Sonnettenkrans(enkrans)

Door Bas Jongenelen

Ik wilde een dichtbundel hebben van een dominee-dichter, zo eentje met gedichten over God, Oranje en huiselijkheid – van die gedichten waar ik helemaal niet van hou. Eliza Laurillards Bloemen en knoppen uit 1878 leek me wel wat. Kostte slechts € 5,- op boekwinkeltjes.nl. Bovendien was het de 1e druk, dus dat is leuk. 2 dagen later viel het bundeltje in de bus en toen ik het opende zag ik meteen… een sonnettenkrans! Hier het meestersonnet:

Ik was in de veronderstelling dat Jeanne Reyneke van Stuwe de 1e sonnettenkrans geschreven had, gepubliceerd in Impressies in 1898. Niet dus. Voorlopig is Laurillard de 1e. Ik heb een verzoekje aan u: mocht u een sonnettenkrans tegenkomen die ouder is dan die uit 1878, laat het me weten!

Lees verder >>

Het regionale als rechtvaardiging voor afwijking van de norm

Door Henk Wolf

“Maar hun is Brabants. In het Nederlands zeggen we: zij.”

Zomaar een zinnetje van het internet, waarop het gebruik van hun als grammaticaal onderwerp wordt geclaimd voor een bepaalde regionale variëteit.

Juist is het niet wat de internetter schrijft: hun wordt vermoedelijk een dikke eeuw lang als onderwerp gebruikt en het heeft zich in Nederland overal gevestigd, of dat nou in het Standaardnederlands (in de zin van Democratisch Algemeen Nederlands, zie hier) is of in dialecten, regiolecten en regionaal gekleurde vormen van het Nederlands. Overal functioneert het vrolijk naast of in plaats van de oorspronkelijke benadrukte onderwerpsvormen van het persoonlijk voornaamwoord voor de derde persoon meervoud (zij, zie, hja, …).

Lees verder >>

Werelden van verschil: Friedrich von Hardenbergs en Martinus Nijhoffs Novalis

Door Peter J.I. Flaton 

Zelf herleidde hij zijn studie aan de mijnbouwacademie in Freiburg en het ambtenaarschap bij de zoutmijnindustrie (hij wist hoe het er ‘daarbeneden’ aan toe ging) enerzijds en zijn artistieke attitude anderzijds aan de combinatie van de discipline van zijn vader (een vroom hernhutter, wars van vertoon en als hij mijnbouwinspecteur) en de levensstijl van zijn oom Gottlob Friedrich bij wie hij opgroeide en die hem leerde ‘adelsstolz’ te zijn. 

Feit is, dat Friedrich van Hardenberg (2 mei 1772-25 maart 1801) de wereld sociaalvaardig en zelfbewust tegemoet treedt. Als Friedrich Schlegel hem in 1792 ontmoet, is hij direct onder de indruk van zijn kwikzilverige intellect: ‘Nie sag ich so die Heiterkeit der Jugend’. Ludwig Tieck ziet in hem ‘die reinste und lieblichste Verkörperung eines hohen unsterblichen Geistes’ (hier en in wat volgt laat ik me leiden door Ricarda Huchs Die Romantik, Ausbreitung, Blütezeit, Verfall, verschenen in 1899-1902 en nog steeds relevant, c.q het hoofdstuk “Novalis”, 64-80 en Rüdiger Safranski’s Romantik. Eine Deutsche Affaire, München, 2007, c.q. hoofdstuk 6 over Novalis, 109-132). 

Lees verder >>

Nieuw in Trefwoord: Jan Noordegraaf over J.H. Halbertsma

Het werk van Joost Hiddes Halbertsma blijft een geliefd onderwerp van studie. Zeker nu eerder dit jaar een deel van diens Lexicon Frisicum alvast online beschikbaar werd gesteld, met een vertaling van de Latijnse passages in het Fries, het Nederlands en het Engels, is zijn werk toegankelijker dan ooit.

Jan Noordegraaf schrijft in Trefwoord, het digitale tijdschrift voor de lexicografie, een bijdrage over Halbertsma’s ideeën over taal en zijn plaats binnen de taalwetenschap met als titel ‘J.H. Halbertsma over taal en geest’.

Drieduizend stukjes

Door Marc van Oostendorp

Dit is mijn drieduizendste stukje op dit blog. Ik heb bedacht dat het tijd wordt om een stap terug te doen.

Toen ik hier begon met het dagelijkse bloggen was het huidige Neerlandistiek ongeveer wat me voor ogen stond: een dagelijkse mengeling van nieuws, aankondigingen, opinies en heldere samenvattingen van onderzoek, geschreven voor een gemeenschap die zichzelf definieerde: degenen die geïnteresseerd zijn in onderzoek naar de Nederlandse taal- en letterkunde. Ik heb het geprobeerd aan te jagen door zelf regelmatig bij te dragen, zodat er geen stille dagen zouden zijn. Die taak heb ik niet meer, want er zijn geen stille dagen meer.

