Categorie: letterkunde

Der unsterbliche Multatuli – 200 Jahre, 1820-1887

Online-lezingencyclus van het Lektorat Niederländisch van de Goethe-Universität Frankfurt

Ter gelegenheid van het 200ste geboortejaar van de schrijver Eduard Douwes Dekker heeft het Lektorat Niederländisch van de Goethe-Universität Frankfurt  een online-lezingencyclus opgezet: Der unsterbliche Multatuli – 200 Jahre, 1820-1887.  In de komende maand november kan iedereen elke woensdag van 18-20 uur live een Multatuli-voordracht op internet meebeleven.

Lees verder >>

De mottenballen van de Maatschappij, deel 2: Johannes Dyserinck, de man van de afgezaagde Nachtwacht

Door Jos Damen

Elke club heeft vergeten hoekjes. Ik loop graag rond in die vergeten hoekjes. Met plezier lees ik boeken van romanciers uit vervlogen tijden, die nu door niemand meer gelezen worden. Ik verslind door iedereen veronachtzaamde dichtbundels uit 1924 en inmiddels bestofte bestsellers van honderd jaar geleden. Een archief met spinrag is een goudmijn. Uiteraard is De Parelduiker mijn favoriete tijdschrift.

Lees verder >>

Max Havelaar: keurig ingekleurd, alles binnen de lijntjes

Door Marc van Oostendorp

Max Havelaar: het was al onder meer een roman, een film, een banaan en een musical, en sinds deze week is het ook een graphic novel. In 82 pagina’s maakte Eric Heuvel samen met Jos van de Waterschoot een samenvatting van het boek in stripvorm.

Nooit heb ik geweten dat Multatuli zo saai kon zijn. Zowel het script als de tekeningen stralen vooral plichtmatigheid uit. De tekst gaat gebukt onder veel te grote eerbied voor het boek; de tekeningen lijken vooral te willen vertellen: kijk eens, hoe lang geleden dit allemaal was.

Lees verder >>

Op glanzend bruine schoenen verder: Hans Robert Jauß gevolgd

Door Peter J.I. Flaton

Aan het slot van zijn schets van Hans Robert Jauß als SS-officier in neerlandistiek.nl (24-10-2020) houdt Jos Joosten m.i. terecht staande, dat Jauß’ ‘epochemachende’ essay Literaturgeschichte als Provokation der Literaturwissenschaft blijft wat het sinds 1967 is: een emancipatoir en democratisch manifest dat de literatuurstudie een impuls heeft gegeven door haar nieuwe wegen te wijzen na en naast de intussen ingeburgerde ‘close reading’-benadering.
De erfenis daarvan heeft Jauß geïntegreerd in zijn receptie-esthetica, al was het maar dat ‘het’ ook voor hem begint met lezen wat er staat: eerst het ‘artefact’ (om het met de Praagse structuralist Mukarovsky te zeggen), vervolgens en pas dan het ‘esthetische object’ dat het in de receptie wordt. Nog weer anders verwoord: ook Jauß is allereerst de filoloog: zijn tweede dissertatie Untersuchungen zur mittelalterlichen Tierdichting is er een sprekend voorbeeld van.

Lees verder >>

Napoleons nalatenschap

Deze maand verscheen ​Napoleons nalatenschap. Sporen in de Nederlandse samenleving, onder redactie van Lotte Jensen (Amsterdam: De Bezige Bij). De bundel bevat een voorwoord van Napoleonkenner Patrick Buch, een inleiding van Lotte Jensen en zestien bijdragen waarin de geestelijke en fysieke nalatenschap van Napoleon in al zijn facetten aan bod komt, van zijn invloed op het recht, de waterwerken, de kunstgeschiedenis en de literatuur.

