Themanummer Vooys: Oorlog

Er werd en wordt strijd geleverd om wat de literatuur vermag. Is zij een vlucht uit de werkelijkheid, of kan ze ingrijpen in de maatschappij? Voor het dertigjarig jubileum van Vooysschreven wij een essaywedstrijd uit. Deze strijd onder studenten uit Nederland en België werd op het persoonlijk vlak gevoerd: onze vraag was een ‘lof der letteren’ te schrijven waarin tot uiting kwam hoe literatuur de wereld op z’n kop kan zetten. De laatste slag werd geleverd op 1 juni, toen de jury, bestaande uit Bas Heijne, Marja Pruis en Wilbert Smulders, TabithaSpeelmanals winnares aanwees. Deze Vooys opent met haar essay.

Klankencyclopedie van het Nederlands (17): [h]

[h] De [h] maak je door je keel tijdens het uitademen een beetje dicht te knijpen, waardoor de lucht tegen de wand schuurt. Dat licht schurende geluid is de [h].

De [h] is lastig te horen, zeker na een klinker. Het betrekkelijk zachte geluid wordt gemakkelijk overstemd door andere klanken. Dat is de reden waarom hij in het Nederlands alleen gebruikt wordt voor een beklemtoonde klinker. Wanneer je een woord als aha ziet, weet je dat de tweede a beklemtoond is. Er zijn geen Nederlandse woorden die klinken als béhen, póher of luiher, en zulke woorden zullen ook niet zo gemakkelijk ontstaan.

Lees verder >>

Afscheid van e-mail, nostalgie om de faks

Ben ik nou echt de enige die nostalgische gevoelens heeft over de fax? Je hoort mensen wel hun weemoed uitspreken over de handgeschreven brief, en dat is natuurlijk ook terecht. Ah, dat moment dat je als tiener op je kamertje zat en beneden de brievenbus hoorde klepperen en zo snel mogelijk naar beneden stormde om te zien wat er gekomen was en of daar nog een brief bij zat van een meisje uit Beieren! De jeugd van tegenwoordig kent dat niet meer. Geen wonder dat ze voor galg en rad opgroeit.
Lees verder >>

Vacatures: postdoc- en promotie-plaatsen

4 Postdoctoral researchers and 4PhD positions, NWO-sponsored Horizon
project: ‘Knowledge and Culture’

The Netherlands Organization for Scientific Research (NWO) will be funding the Horizon research project ‘Knowledge and Culture’. This project will be carried out as a collaboration between the Leiden University Centre for Linguistics (LUCL), the Leiden University Centre for Arts in Society (LUCAS), the Meertens Institute (KNAW), and the University of Amsterdam (UvA). Prof. dr Johan Rooryck at the Leiden University Centre for Linguistics (LUCL) of the Faculty of Humanities at Leiden University will be coordinating the research project. For more information, please see the full description of the project at http://www.hum.leiden.edu/lucl/job-opportunities/vacancies-at-leiden-university.html

Lees verder >>

Anders maar éénders

Vanaand is die Nederlandse sanger Stef Bos, wat met ’n Afrikaanse vrou getroud is en ses maande van die jaar in Kaapstad woon (aan die voet van Tafelberg, toevallig in dieselfde straat as ek), te sien in die voorlaaste aflewering van die Nederlandse TV-reeks Dat is andere taal!

Op die Afrikaanse poësiewerf Versindaba vertel Bos van sy verhouding met Suid-Afrika en sy liefde vir taal: Vir Nederlands met sy mooi streeksvariëteite, waarin hy hom so persoonlik en met soveel gevoel kan uitdruk. En vir Afrikaans, wat hom die kans bied om sy “eigen taal tegen het licht te houden, het aan te vullen met nieuwe woorden en uitdrukkingen. Het is net alsof je weer verliefd wordt op je eigen vrouw en je jezelf weer realiseert hoe leuk zij eigenlijk is”. Aan Kaapstadmagazine sê hy: “Ik vind Afrikaans een intrigerende taal. Sowieso is het voor mij, als Nederlander in Vlaanderen en Zuid-Afrika erg bijzonder om te zien in hoeveel verschijningvormen mijn taal zich openbaart.”
Lees verder >>

De beste nieuwe taalregel van 2012

Het is wel duidelijk dat het Nederlands nog niet goed genoeg beregeld is. Tientallen inzendingen kwamen er binnen bij de redactie van Neder-L na onze oproep van vorige week om nieuwe kwesties te beregelen.

