Tag: 18e eeuw

Hoe Willem Bilderdijk verdwijnt van De Boelelaan

Door Peter Altena 

Zelden zo’n bijzondere uitnodiging voor ‘een bijzondere Algemene Ledenvergadering van de Vereniging ‘Het Bilderdijk-Museum’ ontvangen. De uitnodiging viel een paar dagen geleden op de mat en ik heb de tekst zeven keer gelezen, geamuseerd en verbijsterd. Die vergadering vindt woensdag 25 april a.s. plaats in het Hoofdgebouw van de VU, zaal 6A32, 20.00-21.00 uur. Ik ben helaas verhinderd, maar zou graag meestemmen en zoek daarom een lid dat ik kan machtigen.

Waar gaat de vergadering over en wat staat er in de uitnodiging? In de vergadering vraagt het bestuur toestemming aan de leden om de verhuizing van Het Bilderdijk-Museum en de door het museum beheerde collectie over te dragen aan de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden.

In een helder, hier en daar messcherpend terughoudend, stuk van ruim vijf kantjes schetst het bestuur van de Vereniging de achtergronden en de overwegingen die hebben geleid tot de voorgenomen scheiding, het voorgenomen vertrek van ‘Het Bilderdijk-Museum’.

Graag veroorloof ik me als lid van de Vereniging wat minder terughoudendheid. Lees verder >>

De vrijheydt op zijn plaats

Door Ton Harmsen

Ik hoor dat het niet gemakkelijk is oude boeken aan een bibliotheek te verkopen, of zelfs te schenken: een verzamelaar die een vroeg-achttiende-eeuwse Utrechtse druk (en nog wel iets heel bijzonders, een druk voor de Leidse en Haagse Schouwburgen, die normaal in Den Haag of in Leiden hun boeken uitgeven) aanbood aan de UB van Utrecht kreeg te horen dat men daar geen belangstelling voor had. Des te gelukkiger kunnen we zijn dat de bibliotheek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, ondergebracht in de Universiteitsbibliotheek van Leiden, wel bereid is te bieden voor bijzondere boeken. Met giften van particulieren, legaten, en als het moet met acties van publieksfinanciering kunnen boeken die echt in een bibliotheek thuishoren door de Leidse conservatoren worden verworven. Een van de mooie aanwinsten van de laatste tijd is het handschrift (76 pagina’s, ca. 1786) van de opera De vrijheydt, die in Leiden speelt. Waar wordt dit document meer gekoesterd en bestudeerd dan aan de Witte Singel in Leiden!? Haec libertatis ergo!

Lees verder >>

Gedicht: Bruin boven blond & Blond boven bruin

Wat de schoonheid der Parijsche vrouwen over het algemeen aanbelangt, waaromtrent men het vrij wel eens is, dat dezelve minder lang stand houdt, dan in noordelijker landen, zoo heb ik daarover menig verschillend oordeel gehoord. Zij zijn voor het grootste gedeelte brunettes: diegene dus, welke met een onzer voortreffelijkste Dichteressen uit de vorige eeuw instemmen, waar zij zingt:

Bruin boven blond

Ruilt nooit uw verf, bevallige Bruinetten,
Voor blanke kleur of blonde kuif.
De roos verbleekt voor bruine violetten,
De witte wijkt de purpren druif.
De bloesemknop, zo teêr, zo ligt verstooven,
Zwigt voor de rijper kers in geur.
De staatige eik, hoe bruin van verw, praalt boven
De taaije wilgen, wit van kleur.
Al wat natuur poogt kragten bij te zetten,
Huldt ze altoos met een bruine huif.
Ruilt nooit uw verf, bevallige Bruinetten,
Voor blanke kleur of blonde kuif

Elisabeth Koolaart-Hoofman (1664-1736)

Lees verder >>

Opkomst en ondergang van de Republiek der Letteren

Door Marc van Oostendorp

In de zestiende eeuw begonnen Europese geleerden een grote onderlinge verbondenheid te voelen – een verbondenheid over grote afstand die soms groter was dan die met de mensen direct om hen heen. Dat kwam tot uitdrukking in een metafoor die ze gebruikten voor hun onderling contact: de Republiek der Letteren, een informele staat waarvan de burgers amicaal met elkaar omgingen en waarin een belangrijke eis was dat je de uitkomsten van je onderzoek niet voor jezelf hield, maar met andere geleerden deelde. Communicatie was de belangrijkste burgermansplicht in deze virtuele republiek.

