Categorie: Neerlandistiek voor de klas

Schoolvak Nederlands onterecht op de schopstoel

Door Helge Bonset

Het schoolvak Nederlands is ontzield en wordt mede daardoor door leerlingen niet gewaardeerd, stelt Theo Witte (Volkskrant, 21 september).

Voor de waardering beroept Witte zich op onderzoek bij havo- en vwo-leerlingen in de bovenbouw. Dat onderzoek is gepubliceerd in Levende Talen Tijdschrift (2018/3, p. 26-36), waarvan ik hoofdredacteur ben. Lees verder >>

Het gaat niet goed met het schoolvak Fries

Door Henk Wolf

Het schoolvak Fries is geen groot succes. Een flink deel van de Friese scholen haalt de wettelijke kerndoelen niet. Dat blijkt uit onderzoek dat Albert Walsweer en Nynke Anna Varkevisser van de NHL Stenden Hogeschool de afgelopen jaren hebben uitgevoerd. Ze presenteerden de resultaten daarvan afgelopen donderdag in Heerenveen op de conferentie Frysk yn it ûnderwiis.

Walsweer en Varkevisser hebben zeer gedetailleerde gegevens van vrijwel alle scholen verzameld. In hun lijvige rapport It is mei sizzen net te dwaan is te zien dat van de basisscholen in het Friese taalgebied net iets meer dan de helft alle of bijna alle doelen haalt. Van de scholen voor voortgezet onderwijs is dat ongeveer tweederde. Lees verder >>

MOOC Middelnederlands ontvangt jaarprijs Wetenschapscommunicatie

Door redactieteam MOOC Middelnederlands

Zowat een jaar geleden vierden we samen met u het emeritaat van professor Frank Willaert. Op die dag stelden we MOOC Middelnederlands aan u voor, een reeks online-colleges over de hoogtepunten van de Middelnederlandse literatuurgeschiedenis. Het project heeft een vliegende start genomen: de colleges worden in Vlaanderen en Nederland veelvuldig bekeken en – vooral – op structurele wijze ingezet in het onderwijs. Sinds de lancering vonden zo’n 60.000 geïnteresseerden hun weg naar de website! Lees verder >>

In het spoor van Reynaert de Vos (lespakket)

Door Glenn Bosmans

In de lessen Nederlands komen de Middelnederlandse verhalen doorgaans pas in de hogere jaren van het secundair onderwijs aan bod. Waarom zo lang wachten? De ongemeen boeiende literatuur uit die periode kan immers alle leeftijden begeesteren. Bovendien is het belangrijk dat leerlingen op jonge leeftijd kennismaken met ons cultureel erfgoed.

Van den vos Reynaerde geldt als één van de absolute hoogtepunten in de Middelnederlandse literatuur. Rond het hoofdpersonage ontwikkelde ik een themabundel voor de B-stroom. Dat is in Vlaanderen het eerste jaar van het secundair onderwijs, voor leerlingen die nog niet alle leerstof van het lager onderwijs hebben verwerkt. In verschillende etappes doet Reynaert, op een aan de doelgroep aangepast niveau, zijn belevenissen uit de doeken. Aan elke etappe is een leerstofonderdeel gekoppeld dat verband houdt met het verhaal. Er werd over gewaakt dat de opdrachten overeenkomen met de ontwikkelingsdoelen voor het onderwijsvak Nederlands. De focus ligt niet louter op leesplezier, ook taalvaardigheid en taalbeschouwing komen aan bod in zorgvuldig opgebouwde oefeningen. Met het oog op differentiatie werden er heel wat extra, uitdagende oefeningen opgenomen in de bundel. Achteraan vindt u als lesgever een handleiding terug waarin de beoogde ontwikkelingsdoelen expliciet staan vermeld. Bovendien werden enkele didactische tips bijgevoegd. Lees verder >>

Kwispelend en dravend door een bos

Door Robert Chamalaun

Tijdens een lesje spelling kwamen mijn leerlingen en ik onlangs een zin tegen waarin een hond al kwispelend en dravend door een bos ging. In de betreffende zin moest van het werkwoord draven de persoonsvorm verleden tijd correct gespeld worden. De correcte vorm is draafde en het werkwoord gedraagt zich dan ook als een compleet regelmatig werkwoord (dravendraafdegedraafd). Verschillende leerlingen hadden echter beredeneerd dat de verleden tijd droef moest zijn, in analogie met graven. Een volstrekt legitieme redenering, leek mij.

