Categorie: websites

Het oudste Sinterklaasverlanglijstje

Door Ton Harmsen

Jan Steen schildert voor ons een pakjesavond met vreugde en verdriet, maar Sinterklaasgedichten zoals wij die kennen, met grappige cadeau-aanbiedingen en plagerige opmerkingen waren er in de zeventiende eeuw nog niet. De zeer schaarse Sint-Nicolaasgedichten gaan niet over geschenken, maar over huwelijksaanzoeken. De heilige Nicolaus heeft ooit aan drie arme meisjes een bruidsschat gegeven – of eigenlijk: naar binnen gestrooid – om hen van de prostitutie te redden en daarom is de ‘koekvrijer’ een populaire speculaaspop. Aan de gegevens die Schotel daarover publiceerde in zijn Het Oud-Hollandsch huisgezin der zeventiende eeuw van 1867 valt weinig toe te voegen. Des te mooier is het dat er wel een soort verlanglijstje uit 1631 bewaard is. Een inventaris van Sinterklaasgeschenken, die een idee geeft van wat kinderen toen in hun schoen kregen — de Intertoysfolder van vier eeuwen geleden.

Lees verder >>

Nieuwe online tentoonstelling: Vergeten schrijvers tot leven gewekt

Eeuwige schrijversroem en een vaste plek in de literaire canon, het is lang niet iedereen gegund. Waarom kennen we nog wel J. Slauerhoff of Louis Couperus, maar niet Til Brugman of Margot Scharten-Antink? Onderzoeker Elli Bleeker van de KNAW Humanities Cluster dwaalde drie maanden door het omvangrijke archief van het Literatuurmuseum op zoek naar vergeten schrijvers. Op zoek naar de verhalen die het waard zijn verteld te worden, ondanks dat – of juist omdat – de schrijver in kwestie zich bevindt in de marge van de literaire orde. Dit resulteerde in de online tentoonstelling Spoorzoeken in het archief, die vanaf nu te bezoeken is op Literatuurmuseum.nl.

Lees verder >>

Nieuwe website: StreamGram

Wie waar ook ter wereld een lezing wil bijwonen over de theorie van de grammatica, hoeft daarvoor voortaan niet meer in het vliegtuig te stappen. Dat is de ambitie van de initiatoren van StreamGram, een nieuwe website dat zulke lezingen voortaan gratis streaming wil aanbieden. Bovendien moet zo een archief worden opgebouwd met lezingen uit het verleden.

StreamGram vindt u hier.

Digitale tentoonstelling: Christine D’haen: O kostbaar Majuskel

Christine D’haen overleed op 3 september 2009. Op 26 oktober 2019 organiseerde het Beschermcomité Campo Santo een herdenkingsviering naar aanleiding van de tiende overlijdensverjaardag van Christine D’haen.

Het Poëziecentrum heeft een digitale tentoonstelling ingericht die werd opgebouwd uit audiovisueel materiaal uit verschillende archieven en citaten bevat uit Uitgespaard zelfportret (Meulenhoff, 2004), de verzameling van haar autobiografisch proza. De tentoonstelling is hier te vinden.

Illiustratie: Christine D’haen, dichteres bij haar thuis in Brugge, october 1990. Bron: Wikimedia

Mercator sapiens, de wijze koopman en the wise merchant

Door Ton Harmsen

Onlangs verscheen bij AUP The wise merchant, een Engelse vertaling van de inaugurele rede die Caspar Barlaeus heeft uitgesproken op 9 januari 1632 toen hij hoogleraar werd aan het Athenaeum Illustre in Amsterdam. De vertaling is van Corinna Vermeulen en de inleiding van Anna-Luna Post.

Het boek brengt de gebeurtenissen in Amsterdam in de winter van 1631/1632 in herinnering: Vossius en Barlaeus hielden in januari hun inaugurele redes voor het Athenaeum Illustre, Hugo de Groot zat in dezelfde maand ondergedoken in Amsterdam. Hij werd in april voor de tweede keer, en nu definitief, uit de Nederlanden verbannen.