De Nijmeegse historicus Hans Bots heeft een belangrijk deel van zijn carrière besteed aan onderzoek naar de geschiedenis van deze ‘republiek’, van het vroege ontstaan in de zestiende eeuw tot het moment in de achttiende eeuw dat de ‘republiek’ oplost, eigenlijk vooral doordat de geleerden steeds meer geïntegreerd raken in de ‘gewone’ samenleving. De oorspronkelijke geleerde tijdschriften richten zich dan bijvoorbeeld steeds meer op een breder publiek van geleerden. Lees verder >>

Jaarvergadering Jacob Campo Weyerman op 20 januari 2018 in Amsterdam

De januari-vergadering van de Stichting Jacob Campo Weyerman vindt andermaal plaats in Amsterdam, de stad waar hij zijn grootste faam verwierf en als een Bekende Schrijver zijn boeken in het openbaar (in De Brakke Grond) aan de man bracht.

De vergadering wordt gehouden op zaterdag 20 januari in Huis van de Wijk Lydia (Roelof Hartplein 2A, Amsterdam). Aanvang 13.30 uur. Vrije toegang (wel graag aanmelden via post@weyerman.nl ).

Op het programma staat een drietal lezingen: de Gentse hoogleraar Kornee van den Haven spreekt over ‘de wanordelijke orde van Weyermans vertelzuchtige vertogen’, de van eerdere biografieën bekende Roelof van Gelder maakt zijn lezers lekker met een schets van het leven de Amsterdamse dagen van John Gabriel Stedman, het slotwoord is aan de gelauwerde Annemieke Houben die het ‘zakboekje der liefhebbery’ uit 1781 onder het mom ‘Venus als lap’ nader aan ons zal voorstellen.

De lezingen zullen tot ongeveer 15.15 uur duren. Daarna worden de genootschappelijke zaken (geld, bestuur, notulen) voor de leden afgewikkeld.

Pas verschenen: eerste editie Jaarboek De Achttiende Eeuw

Achttiende Eeuw jaarboek 2017

Het Jaarboek De Achttiende Eeuw, waar nu de eerste editie van verschijnt, is de opvolger van het gelijknamige tijdschrift (1968-2016). Ieder jaarboek bevat een themadossier rond een relevant en actueel onderwerp en een aantal losse artikelen op het vlak van de literatuur, architectuur, muziek en kunst, filosofie, religie en andere aspecten van de culturele, politieke, sociale en economische geschiedenis van de lange achttiende eeuw (1670-1830), zonder geografische beperking. Het dossier van 2017 heeft als thema ‘De Zuidelijke Nederlanden in revolutie’.

De inhoudsopgave vindt u hier.

Leden van de Werkgroep Achttiende Eeuw ontvangen het Jaarboek zonder bijkomende kosten. Lidmaatschap van de Werkgroep Achttiende Eeuw kost voor particulieren €35,00, voor instellingen €49,50. Met ingang van 2017 is het speciaal voor studenten mogelijk lid te worden voor slechts een €10,00. Als lid van de werkgroep ondersteun je de bloeiende studie van de achttiende eeuw, kom je makkelijk in contact met andere onderzoekers en belangstellenden en blijf je op de hoogte van actuele ontwikkelingen in het onderzoek. Klik hier voor meer informatie.

Jaarboek De Achttiende Eeuw, Uitgeverij Verloren, paperback, 105 pag.,€ 25,-

ISBN: 9789087046903

26 en 27 oktober 2017: Congres ‘Festiviteiten in de vroegmoderne Nederlanden’

Op 26 en 27 oktober vindt in Groningen het jaarcongres plaats van de Vlaams-Nederlandse Vereniging voor Nieuwe Geschiedenis (VNVNG). Het thema is: festiviteiten in de vroegmoderne Nederlanden.

Voertaal: Nederlands en Engels
Praktische informatie: programma jaarcongres Groningen 2017
Locatie: Van Swinderenhuys (Glazen Zaal), Oude Boteringestraat 19, Groningen
Inschrijving: tot maandag 16 oktober 2017 per e-mail en door tegelijkertijd het verschuldigde bedrag over te maken op de rekening van de vereniging: IBAN BE96 0682 3425 2805 / BIC: GKCCBEBB (VNVNG te Brussel), onder vermelding van ‘Jaarcongres 2017’, met daarbij ‘Deelname gehele congres’ of ‘Deelname donderdag’ of ‘Deelname vrijdag’. Deelname aan het congresdiner s.v.p. apart vermelden. Lees verder >>

Call for Papers Workshop: Hybridisation in Natural History? Materials and Texts Between Asia and Europe, 17th and 18th Centuries