Lees verder >>

Fonologie voor beginners: de hele cursus

Door Marc van Oostendorp

Fonologie is de tak van de taalwetenschap die de klanken van taal bestudeert: hoe zitten die in ons hoofd? Waarom veranderen klanken aan het eind van een woord makkelijker dan aan het begin (in plaats van ‘hond’ zeg je ‘hont’)? Hoeveel verschillende klinkers en medeklinkers zijn er?

De colleges die ik normaliter geef voor Nijmeegse studenten Nederlands en Taalwetenschap staan nu online. Hieronder staat de hele reeks (en hierboven de laatste aflevering). Ik maak gebruik van een zelfgeschreven Engelstalig boek dat – in een ruwe versie – ook online staat. Onder iedere video verwijs ik naar het hoofdstuk uit dat boek dat ik in het college behandel. Aan het eind van deze post geef ik ook een proeftentamen en het antwoordmodel, dat de studenten normaliter ook gebruiken.

Lees verder >>

Overleden: Hugo Ryckeboer (1935-2020)

Ons bereikt het bericht dat dr. Hugo Ryckeboer op donderdag 21 mei jongstleden is overleden. Hij was met het coronavirus besmet en heeft zijn ziekte niet overleefd. Hij is 85 jaar geworden. Hugo was van 1972 tot 2000 aan de sectie Nederlandse Taalkunde van de UGent verbonden als co-redacteur van het Woordenboek van de Vlaamse Dialecten. Samen met Magda Devos heeft hij dat langlopende project opgestart. Met hem verliezen we de belangrijkste kenner van de Frans-Vlaamse dialecten.

Sommige werken van Hugo Ryckeboer zijn te vinden op de DBNL

Dit hebben wij in huis!

Colleges van prominente geesteswetenschappers van de UvA

De Faculteit der Geesteswetenschappen van de UvA is een klassieke faculteit met een brede waaier aan specialismen. De faculteit bevindt zich letterlijk en figuurlijk midden in de stad en de samenleving. Haar wetenschappers werken intensief samen met tal van culturele en maatschappelijke organisaties en bedrijven, en mengen zich veelvuldig in het actuele debat.

Nu we allen thuis zitten en de stad verlaten oogt, hebben emeritus hoogleraren Marita Mathijsen en Selma Leydesdorff het initiatief genomen om via een online lezingenreeks een proef van al het moois en verrassends wat onze faculteit in huis heeft, zichtbaar te maken voor een breed publiek. In de maanden juni en juli verbinden tien prominente hoogleraren uit diverse geesteswetenschappelijke disciplines de actualiteit met hun kennis en expertise.  

Lees verder >>

De Indo-Europese Adam

Oude Folklore in het Oudfries, deel 6

Schildering van Adam en Eva in het paradijs in de kerk van Noordbroek (in de provincie Groningen, vroeger onderdeel van het Grote Friesland). Bron: Wikimedia Commons

Door Arjan Sterken

Het Oudfries is een Noordzee-Germaanse taal. Daardoor is het ook een Germaanse taal. Nog beter: het is zelfs een Indo-Europese taal. Verscheidene (zeg maar een heleboel) talen in Europa en Azië hebben structurele overeenkomsten. Zo structureel, dat men vanaf het eind van de 18e eeuw deze vrij serieus is gaan nemen. Het idee is dat er een hele tijd geleden ergens op de Russische steppe of in Anatolië (men mag elders gaan uitvechten waar precies) een groep mensen waren die iets spraken wat men Proto-Indo-Europees is gaan noemen. Deze mensen zijn met hun paarden en strijdwagens (of het concept daarvan) naar allerlei plekken in Azië en Europa gemigreerd over een vrij lange periode. De taal die zij spraken heeft zich ook langzamerhand ontwikkeld, en daarom spreekt men nu op deze twee continenten allerlei andere talen. Nu zijn er sommige taalnerds die proberen te achterhalen hoe dit Proto-Indo-Europees heeft geklonken, en zij hebben allerlei geniale methoden bedacht om vanuit latere taalfasen deze taal te reconstrueren.

Lees verder >>

Programmeren voor taalkundigen

Door Marc van Oostendorp

Een van de interessante verschijnselen van deze wereld is dat er zoveel programmeertalen zijn. Met een programmeertaal kun je een computer laten doen wat je wil, en dat kan op een aantal manieren – en desalniettemin nadert het aantal programmeertalen inmiddels het aantal natuurlijke talen.

Toch is er een handjevol talen waar niemand omheen kan die zijn computer meer wil laten doen dan wat Word, Excel en Chrome kunnen. En daarvan is Python inmiddels voor taalkundigen misschien de meest logische keus: een programmeertaal die voor mensen betrekkelijk gemakkelijk te lezen is doordat programma’s overwegend uit (Engelse) woorden staan en weinig obscure tekens bevatten die andere programmeertalen ontsieren – een taal die in de basis betrekkelijk gemakkelijk te leren is en die tegelijkertijd beschikt over eindeloze pakketten die alles mogelijk maken wat je wil.