Nu vielen veel inzendingen al vrij snel af bijvoorbeeld omdat ze niet zozeer gloednieuwe taalproblemen signaleerden (een uitdrukkelijke voorwaarde voor deelname aan deze wedstrijd), als wel oude kwesties opnieuw of voorgoed of anders wilden regelen. Toch waren er nog vele mooie nieuwe regels bij. Uiteindelijk kwam de jury tot een shortlist van drie regels die zo aan de handboeken kunnen worden toegevoegd:
Lees verder >>

Elisabeth Eybers’ persoonlijke boekerij in Zuid-Afrikahuis bewaard


Nieuwe website geeft inzage in Eybers’ boekenbezit

Op zaterdag 13 oktober werd in het Zuid-Afrikahuis in Amsterdam de Elisabeth Eybers-kamer officieel geopend. Ook werd er een website gelanceerd waarop de catalogus van Eybers’ persoonlijke boekenverzameling, die in de Eybers-kamer wordt bewaard, geraadpleegd kan worden.
Elisabeth Eybers (Klerksdorp, ZA, 26 februari 1915-Amsterdam, 1 december 2007) was in haar eigen land al een bekende dichteres, toen ze zich in 1961 in Nederland vestigde. Toen zij in 1936 debuteerde, was de Afrikaanstalige literatuur nog maar een paar dekaden oud en haar boek, Belydenis in die skemering, was de eerste dichtbundel geschreven door een vrouw, die in deze taal verscheen. In 1943 zou zij ook de eerste vrouw zijn aan wie de prestigieuze Hertzog-prijs werd toegekend, de belangrijkste literaire prijs voor Afrikaanstalige literatuur.

Lees verder >>

Ze hebben me gedumt

Er stond onlangs weer een interessante melding op Meldpunt Taal (10 oktober 2012, 10:29):

‘Zij heeft mij gedumt’ als ondertiteling bij gesproken “She dumped me”. Interessant, daar men dit meestal wel als zodanig hoort, maar in de context interpreteert als behorend tot dumpen en dan gedumpt schrijft.

 Het is niet moeilijk om andere voorbeelden van gedumt te vinden, of van gedumd, al komt die laatste vorm veel minder voor (85.500 tegenover 10.900 keer op Google). Het is mogelijk voor de twee belangrijkste betekenissen (het uitmaken met een geliefde, het lozen van afval):
Lees verder >>

Brommers kieken

Rond 1970 kon een Drentse jongen aan een meisje dat hij leuk vond voorstellen  Gaoi even met mien brommer bekieken? “Nee, natuurlijk dacht hij dan niet dat het meisje een fervent TT-bezoekster was” schrijft Jan Germs in zijn boekje Ik heb een neefje doodgeslagen, “of zelfs maar belangstelling had voor zijn brommer.”

Jan Germs is van 1954, dus hij was zelf in 1970 van de brommerkieken-leeftijd. Het is niet helemaal duidelijk of die uitdrukking door meer Drenten werd gebruikt dan alleen door Germs en misschien zijn klasgenoten, maar hij werkt er al een paar jaar aan om de uitdrukking algemeen ingang te doen vinden: hij schreef hem al op in een boekje toen de Ronde van Spanje in 2009 in Assen van start ging, hij gebruikte hem al een aantal keer in het tv-progrmma van RTV-Drenthe Jasbuus vol Drents en doet nu dus ook weer een oproep in het nieuwe boekje:
Lees verder >>

Dom genoeg

Hoe maak je bijwoorden in het Nederlands? Meestal kun je domweg het bijvoeglijk naamwoord nemen (ik schrijf langzaam) waar je in andere talen een achtervoegsel moet gebruiken (I write slowly, Scrivo lentamente).  Toch hebben we wel een paar van die achtervoegsels: -erwijs (ongelukkigerwijs) bijvoorbeeld, en –elings (blindelings), –elijk (recentelijk) en –weg (simpelweg).

Ariane Diepeveen schrijft erover in haar recente proefschrift, waarin ze een heel gedegen en lezenswaardig overzicht geeft van de geschiedenis van de verschillende achtervoegsels, van hun moderne gebruiksmogelijkheden en dergelijke.

Ze gaat niet heel diep in op mijn favoriet.
Lees verder >>

Oppassen met die Vlamingen

Voor onnozele clichés over taal kun je in Nederland het best bij de Volkskrant zijn. Er is echt geen enkel ander medium in ons land waar gebrek aan inzicht in taal de eerste voorwaarde lijkt te zijn om toe te treden tot de redactie. Ik geloof niet dat ik in de afgelopen twintig jaar ooit één verstandig woord over taal in die krant gelezen heb.

