Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 5

Een schoone ende amoruese historie van
Ponthus ende die schoone Sydonie,
welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.
Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.

De Griekse in het Griekse

Die –e in de Griekse wat doet hij daar? Is het dezelfde vrouwelijke uitgang die we vinden in redactrice of diëtiste? Of is Griekse eigenlijk een bijvoeglijk naamwoord (zodat de hele constructie een soort verkorting wordt van de Griekse vrouw)? Daar denk ik weleens aan als ik niet slapen kan.

Toevallig vond ik in de novemberlading van de DBNL een artikel van de Utrechtse taalkundige Wim Zonneveld dat over dat onderwerp gaat. Volgens Zonneveld is Griekse inderdaad een bijvoeglijk naamwoord. Hij geeft daar aardige argumenten voor.

Lees verder >>

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 4

Een schoone ende amoruese historie van
Ponthus ende die schoone Sydonie,
welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.
Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.

Editing fundamentals: het negende congres van de European Society for Textual Scholarship


Van 22 tot 24 november 2012 vindt in Amsterdam de negende conferentie van de European Society for Textual Scholarship (ESTS) plaats, die wordt georganiseerd in samenwerking met het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis. Het thema van de conferentie is: Editing fundamentals: Historical and literary paradigms in source editing.

Lees verder >>

Ik zeg het maar één keer

Wie wil weten hoe het zit met de retorische cultuur van Nederland, moet vooral luisteren naar het live-verslag van Radio 1 gisterenmorgen van de toespraak van de net herkozen president Barack Obama. Volgens sommigen was dit de beste toespraak die Obama ooit gaf. Voor de Nederlandse radioluisteraar werd de toespraak vertaald of samengevat door verslaggever Wessel (“Michelle heeft een kerstjurk aan”) de Jong.

Op het persoonlijke vlak veranderde de president van een gentleman in een hork (in blauw geef ik de vertaling van fragmenten van de oorspronkelijke speech van Obama van de NRC van gisteren, in het rood het commentaar van De Jong):
Lees verder >>

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 3

Een schoone ende amoruese historie van
Ponthus ende die schoone Sydonie,
welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.
Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.

Klankencyclopedie van het Nederlands (19): [ʏ]

[ʏ] Mensen kunnen het over bijna alles oneens zijn. Bijvoorbeeld over wat precies het symbool moet zijn voor de klinker in woorden als hut en stuk. Er zijn minstens drie scholen: sommige mensen schrijven [hɶt], anderen [hʌt] en ik behoor tot de (meerderheids-)school die [hʏt] schrijft.

Je maakt die klinker door je lippen te ronden, de voorkant van de tong een beetje omhoog te tillen (niet te veel, dan krijg je de klinker uit Ruud). Bovendien moet je hem niet te lang aanhouden om niet te eindigen bij de [ø] van leuk. De klinker is daarmee in zekere zin de ingewikkeldste om te maken – hij komt ook niet in veel talen voor.
Lees verder >>

Vandaag 92 jaar geleden

Hij heeft zich geloof ik teruggetrokken uit het openbare leven, maar vandaag viert een van de belangrijkste Nederlandse taalkundigen ooit zijn verjaardag: P.C. Paardekooper wordt vandaag 92. Paardekooper werd bekend vanwege zijn eigen ontleedmethode, zijn eigenzinnige en vaak controversiële taalpolitieke standpunten (hij vindt bijvoorbeeld dat Vlaanderen niet zo raar moet doen en zich bij Nederland moet voegen), zijn gigantische Beknopte ABN-syntaxis, en nog veel meer. In de DBNL zijn veel van deze werken te vinden.

Er zou een keer iemand een studie moeten maken van het werk van deze oorspronkelijke, eigenzinnige en veelzijdige geleerde. In afwachting publiceert de DBNL nu al regelmatig werk van Paardekooper.

Lees verder >>

Verschenen: Syntax of Dutch. Nouns and Noun Phrases

De afgelopen vijftig jaar zijn er talloze wetenschappelijke en vaak specialistische werken over grammatica verschenen. In diezelfde periode is echter niet alleen de discussie over grammatica veranderd, maar ook de presentatie van formele structuren en de interpretatie van informatie. Gedegen antwoorden over de structuur van een bepaalde taal zijn daarom niet eenvoudig te vinden. Syntax of Dutch slaagt hier echter uitstekend in.

