Categorie: geen categorie

De middeleeuwse man had een piemel!

Door Marc van Oostendorp

In de middeleeuwen gingen de mensen niet alleen met elkaar naar bed, maar ze beoefenden daar allerlei standjes. Dat gegeven kan sommigen tot grote geestdrift brengen, en van die mensen is Herman Pleij de aanvoerder. Pleij is mogelijk de beroemdste van alle neerlandici, in ieder geval onder de tv-kijkers, en in veel opzichten is dat ook terecht: wie van ons kan zo meeslepend uit onze klassieke literatuur voordragen, staande op een tafel bij De Wereld Draait Door.

Als een neerlandicus in wezen een leraar is die zijn leerlingen eindeloos weet te boeien met anekdotes, met warm enthousiasme, met middagen lang voorlezen, dan is Herman Pleij de oerneerlandicus, de leraar die we nooit hebben gehad.

Lees verder >>

Het gelijk van de literatuur

Door Nico Keuning

Voor de serie Fouten boeken? herlas ik onlangs de roman Mystiek lichaam (1986) van Frans Kellendonk. In vele opzichten een ‘goed’ boek, dat door literatuurcritici destijds verkeerd werd begrepen: de schrijver werd op grond van uitspraken van personages in de roman beschuldigd van antisemitisme. Een kortzichtige conclusie over een boek, waarin essentiële maatschappelijke kwesties aan de orde worden gesteld die nu, twintig jaar na ‘het multiculturele drama’ van Paul Scheffer, nog steeds brandend actueel zijn. Al ruim dertig jaar geleden nam Kellendonk afstand van de multiculturele samenleving.

Lees verder >>

Hersengolven en taal

Door Marc van Oostendorp

De zogeheten hersengolven werken onder andere als een interne klok – en zijn daarom heel belangrijk voor het verwerken van taal. Een belangrijke puls in het gedeelte van het brein dat geluid verwerkt blijkt vrij precies te corresponderen met de lengte van lettergrepen in gewone spraak. Omdat hersengolven zich ook nog eens kunnen aanpassen aan externe stimuli, is spraak dus een manier waarop mensen vrij letterlijk op dezelfde golflengte komen!

Zeuven julij

Door Bas Jongenelen

Om geen verwarring te zaaien tussen 7 en 9 heeft ooit iemand bedacht dat het beter is om ‘zeuven’ te zeggen. Hetzelfde geldt voor juni en juli: julij moest het worden. Het had natuurlijk ook neugen en junij kunnen zijn, Of zaven en juloi. Of zijven en juleu. Volgens Twitter zijn zeuven en julij niet echt van deze tijd, vooral julij verkeert in een minderheid. De belangrijkste conclusie is dat de zeven-mensen eigenlijk nooit julij zeggen. Wat zeg jij eigenlijk? Tijd voor een glaasje jeneuver op de vrimibo.

Literatuur en burgerschap. Nederlandse identiteit van de vroegmoderne tijd tot vandaag. Online cursus.

Deze cursus is, als een pilot, geheel online te volgen. Er zijn online hoorcolleges van de verschillende docenten en online werkgroepen en feedbackmomenten. Hij is in eerste instantie bedoeld voor tweedegraads leraren die een eerstegraads bevoegdheid willen halen. Het materiaal is dan ook toegesneden op vakdidactiek, al zullen studenten die belangstelling hebben voor de maatschappelijke rol van literatuur, en communicatie daarover, ook veel kunnen leren. Lees verder >>

Gedicht: Antjie Krog • Lux aeterna

‘Lux aeterna’ staat in Broze Aarde, de nieuwe, tweetalige bundel van de Zuid-Afrikaanse schrijfster Antjie Krog, die de structuur heeft van een requiem, en “Een mis voor het universum” als ondertitel. De Nederlandse vertaling is van Robert Dorsman en Jan van der Haar.

