Dapper roepen maar niets lezen

Over het Verkavelingsvlaams

Het komt niet vaak voor dat een academisch boek over taal onmiddellijk tot discussie in de krant leidt, maar de Antwerpse taalkundigen Kevin Absillis, Jürgen Jaspers en Sarah Van Hoof is het gelukt met hun boek De manke usurpator. Over Verkavelingsvlaams, dat donderdag verscheen.

De Vlaamse kranten stonden er vol van. Allerlei schrijvers bemoeiden zich ermee: Geert van Istendael, Dimitri Verhulst en Stefan Hertmans. De schrijvers stelden zich stuk voor stuk op als hoeders van de cultuur tegen die verderfelijke academici. Maar geen van hen geeft er blijk van ook maar een blik in het door hen zo verfoeide boek geworpen te hebben.
Lees verder >>

Klassiek

Een gedicht dat voor je ogen klassiek wordt. Ik kwam het tegen op de poëziekalender van Meulenhoff en kocht meteen het recente nummer van Het Liegend Konijn dat als bron werd vermeld. Het bevatte tien gedichten van een dichter die – blijkbaar – in 2003 zijn laatste bundel had gepubliceerd. Op zijn naam was ik wel eens gestuit in bloemlezingen, maar die paar losse gedichten hadden nooit veel indruk op me gemaakt. Dat deed dat ene gedicht nu wel – dat ene gedicht dat de samenstellers van de kalender uit een tijdschrifthadden geplukt. Gelijk hadden ze, vond ik, en ook de negen andere gedichten in Het Liegend Konijn waren niet mis.

Lees verder >>

Vacature PhD-kandidaat Narrative Health Communication

Er is momenteel een vacature voor een PhD-kandidaat op het thema “Narrative Health Communication”. De PhD maakt deel uit van het NWO-Begrijpelijke Taal project Prevention and Health Regulation Behaviour by Understandable Personal Narratives.

Zie www.ru.nl/letteren/actueel/vacatures/specifiek/vacature?recid=519554

Het project zal in de context van het Nijmeegse Centre for Language Studies worden uitgevoerd in samenwerking met maatschappelijke partner 365 (voorheen o.a. ArboNed). Sluitingsdatum: 13 september 2012.

Meertaligheid: risico of rijkdom?

door Suzanne Aalberse
Deze week kwam meertaligheid vaak langs. D66 bepleit tweetalig onderwijs voor de basisschool en ook op het VMBO en het MBO in plaats van alleen voor havo/vwo scholen, Emile Roemer wordt tijdens het eerste debat aangevallen om zijn gebrekkige talenkennis, talen zouden juist weer geen probleem zijn geweest voor de piloten uit het Airbus-passagiersvliegtuig uit het Spaanse Malaga. Die beheersen hun talen uitstekend werd gemeld op het journaal. Bovendien wordt er druk getweet over het drongo-festival, het festival over meertaligeheid genoemd naar de meertalige vogel, de drongo.

Is meertalig zijn leuk?

Lees verder >>

Hetzelfde anders zeggen

Je kunt nooit het ene woord straffeloos vervangen door het andere. Zelfs wanneer ze precies hetzelfde betekenen – fiets en rijwiel –, zijn er nog verschillen: het een is deftiger, of platter, of dichterlijker, of ouderwetser, dan het ander. Zodra twee vormen samen dreigen te vallen, gaan mensen ze verschillende connotaties geven, of een van de twee reserveren voor bijzondere omstandigheden.

Dat geldt niet alleen voor woorden, maar ook voor uitspraakvormen, zinsconstructies en alles wat we hebben in taal. Je kunt nooit ongestraft de een voor de ander uitwisselen. (Al zijn er een paar voorbeelden te bedenken waar het heel moeilijk is om te zien wat het verschil is: Ik denk dat hij mij gezien heeft tegenover Ik denk dat hij mij heeft gezien. Daar was vroeger nog wel een regionaal verschil tussen, maar tegenwoordig lijkt de keuze volgens sommig onderzoek volkomen willekeurig.)

