Categorie: pas verschenen

Gedicht: Inge Boulonois • Letterfeest

Uit Vers gekruid, de nieuwe bundel van Inge Boulonois.

Letterfeest

Vanavond vieren ze hun eigen feestje
En komen kleurig uitgedost bijeen
Niet slechts in saai zwartblauw zoals voorheen:
De sjeu is trend bij menig letterbeestje

Gejoeld wordt er, geklonken en gedanst
De glazen worden alsmaar volgeschonken
De wulpse s begint voor tien te lonken
Warempel, zelfs de stijve u die sjanst!

Zijn vriend de q kijkt scheef, hij is eenkennig
Een polonaise zwiert naar de foyer
Gebroederlijk op kop gaan n en e
De vreemde x wil niks, voelt zich onwennig

Het gros is op het einde aangeschoten
Een lachbui overmant de zatte h
Ruig aan het klooien zijn de l en k
Alleen de m staat stevig op zijn poten

De zelfbewuste . krijgt eigenwaan
Verd . mt het v . . ralsn . g . m hier te staan

Inge Boulonois (1945)
uit: Vers gekruid (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Pas verschenen: Arnout De Cleene, Outsiderliteratuur

Literatuur geschreven door waanzinnig genoemde auteurs staat centraal in deze literatuurwetenschappelijke studie. Outsiderliteratuur heeft een bijzondere en complexe plaats in de culturele verbeelding. Enerzijds is het een marginaal fenomeen. Anderzijds is outsiderliteratuur niet weg te denken. Ideeën over de kruisbestuiving tussen waanzin, creativiteit en authenticiteit, maar ook de overtuiging dat waanzin en literatuur elkaar uitsluiten, zijn alomtegenwoordig. Daarnaast zijn er, afhankelijk van de auteur, de tekst, de plaats en de tijd belangrijke verschillen in de commentaren bij outsiderliteratuur. 

Lees verder >>

Gedicht: Harry van Doveren • Wereldgemiddelde

Wereldgemiddelde is een axiomatische bundel van Harry van Doveren. Bekijk hier de hele eerste pagina.

Wereldgemiddelde (fragment)

Winder Steeds Knipper Druk Knoest Inkt Jaren Meet Mist Krank Drom
Wot Tadus Mergen Moster Kap Netel Toem Wind Draam Over Snel
Wik Brood Op Treem Droemp Ai Lok Brim Zo Aap Vuur Iert Troes Ek
Of Neek Fed Valle Noi Mik Die Draai Tan Kik Drok En Humt Tum
Mening Treek Reist Pant Nuk Bezet Ni Drak Mok Jees Kram Vouw Dies
Fluk Meen Lut Braa Neek Werk Staak Morst Luk Ging Teet Zwep Toop
Lik Lost Meet Onzicht Wek Teter Oze Meest Nest Wek Teuter Lup Ost
Teken Wers Al Trip Lemer Fik Must Taanen Wuk Milst Pat Kit Oper Na
Ast Lak Umma Nik Lup Zakka Mecca Dien Nog Snoeps Ta Drosp Mun
Mur Drie Hoofd Das Most Nai Lak No Neur Emmie Took Teem Aander
Meest Tek Oom Eel Zee Te Doek Baais One Mee Trup Mur El Grote
Leks Kunst Mare Wortel Brok Steeds Merel Look Terel Mordus Neek
Krei Peen De Veger Kwetser Dier Leest Keem Moet Zeter Heun Uun Peet
Lik Fruut Bust Teter Ups Merk Lup Een Tand Frees Priem Steen Meester
Eir Leven Dram Zwaart Speen Orp Minkel Bove Kerst Pol Bouw Duf
Han Zuiger Menie Mortel Trap Neul Meers Nik Eindel Noi Pies Te eim
Der Zil Mokke Drie Leuf Teem Menne Teu Midoe Na El Liek Alla Midu
Nees Dreuk Luk Ook Tafel Nee Jaam Raak Tees Fuul Friem Eta Later
Viaal Sessie Meker Diar Open List Pun Peen Steker Luks Bia Noon Riem
Al Meri Das Opent Zeel Haps Laf Iel Bagel Neem Vallen Lucht Preek
Luiaard Tak Door Buig Pust Gretig Nood Vees Eente Laats Poor Bied
Rens Leum Peiger Tut Krus Mes Weil Kreem Schadel IJkpunt Gal Oos
Noos Kiets Zet Unt Al Umma Kern Pleem Neker Ul Inrie Erk Nomoon
Even Dwie Nees Rum Tikke men Hies Gene Neur Tuun Mut Wul Keum

