Tag: 18e eeuw

De samenleving maakt de schrijver, de schrijver maakt de samenleving

Door Marc van Oostendorp

Waaruit bestaat de literatuurgeschiedenis? Uit meesterwerken? Uit elkaar almaar bestrijdende generaties met steeds weer nieuwe ideeën over wat een goed boek is? Uit genieën die af en toe opstaan en iedereen anders laten kijken? Uit een economie van uitgeverijen, geleerde genootschappen en krantenredacties?

Rick Honings en Lotte Jensen zien het anders. De bouwstenen van hun geschiedenis van de Nederlandse literatuur in de 18e en 19e eeuw, Romantici en revolutionairen, zijn schrijverstypen: de dominee-dichter, natuurlijk, maar ook de criticus, de (vroege) romanschrijver, de Spectator, enzovoort.

Zo’n schrijverstype valt niet precies samen met een stroming, maar is breder. Sommige stromingen zijn bij Honings en Jensen ook terug te vinden als type – de romanticus, bijvoorbeeld, of de Tachtiger –, maar zelfs dat is al een andere interpretatie. Een stroming heeft een programma, een ideaalbeeld van hoe de literatuur eruit zou moeten zien; een schrijverstype is duidelijker een sociologisch fenomeen, je wordt een bepaald soort schrijver omdat er behoefte aan is in de samenleving, omdat jij die behoefte voelt. En omdat jij en je collega’s bepaalde teksten schrijven, duw je de samenleving een bepaalde kant op, al is het maar een klein beetje.

Lees verder >>

13 december 2019, Haarlem: Bilderdijklezing Maaike Meijer ‘Triumf! ik ben voldaan, ik zal onsterfelijk zijn.’

Vrijdag 13 december 2019
Grote of St. Bavokerk op de Grote Markt in Haarlem
Inloop vanaf 16.00 uur. Aanvang 16.30 uur

Maaike Meijer
foto: Gemma Rameckers

Willem Bilderdijk woonde de laatste vier jaar van zijn leven in Haarlem. In navolging van Leiden (de Huizinga-lezing) organiseert Stichting Bilderdijk Haarlem sinds 2006 tweejaarlijks de Bilderdijk-lezing. Eerdere lezingen werden gehouden door Piet Gerbrandy, Marita Mathijsen, Peter van Zonneveld, Eric M. Moormann, Rick Honings en Joost Swarte.

Lees verder >>

20 december 2019, Amsterdam: Rampzalig Nederland. De omgang met rampen in Nederland en Vlaanderen, 1780-1940

Universiteitsbibliotheek (Singel 425), Doelenzaal, Amsterdam

In de periode 1780-1940 deden zich in Nederland en Vlaanderen tal van rampen voor die een ontwrichtende invloed hadden op de samenleving. Denk bijvoorbeeld aan de Leidse buskruitramp van 1807 en de grootschalige rivieroverstromingen van 1809, 1820, 1855 en 1861. Ook in de koloniën waren rampen als vulkaanuitbarstingen en watersnoden terugkerende fenomenen. Door de opwarming van de aarde en de toenemende dreiging van klimaatrampen heeft het historisch onderzoek naar rampen en rampverwerking een hoge vlucht genomen. Het besef is doorgedrongen dat rampen een grote en vaak blijvende invloed hebben gehad op de ontwikkeling van lokale en nationale gemeenschappen.

Lees verder >>

21 september 2019, Scheveningen: Wat vond Jacob Campo Weyerman op Scheveningen?

Met de eenarmige bandiet Johan Hendrik baron Van Syberg wandelde Weyerman in de jaren ’30 van de achttiende eeuw op het Scheveninger strand, zij beraamden er samen snode plannen. Wat nog meer zocht Weyerman aan zee?

Op zaterdag 21 september bezoekt de Stichting Jacob Campo Weyerman Muzee Scheveningen om er in de schitterende Scheveningenzaal antwoord te krijgen op die vraag en andere (nog ongestelde) vragen.