Lees verder >>

De perfecte uitspraak van de r

Met de uitspraak van de Nederlandse r is al een tijdlang van alles aan de hand. Er moet een periode zijn geweest dat alle Nederlandstaligen hem op dezelfde manier uitspraken – zeer waarschijnlijk met een rollende tongpunt, zoals bijvoorbeeld nu in het Spaans nog algemeen is. Maar in de loop van de tijd verandert daar van alles aan: je krijgt de zogenoemde Kinderen-voor-Kinderen-r waarbij de tong zich oprolt, en de schraap-r, en de r waarbij de huig trilt in plaats van de tong, en niet te vergeten: een r aan het eind van het woord die je bijna niet meer hoort (niet mee hoot).

Maar wanneer is dat precies gebeurd? Dat is soms moeilijk te achterhalen.

Lees verder >>

Het einde van de poëzie

Sinds Nel Benschop zeven jaar geleden overleed, is de poëzie verdwenen uit de alledaagse taal.  Dertig jaar geleden vlogen haar bundels en die van Toon Hermans nog de winkels uit. Ik heb niet de indruk dat ze zijn opgevolgd door andere succesdichters. Iemand als Jean-Pierre Rawie is bij hen vergeleken een sappelaar.

Bekende Nederlanders maken weleens een schilderijtje of schrijven een kinderboek; sommigen schrijven zelfs een roman; maar zijn er nog die ‘versjes’ maken?

Of, om de vraag op een andere manier te benaderen: wanneer is voor het laatst een versregel tot het algemeen taalgebruik gaan behoren sinds je hebt iemand nodig, stil en oprecht?
Lees verder >>

Congres van de Werkgroep De Negentiende Eeuw 2012, 14 december 2012 te Amsterdam

De achttiende eeuw in de negentiende eeuw

14 december 2012
Universiteitsbibliotheek Amsterdam, Doelenzaal
Singel 425, 1012 WP Amsterdam

De negentiende eeuw wordt regelmatig in relatie tot de zeventiende of twintigste eeuw beschouwd, maar de weerklank van achttiende-eeuwse denkbeelden in de negentiende eeuw is nauwelijks onderwerp van onderzoek geweest. Is er sprake van continuïteit, een revival of juist een breuk tussen achttiende- en negentiende-eeuwse denkbeelden, opvattingen en kunstuitingen? Dit thema biedt interessante invalshoeken vanuit verschillende cultuurhistorische disciplines.
Lees verder >>

Vacature: Wissenschaftliche Mitarbeiter/in für Niederlandistik / Literaturwissenschaft

Am Institut für Niederlandistik der Philosophischen Fakultät der Universität zu Köln ist
zum 01.03.2013 die Stelle einer/eines

Wissenschaftlichen Mitarbeiters/in 
für Niederlandistik / Literaturwissenschaft 
(E 13 TV-L, Vollzeit, z. Zt. 39,83 Wochenstunden, ggf. Aufteilung  in zwei Teilzeitstellen im Umfang von 19,92 Wochenstunden)  

für ein (zunächst) auf drei Jahre befristetes Beschäftigungsverhältnis zu besetzen.
Lees verder >>

Ziet Elsje nu eens d’uyers trekken

De ‘eerste Nederlandse opera’ als vrolijke verkleedpartij

Als ik u was, dan wist ik het wel: dan ging ik vanavond naar De triomerende min, de opera uit 1678 die op het Festival Oude Muziek in Utrecht in premiere gaat. Ik zag gisterenavond de try-out en had een prachtige avond.

Vanaf het begin heeft de Nederlander zijn identiteit altijd gemodelleerd op voorbeelden van elders; zoals nu de politici die het meest hameren op hun trots op de Nederlandse cultuur dat doen in een stijl die ze uit Amerika lenen.

De triomferende min is er een goed voorbeeld van. Het stuk kijkt terug op het ‘rampjaar’ van zes jaar eerder, toen Nederland van vier kanten tegelijk werd aangevallen en vooral tegen Lodewijk XIV geen verweer leek te hebben. De nadruk ligt in het oorspronkelijke stuk op het vieren van de vrede die ondanks alles toch gekomen is.