Lux aeterna

want dit is natuurlijk onze verzuchting:
om tot inzicht te komen:
ik ben de bedelaar
ik praat leeuws
ik sneeuw
ik ben de boom waar de zaag tegen schreeuwt –

Lees verder >>

Gedicht: Eric van der Steen • De reiziger

De reiziger

Ik wandel door de drukke straat.
Het is nog licht. Het is niet laat.
Het is nog vroeg. Het is acht uur.
Wat moet dit worden op den duur?
Ik kijk elk meisje zichtbaar aan.
Waarom zou het hier anders gaan?
Ik wandel door, God weet waarheen.
Als het maar druk is om mij heen.
Ik wandel en het is mooi weer.
Ik voel: mijn borst gaat op en neer.
Dit leek nu iets: een vreemde stad,
maar na een uur ben je ook dit zat.
Ik kan het best naar huis toe gaan.
“Ik kan het best naar huis toe gaan.”
Naar huis. Naar het hotel. Naar bed.
Ik heb het zelf op touw gezet.
Ik maakte zelf dit goed bestaan.
Geen mensch begint van vooraf aan.
Ik ging zelf naar een vreemde stad.
Ik heb zelf niemand liefgehad.
Ik ga zelf naar het harde bed.
Nog jaren? God verhoede het.

Eric van der Steen (1907-1985)
uit: Nederlandsche liedjes (1932)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Collegaatje

Door Bas Jongenelen

Zelf zeg ik nooit ‘collegaatje’ als het over een collega gaat. Als het niet over een collega gaat, zeg ik het trouwens ook niet. Er zijn mensen die het wel zeggen. 9,6% van de ondervraagden zegt wel eens ‘collegaatje’, helaas heb ik niet kunnen achterhalen waarom iemand dat woord gebruikt. Zeg je het alleen bij kleine collega’s? ‘Ik heb een collegaatje die niet bij de printer kan.’ Maar dan nog… Ik ga er dan toch vanuit dat je ‘collegaatje’ slechts achter zijn of haar ruggetje om zegt. Hoe doet u dat eigenlijk? Praat er vanmiddag bij het borreltje en het kaasplankje over met uw collegaatjes.

Harnas van Hansaplast

Foute boeken? Uit de kast (12)

Door Nico Keuning

Charlotte Mutsaers publiceerde in 2017 Harnas van Hansaplast, een boek over haar vereenzaamde broer Barend (1950-2001), die dood werd aangetroffen in het ouderlijk huis aan de Nieuwegracht in Utrecht. Het boek werd door haar nieuwe uitgever Das Mag feestelijk gepresenteerd in De Rode Hoed, er was veel aandacht, er werd een interview gepubliceerd in het Volkskrant Magazine (28 oktober 2017), en toen ging het mis. In de lead van het interview van Sara Berkeljon werd melding gemaakt van ‘stapels porno’ die in het ouderlijk huis waren aangetroffen. Mutsaers en haar oudere zus A. stuitten op ‘een gigantische pornoverzameling’, ‘er was ook kinderporno bij’. Mutsaers bekende dat ze de hele verzameling had verkocht: ‘Ik vond het van mezelf ontzettend slim dat ik dat winkeltje nog kende, ik was eerlijk gezegd wel trots dat ik het durfde.’ Een rel was geboren. Het boek raakte besmet. Lees verder >>

2020: Matthias de Vriesjaar

Door Dirk Geirnaert

Tweehonderd jaar geleden, op 9 november 1820, werd in Haarlem Matthias de Vries geboren. Frits van Oostrom heeft hem ooit de aartsvader van de neerlandistiek genoemd. Terecht: Matthias de Vries zorgde onder meer voor monumentale tekstedities van Boendales Lekenspiegel (1844) en, in samenwerking met Eelco Verwijs, van Maerlants Spiegel Historiael (1863); in 1849 werd hij op 29-jarige leeftijd hoogleraar Nederlands in Groningen, een professoraat dat hij in 1853 inruilde voor de leerstoel Nederlands en Geschiedenis in Leiden;  De Vries legde daarnaast ook de fundamenten voor het Middelnederlandsch Woordenboek (MNW) en vooral voor het Woordenboek der Nederlandsche Taal (WNT). Het is met name door zijn pionierswerk in de wetenschappelijke lexicografie van het Nederlands dat hij zich binnen de neerlandistiek een uitzonderlijke en belangrijke positie verwierf.

Lees verder >>

Grote 3 van de 20e

Door Bas Jongenelen

Ineens waren ze er: de grote drie van de literatuur. De literatuur van de twintigste eeuw werd verpersoonlijkt door drie schrijvers die een aantal zeer behoorlijke boeken geschreven hadden. Had je die drie schrijvers gelezen, dan had je eigenlijk alles wel gelezen. Maar er was ook wat gerommel. Waren er niet vier schrijvers die ertoe deden? Men kwam er toen niet helemaal uit. Het is nu 2020 – er is genoeg tijd tijd verstreken om met enige afstand te kijken wat we ervan vinden. Wie van die vier waren dan die grote drie? Ik vroeg het op Twitter en dit was de uitslag:

De uitslag is niet verrassend, want conservatief. Maar ook wel een beetje jammer. Ik had gehoopt dat Wolkers toch een eindsprintje had ingezet. De opdracht voor deze vrijdagmiddagborrel: wie waren nou echt de grote drie van de Nederlandse literatuur van de twintigste eeuw? Van Ostaijen, Reve en Vasalis? Boon, Haasse en Bloem? Gooi de bitterballen maar in het vet.

