Korte geschiedenis van neerlandistiek.nl (2): De mislukkingen

Door Marc van Oostendorp

We wilden niet alleen een wetenschappelijk tijdschrift maken dat de neerlandistiek weer bij elkaar zou brengen. We wilden ook niet alleen laten zien dat een tijdschrift ook gratis kon zijn – echt gratis, voor zowel de lezers als de schrijvers. We wilden, als we dan ook aan de gang waren, meteen wat experimenteren met de vorm.

Sommige van die experimenten lukten. Er waren mensen die beweerden dat peer review in sommige disciplines nooit geaccepteerd zou worden. Inmiddels hebben geloof ik bijna alle serieuze bladen peer review.

Interessanter zijn de mislukkingen.
Lees verder >>

Jubileumcongres NBV: Boekgeschiedenis: spiegel van de toekomst?


De Nederlandse Boekhistorische Vereniging (NBV) bestaat dit jaar 20 jaar en zet haar jublieum luister bij met een congres op vrijdag 1 november 2013 in de Koninklijke Bibliotheek in Den Haag. Met het congres, onder de titel Boekgeschiedenis: spiegel van de toekomst?, wil de vereniging voorbije revoluties in tekstoverdracht opnieuw onderzoeken: kan bestudering van de geschiedenis van het boek ons iets leren over onze huidige mediarevolutie? Acht onderzoekers gespecialiseerd in verschillende historische perioden en geïnteresseerd in uiteenlopende aspecten van tekstoverdracht komen aan het woord en zullen zich daarbij specifiek richten op de receptie of consumptie van teksten.

Lees verder >>

Korte geschiedenis van Neerlandistiek.nl (1)

Door Marc van Oostendorp

Binnenkort valt het doek over het elektronisch tijdschrift Neerlandistiek.nl. Hoog tijd dat de geschiedenis van dit roemruchte initiatief nu eindelijk eens beschreven wordt. Dat ga ik de komende dagen doen in een heel korte serie. 
Ik was er niet van het allereerste begin bij. Dat begin was tijdens een strandwandeling – of een boswandeling, daar wil ik vanaf wezen – ergens in het jaar 2000 van de jonge morfoloog Matthias Hüning en de al even jonge letterkundige Johan Koppenol. Zoals dat gaat, bespraken zij hoe het ging met de wetenschappelijke tijdschriftenmarkt. 
Zij waren toen nog geen professor, en zij zagen twee problemen. 

Lees verder >>

Promotie Martine Veldhuizen: opvattingen over zondige, onvertogen en misdadige woorden in het Middelnederlands


Op 30 oktober 2013 promoveert Martine Veldhuizen aan de Universiteit Utrecht op haar proefschrift De ongetemde tong: opvattingen over zondige, onvertogen en misdadige woorden in het Middelnederlands (1300-1550). Promotoren zijn prof. dr. Paul Wackers en prof. dr. Frits van Oostrom. De promotie vindt plaats in de Senaatszaal van het Academiegebouw van 12.45 uur tot 14.00 uur.

Lees verder >>

Tweede nummer Nederlandse Taalkunde

Het tweede nummer van Nederlandse Taalkunde van dit jaar is uit. Dit nummer laat de hele reikwijdte van stukken zien die dit tijdschrift beoogt te publiceren: artikelen, discussiestukken, boekbesprekingen en squibs, in het Nederlands en in het Engels en over allerhande aspecten van de taalkunde waar deze het Nederlands betreft.
Graag nodigen we iedereen uit zich te laten inspireren door dit nummer en zelf ook een squib, boekbespreking of artikel, in het Nederlands of Engels in te dienen. Meer informatie is te vinden op www.taalkunde.letterentijdschriften.nlof bij de redactiesecretaris (b.f.beekhuizen@hum.leidenuniv.nl).

Vestdijk 115 jaar

Morgen, donderdag 17 oktober 2013, is het 115 jaar geleden dat Simon Vestdijk in Harlingen werd geboren. Kafka werd 130 jaar geleden geboren. Ter gelegenheid hiervan wordt op zaterdag 9 november in de Openbare Bibliotheek van Amsterdam het symposium gehouden:

                                                              Vestdijk verwerkt Kafka

Tijdens dit symposium zal het onlangs ontdekte manuscript te zien zijn van zijn lezing over Het Proces van Franz Kafka; Vestdijk hield deze lezing op 19 juni 1942 voor zijn medegijzelaars in Sint Michielsgestel.