Harry van Doveren (1953)
uit: Wereldgemiddelde (2020)

Lees verder >>

Gedicht: Jan Vanriet • Dichter

Uit Heldenleven, de nieuwe, mooi uitgevoerde bundel (met bij ieder gedicht een gouache) van Jan Vanriet. Voor de illustratie bij ‘Dichter’ kijk hier.

Dichter

In den beginne was het woord en het woord behoorde hem toe
Hij bedacht en fabriceerde het, verwrong en wierp achteloos weg
Daar stond hij, een beetje God in het voetlicht, een geverfde keizer
gezonden uit de duisternis als verwarrend geheel
Ik zat op drie meter, bewonderde zijn schoenen, de modieuze bril
van een Romeinse filmregisseur; ik las knisperende gedichten
in zijn vaste hand
Klankgenot wanneer hij zijn broeders toesprak, de poëten —
kale katers die hij over de schedel aaide; ze spinden, wisten niet beter
Hij noemde hen klerken, geblinddoekt en gekorfd, rilde
vanwege de kilte die uit andermans kleren in hun verzen waait
Kortom: vlerken, kwetterende dwergen, hun bestaan
tot voetnoot gereduceerd
De klap was pijnlijk en vernederend, maar wij voelden verlossing
bereid onze andere wang toe te keren

Jan Vanriet (1948)
uit: Heldenleven (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Mattijs Deraedt • Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn

Uit De schaduw van wat zo graag in de zon was blijven staan, de debuutbundel van Mattijs Deraedt. Nog drie gedichten hier.

Wat je moet weten voor je beslist om een man te zijn

Een man zijn betekent niet huilen
wanneer je broers je Pokémonkaarten verscheurd hebben.
Anders landt je grootvader als een loodzware vogel op je schouders.

Een man zijn betekent je herinneringen samendrukken
tot ze als diamanten uit je voorhoofd barsten.

Een man zijn betekent je niet als vlinder
laten schminken, maar als schedel.

Een man zijn betekent je benen niet kruisen op de trein
maar tongzoenen met het hiphopmeisje
dat op je schoot komt zitten.
‘Of ben je een homo misschien?’

Een man is een jachtgeweer.
Hij draagt zijn spieren als een blinkend harnas,
laat zich kruisigen tot hij glimlachend
in een jacuzzi van bloed baadt,
een glas whisky in de hand.

Een man is kanonnenvlees.
Zijn mond heeft de vorm van een loop.

Een man is een acteur.
Niemand weet wat de rol inhoudt,
maar iedereen wil hem spelen.

Een man zou een dichter kunnen zijn,
maar daar heeft de wereld al jongens voor.

Mattijs Deraedt (1993)
uit: De schaduw van wat zo graag in de zon was blijven staan (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Adriaan Krabbendam • Woudlied

Uit Liederen uit het oerbos, de debuutbundel van Adriaan Krabbendam (gister jarig).

Woudlied

stronkel niet

het woekert van welig en welste over de vloer
dripdrapt van druiphars en gekeept is het stammental
om schorswater vogellijm ochtval en voorvocht
(het meeste is melk)

er dwalen verdoolde stammen van boogpijl voorziene componisten
ooit achtergelaten door euvel paalplassende poelproducenten
er klijven behaaide walmzwalpers en vooral in de dalmtijd
actieve wamtasten vaak vingerend wetend van prooi

stronkel niet

Lees verder >>

Gedicht: Els Moors • Hoe heter hoe beter: klimaatlied

Els Moors (vandaag jarig) was van 2018-2020 Dichter des vaderlands van België. De gedichten die ze ambtshalve schreef, zijn nu gebundel in Knalpatronen, waarin de gedichten ook in het Frans en Duits zijn opgenomen, en soms in het Arabisch en Afrikaans.