Hoe kinderen door de politie worden verhoord

Door Marc van Oostendorp

Sommig taalkundig onderzoek zou ik nooit kunnen uitvoeren. Dat van Guusje Jol, die vandaag promoveert in Nijmegen, is een voorbeeld. Ik vond het al lastig om het te lezen. Dat laatste kwam door het onderwerp: politieverhoren van kinderen die getuige (en vaak ook slachtoffer) zijn in een zedezaak. Dat ik het ook niet zou kunnen uitvoeren, komt daarnaast doordat Jol zulk knap werk aflevert.

Lees verder >>

Fout

Foute boeken? Uit de kast (11)

 

Door Nico Keuning

Bij wijze van proeve van bekwaamheid kreeg ik in 1988 van de Chef Kunst van het Haarlems Dagblad het boek Fout van Boudewijn van Houten aangereikt ter recensie. Van Houten was voor zover ik weet het eerste kind van een NSB’er en SS’er dat er in een boek mee uit de kast kwam. Overigens zonder enig gevoel voor drama. De toon is ‘afstandelijk’ luidde mijn oordeel, ‘bijna laconiek’. In mijn bespreking van 18 februari 1988 lees ik: ‘Veel standpunten van de vader worden verworpen, maar soms ook wordt “his fathers voice” door een ongenuanceerde inleiding in een verdachte context geplaatst.’ Als voorbeeld noem ik de ‘halve waarheid’ van de vader in de jaren ’70: ‘Als er nu een partij kwam met ons programma, en die partij zou niet NSB heten, dan zou je eens moeten kijken hoeveel stemmen ze zouden krijgen.’ Een uitspraak met actuele waarde, maar zelfs als het waar zou zijn, maakt dat de NSB van toen niet minder fout.

Lees verder >>

3.000 werken op DBNL beschikbaar als XML

Vanaf vandaag zijn ongeveer 3.000 werken op DBNL beschikbaar gesteld als XML-bestand. Het gaat om boeken en tijdschriftjaargangen die behoren tot het ‘publieke domein’. Dat betekent dat ze auteursrechtvrij zijn en door iedereen vrij mogen worden (her)gebruikt voor ieder doel.

XML-bestanden zijn beter bruikbaar voor wetenschappelijk onderzoek dan de andere bestandsformaten op DBNL. Bezoekers van DBNL kunnen de individuele titels downloaden óf de gehele set (als ZIP-bestand). Hiermee gaat een langgekoesterde wens van onderzoekers in vervulling. Het is de bedoeling dat deze werken op termijn ook als .txt-bestand beschikbaar worden gesteld.

Aanleiding voor deze toevoeging is de jaarlijkse Publiek Domeindag. Publiek Domeindag is de dag waarop we de levens en creaties vieren van makers die meer dan zeventig jaar geleden overleden zijn. Precies op 1 januari, volgend op de dag van het overlijden van de maker, zeventig jaar geleden, vervalt namelijk het auteursrecht. Er is dan geen toestemming meer nodig om gebruik te mogen maken van deze werken. In 2020 is de Publiek Domeindag op 10 januari.

Vrienden

Foute boeken? Uit de kast (10)

 

Door Nico Keuning

Er ging een golf van verontwaardiging door twitterend en kwetterend Nederland na het tv-interview De schrijver, de moordenaar en zijn vrouw op 18 november 2019 van Twan Huys met Tim Krabbé, van wie ruim dertig jaar na de moord op Gerrit Jan Heijn in 1987 door Ferdi E. het non-fictieboek Vrienden was verschenen. ‘Onverteerbaar,’ schreef Renate van der Bas in haar tv-column in Trouw. Angela de Jong, tv-recensente van het AD, verweet Krabbé dat hij Ferdi E. ‘een integer man’ noemde. Mij was vooral de oprechte fascinatie van Krabbé opgevallen: geen obsessie met een crimineel, maar met iemand met wie de schrijver zich kon identificeren; hoe bestaat het dat een hoog opgeleide, intellectuele niet-krankzinnige een krankzinnige misdaad pleegt? Een fascinatie die Krabbé al eerder verwerkte in Het gouden ei (1984) en in Wij zijn, maar wij zijn niet geschift (2012) over de schietpartij van twee leerlingen op Columbine High School. Lees verder >>