De krant waar de taalwetenschap wordt overgelaten aan de redactrice die ook mode doet en de taalcolumn aan de man die lollige stukjes schrijft over tv, heeft sinds enige tijd ook een ‘redactieblog‘ waar de redactie ingaat op fouten in de krant. Vaak zijn dat taalfouten, of wat de redactie van de Volkskrant als ‘taafouten’ beschouwt.

Deze week was het weer raak.
Lees verder >>

Streekroman

 
Een patriarch van rags to riches. Een beeldschone dochter die haar vader veel verdriet doet. Criminele zoon. Onechte kinderen.

Een dubbele herkenningsscène zet alles in gang. Hoofdstuk één, hoofdstuk twee. Beeldschone dochter in de boze buitenwereld die natuurlijke waarden perverteert. De eigen, veilige omgeving wordt bedreigd door donder en bliksem – heette dat niet sympatisch onweer? Of sympathetisch onweer? Onweer in het zwerk, crisis bij de stervelingen onder het zwerk.

Lees verder >>

Klankencyclopedie van het Nederlands (16): [z]

 [z] De [z] maak je op vrijwel dezelfde manier als de [s]: met het puntje van de tong omhoog vernauw je de holte waar de lucht uit longen doorheen stroomt. De lucht gaat daardoor wervelen. Het verschil tussen [s] en [z] is dat je bij het maken van de laatste klank ook je stembanden nog laat trillen – dat kun je makkelijk controleren door ssss….zzzzz…..ssss…..zzzz te zeggen en daarbij je vingers op je adamsappel te leggen. Bij de zzzz voel je een getril dat je niet voelt tijdens de ssss.

De [s] en de [z] zijn een bijzonder paar.
Lees verder >>

‘Want alles, oock het minste kruit, het boesemt al Gods wonders uit.’

De gedichten van VOC-chirurgijn Wouter Schouten


door Janine Eleveld

Voor het eerst zijn ze in druk verschenen: de retorisch sterke gedichten van Wouter Schouten, die actief was als VOC-chirurgijn. In de periode 1658-1665 reisde hij naar de Oost, waar hij verschillende plaatsen aandeed, zoals Batavia en de eilanden Ceylon, Boeroe en Ambon. Wanneer Schouten de kans kreeg, stapte hij op een ander schip om voor hem onbekende plaatsen te bezoeken. Zijn nieuwsgierigheid naar andere gebieden en culturen was enorm. Dit blijkt uit het uitgebreide reisverslag en de bijbehorende gedichten die hij schreef bij terugkomst in Haarlem. De Oost-Indische voyagie die in 1676 werd uitgegeven, is een belangrijke bron van informatie over hoe Nederlanders  nieuwe gebieden ontdekten, handel dreven en met andere culturen omgingen. In 2003 verscheen een actuele editie van dit reisdocument door Michael Breet, maar zonder de gedichten. Marijke Barend-Van Haeften en Hetty Plekenpol leggen de focus nu op zijn poëzie.

Lees verder >>

Een paar tien

De deskundigen zijn eruit: honderd is een zelfstandig naamwoord. Nu moeten ze het nog eens zien te worden over tien!

Dat honderd een zelfstandig naamwoord is, is duidelijk. Je kunt er een meervoud van maken (honderden), je kunt er een lidwoord en een bijvoeglijk naamwoord voor zetten (een dikke honderd) en ook een voorzetsel (boven de honderd) dat zelfs weer nader bepaald kan worden (ruim boven de honderd).

Hoe zit dat met tien?
Lees verder >>

Een ondeugdelijk rapport

Als je ’t pas verschenen rapport  Jongeren, de Nederlandse taal & participatie  mag geloven, spreken jongeren in Nederland, Vlaanderen (België), Aruba en Suriname ’t meest Algemeen Nederlands. Opmerkelijk nieuws voor wie wel eens jongeren heeft horen praten en ook helemaal in strijd met wat je er over leest. Het onderzoek waar dat rapport een verslag van is, is uitgevoerd in opdracht van de Taalunie.