Van oudsher kent het Nederlands verschillende typen werkwoordvervoegingen: het sterke (onregelmatige) type en het zwakke (regelmatige) type. Daarnaast zijn er werkwoorden die niet van oorsprong sterk zijn, maar wel een onregelmatige vervoeging hebben (half-onregelmatige werkwoorden) (ANS). Denk bijvoorbeeld aan werkwoorden als bakken (bakbaktegebakken) of vragen (vragenvroeggevraagd). In dit laatste voorbeeld verandert de <a> ook in de digraaf <oe>. Met andere woorden, het is helemaal niet zo vreemd dat leerlingen dachten aan droef [x] als verleden tijd van draven. Lees verder >>

Zo doorgaan met het Nederlands kun je niet

Door Luck van Leeuwen en Julia Naaborg

Dit is een open idee voor een ieder die zich bekommert om de Nederlandse taal en van plan is de komende jaren bij te dragen aan (mogelijke) hervormingen aangaande het schoolvak Nederlands, zoals neerlandici-in-opleiding, leraren, leraren van leraren, schrijvers van examenprogramma’s en politici.

De Duitse dichter Rainer Maria Rilke stond in het Louvre oog-in-oog met een beeld van Rodin: de torso van Apollo. Het maakte grote indruk op hem, blijkens het gedicht Archaïscher Torso Apollos, dat hij over deze overrompelende ervaring schreef. De slotregels zijn beroemd:

 und bräche nicht aus allen seinen Rändern
aus wie ein Stern: denn da ist keine Stelle, 
die dich nicht sieht. Du mußt dein Leben ändern.

De studie Nederlandse Taal en Cultuur had op ons eenzelfde overrompelend effect. We werden ontroerd door alle verhalen, zowel uit de taal- als de letterkunde. Tegelijkertijd groeide onze verbazing echter over de aanzienlijke kloof tussen het curriculum van het vak Nederlands op de middelbare school en het vakkenpakket van de universiteit. Meer algemeen bleek ons optimisme en idealisme over de rol van de neerlandistiek in de wereld niet altijd te stroken met maatschappelijke ontwikkelingen; er ontspon zich een pittig debat over het Nederlands, zoals mede blijkt uit de open brief van Lotte Jensen over de verengelsing van het universitair onderwijs, de rol van de historische letterkunde in de lerarenopleidingen en de vreemde situatie dat een hoogleraar Nederlands een 7.5 haalt voor het eindexamen. Er moet ‘iets’ gebeuren, zo blijkt. Lees verder >>

Vergeten woorden en onbekende betekenissen

Literatuur lezen om je woordenschat te vergroten

Door Roland de Bonth

Zittend onder een parasol in een on-Nederlands warme tuin, waarin de planten nog meer naar water snakken dan ik, onderneem ik een poging mijn boekenlijst van de middelbare school te reconstrueren, want een geschreven lijst heb ik helaas niet meer in mijn bezit. Met de historische letterkunde heb ik weinig moeite. Deze boeken werden klassikaal gelezen en toegelicht en zijn goed blijven hangen: Beatrijs (middeleeuwen), Mariken van Nieumeghen (overgangstijd), Vondels Joseph in Dothan (17e eeuw), Starings Jaromircyclus (18e eeuw), Beets’ Camera Obscura (integraal wel te verstaan!) en Multatuli’s Max Havelaar (19e eeuw). Lastiger is het om de titels uit de twintigste eeuw uit mijn geheugen op te diepen. Hoewel ik alle boeken daadwerkelijk gelezen had – zo’n braaf jongetje was ik wel – lukt het me toch niet helemaal om de 25 werken tellende lijst te complementeren. Dat er 33 jaren zijn verstreken na mijn eindexamen, kan hopelijk als een verzachtende omstandigheid worden aangedragen.

Bij de titels die ik nog wel wist te achterhalen, viel me het relatief grote aantal Vlaamse schrijvers op: Johan Daisne (De trein der traagheid), Hubert Lampo (De madonna van Nedermunster), Ward Ruyslinck (Het dal van Hinnom) en Marnix Gijsen (Lucinda en de lotoseter). Overigens zijn ook de laatste drie werken klassikaal gelezen; van al die boeken waren op mijn middelbare school klassenstapels aanwezig. Lees verder >>

Taal op tv is zeg maar een ding.