Hoe heter hoe beter: klimaatlied
auto’s die drijven op een zee van plastiek
naar hete planeten vandaag ben ik ziek
ik heb koorts van de liefde
ik heb koorts van de brand
ik heb koorts van mijn moeder
geen boom op haar strand
is veilig voor ‘t water
dat komt waar het gaat
hoe heter hoe beter
en ja ook op straat
zee doet niet mee en is morgen kapot
één chimpansee later en dan ben ik god
ik heb koorts van de liefde
ik heb koorts van de brand
ik heb koorts van mijn moeder
geen boom op haar strand
is veilig voor ‘t water
dat komt waar het gaat (x2)

Els Moors (1976)
uit: Knalpatronen (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Katwijks woordenboek

Weet u wat een bakkerammetje is of een lampedanser? En wat maeltije zijn of rouspoeleweegaste? En wat Katwijkers zeggen als ze een vlieger inhalen? Of wat ze bedoelen met ’n fies mit ’n pakje bròòd achterop? Het is allemaal te vinden in het Katwijks woordenboek, met voorin een duidelijk klankenoverzicht, zodat we weten hoe we de woorden moeten uitspreken, en achterin een handige ‘lemmawijzer’, een opzoeklijst Nederlands-Katwijks waarmee de woorden in het woordenboek gemakkelijk te vinden zijn. Het Katwijks woordenboek geeft meer dan 7000 woorden en uitdrukkingen, van ààge tot zwùrrever.

Leendert de Vink, Jaap van der Marel. Katwijks woordenboek. Leiden, Primavera Pers, 2020. Bestelinformatie bij de uitgever.

Nieuw nummer ‘TNTL’ verschenen

Jaargang 136, 2020, nummer 2

Artikelen

Liesbeth Augustinus & Cora Cavirani-Pots, ‘Give it a try! Comparing constructions with Dutch proberen and Afrikaans probeer

Riet Schenkeveld-van der Dussen, ‘Cats’ Self-stryt een Arminiaanse tekst?’

Sarah Badwy & Yra van Dijk, ‘Het gruwelijke gezicht van de geschiedenis. De politieke betekenis van de allegorie bij Boeli van Leeuwen’

Lees verder >>

Gedicht: Annemarie Estor • Kosmologie

Uit De bruidsvlucht, de nieuwe bundel van Annemarie Estor.

Kosmologie

Het universum is een fles Beaujolais
met onderin een paysage,
wat schaapjes en gras,
gestippelde paarden in een grot,
en wij op de péage langs een dorp,
in deze nacht, zoevend langs de bijna-tijd,
de mogelijkheid tot vuurwerk,
manden vol ambachten,
keukens met koperen pannen,
en op de fles hebben de goden
aangeschoten sterrenbeelden gedoodled.

Lees verder >>

Gedicht: H.C. ten Berge • Szymborska

Uit In tongen spreken, de nieuwe bundel van H.C. ten Berge.

Szymborska

Wat had ik graag nog eens met u gepraat, mevrouw Wisława.
Gepraat, maar liever nog gedronken – Poolse thee
of uitgelezen wodka – en geluisterd naar uw taal
vol ironie, uw humor en vlijmende mildheid
om het ontoereikende bestaan te verdragen.

‘Jakhalzen met zelfkritiek zijn onbestaanbaar,’ lees ik
in uw ‘Lof van de geringe eigendunk’.
Ik verbrand subiet mijn kleren,
scheer mijn hoofd, strooi as op mijn schedel
en verscheur mijn papieren.

