Categoriale perceptie: de een hoort een [d], de ander een [r]

Door Henk Wolf

“Ik fyn sniders alt fan dy droevige figueren, ik kin ’t net helpe.”
“No, sa wurde se útbeeld yn dy âlde boeken.”
“Ja, mar oer ’t geheel, dy’t ik no meimakke ha, wienen allegear fan dy …”
“… twadde mannen?”
“Ja. Twadde âlde keareltsjes. Mar ja.”

Vertaling:
“Ik vind kleermakers altijd van die droevige figuren, ik kan het niet helpen.”
“Nou, zo worden ze uitgebeeld in die oude boeken.”
“Ja, mar over het geheel, (degenen) die ik nu meegemaakt heb, waren allemaal van die …”
“… tweede mannen?”
“Ja. Tweede oude kereltjes. Maar ja.

Lees verder >>

Wat was er echt belangrijk in mijn academisch leven?

Door Jan Blommaert

Twee van mijn maîtres à penser stierven relatief jong. Michel Foucault was 57, Erving Goffman 60. Het is zeer waarschijnlijk dat ook ik relatief jong zal sterven. Ik ben nu 58 en bij mij is medio maart 2020 kankerstadium 4 gediagnosticeerd. Als er plotseling heel weinig toekomst over is om te plannen, over te speculeren of van te dromen, gebruikt men zulke historische momenten vaak als een aansporing om na te denken over het verleden. De leidende vraag hierbij – een nogal voor de hand liggende – is: wat was er belangrijk?

Ik zal mijn aantekeningen beperken tot het professionele deel van mijn leven. Dit is natuurlijk een kunstmatige onderverdeling en de lezer moet in gedachten houden dat het professionele deel van mijn leven altijd verweven was met de niet-professionele delen, vaak op een lastige of slecht uitgebalanceerde manier. Misschien moet dat verhaal elders worden verteld. Voor nu zal ik me concentreren op het deel van mij dat “academisch” kan worden genoemd.

Lees verder >>

Marga Minco in India

Marga Minco in India

In India lezen leerlingen in klas 11, te vergelijken met 5 vwo in Nederland, het korte verhaal ‘Het adres’ van Marga Minco. ‘The Address’ is al jaren onderdeel van het verplichte curriculum van het Central Board of Secondary Education (CBSE) en het Tripura Board of Secondary Education (TBSE). Ook voor het examen van 2021 staat het weer op het programma. Hoofdstuk 2 van het leerboek voor Engels voor klas 11 is geheel gewijd aan Minco’s korte verhaal, dat zij in 1957 schreef. De andere hoofdstukken gaan over onder meer The Tale of Melon City van Vikram Seth en Mother’s Day van J.B. Priestly.

Lees verder >>

Gedicht: Inge Boulonois • Letterfeest

Uit Vers gekruid, de nieuwe bundel van Inge Boulonois.

Letterfeest

Vanavond vieren ze hun eigen feestje
En komen kleurig uitgedost bijeen
Niet slechts in saai zwartblauw zoals voorheen:
De sjeu is trend bij menig letterbeestje

Gejoeld wordt er, geklonken en gedanst
De glazen worden alsmaar volgeschonken
De wulpse s begint voor tien te lonken
Warempel, zelfs de stijve u die sjanst!

Zijn vriend de q kijkt scheef, hij is eenkennig
Een polonaise zwiert naar de foyer
Gebroederlijk op kop gaan n en e
De vreemde x wil niks, voelt zich onwennig

Het gros is op het einde aangeschoten
Een lachbui overmant de zatte h
Ruig aan het klooien zijn de l en k
Alleen de m staat stevig op zijn poten

De zelfbewuste . krijgt eigenwaan
Verd . mt het v . . ralsn . g . m hier te staan

Inge Boulonois (1945)
uit: Vers gekruid (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Een klucht in meetkundige trant

Adriaan, , Geertruij, Hendrik, Lucia, Joost en Agniet op het frontispice van 1704

Door Ton Harmsen

Zoals ik in mijn vorige column schreef: in De wanhébbelyke liefde (1678) krijgt Hendrik te horen dat zijn meisje met zijn vader gaat trouwen en dat haar moeder op hem verliefd is. Hij is helemáál van zijn stuk als Agniet, de nicht van zijn meisje, hem aanraadt op de avances van zijn beoogde schoonmoeder in te gaan. Maar dat is een valstrik: 

[…] men zal niet toelaaten, dat een vader ’t kind
Van zyn zoons vrouw trouwt; men is niet ontzind,
Of dol in dit land, om dat te dulden: én veel minder
Dat een moeder haar schoonzoons zoon trouwt.
De wanhébbelyke liefde, vs. 387-390