Lees verder >>

Nieuwe Mededelingen Jacob Campo Weyerman

Zojuist verscheen het nieuwe nummer van de Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman, de eerste aflevering van jaargang 42. In de bijna honderd bladzijden komt de Amsterdamse horeca van Weyerman (‘Koninklijke gaarkeukens en driestuivers ordinarissen’) in een bijdrage van Maarten Hell aan de orde. In een klein artikeltje wordt het Amsterdams faillissement van Weyerman hernomen. Verder aandacht voor de Daltons van Elst, drie broers Van Santen die het Groene Hart teisterden met hun gewelddadige diefstallen. Lotte Jensen wijdt haar bijdrage aan gezangen over watersnoodrampen. Verrassend is verder de hervonden bijdrage van André Hanou over Feith, Van Hoogeveen (en Vreede) en de vrijmetselarij. Voorts nieuws over een pornografisch boekje, de ‘robe à la polonaise’ en asperges. Wie hierover meer wil weten of lezen, kan voor een luttel bedrag lid worden van de Stichting: post@weyerman.nl 

‘God is omtrent het leeven van een Jood niet onverschillig’ (1793)

Jeugdverhalen over joden (48)

Door Ewoud Sanders

‘God is omtrent het leeven van een Jood niet onverschillig’ (1793)
Auteur: Cornelis Müller (†1793)

Advertentie uit de Oprechte Haerlemsche Courant van 23-11-1793.

Herkomst en drukgeschiedenis

Cornelis Müller, de auteur van deze verhalen, was tussen 1791 en 1793 predikant in Zijderveld, een klein dorp in de provincie Utrecht. Aan het eind van de 18de eeuw schreef hij verschillende jeugdboeken. ‘Edelmoedigheid en dankbaarheid van een Jood’ en ‘God is omtrent het leeven van een Jood niet onverschillig’ zijn opgenomen in Nuttige uitspanningen voor de Nederlandsche jeugd. Voor deze bundel leende Müller ‘zommige verhaalen uit werken in andere taalen geschreven’. De hier samengevatte verhalen zijn hoogstwaarschijnlijk oorspronkelijk in het Duits geschreven.

Lees verder >>

Bloemhofjes en Tijdverdrijvers: Schriftuurlijke Raadsels

Door Marti Roos

Naast boekjes met raadsels voor vermaak, zoals het Clucht boecxken, die sinds het midden van de 16e eeuw het licht zagen, verschenen er ook boekjes met zogenoemde schriftuurlijke of religieuze raadsels. Enerzijds sluiten deze aan bij catechismussen, waarin godsdienstige kennis met betrekking tot de bijbel en de geloofsleer werd overgebracht in de vorm van vraag en antwoord (eventueel voorzien van een vindplaats in de bijbel); anderzijds bevatten ze ook spitsvondige vragen over bijbelse curiosa afkomstig uit de kloostertraditie, die sinds de vroege middeleeuwen in verschillende handschriften zijn overgeleverd, en naar de titel van een aantal hiervan als Joca Monachorum (‘mopjes van monniken’) worden aangeduid. Zo werd in de schriftuurlijke raadselboekjes toch het leerzame met het aangename gecombineerd.

Lusthof

In 1679 verschijnt de Lusthof der goddelyke historien, of den christelijken tijdverdrijver, een lijvig boek om bijbelkennis op te doen door middel van vraag en antwoord. Het is een vertaling van het Duitstalige Christlicher Zeituertreiber, oder Geistlich Retzelbuch van de hand van Michael Sachs, een werk dat met zijn thematische indeling en quizachtige vragen bijzonder populair was. Het werk verscheen voor het eerst in 1593 (eerste deel) en 1597 (tweede deel) en werd meer dan twintig maal herdrukt. De Nederlandstalige Lusthof is vijfmaal herdrukt, voor het laatst in 1772.

Lees verder >>

‘De jood’ (1785)

Jeugdverhalen over joden (46)

Door Ewoud Sanders

‘De jood’ (1785)
Auteur: Christian Gotthilf Salzmann (1744-1811)

Herkomst en drukgeschiedenis

Christian Gotthilf Salzmann

Salzmann was een Duitse predikant en pedagoog. In 1784 stichtte hij op landgoed Schnepfenthal in Waltershausen (Thüringen) een eigen opvoedingsinstituut. Salzmann behoorde tot de laat-achttiende-eeuwse Duitse pedagogen die bekendstaan als filantropijnen. Zij propageerden dat er in de opvoeding geen hoger gezag bestaat dan de rede/het gezonde verstand.