Lees verder >>

Nieuwe Mededelingen, nieuwe perspectieven

Over verdraagzaaamheid, dwarsheid, vrouwelijke seksualiteit, een molenaar en een Pruisisch lied

Onlangs zag het nieuwe nummer van de Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman het licht, het eerste nummer van jaargang 43: ruim negentig bladzijden met bijzondere artikelen over Nederlandse en Duitse literatuur en de daarin beschreven levens. De artikelen reiken van de jeugd- en leerjaren van de in heel Europa befaamde Bernardus Nieuwentyt (1654-1718) tot het lievelingsverhaal van Multatuli. In het openingsartikel van Rietje van Vliet over ‘de molenaar van Sanssouci’, het verhaal waar Multatuli zo dol op was, komt de Verlichting als bron van inspiratie aan de orde.

Lees verder >>

Gedicht: Roelof ten Napel • twee sonnetten

Twee ‘sonnetten’ uit In het vlees, de nieuwe bundel van Roelof ten Napel. (Voorproefje).

Sonnet CXXI (liedje)

mijn vriend bekijkt de klerenkast
in onze tijdelijke kamer
en herhaalt, zingend,
het woord mottenballen —

mottenballen mottenballen mottenballen,
alsof het iets
te betekenen heeft,

ik weet niet wat, dus
ik glimlach
om mijn hachje te redden en
hem niet te bezeren,

bedenk me dan dat ik eigenlijk niet weet
wat een hachje is, en
of hij hem misschien niet al heeft


Lees verder >>

Gedicht: Laurine Verweijen • Luister

Laurine Verweijen’s debuutbundel Gasthuis is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs.

Luister,

er gebeurt van alles in deze hoek
het een nog mooier dan het ander,
zwart ramt het kartel omver, wit schuurt
de harde kanten. Eén vuist slaat voor een ander
op tafel, een enkele achtergebleven traan
wordt tussen twee wimpers vandaan geplukt.
Alles wat ook maar een beetje kan wuiven, wuift:
zijden doeken, maiskolven, lange borsten
De handpalm met de langst nog mogelijke lijnen
strijkt plooien in een oude huid glad – en hoe hard
er ook gesproken wordt, hoe luid ook het getetter,
door alles heen klinkt – wonderbaarlijk genoeg
een strak geregisseerd gefluister

Laurine Verweijen (1981)
uit: Gasthuis (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Jens Meijen • Anachronisten

Jens Meijen’s debuutbundel Xenomorf is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs, die morgen wordt toegekend. Voorproef hier.

Anachronisten

Op mijn scherm
een dakterras in bijna zomer
vrienden roken, debatteren soulmates;
muziek golft benzine mijn aders binnen.
Paul Kalkbrenner. Azure.

Verre wolken zouden ons nooit bereiken, druppelen elders uit.
Radiator van een ronkend lichaam
aan de lucht schuift langs
hoe licht en lucht kan uitglijden
tegelijk, met dezelfde onhandige bedoeling
van splitsen in purper.

Lees verder >>

Gedicht: Iduna Paalman • Audit

Iduna Paalman’s debuutbundel De grom uit de hond halen is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs, die komende vrijdag wordt toegekend.

Audit

Er bestaat een groep riskmanagers, ik ben er een van. We komen graag
samen in een huis met gematteerde ramen, taxeren de dreigingen, verdelen
ons zorgvuldig over de straten.

Al op de eerste hoek weet ik een schaafwond uit een tegel te schrapen,
een clash uit een auto, een grom uit een hond. Botten bevrijd ik
van hun prematuur gevormde breuken, parkeergarages
van hun diep in de staalconstructies verscholen rekenfouten.
Uit een vrouw verwijder ik het weggaan, uit het kind
de vroegtijdige verlating.

Van wat pijn lijdt en kouvat neem ik de besmetting weg. Ik repareer
wat harig schuurt, roestig drupt, weerloos naakt op de akker staat.
Kompasnaalden in zakken van traag volgezogen jassen, stikgevaar
in stilstaande adem, de onderstroom in vreemde gangen, sluizen
in manieren van praten

’s avonds rapporteer ik: alles wat misging is voorkomen, alles wat
jankte kan rustig gaan slapen.

Iduna Paalman (1991)
uit: De grom uit de hond halen (2019)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Jérôme Gommers • Ik ging z’n lof zingen

Jérôme Gommers’ debuutbundel Momentums laadklep is een van de vier genomineerden voor de C. Buddingh’-prijs, die komende vrijdag wordt toegekend. Hieronder het openingsgedicht. (Uitgebreide voorproef hier).