Lees verder >>

Bredero in Brussel

Door Ton Harmsen

Als wij een boek cadeau geven kunnen we voorin een opdracht schrijven: ‘Ter Herinnering aan deze mooie dag, Tonny. Je Opa. – 10 October 1955’. In de zeventiende eeuw kocht men het boek apart van de band, en dat bood zelfs de gelegenheid er katernen bij te laten binden met tekst van eigen maaksel. Dergelijke handschriftelijke invoegingen geven het boek een persoonlijke toon. Een dichtbundel waar een jongeman gedichten bij schrijft voor zijn beminde is altijd een feest om te zien.

In Parijs vond ik een dergelijk exemplaar van Bredero’s Groot lied-boeck. Ook in Brussel zag ik een handgeschreven opdracht, in de bundel gedichten en liederen Apollo of ghesangh der Musen. Daar is een manuscript met tien pagina’s poëzie bij ingebonden. Ook hier een vleiende opdracht, in dit geval aan mejoffer Diewertje of Dieweria Cops. Het Parijse handschrift bevat na het gedicht met de opdracht aan Eva Roch een bloemlezing uit bestaande poëzie, in het Brusselse handschrift volgen op de opdracht vier gedichten die de schenker zelf maakte. In beide gevallen illustreert het de zeventiende-eeuwse gewoonte liedboeken en gedichtenbundels cadeau te geven aan een geliefde – het lezen van de gedichten kan Cupido een handje helpen. Eva Roch en Diewertje Cops komen uit de kringen van welgestelde burgers. Een van de zestiende-eeuwse Amsterdamse burgemeesters is Symon Claesz. Cops; of Diewertje familie van hem is weet ik niet. Misschien is zij helemaal geen Amsterdamse: een van de gedichten gaat over een Amsterdamse student die in Leiden op slag verliefd wordt. In plaats van te studeren.

Lees verder >>

Opening online tentoonstelling Keuzes in oorlogstijd

Op vrijdag 30 oktober opent de online tentoonstelling Keuzes in oorlogstijd van de Universiteit Leiden. In de Tweede Wereldoorlog kwamen studenten en hoogleraren voor moeilijke keuzes te staan: het al dan niet tekenen van de loyaliteitsverklaring, meewerken met de bezetter of in het verzet gaan, of noodgedwongen onderduiken. Aan de hand van stukken uit de Leidse collecties worden hun keuzes en dilemma’s in oorlogstijd belicht. De opening van de tentoonstelling is op vrijdag 30 oktober om 15.00 uur online te volgen via bibliotheek.universiteitleiden.nl

De opening van de tentoonstelling bevat onder meer een gesprek van hoogleraar Nederlandse letterkunde Yra van Dijk met Stefan Hertmans over diens recent verschenen roman De opgang, waarin een Vlaamse SS’er centraal staat.

Lees verder >>

Hiphop: vertel me wie je bent

Hiphop, dat zijn toch opschepperige rappers die alleen rappen over dat ze gangsta zijn en veel bling hebben? Veel mensen hebben een mening over hiphop en de invloed die deze muziek en jeugdcultuur heeft op jongeren. Maar eigenlijk weten we er nog maar heel weinig van. Aafje de Roest bestudeert Nederlandse hiphop zoals je literatuur zou bestuderen en ontdekt dat er hele mooie en waardevolle verhalen te vinden zijn in deze muziek. Verhalen van jongeren die misschien wel nergens anders te horen zijn.

(Bekijk deze video op YouTube)

De hemel hoger dan de kerktoren – Jan Engelman en de katholieke kritiek

Door Danny Habets

Voor de katholieken te vrijzinnig, voor de vrijzinnigen te katholiek. De dichter Jan Engelman werd tijdens de hoogtijdagen van zijn dichterschap zowel vereerd als verguisd. In een eerdere aflevering in Neerlandistiek werd Engelmans erotische poëzie nader onder de loep genomen. In deze tweede aflevering komen de kritische reacties van zijn katholieke tijdgenoten aan bod.