         Salzmann schreef diverse pedagogische werken en lesboeken. Daarnaast schreef hij allerlei zedenlessen voor de jeugd. Het verhaal ‘De jood’ verscheen in Unterhaltungen für Kinder und Kinderfreunde, een reeks die verscheen tussen 1778 en 1787. Het verhaal werd ten minste twee keer in het Nederlands vertaald en vier maal gepubliceerd: in 1825, 1792, 1793 en 1820. In de samenvatting is geciteerd uit de tweede vertaling uit 1792.

Lees verder >>

11 september 2019, Amsterdam: Presentatie Romantici en Revolutionairen

Vijf hedendaagse schrijvers/schrijvende wetenschappers gaan in op hun favoriete prototype auteur en reflecteren op de hedendaagse rol van schrijvers in de samenleving. Wat is de rol van de hedendaagse schrijver? Wil hij of zij de wereld veranderen en politiek engagement nastreven? Of is het juist beter afstand te nemen en kunst om de kunst te maken? En welke tussenposities zijn mogelijk?
Wie naar de achttiende en negentiende eeuw kijkt, vindt allerlei prototype schrijvers die vandaag de dag nog steeds bestaan. Zo zijn er de revolutionairen, die de wereld wilden verbeteren. Denk aan opruiende schrijvers als Bellamy of Multatuli. Maar er waren ook dichters die zich tegen de meer maatschappelijk gerichte auteurs afzetten. De Tachtiger Willem Kloos vatte die houding in een pakkende versregel samen: ‘Ik ben een God in ’t diepst van mijn gedachten’.

Lees verder >>

‘Pietje en zijne moeder’ (1784)

Jeugdverhalen over joden (44)

Door Ewoud Sanders

‘Pietje en zijne moeder’ (1784)
Auteur: waarschijnlijk Augustus Sterk (1748-1815)

Herkomst en drukgeschiedenis

Portret van Augustus Sterk uit 1794, gemaakt door Reinier Vinkeles en gedrukt door Anthony Mens Jansz. Bron: Rijksmuseum.

‘Pietje en zijne moeder’ verscheen op 11 november 1784 in het Weekblad voor Neêrlands jongelingschap. Dit tijdschrift werd samengesteld door de Lutherse predikant Augustus Sterk, toen werkzaam in Amsterdam. Het verscheen tussen 1783 en 1786 en behoort tot de oudste Nederlandse jeugdtijdschriften.

         Van wie de artikelen in dit weekblad afkomstig zijn, is niet bekend: ze werden niet ondertekend. Waarschijnlijk was Sterk zelf een van de voornaamste auteurs. De dominee profileerde zich wel duidelijk in de correspondentie met lezers. ‘Hij beantwoordt de door lezers gestuurde brieven, waarbij hij soms de brief geheel of gedeeltelijk opneemt’, aldus Marjoke Rietveld-van Wingerden in 1995. ‘Het is achteraf moeilijk te bepalen of deze ingezonden brieven fictief zijn of onderdeel uitmaken van een echte correspondentie.’

         In 1785 kreeg Sterk in een ingezonden brief een schouderklopje voor zijn strijd tegen discriminatie van joden: ‘Mijn Heer! Gij hebt meermalen getoond, het prijzenswaardig voorneemen te hebben, om het vooroordeel te verminderen, het welk, hoe schandelijk en onchristelijk ook, veele zoogenaamde Christenen, tegen een geheel, door zijne oudheid tenminste eerwaardig, Volk bezielt; en ten dien einde het ’er op toegelegd, om uwe jonge Leezeren te overtuigen, dat, ook onder de Jooden, menschen gevonden worden, die, door hunne braafheid en edelmoedige denkwijze, onze hoogachting verdienen.’