Vossius, Barlaeus en Grotius kenden elkaar al jaren. Hun correspondentie toont dat zij vriendschap voor elkaar voelden, en grote waardering. Hoe verschillend zij ook waren, alle drie spanden zij zich in voor vrede en verdraagzaamheid; alle drie hadden zij een afkeer van de theologische betweterij die de Nederlanden in haar greep had. Barlaeus had last van de contraremonstranten; hoewel hij niet tot de remonstrantse partij behoorde was het duidelijk dat daar zijn sympathie lag, en daarom werd hem het leven in Leiden behoorlijk zuur gemaakt. Intussen was hij wel een geliefd feestredenaar en een begaafd Neolatijns dichter; toen hij in 1631 van Leiden naar Amsterdam verhuisde voelde hij zich onmiddellijk thuis in de Amsterdamse dichterskring van Hooft en Tesselschade. Vossius had minder te lijden van de calvinisten: hij was beter in staat zich in de ivoren toren van zijn studeerkamer te verschuilen. Zijn diepgaande studie van de antieke en moderne wereldgodsdiensten bracht hem tot het inzicht dat god op verschillende manieren kan worden gediend, en dat niet één godsdienst het alleenrecht kon hebben. Bovendien werd hem duidelijk dat god vele gezichten heeft. Hij ruilde een gezaghebbend professoraat in Leiden voor een avontuur in Amsterdam, om in een riante woning in het centrum over een enorme bibliotheek te beschikken. Na zijn vertrek werden in Leiden de hoogleraarssalarissen verhoogd om verdere leegloop te vermijden. Hugo de Groot had groot aanzien als jurist, en ook als dichter van Neolatijnse poëzie en toneelstukken. Alle drie hebben zij een stempel gedrukt op het oeuvre van Joost van den Vondel, Grotius door zijn toneel, Vossius door zijn kennis van de retorica en de poëtica en Barlaeus door zijn lyriek.

Lees verder >>

Romans Vestdijk op DBNL

S. Vestdijk. Bron: Wikimedia

Vanaf vandaag, de geboortedag van Simon Vestdijk, zijn twaalf historische romans van deze veelzijdige auteur online beschikbaar in de DBNL. Hiermee worden deze werken, waarvan al enige tijd geen herdruk meer is verschenen, wereldwijd toegankelijk voor onderwijs en onderzoek.

Vestdijk werd geboren op 17 oktober 1898 en was geschoold als arts. Begin jaren dertig trad hij toe tot literaire kringen, onder andere als medewerker aan de tijdschriften Forum en Groot Nederland, en in 1934 debuteerde hij als romancier met Terug tot Ina Damman. Daarna verschenen nog vele romans, novellen, essays en gedichten van zijn hand. Zijn proza is zeer veelzijdig, zowel qua genre als qua thematiek. Vestdijk was samen met Harry Mulisch, Hugo Claus en Hella Haasse lange tijd kanshebber voor een Nederlandse Nobelprijs.

‘Ons Erfdeel’ wordt ‘de lage landen’

Vanaf 2020 krijgt het tijdschrift Ons Erfdeel een nieuwe naam. Het blad zal dan, net als de website, de lage landen heten.

Op 1 april 2019 heeft de onafhankelijke culturele instelling Ons Erfdeel vzw drie ambitieuze websites gelanceerd: een Engelstalige (www.the-low-countries.com), een Franstalige (www.les-plats-pays.com) en een Nederlandstalige (www.de-lage-landen.com).

De naamgeving is helder, coherent en consistent. De Lage Landen zijn dat deltagebied aan de Noordzee. De term heeft geen negatieve of politieke connotaties. In alles wat we doen, ligt de focus op dit gebied, dat in de praktijk meestal samenvalt met het Nederlandse taalgebied, Vlaanderen en Nederland.

We zijn dan ook van plan voortaan met deze naamgeving te communiceren. Daarom nemen we vanaf 2020 afscheid van de naam Ons Erfdeel voor het gelijknamige blad.

Lees verder >>

Nieuwe artikelen in Over Taal over basisgeletterdheid en grammaticale kennis

Twee nieuwe bijdragen in het online Tijdschrift Over Taal (ISSN 2593-8347 – jaargang 57 – september 2019):

  • Een replicaonderzoek naar de kennis van Nederlandse spelling en grammatica bij laatstejaarsleerlingen aso en vwo (door Filip Devos en Judit De Vilder)
  • Basisgeletterdheid. Of hoe het verzet tegen laaggeletterdheid een daling van het taalniveau zou kunnen veroorzaken (door Jordi Casteleyn)

Beide bijdragen zijn gratis downloadbaar op https://overtaal.be/.

