Categorie: Naamkunde

Verandering van voornaam

Voornamendrift (43)

Door Gerrit Bloothooft

Journalisten vragen vaak of mensen van voornaam veranderen. Ik denk dat ze vooral willen weten of iemand een andere naam kiest dan in de jeugd werd gedragen. Het gaat er niet om dat Franciscus vanaf zijn geboorte Frans is genoemd, daarover schreef ik eerder aan de hand van een corpus roepnamen. Maar of Frans later Arne genoemd wil worden en dat ook officieel vastgelegd wil hebben in de basisregistratie personen. In de vorige bijdrage onderzocht ik dat voor transgenders. Nu eens kijken hoe vaak het zonder geslachtsverandering voorkomt en welke namen niet bevallen.

Lees verder >>

Schel en andere dorado’s

Door Wouter van der Land

Van het Zeeuws-Vlaamse stadje Terneuzen weet ik niet veel meer dan dat er een kanaal naartoe leidt, dat ze er de ‘h’ niet uitspreken en de ‘g’ juist als ‘h’: ik eb mien uus hries heverfd. Maar ook dat daar een subtropisch zwembad is met de naam ‘Scheldorado’. Het werd laatst genoemd in een bericht over achterstallig onderhoud. Hoe komt zo’n curieuze naam tot stand? En wat kun je met die kennis?

Lees verder >>

Als je voornaam niet meer past

Voornamendrift (42)            

Door Gerrit Bloothooft

De meeste mensen zijn tevreden met hun voornaam. Maar niet iedereen, je hebt tenslotte je naam niet zelf bedacht, dat deden je ouders voor je. Als een voornaam niet (meer) bij je past dan kun je besluiten om een andere naam te kiezen. In plaats van Henk zeg je voortaan als Patrick of Ingrid door het leven te willen gaan.  Het is even wennen voor de omgeving, maar dat komt wel goed. Voor officiële instanties, en in je paspoort, blijf je echter Henk. Als je dat niet wilt moet je meestal naar de rechter. Wanneer  je volgens de rechter serieuze argumenten hebt wordt het toegestaan om je voornaam in de basisregistratie personen te wijzigen. Dan is je oude naam definitief verdwenen. Maar toch niet helemaal. In de basisregistratie worden eerdere gegevens gearchiveerd, in dit geval als historische voornaam (en historisch geslacht, als dat ook is veranderd). Op basis van deze historische gegevens kan onderzocht worden hoe vaak een voornaam wordt gewijzigd en op welke manier. Hier ga ik in op de voornamen van transgenders.

Lees verder >>

¿Los Países Bajos o Holanda, señoras y señores editores del Volkskrant?

Door Henk Wolf

“Vergeet Holland, in het buitenland is het voortaan The Netherlands” – dat staat boven een artikel uit de Volkskrant van afgelopen donderdag. Het is een uiterst merkwaardig stuk tekst.

Het intro van het artikel luidt als volgt:

“Wie zich overzees introduceert met het zinnetje ‘I come from Holland’ roept bij gesprekspartners het clichébeeld op van tulpen, molens, kaas en wiet. Het is niet langer meer het imago dat de ministeries van Buitenlandse Zaken en Economische Zaken in het buitenland willen uitdragen. Als het aan ambtenaren ligt, hebben bezoekers het straks alleen nog maar over ‘The Netherlands’.”

Het buitenland is groot en er worden een paar duizend talen gesproken, waarvan het Engels er eentje is. Wat de Nederlandse Rijksoverheid in het Frans gaat doen: Hollande of les Pays Bas gebruiken, dat staat niet in het artikel. Kiest ze voor Holland of voor Niederlande, voor Голландия of Нидерланды? ¿Los Países Bajos o Holanda, señoras y señores editores del Volkskrant? En natuurlijk is er voor de communicatie met Vlaanderen en Suriname nog de keuze Holland of Nederland, want ondanks de naam is Nederlands natuurlijk niet het exclusieve bezit van de inwoners van Nederland.