Ik ging z’n lof zingen, want alles was mooi en lelijk. Ik zong,
zoals ik gebekt was, veranderlijk, wisselvallig, eigenlijk zonder

eigen stem. Nu eens melodisch, bijna romig, alsof ik iets
onappetijtelijks wilde bedekken. Dan weer krasserig als een mes

in de bast van een boom – oooh die binnenkort werd gerooid
Vaak was het alsof een hand zich door mij heen dreef. Aha, mij

bespeelde. En inderdaad: ik opende mijn mond tot klankkast.
O keel, steelse verhefboom en beerput, monding en bron.

Hele talen verdwenen. En daarom: leef aanstaande dode taal. Leef
samengestelde werkwoorden, leef afgeklad, ingeklonken, door-

gelegen. Leef ten onzent, terdege, terwijl. Leef grijze balkenbrij
uit roze koppen, roze koppen uit grijze brij. Laat de houtworm

werkelijk voedsel worden, dat ons eten spreken, ons spreken eten
wordt – wat dat ook betekene. Laat de blijstift van hiers overzijde

hardelijke gummen, dags verwenteling ter glorie, dags verkrassing
tot een lippendienst aan ontoonbaar – o dat wij nooit meer spraken

loze, dat weij nooit meer wraakten het wrakhout onzer woning…
etceterâh etceterâh*

(‘Nou nou, trouwens…’)

Jérôme Gommers (1961)
uit: Momentums laadklep (2019)

*uitspreken zoals Joseph Brodsky dat zo mooi kon


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Mark Boog • twee gedichten

Door Mark Boog gekozen uit zijn nieuwe bundel Liefde in tijden van brand.

Laat barbaren binnenvallen.
Laat grenzen sneuvelen,
linten door hoogwaardigen.
Annexeer, assimileer ons,
reken ons tot een volk,
verlicht ons. Deze landkaart,
nu al historisch, handgekleurd,
oudtijds, met goudgehoogd
wat van belang is, de lijnen
en symbolen op deze kaart
blijven aan betekenis winnen.
Steeds minder heden, relatief bezien.
Toen we overlopen werden, ooit,
door elkaar bezet, en we niet
anders konden dan ons overgeven,
is een oorlog ooit afdoende
gedocumenteerd, een land
door cartografen rechtgedaan?
Elke korrel zand? De woestijn?
Laat ons tot elkaar behoren,
omdat het niet anders kan.

Lees verder >>

Gedicht: Heidi Koren • de embryo | de baby | de peuter

Uit Wie dit leest is gek, de tweede bundel van Heidi Koren.

de embryo | de baby | de peuter | het kind | de tiener | de
puber|de jongere| de jongen | het meisje | de volwassene | de oudere | de
bejaarde | de dode
de normale | de achterlijke | de hoogbegaafde
de witte | de zwarte | de donkere | de rest
de Nederlander | de buitenlander | de asielzoeker | de vluchteling | de
Europeaan | de EU-burger
de legale | de illegale
de bekende | de onbekende
de voorstander | de tegenstander
de arme | de modale | de rijke
de voorstander | de tegenstander | de rebel | de meeloper |
de burger | de delinquent | de politicus
de verbouwde | de omgebouwde | de natuurlijke
de gezonde | de zieke | de gehandicapte | de misvormde
de standaard

de mens

Heidi Koren (1975)
uit: Wie dit leest is gek (2020)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Froukje van der Ploeg • 23 juli, 02:23

Uit de cyclus ‘Insomnia’ in Nachtvangst, de nieuwe bundel van Froukje van der Ploeg.

23 juli, 02:23

Ik kijk naar de dingen die wel slapen, mijn katers
in rondjes, de gesloten paarse bloemen buiten
mijn kind met knuffels, ze ademen, voelen niet
het gebrek aan lucht in mijn longen om uit te blazen
vroeger was er meer zuurstof op deze planeet. Gisteren

onverwacht het hoofd waar ik op uitgekeken ben.
We hebben de akte van berusting getekend.
Hij staat hier en straalt geen berusting uit. Ik denk
aan escalatie, straatverboden, ontzeggingen, kapot
glas, een spoor bloed.