Een reisprogramma over taal en cultuur als inspiratiebron.

Door Petra Poelmans

Met enige regelmaat kunnen we ons verheugen op aandacht voor taal op de televisie. Vaak is dat in de vorm van een spelletje zoals bij 10 voor Taal en S.P.E.L. Marc van Oostendorp schreef al eerder over hoe jammer het is dat taal veelal tot spelling en regeltjes verwordt in een spelformat. Over taal valt zoveel meer te zeggen en mét taal zoveel meer te doen.

Taal kunnen we gebruiken om onze gedachten te uiten, om met elkaar te communiceren. Dat communiceren gaat heel vaak goed, maar soms ook niet. Dan begrijpen we niet wat de ander zegt, of we zeggen niet wat de ander begrijpt. Elkaar begrijpen kan nog complexer worden wanneer er sprake is van communicatie tussen sprekers van verschillende culturen. Een programma waarin een cultuur bekeken wordt aan de hand van taal, dat zou best leuk én interessant kunnen zijn. Dat moeten Paulien Cornelissen (presentator) en Jelle Brandt Corstius (regie) ook gedacht hebben. Zij maakten voor de VPRO het programma Tokidoki, dat soms in het Japans betekent. Tokidoki (vanaf 16 september te zien op NPO2), is een reisprogramma waarin Paulien Cornelissen Japan bezoekt en waarin elke aflevering opgehangen wordt aan een woord uit het Japans. Hoe het programma er precies uit gaat zien en hoezeer taal werkelijk een centrale plaats krijgt, weten we natuurlijk niet. Maar de aankondiging ‘In Tokidoki kijkt Paulien Cornelisse met haar blik op taal naar het land’ klink in elk geval veelbelovend. Lees verder >>

Help! Sagaam dreigt te verdwijnen!

Door Roland de Bonth

Eind 2017 schreef ik voor de rubriek Neerlandistiek voor de klas een bijdrage met de titel ‘Betekenisvol schrijven – Sagaam’. Het volledige artikel is hier te lezen. Sagaam, zo schreef ik daar, is een in december 2015 gelanceerd online internetplatform, waar bijzondere herinneringen en gebeurtenissen uit iemands leven kunnen worden gedeeld met anderen. Het initiatief kon rekenen op de steun van Nelleke Noordervliet, Adriaan van Dis en Rudi Westendorp, die gedrieën ambassadeur van de site werden.

Zelf raakte ik evenzeer enthousiast over Sagaam en als docent heb ik leerlingen uit de brugklas grappige, spannende en ontroerende verhalen laten optekenen uit de mond van hun vaders en moeders, opa’s en oma’s. Hopelijk zijn ook anderen met behulp van de praktische handleiding voor leerkrachten in het PO en VO aan de slag gegaan met Sagaam in de klas. Lees verder >>

Nog enkele plaatsen vrij in docentontwikkelteams

 Door Erwin Mantingh
namens de Meesterschapsteams Nederlands

Op de namiddag van 19 september a.s vindt in Utrecht de (door)start plaats van een aantal docentontwikkelteams, die ditmaal een looptijd van een half of heel jaar zullen hebben. In drie teams is er voor het schooljaar 2018-2019 nog plaats voor een aantal enthousiaste docenten die onder het motto van de Meesterschapsteams Nederlands, ‘meer inhoud, meer plezier en betere resultaten’, met vakwetenschappers en vakdidactici inspirerend onderwijs willen ontwerpen.

Van september 2018 tot januari 2019 zijn er twee kortlopende DOT’s (vijf bijeenkomsten; kosten €250): Lees verder >>

In memoriam Wim Drop

Door Carel Jansen & Daniël Janssen

Op 21 juli van dit jaar is prof. dr. Wim Drop overleden in zijn woonplaats Amersfoort. Hij is 89 jaar oud geworden.

Voor ons beiden is Wim Drop van grote betekenis geweest, als docent, promotor en leermeester. Maar veel groter nog was zijn betekenis voor het vak Taalbeheersing en voor de Utrechtse afdeling met diezelfde naam, die hij eigenhandig heeft opgericht.