En inderdaad, als de trouwplannen van het meisje met zijn vader en tegelijk die van de jongen met haar moeder bekend worden zijn de poppen aan het dansen: Lucia wordt de vrouw van Joost en daardoor de stiefmoeder van haar vrijer, die haar vader wordt, zodat zij ook zijn stiefdochter zal zijn. In spiegelbeeld gelden precies dezelfde complicaties voor Hendrik. Wie bedenkt zoiets? Deze duizelingwekkende constructie geeft meteen aanleiding tot heftige ruzie, die door Hendriks neef bezworen wordt:

Lees verder >>

Gedicht: Herman Gorter • Dat kouwe vleesch van een ander

Dat kouwe vleesch van een ander
Tegen m’n drooge handen
en mijn oogen onzichtbaar in den nacht –
dat koele sappige vleesch – en al de kracht
van me den nacht in – ’t is als dood,
alles zwart, geen wit, geen rood –
mijn heele hoofd lijkt wel koel,
er is nergens een doel –
zoo lekker zwart is de nacht,
zonder oogen, zonder gedacht,
dat natte nachtbad,
dat verdronkene, dat daggat,
dat rondom dauwig gevoel,
mijn hoofd is zoo lekker koel.

Herman Gorter (1864-1927)
uit: Verzen (1890)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Pas verschenen: Arnout De Cleene, Outsiderliteratuur

Literatuur geschreven door waanzinnig genoemde auteurs staat centraal in deze literatuurwetenschappelijke studie. Outsiderliteratuur heeft een bijzondere en complexe plaats in de culturele verbeelding. Enerzijds is het een marginaal fenomeen. Anderzijds is outsiderliteratuur niet weg te denken. Ideeën over de kruisbestuiving tussen waanzin, creativiteit en authenticiteit, maar ook de overtuiging dat waanzin en literatuur elkaar uitsluiten, zijn alomtegenwoordig. Daarnaast zijn er, afhankelijk van de auteur, de tekst, de plaats en de tijd belangrijke verschillen in de commentaren bij outsiderliteratuur. 

Lees verder >>

Gedicht: Harry van Doveren • Wereldgemiddelde

Wereldgemiddelde is een axiomatische bundel van Harry van Doveren. Bekijk hier de hele eerste pagina.

Wereldgemiddelde (fragment)

Winder Steeds Knipper Druk Knoest Inkt Jaren Meet Mist Krank Drom
Wot Tadus Mergen Moster Kap Netel Toem Wind Draam Over Snel
Wik Brood Op Treem Droemp Ai Lok Brim Zo Aap Vuur Iert Troes Ek
Of Neek Fed Valle Noi Mik Die Draai Tan Kik Drok En Humt Tum
Mening Treek Reist Pant Nuk Bezet Ni Drak Mok Jees Kram Vouw Dies
Fluk Meen Lut Braa Neek Werk Staak Morst Luk Ging Teet Zwep Toop
Lik Lost Meet Onzicht Wek Teter Oze Meest Nest Wek Teuter Lup Ost
Teken Wers Al Trip Lemer Fik Must Taanen Wuk Milst Pat Kit Oper Na
Ast Lak Umma Nik Lup Zakka Mecca Dien Nog Snoeps Ta Drosp Mun
Mur Drie Hoofd Das Most Nai Lak No Neur Emmie Took Teem Aander
Meest Tek Oom Eel Zee Te Doek Baais One Mee Trup Mur El Grote
Leks Kunst Mare Wortel Brok Steeds Merel Look Terel Mordus Neek
Krei Peen De Veger Kwetser Dier Leest Keem Moet Zeter Heun Uun Peet
Lik Fruut Bust Teter Ups Merk Lup Een Tand Frees Priem Steen Meester
Eir Leven Dram Zwaart Speen Orp Minkel Bove Kerst Pol Bouw Duf
Han Zuiger Menie Mortel Trap Neul Meers Nik Eindel Noi Pies Te eim
Der Zil Mokke Drie Leuf Teem Menne Teu Midoe Na El Liek Alla Midu
Nees Dreuk Luk Ook Tafel Nee Jaam Raak Tees Fuul Friem Eta Later
Viaal Sessie Meker Diar Open List Pun Peen Steker Luks Bia Noon Riem
Al Meri Das Opent Zeel Haps Laf Iel Bagel Neem Vallen Lucht Preek
Luiaard Tak Door Buig Pust Gretig Nood Vees Eente Laats Poor Bied
Rens Leum Peiger Tut Krus Mes Weil Kreem Schadel IJkpunt Gal Oos
Noos Kiets Zet Unt Al Umma Kern Pleem Neker Ul Inrie Erk Nomoon
Even Dwie Nees Rum Tikke men Hies Gene Neur Tuun Mut Wul Keum

Harry van Doveren (1953)
uit: Wereldgemiddelde (2020)

Lees verder >>

Waarom heet een theedoek in het Fries ‘skûlk’ en in het Nederlands niet?