Uit de Inleiding: “De Nederlandse Taalunie besloot eind 2010 om een Taalunie Jongerenraad op te richten. De bedoeling is jongeren uit Aruba, Curaçao, Nederland, Sint-Maarten, Suriname en Vlaanderen te laten meepraten over kwesties die de Nederlandse taal betreffen. 
Het onderhavige kwalitatieve onderzoek naar de mening van de jongeren over de Nederlandse taal is een opmaat voor de vorming van zo’n raad. De toetsing van een participatieconcept dat als model kan dienen, maakt deel uit van dit onderzoek.” (blz. 13).
Dit onderzoek deugt niet omdat de gevolgde methode onder de maat is, ’t verslag zichzelf voortdurend tegenspreekt en omdat de conclusies door andere onderzoeken weersproken worden. Om over ’t modieuze doel ‘jongeren te laten meepraten over kwesties die de Nederlandse taal betreffen’ nog maar te zwijgen.

Lees verder >>

Middelnederlandse scheldwoorden 9

De serie Middelnederlandse scheldwoorden is weer toe aan een update. De eerste aflevering staat hier, nummer 9 hieronder behandelt de letters P en Q uit de woordenlijst van Mak. De omschrijving van het eerste woord ‘Paddaert’ is niet negatief: ‘vent of kerel’. Is Mak hier niet een beetje te aardig? Het woord komt uit refereyn CXXXVIII uit de bundel van Jan van Doesborch. Dit is een raadselachtig refereyn waarvan de meeste woorden geen omschrijving te geven is. Eén ding is echter duidelijk, namelijk dat ze allemaal negatief zijn. ‘Paddaert’ betekent dus niet slechts ‘kerel’, maar iets als ‘vervelende kerel’ – of vul iets ergers in op de plaats van ‘vervelend’. Aan de slag ermee, stelletje queesters!

Lees verder >>

Mag roodborstje niet meer?

NRC Handelsblad trok er zaterdagavond bijna driekwart pagina voor uit: een lange klacht van de cabaretier Hans Dorrestijn over het verdwijnen van de verkleinwoordvormen van vogelnamen.

Het verdwijnen van wat? Ja, mij was het ook ontgaan, maar volgens Dorrestijn is er een taalramp aan de gang die zijn weerga niet kent. In plaats van roodborstje moet men tegenwoordig roodborst zeggen, in plaats van winterkoninkje zegt men winterkoning en zo maar door. Dit alles is volgens de schrijver, die Nederlands gestudeerd heeft, verordineerd door ‘biologen’ die op het vlak van taal volkomen ‘amateurs’ zijn.

Waarom besteedt een krant aandacht aan zoiets? Geinig? We moeten ook weer eens wat met taal, maakt niet uit wat, want dat lezen de lezers graag? Die Dorrestijn windt zich zo grappig op?

Lees verder >>

Wedstrijd: keiharde en gloednieuwe taalregels

De taalcolumnist Allan Metcalf van The Chronicle of Higher Education had vorige week een briljant idee: hij schreef een wedstrijd uit voor nieuwe taalregels. De voorwaarden waren: dat de regel er betrouwbaar en gedegen uit moest zien, en dat hij gloednieuw moest zijn.

De winnaar was een zekere Ran die met een ingenieuze, inderdaad heel plausibel klinkende regel kwam die because verbood in combinatie met zinnen in de toekomende tijd, omdat je dingen die (nog) niet waar zijn logischerwijs geen reden kunnen vormen. Het is dus, vertaald naar het Nederlands, onjuist om te zeggen Ik ga naar Florida omdat mijn vriend gaat trouwen; dat huwelijk is immers (nog) geen feit. In plaats daarvan moet je zeggen Ik ga naar Florida vanwege het huwelijk van mijn vriend. (De regel klinkt zo plausibel dat taalblogger Geoffrey Pullum meteen waarschuwde dat mensen hem misschien voortaan echt gaan gebruiken.)

Dat smaakt naar meer!
Lees verder >>

Ik ben uit vissen

Mijn collega Hans Broekhuis heeft een aardig artikel op het internet geplaatst over een van mijn favoriete zinsconstructies van het Nederlands: ik ben vissen.

Over die constructie is al eerder geschreven, en Hans vat dat goed samen. Zo kun je de constructie X is Y alleen gebruiken als het onderwerp van de zin, X, de met Y benoemde handeling ook uit eigen vrije wil kan uitvoeren. Je kunt bijvoorbeeld niet zeggen ik ben sterven of ik ben vallen omdat je er niet voor kunt kiezen om die dingen te doen, terwijl je er wel voor kunt kiezen om een hengel uit te werpen.

Lees verder >>