Zijn academische carrière begon eind jaren zestig bij het Instituut De Vooys in Utrecht. Daar ging hij aan het werk als letterkundige, gepromoveerd op de historische roman. In die jaren schreef hij behalve inleidingen bij toen al vrijwel vergeten klassiekers als De Boekanier en De Renegaat ook – samen met anderen – vernieuwende schoolboeken voor het voortgezet onderwijs. Met name de close reading benadering die in Indringend lezen centraal stond, heeft een grote invloed gehad op het Nederlandse literatuuronderwijs. Lees verder >>

Naar aanleiding van het overlijden van Wim Drop

Door Ghislain Duchâteau

Het overlijden van een belangrijke didacticus Nederlands doet mij denken aan de tijd dat zijn werk in de actualiteit was. Dat is dan wel een hele tijd geleden. Toch blijven een aantal aspecten en ideeën van Wim Drop tot op zekere hoogte doorwerken in het actuele onderwijs Nederlands.

In mijn didactische bibliotheek Nederlands grijp ik dicht bij de hand het werk Taalbeheersing. Handboek voor taalhantering van dr. W. Drop en Drs. J.H.L. de Vries uit 1974. Daarbij hoort een Oefenboek 1 bij Taalbeheersing Preliminaire vaardigheden eveneens van beide auteurs uit 1974. Ook reik ik naar Inlevend lezen. Een cursus verhalen lezen, bij Wolters-Noordhoff in 1983 gepubliceerd. En dat is nog niet alles. Van Drop/De Vries is ook Ter informatie. Leergang samenvatten & schrijven van zakelijke teksten en het daarbij horende Docentenboek steeds bij dezelfde uitgever in 1976 gepubliceerd. Lees verder >>

De gemiste kansen van “Beter Onderwijs Nederland”

Door Marc van Oostendorp

Wie zou er niet voor beter onderwijs zijn? Ik vermoed dat er weinig mensen zijn die dik tevreden zijn met de status quo en nog minder die vinden dat het wel wat een tandje minder kan allemaal, in het Nederlandse onderwijs.

In dat opzicht is Beter Onderwijs Nederland (BON) goed gekozen, als naam voor de vereniging waarvan de wijsgeer Ad Verbrugge het boegbeeld is. Een club mensen die zeggen dat het nu wel allemaal genoeg is geweest met alle onzin en dat iedereen die van goede wil is, zich eens moet verenigen om een einde te maken aan het gepruts! Laten we desnoods zelf scholen inrichten, en hogescholen! Universiteiten! Laten zien hoe het allemaal beter kan!

Een van hun slogans is trouwens ‘Leve het gezond verstand!’ Wie wil dat niet? Lees verder >>

Advies examen Nederlands

Door Christine Brackman

De champagne mag open! Wat twee jaar geleden begon met de docentenconferentie Nederlands Nu! en een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer is nu afgerond in een mooi advies over het examen Nederlands. Gisteren boden we het advies aan aan Theo Douma van Curriculum.nu. Metteke de Vries-Kolman en ik schreven dit advies samen met Hanneke Gerits, Wilma van der Westen en Gert Rijlaarsdam van de sectie Nederlands van Levende Talen. In dit advies zijn ook de uitkomsten opgenomen van de draagvlakpeiling, die ruim 400 collega’s invulden. Onze grote dank hiervoor! Je vindt de volledige tekst hier. Op naar betekenisvol leesvaardigheidsonderwijs en meer aandacht en (maatschappelijke) waardering voor schrijfvaardigheid!

Judith Rispens: “Taalproblemen van vmbo’ers zijn voor de wetenschap minstens even interessant als het vwo-eindexamen”

Door Marc van Oostendorp

Judith Rispens. Foto: Jelle Zuidema

Voor VakTaal, het tijdschrift van de IVN, interviewde ik Judith Rispens, sinds begin dit jaar hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hieronder staat een sterk verkorte versie van dat interview. De langere versie kun je lezen in de nieuwe VakTaal (toch al erg de moeite waard).

”Toen ik in Groningen Nederlands ging studeren werd ik in eerste instantie vooral getrokken door de letterkunde, maar tijdens mijn opleiding ontdekte ik de taalkunde, en dan vooral de psycholinguïstiek. Wat verklaart dat sommige kinderen bepaalde aspecten van de taal gemakkelijker en sneller onder de knie krijgen van anderen? Wat voor rol spelen algemene cognitieve factoren? Is er bijvoorbeeld een relatie tussen dyslexie en het aanleren van de vormen van het Nederlandse verkleinwoord?”
Lees verder >>

Wie doet er mee met een nieuwe ronde DOT’s?