Nieuwe posters De Alphaman

Op de website van De Alphaman zijn weer drie nieuwe posters met samenvattingen Nederlandstalige meesterwerken uit het (verre) verleden te vinden! Naast de Max Havelaar en tal van andere werken kun je nu ook samenvattingen vinden van Ferguut, Oeroeg en Terug tot Ina Damman.

Vergeet je altijd de inhoud van dat ene verhaal? Wil je Max Havelaar graag boven je bed hangen? Het kan! Download onze posters, print ze en lijst ze in!

Karel ende Elegast : gedigitaliseerd

Schrijft er iemand in dit online tijdschrift iets leuks over een zinnetje in Karel ende Elegast en dan moet ik zo nodig in een vlaag van beroepsdeformatie opmerken dat het zinnetje niet correct geciteerd is of dat de gebruikte editie niet deugde. Maar ik wil het goedmaken.

Nadat ik gezien had dat in de Lijst van gedigitaliseerde Middelnederlandse handschriften en drukken in binnen- en buitenlandse bibliotheken de link naar de rijmincunabel A (KB Den Haag 169 G 63) vastloopt, ben ik op zoek gegaan naar een alternatief, en heb dat uiteindelijk ook kunnen vinden.

Lees verder >>

Die Rose van Heinric

Door Hella Hendriks

op fol. 284v van hs. B

Regelmatig wordt naar de Oudfranse, dertiende-eeuwse Roman de la Rose verwezen in boeken en artikelen Zo ook nu weer in de Volkskrant (van 27 juni 2019) in verband met de tentoonstelling deze zomer over middeleeuwse tuinen in het Leidse Rijksmuseum voor Oudheden. Veel neerlandici weten hopelijk dat er zelfs twee Middelnederlandse vertalingen zijn: de fragmentarisch overgeleverde ‘Vlaamse Rose’ en de volledig overgeleverde ‘Brabantse Rose’ (van Heinric). Naar de Vlaamse Rose is onderzoek gedaan door Heeroma (1958) en later Van der Poel (1989). De Brabantse Rose is door zijn volledige overlevering en lengte (ruim 14.000 versregels) minder onderzocht. De editie van Verwijs uit oorspronkelijk 1868 (herdruk 1976) is noodgedwongen lang de standaard geweest.

Lees verder >>

Nederlandsche Historien

Door Lia van Gemert

P.C. Hooft (1581-1647) is vooral bekend gebleven om zijn gedichten, liedjes en toneelstukken. Maar zijn echte levenswerk waren de Nederlandsche Historien: de magistrale reconstructie van de periode 1550-1590, toen in België en Nederland de vrijheidsstrijd losbarstte. Hooft vertelt alles: de ideologie van deze opstand, de gevechten tegen de Spaanse vijand, de verdeeldheid in het Nederlandse kamp, de gevolgen voor de gewone mensen in de steden en op het platteland. En dat in een weergaloos proza, dat de lezers 1242 pagina’s lang onderdompelt in de sfeer van de zestiende eeuw, een tijd waarin in de Nederlanden een nieuwe wereld ontstond.

De 20 ‘boeken’ (delen) van de Nederlandsche Historien die tussen 1642 en 1654 verschenen zijn nu integraal raadpleegbaar en doorzoekbaar op de website van het Huygens Instituut. Ze zijn bovendien vertaald in het Nederlands van vandaag door drie specialisten: Eddy Grootes, Frank van Gestel en Arjan van Leuvensteijn. 

Ons Erfdeel vzw komt met drie nieuwe websites

(Persbericht Ons Erfdeel)

Op 1 april lanceert de Vlaams-Nederlandse culturele instelling Ons Erfdeel vzw drie nieuwe websites: www.de-lage-landen.com,www.les-plats-pays.com en www.the-low-countries.com. Daarvoor hebben we enkele mooie namen kunnen strikken als columnist. Zo willen we nog meer context geven bij cultuur uit de Lage Landen.