Lees verder >>

Vijftiende-eeuws manuscript ontdekt op zolder

Lezers, ga eens heel gauw uw zolder opruimen! Er kan zo maar iets bijzonders liggen. Nee, geen schilderij van Rembrandt, en de opbrengst van de Zilvervloot heeft Piet Hein er ook niet gestald. Maar een vijftiende-eeuws handschrift? Dat zou zo maar kunnen. Nodig in ieder geval handschriftjager Remco Sleiderink uit, de Indiana Jones van de mediëvistiek. Hij heeft onlangs een prachtig boek ontdekt op een Brusselse zolder. Helaas zijn de pics low-res, maar dat houdt het ook wel weer spannend.

Hoe houd ik een vlammende toespraak?

Het nieuwe boekje van Jaap de Jong, Spreken als Max Havelaar, moet je eigenlijk niet lezen als je alleen wilt. Een kroeg is misschien wel de beste locatie – een waar ze af en toe het geluid voor je willen afzetten zodat je op de biljarttafel kan houden om een vlammende toespraak te houden.

De Jongs boekje geeft in een kort bestek een snelcursus in de klassieke retorica en laat zien hoe belangrijk de inzichten daarvan nog steeds zijn als je een toespraak wil houden. Een TED-talk bijvoorbeeld, een genre dat De Jong herhaaldelijk aanhaalt: een praatje van 18 minuten waarin iemand iets echt belangrijks vertelt, het praatje van zijn leven. Ook daarbij komen de klassieke kunsten van inventio (bedenken wat je wilt zeggen), dispositio (structuur), elocutio (stijl), memoria (‘proefdraaien’ in de moderne retorica van De Jong) en actio (presentatie) goed van pas.
Lees verder >>

9 november 2012: SVVT Studiemiddag ‘Vrouwen & Vrije Tijd’ (met proeverij!)

Dit najaar verzorgt de Stichting Vrouwengeschiedenis voor de Vroegmoderne Tijd weer een goedgevulde studiemiddag voor haar leden en geïnteresseerden. In het kader van het thema ‘Vrouwen & Vrije Tijd’ zullen Sophie Reinders en Christianne Muusers ons vertellen over twee vrijetijdsbestedingen van vrouwen door de eeuwen heen: het bijhouden van zogenaamde ‘alba amicorum’ (vriendenboeken) en het klaarmaken van de heerlijkste gerechten. Dat dat laatste niet alleen een taak, maar ook een genot kon zijn, zal blijken tijdens de afsluitende proeverij van achttiende-eeuwse gerechten.

Datum: 9 november 2012
Tijd: 13.30 – circa 17.00 uur
Plaats: Wittevrouwensingel 28, Utrecht
Lees verder >>

Nieuw boek: Bommel en bijbel

Verschenen: Klaas Driebergen, Bommel en Bijbel. Bijbel en christendom in de verhalen van
Marten Toonder. Aspekt, Soesterberg 2012.

Marten Toonder portretteerde in zijn verhalen over Olivier B. Bommel en Tom Poes met een
grote knipoog de Nederlandse samenleving. Het is daarom niet verbazend dat hij zich daarin
ook bezig heeft gehouden met het calvinisme, dat immers als een belangrijk bestanddeel
van de Nederlandse volksaard wordt gezien. Op een fraaie manier verbeeldde hij dit
bijvoorbeeld in de Zwarte Zwadderneel. Deze boeteprediker tegen hovaardij en winderigheid
bedient zich van een prachtige variant op de ‘tale Kanaäns’. Want Toonder was ook een
liefhebber van archaïsch woordgebruik, dat hij in het bijzonder aantrof in de taal van de oude
Statenbijbel.

Lees verder >>

Bilderdijk en Multatuli uitlachen

Door Marc van Oostendorp

Wat was ik gisteren blij dat ik Bilderdijk niet was, of Multatuli. Beide schrijvers hebben een vereniging van bewonderaars en die kwamen bij elkaar in de Roode Bioscoop in Amsterdam. Wat moeten ze allebei gegruwd hebben toen ze uit hun christelijke of atheïstische hemel omlaag keken. Eigenlijk werden ze allebei door de leden van hun ‘eigen’ genootschap vooral uitgelachen.