Lees verder >>

Het Nederlands uit Turkije

De beroemde schrijver en piloot Adriaan Viruly vertelde toen hij al heel oud was eens hoe hij zo lenig van geest bleef: door dagelijks de kranten te lezen. Alleen de artikelen over luchtvaart sloeg hij over. ‘Want daar klopt nooit iets van.’

Zo kan een onderzoeker geen wetenschapskatern doornemen. U heeft het vast ook gelezen: deze week werd alom bericht over de geografische oorsprong van onze Indo-Europese voorouders. Hoe zit dat in elkaar?

Lees verder >>

Call: Literaire historiografie / literaire biografie

Callforcontributionsvoor een themanummer van
Werkwinkel: Tijdschrift voor Nederlandse en Zuid-Afrikaanse Studies
Het overlijden van John Kannemeyer, de Zuid-Afrikaanse literatuurhistoricus en biograaf, maar tevens ook neerlandicus, markeert een belangrijke grens tussen wat was en wat komen zal in de Afrikaanse literaire historiografie. Zijn bijdrage tot de literatuurgeschiedenis en literaire biografistiek was enorm en dit oeuvre wordt dan ook met een welluidend slotakkoord afgesloten: de levensbeschrijving van de Nobelprijswinnaar J.M. Coetzee gaat momenteel in de Afrikaanse en Engelse versie ter perse. Hierdoor strekt dit heengaan veel verder dan alleen binnen de Afrikaanse literaire geschiedschrijving waar Kannemeyers dood in elk geval een waterscheiding betekent.
Dit stemde de redactie van Werkwinkeltot nadenken over de relevantie van de algemene strekkingen en het belang van individuele bijdragen binnen het vak. Het gevolg is dat we graag het initiatief nemen om een themanummer samen te stellen dat aan de literaire historiografie en biografistiek gewijd zal zijn.
Lees verder >>

Klankencyclopedie van het Nederlands (9): de [t]

[t] Vlak achter de boventanden loopt een richeltje. Je kunt het makkelijk voelen met je tong: het verhemelte loopt heel even min of meer gelijkvloers voor het snel omhoog gaat. De [t] maak je door met je tongpunt op dat richeltje de luchtstroom even af te sluiten voor je het met een plofje loslaat.

De [t] is in één opzicht de minst bijzondere medeklinker van het Nederlands: het lijkt erop dat het dé medeklinker is die alle talen op de wereld hebben. Sommige talen maken geen verschil tussen een [k] en een [t] – het Hawaïaans is er mogelijk een voorbeeld van – maar ook in die talen klinkt de compromisklank tussen [k] en [t] in wel degelijk [t]-achtig.

Tegelijk is de [t] in sommige opzichten juist heel bijzonder.

Lees verder >>

Laatste gedicht (4)

Iets oproepen, ‘aanwezig stellen’, wat er niet is. Een gebergte bijvoorbeeld, of iets anders waarover niet te spreken valt. Het is, sinds Mallarmé, meer dan een topos in de moderne poëzie. Voor nogal wat lezers en dichters is het de bestaansreden voor de moderne poëzie zelf. We hebben het afgeleerd om te spreken over door God of de Natuur gegeven essenties, maar de moderne poëzie heeft er een – een dubbele zelfs: haar essentie is het om te bewegen, te cirkelen rond een essentie die onkenbaar is. Ghyssaert (zie hierof hieronder) brengt ons niet voor niets in religieuze contreien: het is het Heilige der Heiligen dat gevuld is met Jahweh en dat de gelovigen niet mogen aanschouwen; de leegte wordt opgevuld met brandoffers en riten. Het lichaam van Christus wordt aanwezig gesteld in drank, toverspreuken en etenswaren; we mummelen mee en happen toe. Vissen op het droge.

De moderne poëzie, wil ik maar zeggen, wortelt in een traditie. Lees verder >>

Waarom spreken Vlamingen beter Nederlands?

Door Marc van Oostendorp

Hoe komt het dat ze in Vlaanderen zo goed Nederlands spreken, zelfs beter dan Nederlanders? Die vraag wordt me af en toe gesteld. Hij is moeilijk te beantwoorden omdat hij uitgaat van een premisse die op zichzelf al onbewezen is: dat Vlamingen inderdaad beter Nederlands spreken.