Lees verder >>

Antoinet Brink leest Annie M.G. Schmidt

Het verblijf – dag 66

STEUN ONS IN DE VERBLIJFSKOSTEN

Antoinet Brink is docent Neerlandistiek aan de Faculdade de Letras van de Universiteit van Coimbra.  Annie M.G. Schmidt (1911-1995) schreef werk dat tot het collectieve geheugen van naoorlogs Nederland is gaan behoren.

Presentatie, format, productie, vogels en muziek: Michiel van de Weerthof. Het verblijf wordt mede mogelijk gemaakt door de Nederlandse Taalunie.


Gedicht: J.P. Hasebroek • Emanuel Geibel

Emanuel Geibel

In ’t donker uur, waarin der Tweedracht galmen
Rondkrijschten, heel ’t verdeelde Duitschland door,
Kwaamt gij, o Bard, met uwer liedren koor,
Dat om ons als een lentegeur deed walmen!

Zoo wont gij onze harten door ons oor:
De mannen trokken slagwaarts met uw psalmen;
De vrouwen zongt ge uw lied bezielend voor;
En beide droeg uw wiek naar ’t oord der palmen. Lees verder >>

Vacature: Doctoraatsbursaal (voltijds) Historische sociolinguïstiek en historische pragmatiek van het Nederlands

Standaardisatie en entekstualisering van getuigenverhoren (1700-1900)

Het Centrum voor Linguïstiek (CLIN) van de Vrije Universiteit Brussel en de onderzoeksgroep Grammar and Pragmatics (GaP) van de Universiteit Antwerpen zoeken een voltijds bursaal om een doctoraatsonderzoek uit te voeren en een proefschrift voor te bereiden binnen het domein van de historische sociolinguïstiek en historische pragmatiek van het Nederlands.

Lees verder >>

Nieuwe podcast: Quarantaine, Cultuur en Corona

Door Marit Tijhuis en Roy Vlieland

Een aantal weken geleden zijn wij, twee studenten Nederlands in Leiden, begonnen met de podcast Quarantaine, Cultuur en Corona. Op afstand, wel 300 kilometer van elkaar vandaan, met verschillende opnameapparaten en soms wat vertraging op de lijn. Maar dat weerhield ons er niet van om lekker te gaan kletsen. Nadat we verschillende tunes hadden verzameld om ons gepraat muzikaal te omlijsten, zijn we begonnen. In onze podcast bespreken we teksten die ons zijn opgevallen en laten we ook iedere keer een student aan het woord in de ‘Corona Column’. Daarin laten we horen hoe het anderen in quarantaine vergaat.

Inmiddels zijn we al zeven afleveringen verder, en we zouden graag een aantal highlights uitlichten.

Lees verder >>

Vermakelijk bio- en bibliografisch toetsenbord: zoeken op internet

Door Roland de Bonth

In december 2017 won Schrijverskabinet.nl de Gerrit Komrij-prijs, omdat die website er dat jaar het best in geslaagd was de oudere letterkunde onder de aandacht van een groter publiek te brengen. Het Schrijverskabinet is ingericht rondom een achttiende-eeuwse verzameling auteursportretten: het Panpoëticon Batavûm. Van een groot aantal dichters en dichteressen van wie ooit een portret deel heeft uitgemaakt van die collectie, is op Schrijverskabinet inmiddels een beknopte biografie opgenomen in de rubriek ‘Uit de kast’. Toch zijn er nog tal van auteurs die wachten op een artikel. Hier kun je zien wie dat zijn.

Lees verder >>

‘Garrilus dinke mi wele bedieden someghe menistrele’

Jacob van Maerlant en Chrétien li gois

Afbeelding 1 : Parijs, Bibliothèque de l’Arsenal, MS 5069, f. 91 r.

Door Dirk Schoenaers

Rond 1317-1328 droeg een anonieme dichter een Franstalige bewerking van Ovidius’ Metamorfosen op aan Johanna van Bourgondië, koningin van Frankrijk. De auteur liet uitschijnen dat hij in deze Ovide moralisé een oudere Franse vertaling van het Philomenaverhaal had verwerkt. Op het einde van die me too-geschiedenis avant-la-lettre  veranderden Philomena, haar zus Procne en aanrander  Tereus, de koning van Thracië in een nachtegaal, een zwaluw en een hop. 

Lees verder >>

Levie de marskramer (1841)

Jeugdverhalen over joden (91)

Door Ewoud Sanders

Auteur: Gijsbertus van Sandwijk (1794-1871)


Illustratie uit het Prenten-magazijn voor de jeugd (1841). De naam van de illustrator is niet bekend.

Het verhaaltje over Levie de marskramer werd in 1841 gepubliceerd in het Prenten-magazijn voor de jeugd. Dat tijdschrift verscheen tussen 1841 en 1852 en stond onder leiding van Gijsbertus van Sandwijk, een hoofdonderwijzer uit Purmerend. Van Sandwijk schreef het tijdschrift zelf vol.

Lees verder >>