De middag was georganiseerd door het Multatuli-genootschap en begon nog serieus, met een inleiding van de jonge Leidse neerlandicus Rick Honings over beide schrijvers en vooral de negatieve bespreking van die Multatuli schreef over een toneelstuk van Bilderdijk, Floris V.

Lees verder >>

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 2

Een schoone ende amoruese historie van
Ponthus ende die schoone Sydonie,
welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.
Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.

Ponthus ende Sidonie : hoofdstuk 1

Een schoone ende amoruese historie van
Ponthus ende die schoone Sydonie,
welcke waren beyde van coninclijker afcoemsten: Ponthus des conincx Tybours sone, coninck van Galissien, ende Sidonie des conincx Huguets dochter, van Britanigen, seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in]  strijden, welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.
Seer ghenuechlijck om lesen, soo in amoreusheyt ende [in] strijden,

welcke veel wonderlijcke fortuynen van feyten van wapenen binnen sijnen leven ghehadt heeft ende namaels noch ghecroont wert coninck van Galissien ende van Britanigen.

Geprint t’Antwerpen op die Lombaerdeveste,
tegenover Die gulden Hant,
by mi Niclaes vanden Wouwere.
Anno 1564.

Ponthus ende Sidonie als feuilleton in Neder-L

Ponthus ende Sidonie als feuilleton in Neder-L

Woord vooraf

Die historie van Ponthus ende die schoone Sidonie is de Nederlandse vertaling van de Franse prozaroman Ponthus et la belle Sidonie, waarvan men denkt dat hij omstreeks 1400 geschreven werd, en die bewaard bleef in 28 15e-eeuwse handschriften en 10 15e-eeuwse drukken, de oudste gedrukt te Genève, naar men denkt door Adam Steinschaber in het jaar 1478. De auteur van Ponthus et la belle Sidonie is niet (met voldoende zekerheid) bekend. Door sommigen wordt op basis van de zeer ongebruikelijke naam van de mannelijke hoofdpersoon Geoffroy IV de la Tour Landry (of een familielid van hem) aangewezen. Geoffroy IV de la Tour Landry is bekend als de auteur van een zeer succesvol pedagogisch handboek voor zijn dochters: Livre du Chevalier de la Tour Landry, waarvan men denkt dat het verscheen tussen 1371 en 1373, en dat uiteindelijk ook in een Nederlandse bewerking door Thomas van der Noot op de pers gelegd werd als Spieghel der Duecht, Brussel 1515.

Lees verder >>

Profielwerkstuk

Beste professor, Wij zijn Michel en Yoni en wij moeten een profielwerkstuk schrijven voor school (6VWO). Wij hebben gekozen voor het thema ‘dialect’. Kunt u ons informatie sturen over dialect? We hebben op internet uw artikel gevonden over dialecten maar we snapten het niet. We moeten ons werkstuk a.s. woensdag inleveren. 


Beste Michiel en Yoni,

Ik zal iets opbiechten.
Lees verder >>

Laatste gedicht (4)

Nogmaalsgrassère, het laatste gedicht in Van de maltentige losbol: 

grassère 

dwars door mistroostige mist
blijft hij van herfst naar lente ons vervoeren
deze lachende alchemist
met zijn picturale partituren

Van de roerloze woelgeesthad Lucebert afgeslotenmet het beeld van een wereld ‘zonder morgenrood zonder jaargetijden zonder taal’ – een wereld die uit niets meer bestond dan uit wat hier ‘mistroostige mist’ wordt genoemd. Het slotgedicht uit die bundel van een jaar eerder riep een doodse wereld op – een wereld waarbij vergeleken Dantes hel een kleurrijke bedoening was. In Van de maltentige losbol is die doodse wereld in zekere zin een realiteit. Niet alleen herdenkt Lucebert in grassère zijn overleden buurman, de bundel zelf verscheen postuum. Een dichter spreekt zich uit over wat er van het werk van een schilder zal blijven: het zijn partituren die ‘wij’ tot leven kunnen brengen. Het is een boodschap die we te horen krijgen van een dichter die wist dat hij ons vanuit zijn eigen schimmenrijk zou bereiken.

Kunst kan nogal wat, dus. Over het graf heen blijft het werk van een schilder en bereikt ons een dichter – wanneer een bundel postuum gepubliceerd en gelezen wordt, gebeurt dat laatste per definitie. Lees verder >>