Lees verder >>

Op (het) Parliament Square

Door Henk Wolf

  • […] op het moment dat uit de speakers op Parliament Square de aantallen klinken – 329 voor, 300 tegen – klapt ze halfslachtig met een slap handje.

De zin hierboven stond afgelopen donderdag in een voorpagina-artikel van de Trouw. Met die zin is iets aan de hand: er staat geen lidwoord voor de naam van het plein Parliament Square. Dat is geen foutje: het lidwoord blijft heel vaak weg bij Engelstalige namen van straten, pleinen en parken. Nog een paar voorbeelden van internet:

Lees verder >>

Hoe schrijft die zich ook al weer?

Door Henk Wolf

Mensen krijgen bijnamen. Van vrienden en familie, van collega’s en buren. Bekende mensen krijgen bijnamen van het grote publiek. Sommige mensen zijn op de hoogte van hun bijnaam, bij anderen wordt ie achter de rug om gebruikt. En sommige mensen hebben in hun woonplaats een bijnaam die bijna iedereen in het dagelijks leven gebruikt.

Vraag ik onze hogeschoolstudenten wie het gebruik van bijnamen op dorpen uit eigen ervaring kent, dan gaan er altijd handen omhoog. En dat zijn vrijwel altijd de handen van Friezen, doorgaans niet uit de grotere plaatsen, maar wel van de dorpen. Heel betrouwbaar onderzoek heb ik er niet naar gedaan en ik kan het best mis hebben, maar de indruk die ik zo langzamerhand krijg is dat die dorpsbijnamen in Friesland nog in levend gebruik zijn, terwijl mensen uit Groningen, Drente en Noord-Holland ze ‘iets van vroeger’ noemen. En waar de Friezen ze normaal of grappig of stoer vinden, reageren andere mensen vaak enigszins afwijzend met: “Maar dat is toch niet erg aardig.”

Hoe klinken ze dan? Ik heb eens rondgevraagd en ik kreeg een heleboel bijnamen aangereikt. Bijnamen zijn vaak sprekend. Familie van me woonde vroeger tegenover grouwe Evert (‘dikke Evert’) en die was niet mager, zoals Jan kop geen knappe kerel was. Dan was mijn grootvader als lytse Ytsen (‘kleine Ytsen’) nog goed af. Van anderen hoor ik meer uiterlijke bijnamen, zoals swarte Meindert en swarte Aldert voor mannen met zwart haar, Jochum drip (‘Jochum druppel’) voor een man met een chronische loopneus, lange Gerrit voor een grote kerel en reade Romke, die ongetwijfeld rood haar heeft.

Lees verder >>

De geordende kijk op aardrijkskunde van de standaardtaalspreker

Door Henk Wolf

Wie geen streektalen kent, vindt soms andere dingen normaal dan wie er wel een spreekt. De standaardtaalspreker heeft bijvoorbeeld een veel overzichtelijker visie op aardrijkskunde dan de streektaalspreker.

Een paar dagen geleden schreef ik een stukje over het gebruik van lidwoorden in aardrijkskundige namen. In het Standaardnederlands bestaan wel namen van landen, eilanden, plaatsen enz. met lidwoorden, maar ze zijn ongewoon. Veel van die lidwoorden zijn bovendien ‘opgeslokt’ in de naam en geen echt lidwoord meer. In veel Nederlandse streektalen, misschien wel in alle, is dat anders. Daar zijn lidwoorden voor aardrijkskundige namen juist heel gewoon. Lemmer is in het Fries de Lemmer en Ameland is it Amelân. Leek is in het Gronings de Laik en Schiermonnikoog wordt in het Gronings vaak t Ailaand genoemd. Marcel Plaatsman schreef hier dat op Texel ’t Skil voor Oudeschild werd gezegd, Wikipedia vertelt me dat Meterik in het Limburgs De Mieëterik en België ’t Belsj wordt genoemd en zo zijn er nog talloze andere voorbeelden te bedenken.

