreef samen met haar man Hendrik Mijnoldus Böeseken aan het begin van de negentiende eeuw drie kinderboeken: Geschenk voor lieve kinderen (1832), Onderhoudend geschenk voor lieve kinderen (1834) en Aangenaam geschenk voor lieve kinderen (1835).

Lees verder >>

‘De loterij-jood’ en ‘De kanten jodin’ (1833)

Jeugdverhalen over joden (87)

‘De loterij-jood.’ Illustratie uit De kleine mimiek, of De vrolijk zingende knaap (1833). Het lied diende te worden gezongen op de wijze van: ‘’k Zag een walvisch in de boomen’.

Door Ewoud Sanders

Auteur: Gijsbertus van Sandwijk (1794-1871)

Birgers! nah wie zal het wagen?
Koopt heen briefje voor hacht dagen.
Groote prijzen zijn her in.
Als het immers kan geberen,
Als je rijk wordt, hait een treren [waarschijnlijk: uit de tranen, uit het verdriet / de zorgen; ES]
Mit je gansche haisgezin.

Birgers! wil’t baij Nathan wagen,
Nah! je zilt je niet beklagen.
Als je zilt gelikkig zijn;
Als je een groote prijs zilt trekken.
’t Loterijen his geen gekken,
Als het is een zilvermijn.

Lees verder >>

Ephraïm, de joodse heler (1832)

De jonge Hendrik loopt ’s avonds terug naar de stad. Bij een bos is hij toevallig getuige van een gesprek tussen de jood Ephraïm en enkele valsemunters. Illustratie uit Hendrik en Maria (tweede druk, 1836).

Jeugdverhalen over joden (86)

Door Ewoud Sanders

Door Amalia Schoppe-Weise (1791-1858)
Vertaald uit het Duits

Herkomst en drukgeschiedenis

De joodse heler Ephraïm is een personage in Hendrik en Maria, of De ouderlooze kinderen: eene treffende en leerzame geschiedenis voor de jeugd van Amalia Schoppe-Weise. Het gaat hier om een vertaling van Heinrich und Maria, oder die verwaisten Kinder (1830).

         Amalia Schoppe-Weise begon jeugdboeken te schrijven nadat haar man, met wie zij drie kinderen had, was overleden. In totaal schreef zij er zo’n tweehonderd.

         In Hendrik en Maria, een opvallend vroom en stichtelijk boek, richt Schoppe-Weise zich enkele malen rechtstreeks tot haar jonge lezers. Zo schrijft zij ergens: ‘O kinderen! er geschieden wezenlijk nog wonderen, en ik zelve heb in mijn leven, vol van afwisseling in aangename en onaangename ervaringen, vaak zulke wonderen beleefd, namelijk wonderen van goddelijke genade en almagt!’

Lees verder >>

‘Joden’ (1828)

Jeugdverhalen over joden (85)

Door Ewoud Sanders

Auteur: Pieter Hanou van Arum (1790-1843)

Handgekleurde gravure uit Nieuwe gedichtjes voor de welopgevoede jeugd (1828)

BAREND
Weet gij dien Jood niet kwijt te raken?
Zeg maar eens, om hem boos te maken,
‘Ei, Smousje! kom op Zaturdag.’

ERNST
Wel foei! dat ’s immers ons verboden?
Daar men geen mensch, en dus ook Joden
Niet schelden of vertoornen mag.

BAREND
Wel nu! een Jood! dat zou wat wezen!

ERNST
En wat toch zijn dan wel voor dezen
Eens de eerste Christenen geweest?
Wat waren Jezus volgelingen,
Eer zij het onderrigt ontvingen,
Waarvan men in den Bijbel leest?

En wij, geboren Nederlanders,
Wat waren onze vadren anders,
Dan Heid’nen, onverlicht en blind?
En zouden wij den Jood verachten,
Die, rein van hart zijn’ Heer blijft wachten.
Voorwaar! dat past geen Christenkind.