Verhalen vertellen over Vlaanderen en Nederland, dat doen we bij Ons Erfdeel vzw al jaren in drie talen, met scherpe pennen van geloofwaardige stemmen. Die verhalen verdienen een groter, breder en jonger publiek. Daarom lanceren we op 1 april maar liefst drie websites, in het Engels, Frans en Nederlands. Dezewebsites  hebben eenzelfde uitstraling, maar bieden andere inhoud aan.

Lees verder >>

Handschriften Eerste bliscap van Maria en Die zevende bliscap onser vrouwen online

Door Willem Kuiper

Op zoek naar een handschrift met daarin Vanden coninc Saladijn ende van Hughen
van Tabaryen belandde ik vanmiddag op de website van de Koninklijke Bibliotheek van België en zag dit op mijn scherm.

Onder Handschriften opzoeken ziet u onderaan staan: Bekijk enkele gedigitaliseerde handschriften online. Klikt u daarop dan ziet u vijf tabbladen met ‘tegels’, waaronder of waarachter de gedigitaliseerde handschriften schuilgaan. De oogst aan Middelnederlandse handschriften is vooralsnog schamel te noemen, maar ik heb de site geboekmarkt en zal hem regelmatig bezoeken in de hoop dat er snel wat handschriften aan toegevoegd worden.

De Middelnederlandse handschriften die digitaal raadpleegbaar zijn, en de links ernaar toe vindt u in de: Lijst van gedigitaliseerde Middelnederlandse handschriften en drukken in binnen- en buitenlandse bibliotheken. Wel even geduld oefenen, want de verbinding met de Brusselse server is traag.

Lees verder >>

Nieuwe proef en twee nieuwe leesclubs online op www.litlab.nl

Maandelijkse update LitLab, 28 februari 2019

Vanaf het najaar van 2018 verschijnt maandelijks nieuw lesmateriaal online in LitLab, een digitaal laboratorium voor literatuuronderzoek op de middelbare school. Dat materiaal ontwikkelt de redactie van LitLab in samenwerking met docenten, onderzoekers, studenten en docenten-in-opleiding. Lees verder >>

Een windbrief van P.C. Hooft

Door Willem Kuiper

Afgelopen vrijdag 25 januari vertelde ik u over de lancering van de
Digitale Charterbank Nederland (DCN) en wees ik u op dit stuk:

32 Windbrief, opgesteld door P.C. Hooft betreffende het bouwen van drie watermolens, 19-06-1643. 1 charter

alsook op de mogelijkheid om via de DCN-website direct contact op te nemen met het archief waar dit stuk bewaard wordt: het Regionaal Historisch Centrum Vecht en Venen. Ik heb dat gedaan en kreeg prompt antwoord.

Omdat het mij interessant leek voor de lezers van Neerlandistiek heb ik geïnformeerd naar de mogelijkheid dit stuk te fotograferen, al was het maar met een smartphone, zodat de Renaissancisten (in spe) onder ons Hoofts eigen handschrift en spelling onder ogen kunnen krijgen in een gedateerd en gelokaliseerd ambtelijk stuk. Lees verder >>

Digitale Charterbank Nederland (DCN) online

Door Willem Kuiper

Op dit moment wordt officieel het doek opgehaald en het licht aan gedaan voor de website https://charterbank.huygens.knaw.nl Voor de meeste neerlandici geen verplichte kost, maar voor de historici onder ons het bookmarken meer dan waard. Niet zo zeer om inzicht te krijgen in grond- en vastgoedprijzen in en rond een stad naar keuze in het jaar van mijn postcode, maar wel om te zien hoe men in zeker jaar in die stad spelde om zo te kunnen verifiëren of falsifiëren of een literaire tekst daar geschreven zou kunnen zijn. Oorkonden en vergelijkbare ambtelijke teksten, waarvan wij weten in welk jaar en in welke plaats zij geschreven werden, zijn onmisbare ijkpunten voor het lokaliseren van literaire teksten met een onbekende herkomst. Daarnaast zijn oorkonden goudmijnen voor onderzoek naar eigennamen en ook geven zij een authentieke kijk op de realiteit van alle dag, die weliswaar soms zichtbaar is in de randversiering van miniaturen, maar die nagenoeg altijd ontbreekt in literaire teksten.  Lees verder >>