Lees verder >>

De tv heeft toch invloed

Door Marc van Oostendorp


Heeft de tv invloed op het taalgebruik van jongeren? Ja, zeggen een aantal Britse taalkundigen in een artikel dat onlangs verscheen in het prestigieuze tijdschrift Language (helaas alleen toegankelijk voor abonnees).

Het is het soort wetenschapsnieuws dat niet snel de kranten haalt omdat de gemiddelde lezer al snel denkt dat hij dat natuurlijk allang weet. Terwijl het voor onderzoekers juist heel verbazingwekkend is. En ook wel wat subtieler ligt dan je op het eerste gezicht zou denken.

Er is in de taalkunde grote eensgezindheid over de gedachte dat radio en tv nu juist geen fundamentele invloed hebben op de manier waarop taal verandert.
Lees verder >>

Kinderen praten vaker over hun ouders

Door Marc van Oostendorp


De correlatiemachine draaide deze week weer op volle toeren. In het tijdschrift PLOS ONE verscheen een artikel van een groep Amerikaanse psychologen die 700 miljoen ‘woorden en zinnen’ hadden onderzocht van Facebook-berichten.

700 miljoen! De onderzoekers waren er zelf enorm van onder de indruk. In hun abstract en in het artikel zelf trompetteren ze het aantal een paar keer rond – het is hun belangrijkste prestatie. Nog nooit heeft iemand naar zoveel woorden gekeken.

Dus menen ze ook dat ieder van hun bevindingen voor het eerst pas echt wetenschappelijk licht op de zaak werpt. En dus verwijzen ze geen enkele keer naar de decennia van gedetailleerd (socio)linguïstisch onderzoek die gedaan zijn naar het soort relaties als zij onderzoeken, zoals dat tussen taal en sekse of tussen taal en leeftijd.

In mijn ogen slaan die onderzoekers met hun 700 miljoen ‘woorden en zinnen’ (hoeveel van die 700 miljoen waren woorden en hoeveel zinnen?) daardoor regelmatig de plank mis.

Lees verder >>

Recent verschenen: ANNE MARIE MUSSCHOOT Verschuivingen en ontgrenzingen. Opstellen over moderne Nederlandse literatuur.

ISBN 9789038221625
Gent, Academia Press 2013, 251 p., 23.50 euro

De bundel bevat opstellen over Eugeen Zetternam en Cyriel Buysse, Karel van de Woestijne, Guido Gezelle en Paul van Ostaijen, Willem Elsschot en Maurice Gilliams, Johan Daisne, Louis Paul Boon, Leon de Winter en Peter Handke, Louis Ferron, het autobiografische schrijven, Paul de Wispelaere en Stefan Hertmans. Alle opstellen werden voor deze bundel herzien.

Voor meer info en bestellingen:
info@academiapress.be
www.academiapress.be

Humor uit de Gouden Eeuw

Theatergroep De Kale, bekend van hun opvoeringen van Bredero’s Klucht van de molenaer en P.C. Hoofts Warenar, organiseert dit najaar in Amsterdam een aantal leesvoorstellingen van ten onrechte vergeten komedies uit de 17e eeuw. Op zondag 27 oktober spelen ze Jan Klaasz of Gewaande dienstmaagt van Thomas Asselijn, ingeleid door prof. dr. Lia van Gemert.

In Asselijns komedie uit 1682 draait het allemaal om schijnheiligheid en bemoeizucht. Het Amsterdamse publiek schaterde erom en dat had een reden: Asselijn maakte van het eeuwige conflict tussen verliefde jongelingen en weerbarstige ouders een komedie in het wederdopersmilieu.

Lees verder >>

Wie bedenkt de beste nieuwe taalregel van 2013?