Lees verder >>

Aagje Deken stierf aan verdriet

Door Marita Mathijsen

Plaque_Wolff_Deken_TrévouxZo bekend was Betje Wolff dat haar overlijden in de Haarlemsche Courant gemeld werd. Ze stierf op 5 november 1804, 66 jaar oud. Haar vriendin Aagje Deken volgde haar negen dagen later, nog geen 63 jaar oud. Zevenentwintig jaar hadden ze bij elkaar geleefd en lief en leed gedeeld. Ze waren in 1788 samen naar Frankrijk gevlucht voor het geweld van de oranjeklanten. In Trévoux, dat tussen Villefranche en Lyon ligt, vonden ze onderdak. Er is daar op de Place de la Terrasse een tweetalige plaquette ter herinnering aangebracht. Lees verder >>

Bourgondische raadsels uit Den Hof der Liefde

HofDerLiefde

Door Marti Roos

Den hof der liefde is een 18e-eeuwse, kleine handleiding voor het hofmaken. Het bevat raadgevingen over houding en gedrag, voorbeelden voor de jongen om een meisje aan te spreken, hetgeen al snel wordt gevolgd door het huwelijksaanzoek en het katholieke doopritueel, met daartussen een aantal gedichten. Hierop volgt een verzameling van 110 genoeglijke raadsels en 41 minneraadsels, en het geheel wordt afgesloten met vier korte minnebrieven en een lied. De raadsels beslaan ongeveer de helft van het 72 pagina’s tellende boekje.

Er zijn maar vijf exemplaren van Den hof der liefde bewaard gebleven, waaronder een druk uit 1728 in de Koninklijke Bibliotheek te Den Haag, en een druk uit 1738 in de Universiteitsbibliotheek van Gent. De veilingcatalogus van de Gentse uitgeverij Gimblet uit 1806 vermeldt nog een voorraad van 527 exemplaren.

Lappendeken

Een originele handleiding voor de vrijerij is Den hof der liefde niet, want het boekje is een complexe lappendeken van oudere teksten uit voornamelijk de 16e en 17e eeuw. De belangrijkste bronnen zijn enerzijds Le jardin d’amour, où il est enseigné la methode & addresse, pour bien entretenir une maistresse, een boekje voor de populaire markt, waarvan de oudst bekende druk uit 1671 is, en anderzijds de Nederlandstalige bewerking van Ovidius’ De arte amandi door Andries Nuts, De conste der minnen, waarvan de approbatie dateert van 29 augustus 1587.

Lees verder >>

‘De verkeerde vrees’ (1782)

Jeugdverhalen over joden (42)

Door Ewoud Sanders

‘De verkeerde vrees’ (1782)
Auteur: Hieronymus van Alphen (1746-1803)

Keesje zag eens Joden loopen,
Om wat ouds! wat ouds! te koopen;
Hij werd bang, ja bleek van schrik;
Hij kroop weg, en ging aan ’t huilen.
Pietje spotte met dat schuilen;
En zei lagchend: doe als ik!

Kees zei: zoudt gij niet ontstellen,
Als gij hun eens aan zaagt bellen?
Neen ik tog, zei Pietje toen:
Waarom zou ik altoos vreezen?
Men behoeft slegts bang te weezen,
Als men voorneemt kwaad te doen.

Herkomst en drukgeschiedenis

De Utrechtse advocaat Hieronymus van Alphen debuteerde als kinderdichter in 1778 met de bundel Proeve van Kleine Gedigten voor Kinderen. Hij was op dat moment zonder emplooi. Zijn vrouw was overleden en hij schreef de gedichten in eerste instantie voor zijn drie zoons: Jan (5), Daniël (4) en Hieronymus (3). De eerste druk verscheen zonder auteursnaam. ‘De maker weet zeer wel, dat hij, als digter, daar door zeer weinig roem behalen kan, maar dat was ook zijn oogmerk niet’, zo vermeldt het beknopte voorwoord.

Lees verder >>

Het Volmaakte Kind (1798)

Jeugdverhalen over joden (41)

Door Ewoud Sanders

Het Volmaakte Kind (1798)
Auteur: Johannes Henricus Nieuwold (1737-1812)

Herkomst en drukgeschiedenis

Portret van Johannes Henricus Nieuwold, gemaakt door Walraad Nieuwhoff en gedrukt door G.J.A. Beyerinck. Bron: Rijksmuseum.

Johannes Henricus Nieuwold staat bekend als de Nederlandse Pestalozzi. Net als deze Zwitserse pedagoog was hij een onderwijshervormer.

         Nieuwold begon zijn loopbaan in 1764 als predikant in Gelderland. Twee jaar later werd hij beroepen door de gemeenten Warraga, Warfriens en Wartena in Friesland. ‘Daar in zijne gemeente de dweeperij en onkunde ten top was geklommen, begon hij zich aan de verbetering van het onderwijs te wijden’, aldus A.J. van der Aa in 1868 in zijn Biographisch woordenboek der Nederlanden.