 
Dat is desalniettemin inmiddels een wijdverspreid geloof onder Nederlanders. Probeer het maar: zeg het tijdens een feestje op een geëigend moment in een groepje, en iedereen zal beginnen te knikken en voorbeelden te geven waaruit het zou moeten blijken (‘Ze winnen altijd het groot dictee’, ‘ze zeggen geen centrifuge maar droogzwierder’) en die allemaal een beetje dubieus zijn.
 

Call for papers: New ways of analyzing syntactic variation

An interdisciplinary workshop on understanding and explaining syntactic variation
Hosted by the Radboud University Nijmegen, November 15-17, 2012
Plenary speakers
Joan Bresnan (Stanford University)
Adele Goldberg (Princeton University)
Sali Tagliamonte (University of Toronto)
Antal van den Bosch (Radboud University Nijmegen)
Workshop goal
Syntactic variation concerns the alternation between constructional alternatives such as He gave the boy the book and He gave the book to the boy. Syntactic variation research investigates the factors which determine why one of these alternatives is preferred over the other in specific linguistic and situational contexts.

Lees verder >>

Het Rijks

Ik vermoed dat het Rijksmuseum wel op wat tumult had gehoopt bij de onthulling van het nieuwe logo. Dat ontstond dan ook meteen op Twitter en op enkele gespecialiseerde websites: er stond een spatie in dat logo!

Als medewerker van het roemruchte Meertens Instituut kan ik natuurlijk niets zinnigs over deze materie zeggen. Het gaat mij echter om iets anders: de motivatie die de logo-ontwerpster (Irma Boom) voor het beetje wit gaf:
Lees verder >>

P(l)akkende Spelen!

De Olympische Spelen zitten er nu echt helemaal op. Onze (om maar even in Mart Smeets’ jargon -“WIJ hebben goud!”- te spreken) medaillewinnaars zijn eerst gehuldigd in Den Bosch, daarna door de premier in Den Haag en de afgelopen week nogmaals in hun woon-of geboorteplaats. Zo werden Marianne Vos in van Wijk en Aalburg, Epke Zonderland in Heerenveen en Ranomi Kromowidjojo in Sauwerd toegejuicht door een uitzinnige menigte die dolgelukkig was dat ze na het mislukte EK voetbal alsnog de klomp op haar hoofd, het oranje brulshirt om het lichaam en de wuppies op de schouder kon dragen. De atleten fietsen inmiddels alweer hun trainingsrondjes, zwemmen hun baantjes en zwiepen om een rekstok, of ze genieten van een welverdiende vakantie.
Wat mij opviel in alle verslaggeving rondom de Spelen is dat ik steeds vaker het woord ‘plak’ in plaats van ‘medaille’ hoorde in journaals, op de radio en in talkshows. Waarom zou dat zo zijn?
Lees verder >>

Mario, Giuseppe of zoiets

De Italiaan in Nederlandse populaire muziek

Wanneer je niet bekend was dat het Italiaans “een taal [is] van zon, van bloemen en azuur / de taal van wijn, van liefde en avontuur”, dan ben je onvoldoende vertrouwd met het oeuvre van Willy Alberti of in het algemeen met het Nederlandse lied, want dat is doorspekt met Italië, Italiaans en Italianen en de daarmee samenhangende zon, wijn en amore.

Hier is een selectie, met YouTube-filmpjes, van Jan Jansz. Starter tot en met Marianne Weber.
Lees verder >>

Biografie (1)

Bertus Aafjes, Gerrit Achterberg, Hans Andreus, Jan Arends, Armando (i.v.), Anton Bergmann, J.C. Bloem (2x), Godfried Bomans (i.v.), Louis-Paul Boon (i.v.), F. Bordewijk, P.C. Boutens (i.v.), Menno ter Braak, Willem Brakman (i.v.), Raymond Brulez, Victor J. Brunclair (i.v.), Boudewijn Büch (i.v), Andreas Burnier (i.v.), Conrad Busken Huet, Cyriel Buysse, Jan Campert, J.B. Charles, Frans Coenen, Hendrik Conscience, Antoon Coolen, Louis Couperus, Jan Cremer