De Leeuwendalers: Vondel imiteert Vergilius

Door Ton Harmsen

In 1646, een jaar voor het pastorale toneelstuk Leeuwendalers, publiceert Vondel zijn vertaling in proza van de verzamelde werken van Vergilius. De Herdersdichten voorop, dan de Lantgedichten en tenslotte de Aeneis. Die volgorde is de gebruikelijke, en Vondel zal hem gewaardeerd hebben: zijn interesse gaat in die periode uit naar de irenische en idyllische poëzie. Het frontispice van Jan Matham toont bovenaan keizer Augustus tronend op zijn adelaar, daaronder het portret van Vergilius, links de personificatie van het boerenbedrijf met vee, vruchten en bijen, rechts Calliope, de muze van het heldendicht met leeuw, klaroen en penaten, en onderaan de Mantuaanse zwaan als personificatie van Vergilius. Vondel draagt het werk op aan Constantijn Huygens, die hij aanspreekt als secretaris, rechterhand van Frederik Hendrik. Niet om geld te krijgen van de dichter of van de prins, zo naïef is Vondel niet. Met zijn herhaalde afwijzing van de bellicose politiek van de stadhouder heeft hij alle sympathie in Den Haag verloren.
Lees verder >>

Nuwe webtuiste: Afrikaanse kontemporêre drama argief

Hiermee wil ons graag die nuwe aanlyn drama-argief, die Afrikaanse kontemporêre drama argief aan u bekendstel.  Die argief is met die inisiatief van Deon Opperman en met die ondersteuning van die Dagbreek Trust gestig en is sedert November 2016 aktief.  Die doel van die AKDA is om ’n aanlyn databasis vir ongepubliseerde Afrikaanse dramas te skep – eerstens  om dit vir die nageslag te bewaar en tweedens om dit vir dramaliefhebbers, skrywers, vervaardigers en navorsers toeganklik te maak. Lees verder >>

Was dat Caspar Barlaeus die daar van zijn paard viel?

MuiderslotDoor Ton Harmsen

Een mooie brief schrijven is een kunst. In een gesprek kan je nog bijsturen als je ziet dat je woorden niet in goede aarde vallen, in een brief moet je van meet af aan de juiste toon treffen. Ook als het over een delicate kwestie gaat. Je ontvangt een uitnodiging voor een feestelijke bijeenkomt; je bent zeer gesteld op een ontmoeting van een van de gemeenschappelijke kennissen, maar je weet niet zeker of die is uitgenodigd. Wat kan je doen? Je kan moeilijk schrijven ‘ik kom alleen als je die schitterende schoonheid met haar warmbloedige kunstenaarsnatuur uitnodigt’. Maar Barlaeus kan het! Briljant, in de juiste hoofse termen en met bescheidenheid, vriendschappelijkheid en vooral humor.

Zijn brief van 12 juni 1640 gaat als volgt. Het Latijn geef ik erbij omdat de stijl van het origineel in mijn Nederlands geen recht kan worden gedaan. Net als Tesselschade Roemers was Barlaeus al enkele jaren weduwnaar; hij heeft een reden om zijn weduwnaarschap expliciet te vermelden.
Lees verder >>

De klucht van Olef Brom, het plezier van de ambiguïteit

Door Ton Harmsen

Ik ken geen mooiere bezigheid dan annoteren, maar ik houd niet van geannoteerde uitgaven. Ooit heb ik zelf met Ben Beenen twee uit Plautus’ Menaechmi vertaalde toneelstukken van verklarende aantekeningen voorzien. Toen dat meer haken en ogen bleek te hebben dan wij op onze schouders konden nemen riepen we de professionele steun in van de Leidse hoogleraar B.C. (Kees) Damsteegt. In zijn studeerkamer nam hij de complete teksten met me door, hij trok uit zijn boekenkast naslagwerken waarvan ik het bestaan niet vermoed had. We kregen nooit ruzie maar we werden het ook niet altijd eens. Ik leerde toen dat niet alle woorden één vaststaande betekenis hebben, en dat die Mehrdeutigkeit juist de charme van de lectuur vormt. Lezen is de aangename taak van de lezer, en juist daarom is het mateloos irritant als iemand je voorschrijft hoe je de woorden moet interpreteren en appreciëren