         Vanaf 1775 schreef Nieuwold kinderboeken. ‘Zij zijn zeer menigvuldig’, aldus Van der Aa, ‘en toonen alle duidelijk zijne groote kinderkennis aan en zuivere begrippen omtrent alles wat de kinderen noodig en nuttig is. Zijne eerste werkjes waren allerlei kleine boekjes, losse bladen, raadgevingen, schrijflijsten enz. welke moesten dienen om de kinderen op eene gemakkelijke wijze, zonder het langwijlige spellen, het lezen te leeren.’

Lees verder >>

Vegatariër, stadsdokter, patriot

Door Marc van Oostendorp

De titel van het nieuwe boek van de Bossche patriottenkenner Jacques Baartmans is sober: Pieter van Schelle (1749-1792). Veelzijdig en verlicht. Hij dekt wel precies de inhoud, en wat voor inhoud!

Er zijn mensen wiens leven je ook 250 jaar na dato nog inspireren. Pieter van Schelle was zo iemand: een man die zo’n beetje alle dingen die zijn tijd interessant maakte heeft meegemaakt, iemand die tenminste niet stil zat. Een man daarbij meestal de juiste keuze maakte en daarmee soms nog voorop liep ook: een heel vroege voorvechter van het vegetarisme, stadsdokter van Leiden, dichter, overtuigd patriot en uiteindelijk expat en drijvende figuur achter een Nederlandstalige uitgeverij in Duinkerken.

Baartmans heeft allerlei interessante details over Van Schelle naar boven gebracht. Zo geeft hij een uitvoerige bespreking van diens proefschrift dat een betoog was waarom de mens van nature geen vleeseter was. Een interessant argument daarbij was dat mensapen ook geen vlees eten (althans, dat dacht Van Schelle). Er is daarom wel gedacht dat Van Schelle een soort predarwinist zou zijn geweest, maar Baartmans laat overtuigend zien dat dit niet het geval was: Van Schelle wees naar de in zijn tijd bekende overeenkomsten in anatomie tussen mensapen en mensen zonder iets over de evolutie te zeggen. Aan de andere kant laat Baartmans zien dat Van Schelle ten onrechte vergeten is in een recente geschiedsschijving van het vegetarisme in Nederland, omdat hij wel degelijk een pionier was.

Lees verder >>

Call for papers – Congres Werkgroep ‘De Moderne Tijd’ – Doelenzaal (UBA) Amsterdam, 20 december 2019

Rampzalig Nederland
De omgang met rampen in Nederland, 1780-1940

(Let op: gewijzigde datum: 20 december 2019)

Door de opwarming van de aarde en de toenemende dreiging van klimaatrampen heeft het historisch onderzoek naar rampen en rampverwerking een hoge vlucht genomen. Het besef is doorgedrongen dat overstromingen, aardbevingen, hittegolven, droogtes, en de gevolgen daarvan (hongersnoden, epidemieën, insectenplagen etc.) een grote en vaak blijvende invloed hebben gehad op de ontwikkeling van lokale en nationale gemeenschappen.

Pieter Gerardus van Os, De buskruitramp te Leiden, 12 januari 1807, ca. 1807. Rijksmuseum

  Lees verder >>

Snowy view of Holland

Door Christopher Joby

Although the primary reason for the Dutch going to Japan from around 1600 onwards was to trade, they often brought gifts with them in order to endear themselves to local rulers including the shogun. Among the gifts they presented to Japanese were telescopes, clocks and peep-boxes. Peep-boxes were devices into which the viewer could peer and see different views that were on cards inserted in the box. Of particular interest is the fact that the pictures on the cards often gave the viewer a sense of the depth of a scene. This was a result of the use of single-point perspective, to which the Japanese were introduced in works of art imported by the Dutch (although earlier arrivals such as the Portuguese probably also brought such paintings to Japan).

In the late eighteenth century, there was a particular craze for all things Dutch including these peep-boxes. The above picture was used in such a device. In the Japanese inscription in the right-hand margin one can read Oranda yukimi no zu in kanji with a katakana gloss. Oranda, in fact derived from the Portuguese word for the country came to stand not just for Holland, but for things foreign in general.