Door Erwin Mantingh
namens de Meesterschapsteams Nederlands

Op 19 september a.s. ronden zes docentontwikkelteams (DOT’s) Nederlands hun werk af met een presentatie van lesmateriaal dat zij hebben ontwikkeld. Tegelijkertijd vormt deze dag de (door)start voor een aantal docentontwikkelteams die ditmaal een looptijd van een half of heel jaar zullen hebben. In drie teams is er voor het schooljaar 2018-2019 nog plaats voor een aantal enthousiaste docenten die samen met ons het schoolvak Nederlands willen vernieuwen. Onder het motto van de Meesterschapsteams Nederlands, ‘meer inhoud, meer plezier en betere resultaten’, zullen docenten, vakwetenschappers en vakdidactici in deze zogenoemde DOT’s samen inspirerend onderwijs gaan ontwerpen.

Van september 2018 tot januari 2019 zijn er twee kortlopende DOT’s (vijf bijeenkomsten; kosten €250,-; aanmelding t/m 31 augustus a.s.): Lees verder >>

Het nut van literatuurlessen

Door Marc van Oostendorp

We hadden het met wat taalkundigen over het nut van literatuurles. De meeste van ons hebben daar een gecompliceerde relatie mee. Iemand vertelde bijvoorbeeld dat ze was aangetrokken tot de neerlandistiek omdat ze letterkundige wilde worden. Pas daarna ontdekte ze de taalwetenschap, omdat de literatuurwetenschap haar was tegengevallen.

De consensus in ons groepje was dan ook nogal negatief: je hebt er niks aan, lessen over literatuur. Maar ik was het daar toch niet mee eens.

Natuurlijk zijn er films en schilderijen. Natuurlijk is er muziek. Natuurlijk zijn er emoji’s en bewegende gifjes. Natuurlijk is dat allemaal aantrekkelijk, en natuurlijk kun je een belangrijk deel van je leven doorbrengen met al die middelen, en een bevredigend leven hebben. Maar literatuur, kunst gemaakt van taal, biedt je dingen die je op geen enkele andere manier kunt krijgen: een benadering van wat er omgaat in de binnenkant van iemands hoofd.  Lees verder >>

Over de grote opdrachten van het leergebied Nederlands

Reflectie op het tweede tussenproduct Curriculum.nu

Door de meesterschapsteams Nederlands – Letterkunde en Taalkunde/Taalbeheersing

Net als in de eerste feedbackronde van Curriculum.nu zoeken de Meesterschapsteams Nederlands voor hun feedback een breed draagvlak binnen de neerlandistiek, waaronder de hoogleraren en enkele sleutelfiguren van de universitaire opleidingen Nederlandse Taal en Cultuur, de LOVN (de universitaire vakdidactici Nederlands) en de hoogleraren vakdidactiek Nederlands. Deze ronde hebben de meesterschapsteams ervoor gekozen om een samenhangend reflectiedocument te schrijven, waaruit dan aan het einde de feedback op de afzonderlijke consultatievragen wordt afgeleid. Dit is gedaan uit de volgende overwegingen:

  • De feedback van de meesterschapsteams vertoont zelf een samenhang en opbouw, die in het fragmentarische karakter van de afzonderlijke consultatievragen gemakkelijk verloren gaat of tot herhalingen leidt;
  • In een reflectiedocument is ook ruimte om concrete tekstsuggesties te doen;
  • Er is in de tweede ronde meer tijd tussen de feedbackbijeenkomst (16 juni 2018) en de inleverdatum van de feedback (6 juli 2018).

Het reflectiedocument ordent de feedback in een aantal algemene punten, die in de tekst nader worden uitgewerkt. Na een analyse van het begrip grote opdrachten volgt eerst een bespreking van de samenhang tussen de opdrachten onderling en de samenhang met het visiedocument, en vervolgens enkele overwegingen over de samenhang binnen de opdrachten. Vervolgens signaleren we enkele algemene lacunes en terminologische onduidelijkheden, en we sluiten af met een bespreking per grote opdracht, en een suggestie voor een additionele opdracht. In een bijlage vermelden we nog de feedback die we via de geëigende kanalen zullen indienen.

U vindt het reflectiedocument hier.