Lees verder >>

Framing met lef

Door Marc van Oostendorp

Tegenwoordig schijnt vaker voor te komen dat ouders van studenten naar de universiteit bellen, maar in 1987 was het nog iets dat de ronde deed onder de Leidse neerlandici. Ton Anbeek, de hoogleraar Nederlandse Letterkunde had net een roman gepubliceerd met de dubbelzinnige titel Gemeenschap, en die dubbelzinnigheid werd in het boek waargemaakt. Was het wel veilig om je dochter bij zo iemand te laten studeren?

Lees verder >>

Vooys 38.3 ‘Animal Studies’ is uit!

Deze editie van Vooys is een bijzondere: het is de eerste met een cover van Maartje de Groot. We kijken uit naar haar toekomstige ontwerpen en we willen Luc graag bedanken voor de vele jaren en mooie covers voor Vooys. In ‘Animal Studies’ worden ontwikkelingen binnen dit vakgebied besproken, en wordt gekeken hoe het zich manifesteert binnen de letterkunde.

Lees verder >>

Naar een reisgenoot op zoek: Martinus Nijhoffs Awater

Door Peter J.I. Flaton

In de marge van Marc Kregtings artikel “Al die kakelende stemmen” in Neerlandistiek ontstond er gedoe over de kwaliteit van Nijhoffs werk in het algemeen en die van Awater in het bijzonder.

In de ogen van de een is die beneden alle peil, terwijl de ander de tekst voor zichzelf wil redden door te lezen wat er staat (ook al is het ‘Lees maar, er staat niet wat er staat’ beroemd geworden, het begint met lezen wat er staat).

Daarbij realiseerde ik me, dat ook Awater intussen is bijgezet in het mausoleum van de Nederlandse letterkunde: hogelijk geprezen maar nauwelijks nog gelezen. Een zo niet de verklaring ervoor (ook dat realiseerde ik me) is, dat dit relatief korte verhalende gedicht van 273 versregels buitengewoon lastig toegankelijk is. Inderdaad en nu wel: ‘Lees maar, er staat niet wat er staat’ (v. 26).

Lees verder >>

De SS de literatuurwetenschap binnengemarcheerd

Over Hans Robert Jauß en de erfenis van de receptie-esthetica

Door Jos Joosten

Wie zich, zoals ik, bezighoudt met receptieonderzoek kan niet om een van de klassieke grondteksten van de discipline heen: Literaturgeschichte als Provokation der Literaturwissenschaft van Hans Robert Jauß (1921-1997). Het was zijn oratie als hoogleraar aan de nieuw gevestigde Universiteit van Konstanz, uitgesproken op 13 april 1967, en wordt algemeen gezien als internationaal startschot van het receptieonderzoek. Jauß’ academische carrière schoot nadien richting firmament. Zijn werk werd vertaald, hij werd gasthoogleraar in Zürich, Berlijn, aan Yale, Princeton en Berkeley en de Sorbonne. Als grondlegger van de zogenaamde ‘Konstanzer Schule’ gold hij als het trotse internationale uithangbord van de jonge universiteit.

Lees verder >>

Ruim 40 jaar Kinderen voor Kinderen: hoe de weldoener veranderde in een rolmodel

Je hoeft anno 2020 maar een nieuw Kinderen voor Kinderen-nummer op YouTube aan te klikken om te zien dat dit programma in de 41 jaar van zijn bestaan onherkenbaar is veranderd. Maar wat zeggen die veranderingen over het verschuivende kindbeeld in Nederland? Dat onderzochten letterkundigen Feike Dietz en Laurens Ham van de Universiteit Utrecht.