Lees verder >>

Van Oekraïne naar het Ameland

Door Henk Wolf

Van welk land is Kiev de hoofdstad? Sommige Nederlandstaligen zullen zeggen: van Oekraïne, terwijl anderen van de Oekraïne zullen zeggen. De landsnaam komt zowel mét als zónder lidwoord in het Nederlands voor.

Een journalist vertelde me dat hij de lidwoordloze vorm gebruikte, omdat dat duidelijk maakte dat er sprake was van een onafhankelijke staat. Toen ik even zocht, vond ik bij het Genootschap Onze Taal de observatie dat de namen van landen doorgaans geen lidwoord krijgen. Onze Taal baseert daar het volgende advies op:

“Hoewel sommige naslagwerken de Oekraïne al verouderd noemen, is dit niet in overeenstemming met de praktijk. Maar om recht te doen aan de onafhankelijke status van het land, verdient de aanduiding Oekraïne zoals gezegd de voorkeur.”

Lees verder >>

Specifiek adellijke voornamen

Voornamendrift (41)  

Door Gerrit Bloothooft

De adel kiest voornamen die deels traditioneel zijn en deels modenamen van een bredere elite. Echt herkennen doe je de adel niet aan de eerder besproken top-voornamen. Maar er zijn wel minder frequente voornamen waarbij de kans relatief groot is dat de drager van adel is. We selecteerden de voornamen die minstens 10 keer vaker aan een kind van adel zijn gegeven dan aan de overige kinderen. Dat is nog niet heel specifiek, maar het blijkt toch een bijzondere lijst op te leveren.

Lees verder >>

Het aantal voornamen bij de adel

Door Gerrit Bloothooft

Het is toch een opvallend feit, dat het geven van meer voornamen het meest voorkomt in de groote steden en wel in de meer gegoede kringen. Ten plattenlande, sommige streken daargelaten, werd tot dusverre meestal slechts één voornaam aan de kinderen toegekend.’ Dit is een zinsnede uit de Memorie van Toelichting bij een wetsvoorstel voor de introductie van een voornamenbelasting in 1915 – een wet die er overigens nooit is gekomen. Of de adel zich nog steeds onderscheidt in het aantal voornamen dat gegeven wordt, is te zien in tabel 1, waarin een vergelijking wordt gemaakt met de provincies die hierin onderling het meest verschillen: Friesland en Limburg.  


Tabel 1. Percentage per aantal voornamen voor de adel, en in de provincies Friesland en Limburg, volgens gegevens uit de basisregistratie personen. Er is nergens een groot verschil tussen mannen en vrouwen in percentage.
Lees verder >>

Waterlandsmeer

Door Wouter van der Land

beeld: OpenStreetMap

De kogel is door de kerk. Vorige week besloot de gemeente Landsmeer om te gaan fuseren. CDA-raadslid Eric Knibbe stak zijn voorkeur niet onder stoelen op banken en hield een zelfgemaakt gemeentebord met ‘Waterlandsmeer’ omhoog. Zijn favoriete huwelijkspartner is dus Waterland en hij heeft de nieuwe naam al bedacht. De verantwoordelijke wethouder vond het echter nog te vroeg voor een apachedans en noemde het koeltjes een ‘mooie werktitel’. Maakt de naam een kans?

Hoe komen gemeentenamen tot stand?

De procedure voor een nieuwe gemeentenaam is in het kort als volgt. De gemeenteraden van de fuserende partijen nemen een besluit voor een gezamenlijke voordracht en de rijksoverheid geeft daar een klap op. Maar Nederland zou Nederland niet zijn zonder een commissie die zich ermee bemoeit. De Adviescommissie Aardrijkskundige Namen in Nederland heeft criteria opgesteld waaraan een nieuwe naam zou moeten voldoen. Een van de voorwaarden luidt: ‘Maak geen aaneenrijgende constructienamen (met of zonder streepjes)’. De vraag is dus: is ‘Waterlandsmeer’ een aaneenrijgende constructienaam?

