Dag van de Nederlandse Zinsbouw 12

De Dag van de Nederlandse Zinsbouw is een jaarlijkse workshop waar taalkundigen vanuit verschillende achtergronden (disciplines, theorieën) in debat gaan over thema’s die betrekking hebben op de zinsbouw van het Nederlands. Dit jaar is de dag geheel gewijd aan corpuslinguïstiek.

Tijdstip:
21 december 2018, 9.00-18.00 uur

Locatie:
Universiteit Gent (Faculteit Wijsbegeerte en Letteren)
Abdisstraat 1, 9000 Gent, België
lokaal A1.04 Lees verder

Geplaatst in evenementenagenda | Getagged | Een reactie plaatsen

Wat eet een vissetariër?

Door Roland de Bonth

Soms flauw, soms grappig, soms absurd. Dat zijn de sketches van het BNNVARA-programma Sluipschutters, waarin Ronald Goedemondt, Bas Hoeflaak, Leo Alkemade en Jochem Otten uiteenlopende typetjes spelen. Eén van mijn favoriete sketches speelt zich af in de winkel van – met ‘ambachtelijke’ spelling – Vleeschhouwerij en Poeliersbedrijf Korrel. Daar ontspint zich de volgende dialoog tussen slager (Jochen Otten) en klant (Bas Hoeflaak), daarbij gadegeslagen door een andere klant (Leo Alkemade). De bijbehorende beelden zijn hier te vinden.

Slager: “Zegt u het maar.”
Klant: ‘’Heeft u ook vleesvervangers?”
Slager: ‘’Nee, ik heb alleen vlees.”
Klant: “Groenteburgers?’’
Slager: ‘’Nee”
Klant: ‘’U verkoopt toch wel tofuproducten?’’
Slager: “Nee, wat ik zeg, alleen vlees.”
Klant: ‘’Soja? Iets met soja?’’
Slager: ‘’Hé, ben jij vegetarisch?”
Klant (opgewonden): ‘’Aha, nee, ik ben vegetaríër, ik éét vegetarisch. Niemand ís vegetarisch. Die fout wordt heel vaak gemaakt door mensen. Dus?”
Slager: ‘’Eh, dus ik bén vegetariër, ik éét vegetarisch.”
Klant: ‘’Nou, dat vind ik heel raar voor een slager, maar ik ben blij dat we het even hebben besproken, Korrel.”

Lees verder

Geplaatst in column | Getagged | 16 Reacties

Dicteezin (1/2)

Door Jan Renkema

Op 8 november vond het Groot Dictee Eindhoven plaats, gemaakt en voorgelezen door een bekende Turks-Nederlandse auteur-columnist met de voornaam Eus. Een dictee met hetzelfde uitgangspunt als het Taalstaat-dictee, komende zaterdag, 15 december: maakbaar voor iedereen die de regels kent. In Eindhoven eindigden deelnemers ex aequo met slechts één fout. Dus moest een beslissende ‘echt moeilijke’ zin van de juryvoorzitter (de auteur van deze tekst) uitkomst bieden. In de volgende zin had de winnaar, William Staals uit Budel, slechts vijf fouten!

Nog een keer oefenen voor het Taalstaat-dictee? Nee, de meeste woorden zullen daar niet in voorkomen, vermoed ik. Maar als u het echt niet kunt laten: ontdek dan in de volgende zin van 62 woorden 31 fouten. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , | 2 Reacties

Van p naar b in Nederland en Duitsland

Door Marc van Oostendorp

Vanmiddag promoveert Nina Ouddeken in Nijmegen, hoera! Nina is de eerste student die ik naar drie titels heb mogen begeleiden – eerst de bachelor, dan de master en nu dan het doctoraat. Het proefschrift dat ze vanmiddag verdedigt is daar dus de kroon op, en het is een fonkelende kroon.

Het gaat onder andere over een probleem dat mij al heel lang interesseert. Dat probleem heeft ermee te maken dat je Nederlandse p’s en b’s anders maakt dan Duitse of Engelse.

Wat is het verschil tussen pa en ba? In beide gevallen sluit je eerst je lippen, laat de lucht in je mond stromen, en laat dan plotseling los zodat de lucht met een kleine explosie naar buiten komt. Die kleine explosie is één component van het geluid. Een andere component is dat je op zeker moment je stembanden laat trillen. Het verschil tussen pa en ba is een verschil in timing.  Lees verder

Geplaatst in column, Hora est! | Getagged , , , | 5 Reacties

Gedicht: Hélène Swarth • De schim van mijn hond

De schim van mijn hond

Ik lag en wachtte, stil lijk in mijn graf,
En bad den slaap zijn koelen zegen af.

Ik lag te peinzen aan mijn trouwen hond,
Die sliep nu eenzaam in den kouden grond.

Plots hoorde ik zacht de tuindeur opengaan –
Ik lag verlamd, van beven bang bevaên.

O stil maar! ’t is een welbekende stap
Van donzen pootjes tripplende óp de trap.

En weer een deur, die heimlijk opensluit –
O ’t is mijn hond, die sloop zijn grafkuil uit.

O zeker dreef de koû van ’t graf mijn hond
Naar ’t veilig plekje, waar zijn mandje stond.

O zeker dreef de dorst van ’t graf mijn hond
Naar de eigen kamer, waar hij water vond.

– ‘O zoete ziel! o zieltje! ben je daar?
Je mandje is weg, geen water staat er klaar.

Ik wist het niet dat je zou komen weer,
‘k Had wel gezorgd dat je al vondt als weleer.