Jezuïetenpannen

Door Michiel de Vaan

Een bezinnelijke Kerstvakantie thuis was het perfecte voorwendsel om Paul Begheyns De Nederlandse Jezuïeten. Een geschiedenis in 50 voorwerpen tot me te nemen. Het is een mooi uitgevoerd boekje met kraakheldere foto’s en deskundig commentaar van een historicus die ons meeneemt naar alle hoofdstromingen en zijtakken van de Jezuïeten in Nederland tussen 1540 en nu. Ik heb weer veel geleerd. Mijn oog bleef natuurlijk hangen aan een taalkundige opmerking (p.135): “Bij grote feesten in de orde, zoals een priesterwijding, werd een ‘pan’ opgevoerd, een woord waarvan de herkomst niet duidelijk is [mijn nadruk – MdV]. Deze ‘happening’ kan het best omschreven worden als satirisch cabaret, waarvoor veel jonge jezuïeten hun talenten als tekstdichter en zanger hebben ingezet.” Begheyn heeft het hier over een gebruik uit de 20e eeuw.

Lees verder >>

Liefdesverklaringen aan de Nederlandse taal in De Taalstaat

Hennie Vrienten componeert tune nieuwe taalrubriek ‘Lang leve de Nederlandse taal’

(Persbericht KRO-NCRV)

Het NPO 1-radioprogramma De Taalstaat laat vanaf 4 januari liefdesverklaringen aan de Nederlandse taal horen. Schrijvers, taalkundigen en tekstschrijvers komen aan het woord maar ook luisteraars worden opgeroepen te vertellen waarom ze onze taal zo mooi vinden. De hommages zijn te horen in de nieuwe rubriek ‘Lang leve de Nederlandse taal’. 

Lees verder >>

Het Nederlands is net Rottumeroog – en wel hierom

Door Siemon Reker

Wie leest – zo vergaat het mij – leest om de inhoud, er moet een knop om voor het schenken van aandacht aan de uiterlijke vorm. Als ik zie dat “een toenemend gebruikte constructie in het Nederlands aan Engelse invloed wordt gewijd”, ben ik al verder voor ik op de rem trap en teruglees: te wijden aan Engelse invloed? De schrijver moet wijden de plaats van wijten hebben laten innemen – het stukje citaat zou voorheen dus hebben kunnen zijn dat “een toenemend gebruikte constructie in het Nederlands aan Engelse invloed wordt geweten”. Wijden is regelmatig, het minder frequente wijten ‘de schuld geven aan’ niet.

Lees verder >>

Gedicht: Peter Verhelst • Al thuis

 

Uit Zon, de nieuwe bundel van Peter Verhelst. (Voorproefje.)

Al thuis

Dat je uit de auto stapte
en dat ik snel doorreed om je op te halen
straat in, straat uit, dat ik niet meer wist waar je was,
zei ik, terwijl je ongeduldig naast me zat te knikken,
sneller, zei je, maar je was alweer uitgestapt
toen ik mezelf zag voorbijrijden, tot zo, zei ik nog,
terwijl ik je al kon zien staan aan de overkant,
hevig zwaaiend, terwijl je instapte, zweterig
snel snel fluisterend en ik zwaar ademend
om die andere auto waarin ik zat de pas af te snijden.

Lees verder >>

Pas verschenen: Chris Dewulf, Klankatlas van het veertiende-eeuwse Middelnederlands. Het dialectvocalisme in de spelling van lokale oorkonden

Monumentale klankinventaris van de veertiende-eeuwse Nederlandse dialecten

Middeleeuwse oorkonden verraden een schat aan dialectvariatie. Ze vormen de bron van dit referentiewerk, dat door vakgenoten vóór het verschijnen al monumentaal wordt genoemd.

Lees verder >>

Hoe het schoolvak Nederlands in 2020 eindelijk gaat veranderen

Door Marc van Oostendorp

Er zijn allerlei redenen waarom mensen het schoolvak Nederlands willen veranderen.

Sommige mensen willen sowieso ieder schoolvak altijd veranderen, bijvoorbeeld omdat ze denken dat de jaren twintig van de eenentwintigste eeuw natuurlijk radicaal ander onderwijs vergen dan de jaren tien.

Lees verder >>