Door Henk Wolf

Een schort is in het Fries een skelk en een theedoek wordt door een deel van de Friestaligen skûlk (uitspraak ‘skoelk’) genoemd. Beide woorden zijn ontstaan uit samenstellingen van twee woorden:

  • skelk < skerteldoek < skerte (‘schoot’) + -el- (tussenklanken) + doek
  • skûlk < skûteldoek < skûtel (‘schotel’) + doek

De woorden zijn heel sterk ineengeschrompeld: van doek is alleen de laatste -k overgebleven.

Lees verder >>

bevattelijk / vatbaar

Verwarwoordenboek Vervolg (177)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

bevattelijk / vatbaar

De woorden verschillen zo duidelijk in betekenis, maar … we willen dat niet.

Lees verder >>

Gedicht: Karel Leroux • Lied op landelijke wijze

Lied op landelijke wijze

“De bramen worden rijp, dra volgen ook de noten …”
en ’t is me of weer uw hand traag door mijn haren gaat,
terwijl hij stille spreekt; mijn oogen zijn gesloten
op deze zaligheid die weerom leven gaat.

Er was de reuk van grond en mist koelde onze slapen,
uw haar was goud, gelijk het vurig beukenloof,
en boven ’t klamme groen van beeten en van rapen
rookte er een rustig vuur van wrak aardappelloof.

— o Teerbeminde, uit gene dagen is mij gebleven
de ruimer liefde, die ’t onrustig hart verpoost;
al keert gij nimmer weer, ik heb voor gansch een leven,
herinnering en zelf-ontfermenden troost.

Karel Leroux (1895-1969)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Als je iets zou moeten, moet je het dan ook?

Door Henk Wolf

In de Trouw stond maandag een artikel waarin arbeidsjurist Pascal Besselink vertelt dat Nederlandse werknemers twee weken loon kunnen mislopen als ze op vakantie gaan in een land waarvoor het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse zaken een zogenaamd ‘oranje reisadvies’ heeft afgegeven.

Besselink wordt in dat stuk als volgt geciteerd: “Als je als werknemer zelf het risico neemt om naar zo’n gebied te gaan, wetende dat je bij terugkomst twee weken in quarantaine zou moeten, mag de baas gedurende die twee weken je loon inhouden.”

Iets verderop in het stuk spreekt Besselink die stellige uitspraak zelf tegen door aan te geven dat het niet zeker is of de werkgever werkelijk loon mag inhouden. Hij wordt dan als volgt geciteerd: “Er is nog geen werkgever of werknemer geweest die hiermee naar de rechter is gestapt. Als er zo’n zaak komt, is het afwachten wat daaruit komt.”

Lees verder >>

Uniek zijn, voor een historische bevolkingsadministratie

Voornamendrift 57

Door Gerrit Bloothooft

82% van alle Nederlanders heeft een unieke naam, als je tenminste alle voornamen en de achternaam gebruikt. Met alleen de eerste voornaam en de achternaam daalt dat percentage naar 46%.  Op basis van alleen een naam kunnen we niet iedereen identificeren. Omdat ik naar analogie met de huidige basisregistratie personen graag een historische bevolkingsregistratie (vanaf 1811) gerealiseerd zou zien, is het van belang om ieder individu uniek te onderscheiden. De ingrediënten daarvoor zijn de historische akten van geboorte, huwelijk en overlijden. Maar die zijn niet aan elkaar gekoppeld. Een vermelding van Jan de Jong die geboren wordt, huwt en overlijdt kan over verschillende personen gaan. Pas met meer informatie is het mogelijk om iemand uniek te identificeren. Maar welke informatie is daarvoor voldoende?

Lees verder >>

Was een universitaire loopbaan vroeger gemakkelijker?

Door Freek Van de Velde

Wie het reilen en zeilen van de academische wereld een beetje in de gaten houdt, wordt getroffen door de noodkreten van het gild. Op gezette tijden wordt geklaagd over de enorme werk- en publicatiedruk. De Nederlandse taal- en letterkundigen vormen geen uitzondering. Ook in het online tijdschrift Neerlandistiek staat geregeld een stuk over de vreselijke werkomstandigheden.

Lees verder >>