The text means ‘Snowy View of Holland’. One can perhaps see a little snow in the picture, but it seems to owe more to somewhere in East or South-East Asia rather than the Low Countries.

Deze blogpost verscheen eerder bij The History of Dutch.

Bespottelijke vrouwen en de boerse Nederlandse taal

Door Marc van Oostendorp

Portret van W.F.G. Verhoeven in 1790 geschilderd door H.J. van den Nieuwenhuyzen (Stadsmuseum Mechelen). Bron: DBNL.

Dat samenlevingen soms overstappen op een andere taal, is bekend. Dat de meeste mensen dat een ongunstige ontwikkeling vinden eveneens. In zo’n geval rijst natuurlijk al snel de vraag: wiens schuld is dat eigenlijk? In de loop van de geschiedenis blijkt het antwoord daarop vaak  te zijn geweest: van de vrouwen. Ik ben de laatste tijd wat voorbeelden aan het verzamelen uit de Nederlandse literatuur.

Neem bijvoorbeeld de Oordeelkundige Verhandelingen op de noodzaekelijkheijd van het behouden der Nederduijtsche taele, en de noodige hervormingen in de scholen etc (1780) van de Mechelse lakenkoopman Willem Frans Gommaar Verhoeven (1738-1809), die zich in felle woorden tegen de ‘verfransching’ verzette en daarmee een voorloper werd van de politieke strijd voor het Nederlands die decennia na Verhoevens schotschrift pas echt zou losbarsten.

Volgens Verhoeven was die verandering te wijten aan vrouwen:

Hoe dikwijls hoort men die bespottelijke vrouwen niet zeggen dat er iets hards, plomps en boersch in de Nederlandsche taele is, dat de Franse zonder de ooren te stooren alles met eene zekere aengenaemheijd uijtdrukt; dat die taele voor de schoone kunne schijnt gemaekt te zijn, dat zij den grondhertogen tolk is van de minnarijen; en dat zij liever drij dagen met eenen Franschman door brengen als een uur met den welspreekendsten Nederlander.

Lees verder >>

21- 22 februari 2019, Nijmegen: Conference Foreign Eyes on the Republic

European Perspectives on the Republic and the Dutch in the Long Eighteenth Century
21 – 22 February 2019
Radboud University Nijmegen

Please register on www.foreigneyes.nl

What images did the Dutch evoke during the long eighteenth century? By examining both the international importance of the Republic as well as the development and dissemination of European stereotypes about the Dutch, such as cleanliness or frugality, this conference aims to overlap and juxtapose a plethora of perspectives on the eighteenth-century Northern Netherlands.

Keynotes by Joep Leerssen and Gerrit Verhoeven Lees verder >>

Volkswoede, volksopvoeding, bouwen en breken in de 18e eeuw

Nieuw nummer Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman

Het onlangs verschenen, nieuwe nummer van de Mededelingen opent met Ton Jongenelens artikel over de doelistenopstand van 1748 en daarin botsen de nette burgers met het woedende ‘gemeen’. Bijna iedereen lijkt in die dagen een ‘geel hesje’ te dragen. Jongenelen laat zien dat de ‘doelisten’ veel meer bereikten dan lange tijd is aangenomen. In de pamflettenstrijd mengden zich heel wat dichters, onder andere de Amsterdamse herbergier-journalist Hermanus van den Burg. Van den Burg, die zijn faam vooral dankt aan de levenslange bestrijding door Weyerman, staat centraal in het artikel van de Amerikaanse neerlandicus Ton Broos. In andere artikelen gaat het over ABC-boeken voor de jeugd (Frits Booy), een Amsterdamse bouwer van kerken en dijken (Sytze van der Veen) en de politicus Joan Melchior Kemper (Jan Postma). Daarnaast biedt het nieuwe nummer de vaste rubrieken over mode en keuken (atjar en curry in de achttiende eeuw), recensies en korte beschouwingen (over Beeccaria en pruikendragers). Wie lid wordt van de Stichting Jacob Campo Weyerman (€ 30,- per jaar) verzekert zich van twee nummers van de Mededelingen (omstreeks 200 bladzijden). Aanmelden kan per mail: post@wyerman.nl

22 februari 2019, Leiden: symposium Vereniging ‘Het Bilderdijk-Museum’