February 21–24, 2018
Organized by Maria-Theresia Leuker, Esther Helena Arens and Charlotte Kießling
University of Cologne, Institute of Dutch Language and Literature

DFG-Project Circulation in Spaces of Knowledge Between Asia and Europe: G.E. Rumphius and his Texts, circa 1670–1755

Workshop Topic and Questions

Within the project Circulation in Spaces of Knowledge Between Asia and Europe, our focus lies on works of natural history connecting the Moluccas and the Netherlands during the process of European colonisation in the 17th and 18th centuries. We are especially interested in the different “ways of knowing and working” (Pickstone) that contributed to G. E. Rumphius’ books on the Ambonese flora and fauna. Lees verder >>

Gedicht: Riemsnijder en/of Bilderdijk – Klinkdicht

Klinkdicht.
Zonder de Letter R.

Lieve Liefde, die de zinnen
Met geneugten mild’lijk voed;
Die ons neigt en noopt tot minnen,
En in wellust blaaken doet!
Wijst mij, wat ik moet beginnen,
Om den Wensch van mijn gemoed,
Om Elize’s gunst te winnen,
Die slechts lacht om mijnen gloed?
‘k Heb, om tot mijn’ wensch te koomen,
Chloë’s hulp te baat genoomen;
Lize en zij zijn eensgezint.
‘Wilt dan ’t laatste middel waagen,’
(Zegt de Liefde,) ‘dit zal slaagen:
Veins slegts, dat gij Chloë mint.’

 

uit: Galante dichtluimen (1780)
Hendrik Riemsnijder (1743-1825)
Willem Bilderdijk (1756-1831)

 

Call for papers: circus en vermaak in de achttiende eeuw

In 2018 is het 250 jaar geleden dat het circus ‘uitgevonden’ werd. Bij die gelegenheid wijdt hetJaarboek De Achttiende Eeuw een themadossier aan het circus en alles wat er mee verbonden was in de lange achttiende eeuw (1680-1830): van paardrijkunst, acrobatiek en theater over kermissen, muziek en collectief feesten tot stedelijke ontspanningscultuur, commercieel cultuurmanagement en openbaar entertainment.

De redactie verwelkomt abstracts over die thema’s van ca. 200 woorden, tegen 1 december 2017 op te sturen naar jaarboek@18e-eeuw.nl. Van de geselecteerde voorstellen verwachten we volledige kopijen (max. 5000 woorden) tegen 1 maart 2018. Meer informatie over het thema vindt u hier.

De redactie van het jaarboek staat ook blijvend open voor losse inzendingen die niet aan het thema verbonden zijn.

Aankondiging en inhoudsopgave Early Modern Low Countries – jaargang 1, nummer 1 (2017)

Het eerste nummer van het multidisciplinaire Open Access tijdschrift Early Modern Low Countries (EMLC) staat nu online. EMLC is gewijd aan de studie van de geschiedenis en cultuur van de Lage Landen tussen 1500 en 1800. Het tijdschrift is een initiatief van de werkgroepen De Zeventiende Eeuw en De Achttiende Eeuw en wordt uitgegeven door Uopen Journals (Utrecht University). EMLC verschijnt twee keer per jaar.

Het is onze missie om van EMLC een vanzelfsprekend trefpunt te maken voor excellent academisch onderzoek naar alle aspecten van de vroegmoderne Lage Landen en hun overzeese gebiedsdelen. Wilt u op de hoogte gehouden worden van nieuwe nummers of andere ontwikkelingen rondom het tijdschrift, dan kunt u zich op onze website registreren als lid van onze online gemeenschap.

EMLC is een peer-reviewed tijdschrift. Nieuwe bijdragen kunnen doorlopend worden ingediend. Wij verwelkomen artikelen op de terreinen van geschiedenis, letterkunde, kunstgeschiedenis en aanverwante vakgebieden. We ontvangen ook graag suggesties voor recensies en signalementen. Meer informatie voor aspirant-auteurs is te vinden op onze website. Lees verder >>

Anthonius Hambroek en het verwaarloosd Formosa

Door Ton Harmsen

In zijn toneelstuk Trazil laat Antonides van der Goes de Chinese aartspriester kritiek uiten op het optreden van de Spaanse missionarissen in Perù. Daarmee laat hij zien dat de Europese expansie een mondiaal probleem was. De gruwelen in Zuid-Amerika waren alom bekend – vooral door de in 1542 geschreven bestseller van de dominicaan Bartolomé de las Casas, Brevísima relación de la destrucción de las Indias (Seer cort verhael vande destructie van d’Indien) – en in Nederland was die kennis koren op de molen van de anti-Spaanse propaganda. Vondel schreef in de Zegesang ter eere van Frederick Hendrick de Peruviaanse koning postuum leedvermaak toe toen hij ‘vernam’ dat de Spanjaarden ’s-Hertogenbosch hadden verloren (1629):