Ik kán niet opstaan, ‘k lig verlamd van schrik,
Maar ‘k wil je helpen, wacht – éen oogenblik.

Ik wil verwinnen ’t niet waarin ik zonk!’ –
Doch duidlijk hoorde ik dat mijn hondje dronk.

Hij dronk – en zuchtte – en sloop de trap weer af –
En ging heel zoet weer slapen in zijn graf.

Hélène Swarth (1859-1941)
uit: Bleeke luchten (1909)

———————————–

Geplaatst in gedicht | Getagged | Één reactie

Sarie en haar vriendinnen (1937)

Jeugdverhalen over joden (15)

Door Ewoud Sanders

Samuël zingt en speelt harp bij het ziekbed van zijn kleindochter Sarie. De naam van de illustrator is niet bekend.

Over Rudolf van Rossum, de auteur van Sarie en haar vriendinnen, is vrijwel niets bekend. Tussen omstreeks 1935 en 1940 schreef hij ten minste acht jeugdboeken. Dit waren voornamelijk zogenoemde fabrieksleesboeken: goedkope, gekartonneerde jeugdboeken die via colportage, warenhuizen en markten werden verkocht. Daarnaast publiceerde hij in het christelijke weekblad Het Schouwvenster.

Sarie en haar vriendinnen verscheen bij uitgeverij Edecea in Hoorn en beleefde één druk.

Samenvatting

Sarie is met haar grootvader Samuël naar Nederland gevlucht. Samuël komt oorspronkelijk uit Antwerpen, maar woonde eerder in Amerika en Rusland. In Rusland werd zijn gezin ‘opgejaagd als vee’. Sarie’s ouders zijn dood. Lees verder

Geplaatst in column | Getagged | Een reactie plaatsen

Hebben meertalige kinderen een slechter rapport?

Meertalige leerlingen doen het vaak niet goed op school. Is dat omdàt ze meertalig zijn? Waarom kunnen ze blijkbaar ook slechter rekenen? Het debat over of kinderen enkel Nederlands mogen spreken op school, verloopt soms heel emotioneel. Onderwijssocioloog Orhan Agirdag brengt rust: hij zoekt met facts en figures uit wat er aan de hand is.

(Bekijk deze video op YouTube.)

Geplaatst in video | Getagged | Een reactie plaatsen

Gedicht: Hélène Swarth • Voor mijn hond

Voor mijn hond

Ik kan u niet de onsterflijkheid beloven,
O zachte ziel van mijn gestorven hond!
Niet plante’ een kruis, het teeken van den bond
Tussche’ aarde en hemel, triomfantlijk boven
Uw arme groeve in ongewijden grond.
Het eeuwig heil waar stervende’ aan gelooven
Is niet voor u – uw teeder leven dooven
Kwam dood, geen engel, die een God u zond.
Waarom, mijn hond, moest gij van lijden beven,
Zonder de hoop, die stervenswee vergoedt?
Doch in mijn liefde zal uw liefde leven,
O kleine schim! zoolang ik leven moet.
En blauwe bloemen zal mijn trouw u geven
En stille tranen, heimlijk droeve en zoet.

Hélène Swarth (1859-1941)
uit: Bleeke luchten (1909)

———————————–

Geplaatst in gedicht | Getagged | Een reactie plaatsen

woord?woord (5/6)

Nultaal (12)

Door Jan Renkema

Zonder nul is er geen wiskunde. Zonder niets is er geen communicatie. Want niets in taal is niet niets, maar iets. In deze serie een verkenning van onder meer: de stilte, de spatie, de betekenis van de punt, wat er gebeurt tussen ‘navel’ en ‘truitje’, het inhoudsloze gesprek, ‘Dat hebt u mij niet horen zeggen,‘E 621’ op een verpakking en verbale reddingsvlotten. Niets?zeggend, nee: Iets!zeggend.

In deze miniserie binnen Nultaal gaat het over het niets tussen woorden in een speciaal soort samenstelling. Zie hierover Nultaal 8. Startpunt van de analyse is dat de relaties tussen de woorden te herleiden zijn tot drie basisrelaties: 1 de naamwoordelijke relatie, gebaseerd op het koppelwerkwoord ‘zijn’, bijvoorbeeld hoeslaken; 2. de werkwoordelijke relatie, met onderwerp of agens, lijdend voorwerp, enz., bijvoorbeeld moederliefde ; 3 de bijwoordelijke relatie, bijvoorbeeld maandabonnement. De vorige twee afleveringen gingen over naamwoordelijke relaties en werkwoordelijke relaties. Deze aflevering gaat over de derde basisrelatie, de bijwoordelijke relatie.

Een bijwoordelijke relatie is te herleiden tot een bijwoordelijke bepaling in de zinsontleding. Hier een voorstel voor een indeling, met voorbeelden: Lees verder

Geplaatst in column | Getagged , , , | Een reactie plaatsen

Wat verraadt jouw taal over jou?

Friet, patat of petat. Je hebt maar één woord nodig om te horen of de persoon tegen wie je spreekt een Vlaming of een Nederlander is. Maar je woordgebruik en je uitspraak vertellen nog méér dan alleen je woonplaats. Hoe dat komt en hoe dat werkt legt sociolinguïst Rik Vosters je haarfijn uit. Extra uitdaging voor tijdens het kijken (lees: luisteren): raden jullie waar de haast accentloze professor vandaan komt?

(Bekijk deze video op YouTube.)

Geplaatst in video | Getagged , | Een reactie plaatsen