Spelen, leven, sterven. Bilderdijk en het gezinsleven

PROGRAMMA

14.00:  Opening door Gert-Jan Johannes

14.05: Eveline Koolhaas-Grosfeld: Jacob de Vos Wzn en Willem Bilderdijk. Twee vroege ‘striptekenaars’ over hun kinderen’

14.30: Gert-Jan Johannes: ‘En hier vliegt hy, om de klucht…’ Bilderdijk als pionier van de luchtreis per vlieger Lees verder >>

Uitslag van de Worm-en-donder-kerstquiz

Door Roland de Bonth

Vlak voor Kerstmis verscheen op Neerlandistiek de Worm-en-donder-kerstquiz (zie hier). Omdat zondag 6 januari 2019 de laatste mogelijkheid was om de gevraagde zin op te sturen, is het nu tijd om zowel de oplossing als de uitslag bekend te maken.

Allereerst de oplossing. Hieronder staan de 32 titels uit de opgave, gevolgd door de voor- en achternaam van de schrijver. Vetgedrukt zijn de woorden die in het raster doorgestreept moesten worden. Wanneer dat correct is gedaan, vormen de overgebleven letters de volgende zin: ‘’Wij juigchen blijmoedig in den adel der menschlijke natuur’’, uitgesproken door de remonstrantse predikant Paulus van Hemert (1756-1825) in zijn Redevoering over het verhevene. Het citaat is te vinden op bladzijde 633 van Worm en donder (2013) van Inger Leemans & Gert-Jan Johannes. Lees verder >>

De Worm-en-donder-kerstquiz

Door Roland de Bonth

Na de kerstactie, het kerstgala en het kerstontbijt begint vandaag voor alle docenten in het voortgezet onderwijs – en ook voor heel veel andere neerlandici – een tweeweekse kerstvakantie. Een tijd van bezinning maar ook een periode om eindelijk Worm en donder van kaft tot kaft te lezen, het door Inger Leemans en Gert-Jan Johannes geschreven deel uit de reeks Geschiedenis van de Nederlandse literatuur dat de literatuur van de achttiende-eeuwse Republiek behandelt.

Op basis van de in dit boek besproken (literaire) werken en hun scheppers heb ik – met behulp van een gratis online programma – een woordzoeker gegenereerd. In het onderstaande raster moet u op zoek gaan naar de achternamen van 32 auteurs; zij komen allen voor in Worm en donder. Let op, het gaat hier om de achternaam zónder eventuele voorvoegsels (dus niet Van Alphen maar Alphen). Deze namen kunnen zowel horizontaal, verticaal, diagonaal als andersom zijn verwerkt. Lees verder >>

Vlogboek – Imaginaire reisverhalen in de 18e eeuw

In deze video bespreekt Jörgen het imaginaire reisverhaal, een genre dat in de 18e eeuw is ontstaan. Verhalen waarin het verlichtingsdenken centraal staat. Van filosofische robinsonades tot maatschappijkritische boeken vol apen.

Geciteerde boeken:
Hendrik Smeeks – Beschrijvinge van het magtig Koninkryk Krinke Kesmes
J.A. Schasz M.D. – Reize door het Aapenland
Betje Wolff – Holland in het jaar 2440
Gerrit Paape – De Bataafsche Republiek

Andere genoemde werken van Nederlandse auteurs:
Anoniem – Reis van Sint Brandaan
Het journaal van Bontekoe
Wouter Schouten – De Oost-Indische voyagie
Gerrit de Veer – Nova Zembla
J.A. Schasz M.D. – Het land der willekeurigen
J.A. Schasz M.D. – Reize door Dirk Denker…
Alexander Benjamin Fardon – Het toekomend jaar 2630
Arend Fokke Simonsz – Het toekomend jaar drieduizend

Meer lezen / bronnen:
Inger Leemans & Gert-Jan Johannes (2017), Worm en donder, Uitgeverij Bert Bakker Amsterdam.
Karel Bostoen (ed.) (2001), Verhalen over verre landen, Amsterdam University Press.
Marijke Barend-van Haeften (1993), Wouter Schouten publiceert zijn Oost-Indische voyagie, in: Nederlandse Literatuur, een geschiedenis, Groningen: Nijhoff.