Lees verder >>

Ontdek het literaire laboratorium van Harry Mulisch

Op 30 oktober is het tien jaar geleden dat Harry Mulisch overleed. Samen met W.F. Hermans en Gerard Reve vormde hij ‘de grote drie van de Nederlandse literatuur’. Hij leeft voort in zijn uitzonderlijke oeuvre dat voor het grootste gedeelte tot stand kwam in zijn werkkamer, een ware schatkamer waarin niets aan het toeval is overgelaten. Alle boeken, prenten, beelden en voorwerpen hebben iets te maken met zijn werk en sommige objecten komen er zelfs herkenbaar in voor. Mulisch was een opvallende persoonlijkheid die niet alleen zijn werkkamer, maar ook zijn imago zorgvuldig cureerde en daardoor ongrijpbaar leek. Wie een kijkje neemt in zijn werkkamer leert hem tóch beter kennen, als mens en als schrijver. Het Literatuurmuseum in Den Haag, dat de literaire nalatenschap van Mulisch in zijn collectie heeft, presenteert met de online tentoonstelling De oneindige Mulisch op literatuurmuseum.nl een avontuurlijke reis door zijn universum.

Lees verder >>

Rob van de Schoor, Ook op de hoeken der straten

neemt men zeer belangrijke levensverschijnselen waar: negentiende-eeuwse literaire jour­na­listiek van Frederik van Hogendorp, J.A. de Bergh en Carel Vosmaer

‘Literatuur op sandalen’: zo noemde Damas (Frederik van Hogendorp) zijn ‘Haagsche Omtrekken’, de prozastukjes in losse trant die hij schreef voor twee dagbladen, Het Vaderland en het Dagblad van Zuid-Holland en ’s Gravenhage. Feuilletons, waarin de actualiteit op humoristische toon werd becommentarieerd en die de lezer aanspoorden tot nadenken, werden ook geschreven door de querulant J.A. de Bergh, die de Haagse gezagsdragers het leven zuur maakte met zijn ‘Haagsche Penkrassen’.

Lees verder >>

Ogenglans en offerlam – over erotiek en mystiek bij Jan Engelman

Door Danny Habets

Voor de katholieken te vrijzinnig, voor de vrijzinnigen te katholiek. De dichter Jan Engelman werd tijdens de hoogtijdagen van zijn dichterschap zowel vereerd als verguisd. In dit artikel worden enkele gedichten uit zijn bekendste bundel Tuin van Eros nader beschouwd, in een tweede aflevering zullen de kritische reacties van tijdgenoten aan de orde komen.

Lees verder >>

‘Ik mis de verrukking van Hella’

Door Marc van Oostendorp

Voetnoten zijn een bedreigd genre. Ze verdragen zich niet goed met digitaal lezen. Steeds minder publicaties doen eraan – ook Neerlandstiek niet. Terwijl er in een goede voetnoot vaak een hele wereld verborgen zit.

Het boek Het masker van Rob Nieuwenhuys van Tom Phijffer is een voetnoot in de vorm van een boek. Het gaat blijkens de ondertitel om ‘de reconstructie van een vergeten reis naar Indonesië’. Het is, denk ik, niet overdreven om te zeggen dat slechts heel weinig mensen op de wereld ernaar verlangden dat uitgerekend die reis – van de letterkundige Rob Nieuwenhuys in 1971, in opdracht van de Nederlandse regering – aan de vergetelheid zou worden ontrukt. Maar Phijffer heeft dat toch maar mooi gedaan.

Lees verder >>

Het raadsel der ongelezenheid. De grote drie opgedolven en acuut weer begraven

Door Jos Joosten

Dat was bijzonder, bedacht ik zondagavond voor de tv, een literatuuritem bij Nieuwsuur en het is geeneens Boekenweek! De Grote Drie waren het thema en waarom ze niet gelezen werden. En eigenlijk had dat onderwerp alleen al genoeg waarschuwing moeten zijn. Want wat volgde was herkauwde oude koek, gemaakt door twee redacteuren die evident te lui waren om zich in het onderwerp te verdiepen. Onno Blom draafde op om voor zijn boekenkast wat anekdotes af te draaien; overbekend filmmateriaal was weer afgestoft – waarbij andermaal vastgesteld kon worden dat Reve met grote voorsprong de geestigste was van de drie, met duidelijk ook als enige tv-ervaring (timing en intonatie), en dat Harry Mulisch – anders dan Anton Steenwijk uit De Aanslag – duidelijk geen tandarts in zijn naaste vriendenkring had.

Lees verder >>