Lees verder >>

De voornamen van de adel

Voornamendrift (39)  

Door Gerrit Bloothooft en David Onland

De adel profileert zich als een hoogstaande groep in de samenleving die wortelt in de middeleeuwse standenmaatschappij, ook al is het overgrote deel van de hedendaagse adel pas in de 19e eeuw verheven. Waar de adel oorspronkelijk macht had, ging het toen en vooral nu ook om status: het voeren van een adellijke titel  en heraldisch wapen is het enige wettelijke recht dat de adel sinds de grondwet van 1848 nog heeft. Maar dat recht is wel zo essentieel dat de titel in de basisregistratie personen is opgenomen – men wil ook graag op een correcte manier door de overheid geadresseerd worden. Die wens biedt ons nu de mogelijkheid om gedetailleerd onderzoek te doen naar de voornaamgeving in de enige sociale groep die in de nationale administratie herkenbaar is en wil zijn. Familienamen zoals Van Zuylen van Nijevelt doen adel vermoeden, maar herken je de adel ook aan hun voornaam?

Lees verder >>

Het koppelteken van Willem-Alexander

Voornamendrift (38) 

Door Gerrit Bloothooft

Ik kwam Marie Désirée tegen, een vijftiger. Ze zei dat haar ouders eigenlijk hadden gewild dat ze bij haar geboorte als Marie-Désirée ingeschreven zou worden maar dat de ambtenaar van de burgerlijke stand dat geweigerd had. Een koppelteken zou niet in een voornaam gebruikt mogen worden. Totdat het bij de geboorte van prins Willem-Alexander in 1967 opeens wel kon. Had die ambtenaar gelijk?

Lees verder >>

Nieuwe feiten over naamswijzigingen

Door Leendert Brouwer

Deze week was in het nieuws dat het aantal naamswijzigingen opmerkelijk vermeerderd is. RTL Nieuws bracht maandag de primeur op zijn website waar het onder ‘lifestyle’ gelabeld is. Vervolgens namen andere nieuws-sites dat grif over, zoals dat gaat.

RTL heeft er bovendien werk van gemaakt om de interactiviteit te bevorderen. Zonder het CBG daarvan op de hoogte te brengen heeft men brutaal de familienamenbank geïncorporeerd. De lezer kan een naam intypen en ziet dan hoe vaak die voorkomt: “Hoe populair is jouw naam?”. Er onder staat in kleine letters dat de Nederlandse Familienamenbank de bron is. Doorlinken er naartoe is pas helemaal onderaan de pagina mogelijk gemaakt. Wat doe je er tegen? Een debat aangaan over open source versus copyright? We beraden ons nog. Lees verder >>

In memoriam Dick Blok

Door Rudi Künzel

Ik heb Dick een halve eeuw gekend en twintig jaar daarvan met hem samengewerkt aan het Lexicon van Nederlandse toponiemen tot 1200 (1987). We zijn elkaar blijven zien na zijn pensionering en mijn vrouw Anne-Ruth en ik hebben ook meermaals samen Henny en hem opgezocht. Ik was op hem gesteld.

Dick was een degelijk opgeleide mediëvist die hield van de ambachtelijke kant van het vak. Zijn proefschrift Een diplomatisch onderzoek van de oudste particuliere oorkonden van Werden (1960) is een briljant stuk werk.