De lezer wil zijn eigen eruditie meebrengen en niet schoolmeesterlijk toegesproken worden. Bij de annotatie ‘Aristoteles: Grieks filosoof 384-322 v.Chr.’ vraag je je af wat je daar wijzer van wordt. Er bestaat een moderne editie van een toneelstuk waarin ‘leer-suchtige’ wordt verklaard als ‘leergierige’; ik hoopte vergeefs dat ‘leergierig’ verderop in de tekst zou voorkomen om daar als ‘leerzuchtig’ te worden geannoteerd.

Lees verder >>

Nieuwe proef en 3 nieuwe leesclubs online op www.litlab.nl

Maandelijkse update LitLab, 24 december 2018

Vanaf het najaar van 2018 verschijnt maandelijks nieuw lesmateriaal online in LitLab, een digitaal laboratorium voor literatuuronderzoek op de middelbare school. Dat materiaal ontwikkelt de redactie van LitLab in samenwerking met docenten, onderzoekers, studenten en docenten-in-opleiding.

Politiek en literatuur: 3 nieuwe leesclubs online

De wereld van vandaag staat bol van de politieke spanningen en literatuur is bij uitstek een medium waarop dergelijke spanningen verbeeld en becommentarieerd worden. Daarmee roept die literatuur allerlei vragen en discussie op over de relatie tussen politiek en literatuur. Deze maand werden drie nieuwe leesclubs gepubliceerd waarin leerlingen leren praten over (actuele) politieke thema’s en de literaire verbeelding, aan de hand van drie titels uit de afgelopen twee jaar: Lees verder >>

De nieuwe titels in de DBNL van december 2018

Simon Stevin (1548 – 1620) was een Vlaamse wiskundige met een grote belangstelling voor de Nederlandse taal. Zo veel belangstelling zelfs dat Stevin zijn wetenschappelijke werken niet in het Latijn schreef, zoals gangbaar was in zijn tijd, maar in het Nederlands. Dit betekende dat hij voor vaktermen als dividere en subtrahere Nederlandse alternatieven moest bedenken. Het is dan ook aan Stevin te danken dat wij woorden als delen en aftrekken, maar ook rechthoekig, driehoek, omtrek, wortel en meetkunde kennen. De DBNL brengt deze maand zijn Beghinselen der weeghconst (1568) online, met onder andere een van zijn verhandelingen over het Nederlands: ‘Uytspraeck van de weerdicheyt der Duytsche tael’. Lees verder >>

Een toneelstuk van Erasmus

095Rabus1684Door Ton Harmsen

Het indelen van de letterkundige werken is niet altijd even gemakkelijk. Bij het opstellen van mijn Census Nederlands Toneel, indertijd opgezet zonder andere pretentie dan een lijst te maken van alle oude Nederlandse toneelstukken in openbare bibliotheken, heb ik soms gordiaanse knopen doorgehakt. Niet uit iedere titel is duidelijk of het om een toneelstuk gaat, en vaak heb ik teleurgesteld een prachtig boek van mijn lijst gehaald toen ik het eenmaal in handen kreeg. Maar ernstiger is dat de definitie van een toneelstuk niet zo eenvoudig te geven is. Waar ligt de grens met de dialoog?

Het Leger-praetjen tusschen ses persoonen uit 1672 is een leerzame tekst voor wie wil onderzoeken hoe het rampjaar door de Nederlandse bevolking ervaren werd. Je zou het kunnen opvoeren,  net zoals het Oost-Indisch-praetjen van 1663, een gesprek over geldstromen en corruptie in Batavia. Niet alles met personages is een toneelstuk. Nog lastiger is de Opkomst der Oostindische Compagnie, met de voornaamste land- en zeegevegten (1711) door de Rotterdamse stadsbeschrijver Gerrit van Spaan. Volgens de titelpagina is dit opgevoerd in Batavia, maar de personages hebben geen eigen karakter: zij vertellen beurtelings een episode uit de geschiedenis van de VOC. Zo een stuk staat met één been in Ceneton.
Lees verder >>