Door Marc van Oostendorp

Ook dit jaar schrijft het elektronisch tijdschrift voor de neerlandistiek Neder-L weer een prijsvraag uit voor de beste nieuwe taalregel van het jaar. Het Nederlands is namelijk nog lang niet af: er zijn nog allerlei punten waarop de ene Nederlandstalige dit zegt en de ander dat, terwijl niemand kan vertellen welk van de twee nu de juiste is, simpelweg omdat nog nooit iemand zich over de kwestie heeft uitgesproken.
Daar moet verandering in komen. Het Nederlands moet helemaal dichtgetimmerd worden, liefst met zo ingewikkeld mogelijke regels. Want met die nieuwe regels hopen wij twee vliegen in één klap te slaan. Niet alleen wordt de gewone taalgebruiker geholpen bij allerlei nieuwe taalproblemen, ook zorgen we ervoor dat het zo moeilijk wordt om correct Nederlands te spreken of schrijven, dat onbevoegden het wel uit hun hoofd zullen laten om zulks voortaan te doen.

Lees verder >>

Die historie van Urbaen : hoofdstuk [7]

Een schoone historie van Urbaen,
die onbekende sone vanden keyser Frederick Barberousse,
die door die loosheyt van sekere Florentijnen
vercreech die dochter vanden soudaen,
metter hystorien van Jan Bocace niet min avontuerlijck dan
ghenoechlijck, onlancx ghetranslateert uut den
Franchoyse int Neder-Duytsch.
Gheprint Thantwerpen op die Camerpoort brugghe, Inden
schilt van Artoys by die weduwe van Jacob van Liesveldt.

een kleine mooie ritselende revolutie / a small lovely rustling revolution


Speciaal middagprogramma rond de vertaling van Luceberts werk tijdens Onbederf’lijk Vers 2013. Met medewerking van: Rozalie Hirs, Jaap van der Bent, Alex Rutten en Anja de Feijter.

In de loop van de zomer is het eerste deel verschenen van de vertaling in het Engels van de poëzie van Lucebert door Diane Butterman. Het Nederlands Letterenfonds bracht het contact tussen de vertaalster Diane Butterman en de Amerikaanse uitgever Green Integer tot stand. Deel I bevat de zogeheten ‘explosie’ van het dichterschap van Lucebert: de eerste drie bundels poëzie die in weinig meer dan een jaar tijd zijn verschenen in de kalenderjaren 1951 en 1952, plus de vroege ongebundelde gedichten. De tweetalige uitgave is geannoteerd en voorzien van een literair-historische inleiding. Lees verder >>

Passage (1)

Gert de Jager

Jede Epoche ist unmittelbar zu Gott: de beroemde uitspraak van Leopold von Ranke die elke historicus als eerstejaars te horen krijgt en een literatuurhistoricus, als het goed is, niet veel later. Elk tijdperk staat recht voor God: middeleeuwen zijn niet belangrijk omdat ze duizend jaar lang ergens tussenin zitten; een term als preromantiek is onzinnig; wie een historische periode ziet als een voor- of naspel van een Gouden Tijdperk, duwt iets wat op zichzelf een existentie heeft in een teleologische mal. Geen toeschouwer amuseerde zich met een toneelstuk omdat even later Shakespeare geboren zou worden. De wereldgeest maakte zich niet eeuwenlang druk om tot rust te komen in het Pruisen van Hegel.
 
In Een vlok duisternis; de poëzie van Hans Faverey als ritueel proces lijkt Piet Gerbrandy een nieuwe vorm van teleologisch denken te ontwikkelen – nieuw in ieder geval voor de literaire kritiek en de literatuurbeschouwing. Dat in Favereys poëzie iets ritualistisch schuilt, is niet zo’n verrassende vaststelling – al was het alleen maar door opmerkingen van Faverey zelf die zijn gedichten als ‘onthechtingsoefeningen’ betitelde. Wat in het mooi uitgegeven boekje van Gerbrandy – dichter, classicus, criticus – wel nieuw is, is de antropologische invalshoek. Lees verder >>

Driewerf natuurlijk

door Jan Stroop 
                                                                          over een verminkt katholiek gezang

In de periode dat de katholieke kerk aan vernieuwing deed, is ook ’t smeekgebed  aan ’t begin van de mis, ’t Kyrie eleison, onder handen genomen. Dat Gregoriaanse gezang bestond vanaf de 8e eeuw uit drie maal drie Griekse tekst- annex muziekregels: 

Kyrie eleison  (‘Heer ontferm u onzer’
Kyrie eleison
Kyrie eleison
Christe eleison
Christe eleison
Christe eleison
Kyrie eleison
Kyrie eleison
Kyrie eleison
Er bestaan op die tekst verschillende melodieën, genoteerd zoals op dit voorbeeld uit Vierde mis. Achter elke regel is met [iij] aangegeven hoe vaak die gezongen wordt. De allerlaatste (9e) regel heeft een extra versiering.