Lees verder >>

Drie oude jodenmoppen (1811)

Jeugdverhalen over joden (84)

Door Ewoud Sanders

Advertentie in de Groninger Courant van 28-12-1810.

Auteur: onbekend
Vertaald uit het Duits

Herkomst en drukgeschiedenis

In oude jeugdboeken komen soms ook grappig bedoelde anekdotes of ‘kwinkslagen’ voor waarin joodse straathandelaren de hoofdrol spelen. Drie voorbeelden zijn te vinden in Wintervermaak voor kinderen van verschillenden ouderdom, die zich en hunne medgezellen willen verlustigen. Dit boekje, vertaald uit het Duits, was bedoeld als geschenk voor Sinterklaas of nieuwjaar. Het verscheen eind december 1810; de titelpagina vermeldt als jaar van uitgave 1811. In 1825 verscheen een tweede druk.

         De moppen staan in de afdeling ‘Kwinkslagen, Anecdoten, en vrolijke invallen om te lagchen’ en zijn niet per se negatief over joden.

Lees verder >>

‘De feestdag der herstelde Suze’ (1825)

Jeugdverhalen over joden (83)

Door Ewoud Sanders

Illustratie uit Nieuw geschenk aan de lieve jeugd (1825). Dirk en Suze met hun hondje ‘Ami’, een geschenk van een joodse jongen die vanwege zijn achtergrond bijna niet was uitgenodigd op Suzes feestje.

Auteur: Petronella Moens (1762-1843)

Herkomst en drukgeschiedenis

Op vierjarige leeftijd werd Petronella Moens getroffen door kinderpokken. Zij overleefde de ziekte maar werd er blind door. Die handicap weerhield haar er echter niet van om zich verder te ontwikkelen. Haar vader leerde haar schrijven en ook liet zij zich veel voorlezen door familieleden en vrienden.

Lees verder >>

Het interesseerde me enorm hoe sommige Pietjes sommige Mietjes krijgen – al waren ze maar verzonnen

De Multatulileescursus (75)

Door Marc van Oostendorp

– Kunnen jullie me zien?

– Ik kan je wel zien, maar niet horen!

– Grappenmaker. Het is twee weken én een eeuwigheid geleden dat we elkaar gezien hebben. Fijn dat we elkaar nu op deze manier kunnen treffen. We zouden nog Multatuli’s brieven uit 1885 en 1886 met elkaar bespreken.

Lees verder >>

De rust van de dodenakker

Onder het middelste graf (donkere steen met gouden letters) liggen de botten van Pieter Nieuwland.

Door Peter van Zonneveld

Gisteren fietste ik naar de kleine, maar schilderachtige begraafplaats Rustoord in Diemen. Er was niemand. Nu ben ik daar al eerder geweest, maar kort geleden had ik ontdekt, dat de veelzijdige, jonggestorven dichter en geleerde Pieter Nieuwland (1764-1794) hier zijn laatste rustplaats had gevonden. Het kerkhof dateert van 1791, en hij was een der eersten, die daar in de open lucht begraven werd. Pieter Nieuwland is geboren in de Watergraafsmeer, en vertoonde al jong trekken van grote begaafdheid. Tijdens zijn korte leven doorliep hij een kleurrijke loopbaan. Hij genoot vooral ook bekendheid als dichter; in zijn vers ‘Orion’ wist hij sterrenkunde en poëzie op fraaie wijze te verenigen. Nieuwland eindigde als hoogleraar in Leiden, waar hij onder meer wis- en natuurkunde doceerde.

Lees verder >>

Marita Mathijsen leest De Schoolmeester

Het verblijf – dag 5

Vandaag: Marita Mathijsen met De boterham en de goudzoeker van De Schoolmeester. 

Marita Mathijsen is emeritus hoogleraar moderne Nederlandse letterkunde aan de Universiteit van Amsterdam. De Schoolmeester was een pseudoniem van Gerrit van der Linden (1808-1858), vrijbuiter, onderwijsman en dichter, bekend om gedichten met heel onregelmatige verzen.

Lees verder >>