.                                                De schim van Attabaliba
.                            Vernamt, en huppelde om uw’ scha.
(Zegesang vs. 541-542; vergelijk Antonides’ uitvoerige bewerking in de Ystroom boek 2 vs. 242-308)

De Spaanse missie is een aantrekkelijker doelwit dan de Nederlandse zending, maar als hij het gewild had zou Antonides veel dichter bij Peking ook een voorbeeld hebben kunnen vinden: Lees verder >>

Pieter Langendijk op weg naar de égalité

Door Ton Harmsen

Kan een klucht ook een ernstig onderwerp behandelen? De zwetser van Pieter Langendijk (1712) bewijst het. Het spel is vermakelijk genoeg om een klucht te heten, en bovendien kort, zonder ingewikkelde intrige, niet in een verheven stijl en zonder veel ontwikkeling in de karakters. Toch gaat deze klucht over een zaak van maatschappelijk belang, een ernstig onderwerp dat in de vroege achttiende eeuw heel actueel was. Toen moest de burgerij zijn plaats naast of zelfs boven de adel legitimeren, en daarvoor is de eenvoudige intrige van Langendijk heel geschikt.

Op het eerste gezicht is De zwetser een kluchtje over de liefde, een vader koppelt zijn dochter aan een vreselijke man en hij schuift haar charmante geliefde terzijde; geholpen door zijn knecht zet deze de situatie naar zijn hand. Izabelle, een jongedame uit een adellijke familie, wil trouwen met Karel, een burgerjongen. Ernst, haar vader, is daar faliekant tegen: het adellijk geslacht moet in stand gehouden worden. Die vader is niet dom, maar hij zit vastgebakken aan een oud vooroordeel. Karel, de geliefde van Izabelle, wil bewijzen dat hij ondanks zijn burgerlijke afkomst een goede schoonzoon zal zijn. Een schijnbaar onmogelijke taak, maar als blessing in disguise komt er nu een afzichtelijke Duitser op het toneel, kapitein Hans, die naar de hand van Izabelle dingt. Ernst steunt deze snoevende militair ten volle. Lees verder >>

Bloedwraak leidt tot ellende in het schooltoneel

Door Ton Harmsen

Na al die voorspellingen voor 2042 toch maar weer iets over een toneelstuk uit 1742: koning Baasa roeit de familie van zijn voorganger uit. De Nederlandse literatuur is rijk aan Latijnse toneelstukken. Behalve tweehonderd complete, gedrukte teksten zijn er ook zo’n tweeduizend programmaboekjes met een synopsis van een toneelstuk bewaard. Een klein deel van die spelen is geschreven door humanistische literatoren: Daniel Heinsius en Hugo de Groot zijn daarvan de bekendste voorbeelden. Het overgrote deel van het Latijnstalige toneel is van de hand van schoolmeesters. Op de Latijnse scholen van de zestiende tot de achttiende eeuw was toneel een populair didactisch middel om de leerlingen vertrouwd te maken met conversatie in het Latijn. Er waren Latijnse toneelstukken genoeg om op te voeren: de antieke spelen van Plautus waren niet zo stichtelijk, maar die van Terentius waren, met enige aanpassing, bruikbaar. Wie de kinderziel niet wilde confronteren met bedrog en overspel moest echter zelf aan de slag om een spel te schrijven.
Lees verder >>

De eerste aflevering van ‘De Moderne Tijd’ is verschenen!

De Werkgroep De Negentiende Eeuw heeft in 2017 haar activiteiten uitgebreid tot het bredere tijdvak waar ook de late achttiende en vroege twintigste eeuw onder vallen, en haar naam veranderd in De Moderne Tijd. De Werkgroep publiceert het tijdschrift De Moderne Tijd, waarvan deze week het eerste nummer is verschenen.

Het tijdschrift bevat artikelen van gevestigde en aanstormende onderzoekers. De artikelen bestrijken verschillende disciplines en periodes. Zo schrijft Marita Mathijsen over de ontwikkeling van de historische roman en het Scottiaanse dichtverhaal in Nederland en Vlaanderen van 1780 tot 1940. Daarnaast bevat het 112 pagina tellende nummer een stuk over laatnegentiende-eeuwse voetbalfoto’s, een artikel over de Vlaamse bestsellerauteur Abraham Hans en een artikel over de meest beruchte grand opéra in de Lage Landen: La Muette de Portici. Kortom, een gevarieerd nummer over de moderne tijd!