Nieuw: Studies in Taalbeheersing 4

Zijn Pauw & Witteman partijdig? Werkt humor in advertenties? Hoe kun je fietsers in Amsterdam voor rood laten stoppen? Zeggen plaatjes echt meer dan woorden? Hoe vermom je een drogreden?Taalbeheersers zijn allemaal geïnteresseerd in taal en het optimale gebruik ervan, maar ze houden zich met heel verschillende vragen bezig. Dat blijkt in Studies in Taalbeheersing, een bundel met artikelen geredigeerd door Ronny Boogaart en Henrike Jansen, beiden werkzaam aan het Leiden University Centre for Linguistics (LUCL). Deze bundel, die is verschenen bij Uitgeverij Van Gorcum, bevat een selectie van bijdragen aan het 12e taalbeheersingscongres van VIOT, dat in 2011 in Leiden plaatsvond. De artikelen bieden een overzicht van de meest recente ontwikkelingen in het taalbeheersingsonderzoek in Nederland en België. Studies in Taalbeheersing 4is bedoeld voor taalbeheersers en tekstwetenschappers maar is ook interessant voor docenten en studenten taalkunde, voorlichting en zakelijke communicatie, en voor communicatie-professionals.

Lees verder >>

Onderlands gedicht

Zonder enige twijfel is Jaap Blonk (1953) de bekendste dichter uit Nederland. Dat is hij geworden omdat hij vooral klankdichten schrijft en daarmee fenomenaal naar buiten treedt. Wereldwijd, zonder de tussenkomst van vertalers. Momenteel is hij voor de zoveelste keer op wereldtournee. Later vandaag treedt hij in Baltimore (V.S.) op, maandag is hij in Philadelphia, dinsdag staat hij in New York op de planken. Dan springt hij het vliegtuig in, verzorgt drie optredens in Shanghai, vliegt terug over de Pacific voor een serie optredens in Canada en begin november bedient hij het Duitse publiek. Direct daarna gaat hij weer naar de States – en zo voort.

Onlangs verscheen Klinkt, een keuze uit zijn beste klankgedichten van de afgelopen dertig jaar (met twee cd’s), bij uitgeverij het Balanseer te Aalst. Vandaag stuurde hij uit Wilmington (North Carolina, V.S.) het Onderlandse gedicht ‘Dongstra’ in voor het NPE-lemma over het boek.  De beginregels van ‘Dongstra’ luiden (s.v.p. hardop lezen):

 Zoevrane da dongstra!
                    Dongstra!
Lepoekeun,
          na goemeza!  Vluurt.

Het hele gedicht is te lezen op: www.nederlandsepoezie.org/jl/2013/blonk_klinkt.html
Het boek is bestellen op: www.hetbalanseer.be/uitgaven/klinkt-jaap-blonk/
En alles over Jaap Blonk is te vinden op: www.jaapblonk.com

Klankencyclopedie van het Nederlands (41 en slot): [ʘ]

Door Marc van Oostendorp 

 [ʘ] De [ʘ] maak je door je lippen te tuiten, ze in het midden tegen elkaar aan te zuigen, en ze los te laten.

Die klank wordt doorgaans niet tot het Nederlands gerekend, al maken vrijwel alle Nederlandstaligen hem vermoedelijk wel af en toe (drie keer achter elkaar, wanneer ze elkaar begroeten), en wordt hij zelfs wel geschreven, namelijk als mensen onder een brief xxx schrijven.