Niermeyer was de eerste hoogleraar in de Middeleeuwse Geschiedenis aan de UvA. Hij had – zonder anderen te kort te willen doen – twee belangrijke leerlingen, Co van de Kieft en Dick Blok. Co volgde Niermeyer op toen die voortijdig stierf. Dick had toen al een eigen domein en werd eerst docent, later hoogleraar in de naamkunde in verband met de nederzettingsgeschiedenis. Lees verder >>

Wij schreven op Het Bureau trouw aan Blok Drente zonder h

Door Leendert Brouwer

De foto van Dick Blok bij het artikel dat vorige week over hem verscheen in de Volkskrant, heb ik gemaakt. Het was een foto met overdosis flits bij het laatste optreden van Blok tien jaar geleden, toen hem het eerste exemplaar van het boek Nederlandse plaatsnamen werd overhandigd. Geen beste foto die in het in memoriam van de website van het Meertens Instituut is verwijderd zodra er een betere voorhanden was. Je ziet wel hoe bevlogen hij nog op zijn 84ste was.

Precies 40 jaar geleden ben ik na een kortstondige universitaire studie door Dick Blok als documentalist aangenomen. Vermoedelijk omdat ik niet tegensputterde toen me gezegd werd de daarvoor benodigde opleiding niet te hoeven doen. Lees verder >>

Herkenbare voornamenlijstjes

Voornamendrift (37)

Door Gerrit Bloothooft en David Onland

De voornamen in toplijstjes hoor je op de crèche of basisschool omdat voor de meeste kinderen de eerste voornaam nu ook de roepnaam is. Dat was vroeger anders. Voor 50-plussers staat er vaak een andere voornaam in het paspoort dan hoe ze zich voorstellen (dat begrijpt een buitenlandse douane niet en kan identiteitsproblemen geven). De officiële toplijsten zijn voor hen niet representatief.  Daarvoor moet je bij de roepnamen zijn. Vergelijk de toplijstjes voor de periode 1945-1954 in tabel 1. De ouderen onder ons zullen in de roepnamen veel namen van klasgenoten herkennen, maar in de officiële namen niet.

Tabel 1. Roepnamen top-20 voor de periode 1945-1954 (inclusief roepnamen die gelijk zijn aan de officiële naam), met daarnaast de top-20 van de officiële eerste voornaam. Groene namen staan in beide lijsten.

Lees verder >>

Maria, bron van inspiratie

Voornamendrift (36)

Door Gerrit Bloothooft en David Onland

Maria was tot 1990 de naam die het meest aan meisjes werd gegeven. Maar die, net zoals Johannes, vaak anders werd genoemd. Figuur 1 laat de populariteit van haar roepnamen zien vanaf 1940, toen nog bijna één op de tien meisjes als Maria werd aangegeven bij de burgerlijke stand. Voor 30% van die meisjes was de roepnaam toen ook daadwerkelijk Maria, met vooral Ria en Riet als verkortingen. Opvallend is dat andere roepnamen die beginnen met een M, en niet  altijd van Maria afgeleid zijn, al vroeg een substantieel deel van de roepnamen vormen, waarbij het percentage tot 1980 geleidelijk stijgt tot 70%. Bij Johannes begon die stijging pas in 1970. Het sluit aan bij de algemene observatie dat meisjesnamen gevarieerder zijn dan jongensnamen, ook in de roepnamen. Voor de categorie anders begint de roepnaam niet met een M en is ofwel afgeleid van een volgnaam (9,6% van alle vrouwen) of helemaal niet (5,4%).

Figuur 1. De populariteit van roepnamen van alle 37.387 vrouwen in het roepnamencorpus met officiële eerste voornaam Maria. M* betekent overige roepnamen die met een M beginnen, bij anders is dat niet het geval. Voor de duidelijkheid zijn de curven gebaseerd op 5-jaarlijkse gemiddelden.

Lees verder >>

Heeft Unilever een goede naam gekocht?

Door Wouter van der Land

Eind vorig jaar werd bekend dat De Vegetarische Slager is gekocht door Unilever. Daarmee neemt onze margarinemultinational niet alleen een innovatieve fabriek over, maar ook een van de meest spraakmakende merknamen van de afgelopen jaren. De media buitelen over elkaar heen om te schrijven over het merk dat het aandurft om frontaal de strijd aan te gaan met de vleesbranche. Zelfs de New York Times schreef over de ‘vegetarian butcher’. Toch vraag ik me af of de naam nog een lang leven zal worden gegund.