Lees verder >>

Boekpresentatie De manke usurpator: Over Verkavelingsvlaams

Op donderdag 30 augustus 2012 wordt in de marge van het achttiende Colloquium Neerlandicum van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek het boek De manke usurpator: over Verkavelingsvlaams voorgesteld. Iedereen is welkom om mee het glas te heffen om 12.30u in de hall van de Aula Rector Dhanis (Universiteit Antwerpen). Aanwezigen kunnen het boek aanschaffen tegen een eenmalige gunstprijs (25 euro i.p.v. 28 euro) en maken bovendien kans op een fotoshootmet de enige echte manke usurpator (www.demankeusurpator.wordpress.com).

Over het boek
Meer dan twintig jaar geleden waarschuwde Geert van Istendael de zuidelijke Nederlanden voor een geheimzinnige “manke usurpator” die zowel de stan­daardtaal als de dialecten naar het leven stond. Hij doopte de indringer Verka­velingsvlaams. De spotnaam dook snel op in de nieuwsmedia, veroverde de schoolboeken en ging deel uitmaken van onze officiële woordenschat toen Van Dale het begrip van een lemma voorzag. Zelfs taalkundigen adopteerden de term als een stout synoniem voor wat ze doorgaans “tussentaal” noemen. Sinds­dien is het Verkavelingsvlaams omstandig betreurd, verketterd en bestreden. Toch heeft niets zijn opmars kunnen stoppen. Vandaag groeien kinderen in de noordelijke provincies van België meer dan ooit op in een taal die geen dialect (meer) is maar ook behoorlijk afwijkt van het Standaardnederlands.
Lees verder >>

Nieuw woord: bijwijnen

Woordenboekmakers nemen een woord pas op als het een aantal jaar in min of meer officiële media wordt aangetroffen. Dat is een begrijpelijke vuistregel – je kunt nu eenmaal niet iedere eendagsvlieg in zo’n woordenboek gaan plaatsen, maar er is daardoor in het Nederlands lang van alles onder de radar van de lexicografen gebleven dat nu pas naar boven komt.

Gisterenmiddag werd er een nieuw woord gemeld op meldpunttaal.nl en twee uur later hoorde ik het iemand zeggen op een terras. Dat kan geen toeval zijn:

Ik ga bij mijn vriend ook even bijwijnen Heeft als betekenis: een glaasje wijn drinken en bijpraten.

Lees verder >>

Overleden: Willem G. van Maanen (30 september 1920 – 17 augustus 2012)

De Nederlandse prozaschrijver Willem G. van Maanen is afgelopen vrijdag 17 augustus op 91-jarige leeftijd overleden. Dat meldt zijn uitgeverij, De Bezige Bij

Willem Gustaaf van Maanen werd geboren op 30 september 1920 in Kampen. Hij werkte als journalist bij de Amersfoortsche Courant en daarna voor verschillende omroepen bij de radio, waarvoor hij onder meer hoorspelen schreef. Verder omvat Van Maanens oeuvre naast diverse romans ook veel korte verhalen, en een toneelstuk over Etty Hillesum.

In 1953 debuteerde hij met de roman Droom is ’t leven. Voor zijn volgende roman, De Onrustzaaier, ontving hij in 1955 de Van der Hoogtprijs. Vele prijzen zouden nog volgen, waaronder de Constantijn Huygensprijs voor zijn gehele oeuvre in 2004. In 2007 verscheen zijn roman Heb lief en zie niet om, die kans maakte op de Libris Literatuur Prijs en de AKO Literatuurprijs. Zijn laatste werk is de verhalenbundel Bagatellen uit 2010.

In zijn werk speelden muziek, toneel, beeldende kunst en de oorlog een belangrijke rol. Van Maanen zat tijdens de Tweede Wereldoorlog in het verzet, waarover hij spaarzaam schreef en sprak.

De Bezige Bij zegt in Willem G. van Maanen “een dierbaar auteur, een bijzonder stilist en een moedig en verfijnd mens” te verliezen.