Maak kennis met de (Utrechtse) Neerlandistiek

De opleiding Nederlandse Taal en Cultuur van de Universiteit Utrecht lanceert vandaag een serie van zeven kennisclips over actueel Utrechts onderzoek naar de Nederlandse taal en cultuur. De kennisclips zijn primair gericht op middelbare scholieren die een studie Nederlands overwegen of bijvoorbeeld een profielwerkstuk willen schrijven. Voor een breed publiek van belangstellenden met interesse in de neerlandistiek zijn ze ook interessant.

Introductie Kennisclips Nederlandse Taal en Cultuur

(Bekijk deze video op YouTube.)

1. Hoe zit het Nederlands in elkaar?

(Bekijk deze video op YouTube.)

2. De medische bijsluiter versimpelen: kan dat wel en hoe dan

(Bekijk deze video op YouTube.)

3. Wat is goede taal en wie bepaalt dat?

(Bekijk deze video op YouTube.)

4. Zijn er grenzen aan wat je kunt zeggen in Nederland

(Bekijk deze video op YouTube.)

5. Hoe kunnen we het beste omgaan met meertaligheid?

(Bekijk deze video op YouTube.)

6. Kan je door het bestuderen van literatuur de samenleving beter begrijpen?

(Bekijk deze video op YouTube.)

Lees verder >>

Nascholingsreeks Grote Vragen van het Nederlands

In schooljaar 2018-2019 organiseert de Universiteit Utrecht voor het eerst de nascholingsreeks Grote vragen van het Nederlands. Het is een reeks van vier interdisciplinaire colleges, waarin universitair docenten laten zien hoe in Utrecht letterkunde, taalkunde en communicatiekunde worden gecombineerd in gezamenlijke onderwijs- en onderzoeksprojecten. De colleges zijn bedoeld als inspiratiebron en nascholing voor docenten Nederlands en voor leerlingen met een interesse voor taal en lezen: docenten krijgen ieder college een lesidee mee naar huis, leerlingen kunnen ideeën opdoen voor hun profielwerkstuk.

Dit zijn de vier lezingen van 2018-2019: Lees verder >>

De eerste LitLab-leesclubs staan online!

De LitLab leesclubs bieden een digitaal spelsysteem waarmee leerlingen in groepjes van 4 tot 6 kunnen discussiëren over een Nederlandstalige roman. Een virtueel kaartspel levert ze quiz- en discussievragen over de gelezen tekst. Leerlingen lezen de vragen van een smartphone of tablet. Momenteel zijn in samenspraak met docenten leesclubs opgericht voor zes recente romans, van Niña Weijers, Franca Treur, Hanna Bervoets, Koen Peeters, Murat Isik en Marjolijn van Heemstra. Dat aantal zal de komende maanden worden uitgebreid. Ook worden de leesclubs onderdeel van het lespakket dat voorbereidt op de Inktaap 2019. Lees verder >>

Middelnederlandse literatuur voor het onderwijs

Door Jan Uyttendaele

Deze bibliografie bevat een aantal tekstuitgaven van en websites over Middelnederlandse literatuur die bruikbaar zijn in het secundair/voortgezet onderwijs. Wetenschappelijke tekstedities zijn alleen opgenomen als ze ook een vertaling (hertaling) van de tekst in hedendaags Nederlands bevatten. Alle aanvullingen zijn welkom: jan.uyttendaele@gmail.com Lees verder >>

Lesopdrachten bij Taalcanonfilmpjes

Door Mathilde Jansen

Bij de zes animatiefilmpjes van de taalcanon zijn ook lesopdrachten verschenen. Deze zijn ontwikkeld door de makers van de gratis digitale lesbrief TLPST. TLPST is de lesbrief die Nieuw Nederlands (Noordhoff uitgevers) samen ontwikkelt met Genootschap Onze Taal. De lesbrieven verschijnen 10 x per jaar en zijn gemaakt voor de onderbouw van het voortgezet onderwijs. Hieronder geven we bij elk filmpje de link naar de betreffende lesbrief.

Kun je een nieuwe taal maken?

Er zijn op de wereld ongeveer zesduizend verschillende talen. Voor sommige mensen is dat nog niet genoeg: zij bedenken er nieuwe talen bij. Waarom doen ze dat? En kan dat eigenlijk wel, een nieuwe taal maken?

TLPST48-mei2018 Lees verder >>