Wat is een goede naam?

Een merknaam vervult verschillende rollen. Hij staat op verpakkingen, wordt gebruikt in reclame, vormt een ‘merk’ in de hoofden van het publiek, etc. Criteria voor een sterke naam zijn daarom onder andere dat hij onderscheidend is; een goed logo oplevert; de communicatie helpt; prettig klinkt; gemakkelijk onthouden wordt; wenselijke associaties oproept en juridisch sterk is. Hoe scoort ‘De Vegetarische Slager’ op deze punten? Lees verder >>

Johannes stelt zich anders voor

Voornamendrift (35) 

Door Gerrit Bloothooft en David Onland

Johannes staat tot 1989 te boek als de populairste babynaam voor jongens. Dat zegt de bevolkingsadministratie. Maar in de praktijk stelt Johannes zich meestal helemaal niet zo voor. Laten we eens kijken hoe Johannes echt door het leven ging. De populariteit van de belangrijkste roepnamen van Johannes als eerste voornaam vanaf 1940 staat in figuur 1. Die is zelden Johannes, maar vooral Jan, Joop en Jo, later Hans, Jos, John, Johan naar gelang de mode van de tijd.  Steeds vaker is het ook een andere naam die nog wel met een J begint – zodat er geen conflict is in de initiaal – maar niet noodzakelijk van Johannes is afgeleid. Ongerelateerde roepnamen met een andere beginletter kunnen van een volgnaam zijn afgeleid (in 6,5% van de gevallen) of helemaal geen relatie hebben met de officiële naam (5,5%).

Figuur 1. De populariteit van de belangrijkste roepnamen van alle 34.514 mannen met de officiële eerste voornaam Johannes in het roepnamencorpus. J* betekent overige roepnamen die met een J beginnen, bij anders is dat laatste niet het geval. Voor de duidelijkheid zijn de curven gebaseerd op 5-jaarlijkse gemiddelden

Lees verder >>

Waarom heet iemand eigenlijk Van Houdenhoven?

over de H in familienamen

door Jan Stroop

’t Idee voor dit stukje ontstond toen ik in een
krant de familienaam Van Houdenhoven
tegenkwam. Van Houdenhoven is natuurlijk een variant van Van Oudenhoven, maar een variant waar een verhaal aan vast zit, want ’t betreft hier niet zomaar een spellingvariant, als Janssen naast Jansen. Of De Craemer naast De Kramer.

Hier is uitspraak mee gemoeid. De vorm Van Houdenhoven komt uit de mond van iemand wiens moedertaal de H niet kent en die ook ’t schriftbeeld van de echte naam niet voor de geest heeft; hij is analfabeet. Hoewel hijzelf Van Oudenhoven heet, vermoedt hij dat die naam wellicht met een H begint en hij spreekt hem dus zo uit. En de gemeenteklerk schrijft ’m dan ook zo op: Van Houdenhoven. Zo zou ’t toegegaan kunnen zijn.

Lees verder >>

Een corpus van roepnamen en voornamen

Voornamendrift (34)

Door Gerrit Bloothooft en David Onland

Niet iedereen heeft een voornaam die ook zo in de burgerlijke stand staat. Dat noemen we dan de roepnaam, terwijl de officiële naam ook wel de doopnaam wordt genoemd. Blijkbaar forceert de kerk in de doop een voornaam die ouders ook aan de staat doorgeven, maar die in de dagelijkse praktijk niet functioneert. ‘Wim, aan tafel’, roept toch een stuk gemakkelijker dan ‘Wilhelmus, aan tafel’. En soms heeft de roepnaam zelfs helemaal niets uitstaande met de officiële naam. Omdat roepnamen nergens systematisch worden genoteerd is onderzoek ernaar lastig. Dat is jammer omdat de roepnamen de dagelijkse praktijk vormen waaraan de laatste decennia veel is veranderd. Daarin komt nu verandering omdat we in staat zijn geweest om zowel de roepnaam als de officiële naam van 1,5 miljoen Nederlanders te verzamelen.