Waarom hoort die klank dan toch niet tot het Nederlands?
Lees verder >>

Vondel en psycholinguïstiek deel 4: onderzoeksmethode

Door Viorica Van der Roest
Voorwoord           Deel 1         Deel 3
Inleiding                Deel 2
Op de middelbare school zag ik het nut van wiskunde niet in (gelukkig kon ik met mijn talenpakket de laatste twee jaar op school wiskundevrij doorbrengen). Maar later heb ik mijn mening toch een beetje moeten bijstellen. Bij het schrijven van mijn scriptie over Vondels Inwydinge kwam ik erachter dat statistiek een goede aanvulling kan zijn op taalkundig onderzoek. Dus oké, wiskunde heeft toch goede kanten, zo lang het in dienst staat van écht nuttige zaken zoals taalkunde.
Om te onderzoeken wat de relatie is tussen de lengte van de perceptieve continua en het gebruik van enjambement in Vondels Inwydinge van ’t Stadthuis t’ Amsterdam enerzijds en de inhoud van de tekst anderzijds, heb ik de statistisch-stilistische onderzoeksmethode gebruikt die Van Leuvensteijn en Wattel in hun eerder besproken studie van 2002 hebben gepresenteerd. Zoals zij daarin aangeven, kan statistiek ons laten zien wat ‘normale’ verschijnselen zijn en wat als uitzonderlijk kan worden beschouwd (p. 4). Hierbij is het wel belangrijk het voorbehoud dat zij bij de methode maken goed in het achterhoofd te houden: de dichter was niet verplicht tot het (consequent) gebruik van stijlmiddelen. Dit soort onderzoek kan daarom niet meer dan tendensen laten zien.

Lees verder >>

Onderzoeker in de crisis

Door Marc van Oostendorp

We leven in een tijd van afbraak. Het is een rare zin om neer te schrijven, het klinkt zo pathetisch dat het moeilijk is om te geloven. Maar het is geloof ik wel waar. Waar je om je heen kijkt, wordt van alles en nog wat gesloopt. Vanwege de crisis, ja, en vanwege een weerzin tegen een heleboel monumenten die er staan.

Misschien is het omdat ik deze maanden in een wat andere omgeving ben – op de KB in Den Haag en het NIAS in Wassenaar – dat het me meer opvalt. Overal is de afbraak, maar je ziet hem minder makkelijk in je eigen omgeving. Maar misschien gaat het allemaal ook wel steeds sneller.

Lees verder >>

Pas verschenen: Over Taal (jrg. 52, nr. 4)


In het nieuwe nummer van Over taal, tijdschrift over taal, tekst en communicatie, onder meer een artikel van Els Heindrickx over ‘de invloed van lexicale taaladviezen op Belgisch-Nederlandse krantentaal’:

‘Kunnen taalnormen de taalrealiteit beïnvloeden? Met andere woorden: slagen taaladviseurs erin om bepaalde taalvormen uit het taalgebruik te weren en andere te promoten?’ Op die vraag heeft Els Hendrickx een antwoord geformuleerd in haar proefschrift.

Lees verder >>

Spreek Fries met uw kind

Door Marc van Oostendorp

Af en toe kom ik nog mensen tegen die het slachtoffer waren van een klein maar toch treurig misverstand. Vorige week was er nog een vrouw op bezoek bij de open dag van het Meertens Instituut. Haar ouders waren Fries, maar hadden thuis alleen Nederlands gesproken omdat ze dachten dat die kinderen zo beter vooruit konden komen in de maatschappij.

Dat is echt niet nodig, zo blijkt nu ook weer uit het proefschrift dat Jelske Dijkstra vandaag verdedigt in de Martinikerk in Franeker (haar bul zal van de Universiteit van Amsterdam komen, maar soms wordt er in Franeker nog gepromoveerd).

In dat proefschrift heeft Dijkstra Friese peuters onderzocht, en daarbij de kinderen vergelijken die thuis vooral Fries hoorden met de kinderen die Nederlands hoorden.
Lees verder >>

Het belang van goed lezen (en herlezen)

Naar aanleiding van Marc van Oostendorps bespreking van Literatuur in de wereld

Door Jan Rock, Gaston Franssen en Femke Essink 

Met veel plezier stelden wij, de redacteuren van Literatuur in de wereld, vast dat er onlangs in Neder-L door Marc van Oostendorp aandacht werd besteed aan ons handboek. Het boek komt voort uit een specifieke onderwijspraktijk: de teksten die we erin opnamen vormen de ruggengraat van het modern-letterkundige onderwijsprogramma op de Universiteit van Amsterdam. Het bestrijkt het eerste jaar tot en met het derde studiejaar van onze opleiding, waarin de student zich specialiseert in de moderne Nederlandse letterkunde, een van onze ‘tracks’ binnen de neerlandistiek. Het is mooi om te zien dat het handboek nu ook buiten de UvA lezers vindt.
Toch moesten we ook constateren dat de af en toe raar opkijkende lezer Van Oostendorp niet altijd even secuur leest.

Lees verder >>