De Moderne Tijd. De Lage Landen 1780-1940, jaargang 1, 2017, nummer 1, 112 pag.

U kunt het nummer bestellen of een abonnement nemen via de website van De Moderne Tijd.

Te verschijnen: Het Journaalboek van Johannes Timmers, anno 1784

Johannes Timmers nam op 17 juli 1781 dienst bij de Verenigde Oost-Indische Compagnie. Twee maanden later vertrok hij met zijn gelijknamige neef vanaf Texel naar Batavia. Maar de Engelse oorlogsschepen blokkeerden de kust en hun schip Holland moest al snel terugkeren. Een jaar later vertrok de VOC-vloot alsnog. De reis die ze maakten, is vastgelegd in een journaal dat in twee versies is overgeleverd. Het verhaalt van de spannende reis van de Holland via Kaap de Goede Hoop en Mauritius naar Ceylon (Sri Lanka). Daar ging Timmers junior aan land, terwijl Timmers senior doorvoer naar Batavia. Hij kwam in november 1784 in Nederland terug. Het persoonlijke reisverslag, versierd met fraaie tekeningen, is door Lodewijk Wagenaar en Nel Klaversma uitgegeven, met annotaties en een inleiding over de historische achtergronden. Zij zijn oud-medewerkers van het Amsterdam Museum dat de twee handschriften in 1998 verwierf.

Meer informatie bij uitgeverij Verloren.

Gedicht: Riemsnijder/Bilderdijk – Wensch van eenen hoorndrager

• De erotisch getinte bundel Galante dichtluimen verscheen anoniem in 1780, en is later toegeschreven aan Hendrik Riemsnijder en Willem Bilderdijk.

Wensch van eenen hoorndrager

O! die in Lapland leeven mogt.
Leefde in een billijk Land!
Aldaar word, als eene eer, gezogt,
’t Welk elders strekt tot schand!
Ja dáár, daar vind de man zich openlijk vereert,
Als een bevallig Heer zijn Vrouwtje Cajoleert;
Men ziet hem, zonder spijt of kwaadheid te doen blijken,
Zoo draa de minnaar komt, ontwijken.
Daar is het gantsch zoo niet, als hier:
De norsse man maakt geen getier,
Noch tragt een’ fraai galant, die ’t wijfje kan behaagen,
Verwoed en dreigend weg te jaagen;
Neen, geen gemaal weerstreeft zijn’ zoete gemaalin,
Zij leeft volkomen naar heur zin;
Wat heur vernoegt, doet hem vermaak: hij ziet het aan en zwijgt,
Hij is verheugt, wanneer hij slegts een erfgenaam verkrijgt.
Lees verder >>

Een literatuurgeschiedenis in plaatjes

Door Marc van Oostendorp

“Want (of gy ’t weet) ik heb” meldde Elisabeth Wolff in 1772 aan haar lezers, “wel ja ik! plaats genomen / In ‘t panpoëticon van Nêerlands dichtren schaar. / (Mogt dit de doodstuip van myn’ kwynende eerzucht weezen!)” Ook Wolff had namelijk plaats genomen om zich te laten portretteren voor het Panpoëticum Batavûm, een kabinet met toen al ruim 300 portretjes van Nederlandse schrijvers en dichters uit alle tijden.

Dat Panpoëticum heeft een centrale plaats in het proefschrift Literaire erflaters dat Lieke van Deinsen morgen aan de Radboud Universiteit Nijmegen verdedigt en dat gaat over de manier waarop mensen in de vroege achttiende eeuw nadachten over de Nederlandse literatuur: hoe verhield die zich tegenover andere letterkundes, zoals de klassieke en de Franse? Wie waren de boegbeelden? Hoe belangrijk waren vrouwen?  Lees verder >>

Gedicht: Hubert Korneliszoon Poot – Lokzang van de sirenen

Lokzang van de sirenen

Wie in zijn jeugd
Den wellust wil vernielen,
Ontbeert de vreugd,
En voert een dom gemoed.
Wat is de deugd?
Een tirannin der zielen,
Die nooit verheugt,
Maar zinnen kwelt en bloed.
Koom hier bij ons aan dezen waterkant.
De weelde woont op dit gelukkig strand.
Koom hier, wij zullen liefde plegen.
Een jonge zin
Moet zich bewegen
Tot de zoete min.

Hubert Korneliszoon Poot (1689-1733)