Lees verder >>

Het voorspellen van voornamenlijstjes kent zijn grenzen

Voornamendrift (33)

Door Gerrit Bloothooft

In oktober publiceerde ik mijn voorspelling van de top-20 van voornamen in 2018 voor jongens  en meisjes. Dat deed ik op basis van gegevens tot en met 2017 en een model dat beschrijft hoe de populariteit van een naam zich over de jaren ontwikkelt. Gisteren zijn de toplijstjes voor 2018 gepubliceerd door de Sociale Verzekeringsbank en valt te controleren of mijn model goed heeft gewerkt.

Lees verder >>

Ws Haita

Door Henk Wolf

Op Facebook zag ik een poosje geleden de hiernaast afgebeelde tekst langskomen. Hij bevat een laat-zestiende-eeuwse Friese versie van het Onze Vader. De tekst lijkt ook voor Friezen erg exotisch, maar wie hem hardop voorleest, merkt dat de verschillen met het Fries van vandaag de dag niet eens zo groot zijn.

Onder de tekst staat ‘Us Heit neffens de âldst oerlevere tekst (1597)’ en dat bleek een verwarrend onderschrift te zijn, want op Facebook dachten verschillende mensen dat deze tekst het oudste overgeleverde Fries was. Dat is natuurlijk niet zo. Er zijn veel oudere Friese teksten en zelfs een paar teksten die zo oud zijn dat het niet meer duidelijk is of ze nu Fries mogen heten of dat ze geschreven zijn een in een oudere Germaanse taalvorm die in een veel groter gebied werd gesproken dan het Fries.
Tot ongeveer 1550 was het Oudfries als schrijftaal in gebruik in wat nu de provincie Friesland is, daarna nam het Nederduits/Nederlands/Hollands (waar toen nog geen duidelijk verschil tussen bestond) die rol over en verviel het Fries tot een spreektaal. Het Onze Vader uit 1597 is dus opgeschreven in de tijd dat er nauwelijks meer Friese woorden op papier werden gezet. Lees verder >>

De etymologie van Velpon

Door Wouter van der Land

Merknamen zijn taalkundig interessant omdat ze zich niets aantrekken van de gangbare woordvormingsregels. Het huishoudmerk ‘Sorbo’ is bijvoorbeeld gevormd door het woord ‘absorb’ aan de voorkant in te korten, maar aan de achterkant te voorzien van een achtervoegsel. En het elektronikamerk ‘Rowenta’ is een vrije letterkeuze op volgorde uit de naam van oprichter Robert Weintraud (net als ‘Battus’ uit’ Brandt Corstius’). Dit morfologisch anarchisme heeft een keerzijde: het is soms moeilijk te achterhalen waar een merknaam vandaan komt.

Velpon. Velpa, Gupa

De aanleiding herinner ik me niet meer, maar volgens mijn e-mailarchief zocht ik in 2012 naar de naamverklaring van ‘Velpon’, de lijm van mijn jeugd. Het laatste deel -on is een typische uitgang voor stofnamen, zoals in ‘nylon’ en ‘dralon’. Maar waar komt het eerste deel vandaan? Stond de fabriek misschien in Velp? Hij staat nu in elk geval in Goes, want het merk is tegenwoordig ondergebracht bij het daar gevestigde Bison. Maar vroeger was het van Ceta Bever, leerde ik van Wikipedia. Op de site van dit merk stond een geschiedenispagina, die uitlegde dat Velpon rond 1930 was geïntroduceerd en een afgeleide was van een andere lijm genaamd ‘Velpa’. Een verdere verklaring gaf de site niet, maar wel die van een ander merk, het eveneens uit de jaren dertig stammende houtvulmiddel Gupa. Dit was vernoemd naar uitvinder Gustav Pape, een Duitse chemicus in dienst van Ceta Bever. Lees verder >>