Hoe ik me een zeehond op een zandbank
voelde met hem, die alleen maar lag te wachten
op de komst van het water, hij gooit zand
in mijn gedachten. Raakt mijn lichaam niet meer.
Ik zoek een recept voor teflon. Uiteindelijk
zijn daders altijd mensen die je kent.

Froukje van der Ploeg (1974)
uit: Nachtvangst (2020)

Foto: raymond noë


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

Gedicht: Jacques Hamelink • De Zot op zondagochtend

Uit Solituden, songs, de nieuwe bundel van Jacques Hamelink.

De Zot op zondagochtend

Op blote zwarte voeten voort schuift hij.
Gerafelde broekspijpen, hemd gescheurd.
Een zwakhoofdige staakrechte schuifelaar.

Met achter de horizon buigende ogen, woest
haar, gretig zich voorbrabbelende kwijlmond
schuift hij pijlsnel over de veldweg nader.

De hoeve van Abraham van Hoeve staat dood.
Alles naar de kerk vertrokken. Naar gewoonte
onafgesloten het huis, het harmonium open.

Lees verder >>

Nieuw nummer ‘Spiegel der Letteren’ verschenen

Jaargang 61, 2019, nummer 3


Artikelen

Lars Bernaerts en Siebe Bluijs, ‘Waar hoort het hoorspel? Over de plaats van het Nederlandstalige hoorspel in oeuvres, poëtica’s en literatuurgeschiedenis’

Hans van Stralen, ‘Huize Warmond. Over de rol van het huis in de poëzie van Ellen Warmond’

In margine

Mike Kestemont en Folgert Karsdorp, ‘Het Atlantis van de Middelnederlandse ridderepiek. Een schatting van het tekstverlies met methodes uit de ecodiversiteit’

Boekbeoordelingen

An Faems over Cornelis van der Haven en Jürgen Pieters (red.), Lyric Address in Dutch Literature, 1250-1800

Kris Steyaert over Lucien Custers, Alleen in de wervelende wereld. Het leven van Johan Andreas dèr Mouw en over Johan Andreas dèr Mouw (Adwaita), Mijn taalorkest. Een ruime keuze uit ‘Brahman’

Hans Anten over Annemiek Recourt, Moralist van de ontrouw. Jan Greshoff (1888-1971)

Fabian R.W. Stolk over Ryanne Keltjens, Boekenvrienden. Bemiddelende kritiek in Nederlandse publiekstijdschriften in het interbellum

Sandra van Voorst over Nico Laan, Medemakers. Sociologie van literatuur en andere kunsten

Zie voor meer informatie Spiegel der Letteren

Gedicht: Alfred Schaffer • Wat ooit gruwelijk was is één grote grap

Uit Wie was ik, ondertitel strafregels, de nieuwe bundel van Alfred Schaffer.

Wat ooit gruwelijk was is één grote grap

rennend de cassaveheuvel af.
in het begoochelende laatste beetje licht.

met mijn toverstok van hout waarmee ik joelend
klein gevogelte de stuipen op het lijf jaag.

suikerdiefjes kieviten en musduiven.
een tumultueuze kluwen die hysterisch op de vlucht slaat
voor mijn eenpersoonsmilitie. Lees verder >>

Pas verschenen: Acta Neerlandica 15 over schrijvende diplomaten

Onlangs verscheen het nieuwe nummer van Acta Neerlandica. Bijdragen tot de Neerlandistiek van de afdeling Nederlands van de Universiteit van Debrecen (in Hongarije) geheel gewijd aan diplomatenschrijvers en schrijvende diplomaten. Behalve artikelen over onder meer Hieronymus Balbus, László Teleki, Albert Helman en F. Springer bevat het nummer ook interviews met Ferenc Postma, Judit Gera en Michiel van Kempen. Het nummer kan hier gratis worden geraadpleegd als pdf.