Categorie: letterkunde

Top 20 van Nederlandstalige Protestalbums: 16. Cobi Schreijer, Brood en rozen (1978)

door Laurens Ham

Dutch Rare Folk, zo heette het verzamelalbum dat ik jaren geleden van een bevriende muzikant kreeg. De tientallen liedjes die erop staan, zijn inderdaad deels van vergeten bands en muzikanten: wie luistert er nog naar Nederlandstalige folkgroepen als Tail Toddle, Chimera en Deining? (U niet, waarschijnlijk – maar u moet dat wel gaan doen! Volg de links: van alle drie is een fascinerend album te horen.) Sommige van de muzikanten op het album kun je echter moeilijk ‘zeldzaam’ noemen: Gerard van Maasakkers is vooral in Brabant bij folkliefhebbers een zeer geliefde naam, en Cobi Schreijer is misschien wel de belangrijkste muzikant binnen de Nederlandse folkrevival van de jaren 60-80. Aan het feit dat je haar werk gemakkelijk in kringloopwinkels en tweedehandszaken vindt, kun je al aflezen dat haar werk breed in omloop is geweest.

Lees verder >>

De stille kracht voor Mark Rutte

Boeken voor Mark Rutte (9)

Iedere week sturen neerlandici een boek aan de inmiddels demissionaire premier Mark Rutte, met een begeleidende brief die uitlegt waarom hij dat boek moet lezen. Deze week een bijdrage van Janine R. Mooij, die (natuurlijk) geschreven was voor bekend werd dat het kabinet zou aftreden. Lees voor een toelichting op het project deze brief van hoofdredacteur Marc van Oostendorp.

Lees verder >>

De kat van Ted

Radicaal relationisme in Dennie is een star van Maartje Wortel en Kamers, antikamers van Niña Weijers

Dennie, de kat van Ted, is stervende. Hij is aangereden – Teds geliefde Marina heeft het ongeluk zien gebeuren – en lijdt gruwelijk. Als Marina de zwaargewonde kat naar binnenbrengt, gaan Teds gedachten meteen naar haar vrienden uit. De kat, een van de personages in Maartje Wortels roman Dennie is een star (2019), mag pas sterven als de hele vriendengroep van Ted, de menselijke hoofdpersoon en eigenaar van Dennie, compleet is en aan het bed zit waarop de aangereden kat is gelegd.

Lees verder >>

Top 20 van Nederlandstalige Protestalbums: 17. Appa, Straatfilosoof (2007)

door Laurens Ham

Wanneer je luistert naar de hits van jonge Nederlandstalige muzikanten van dit moment, dan kun je om twee muzikale elementen niet heen: om de autotune en om de trap-beats. Autotune, eind jaren negentig geïntroduceerd als stembewerkingssoftware om valse noten te voorkomen, is inmiddels veel meer dan dat: zangers en rappers gebruiken het als ‘instrument’ om hun stemmen een kenmerkende klank mee te geven. (Muziekjournalist Simon Reynolds schreef er in 2018 een prachtig artikel over.) Trap is het hiphopgenre dat gekenmerkt wordt door veel hihats (wat de muziek een knisperende kwaliteit geeft), synthesizers en veel gezongen passages. Vaak gestreamde muzikanten van dit moment als Lil’ Kleine, Ronnie Flex, Famke Louise en Snelle maken zachtaardige, vaak zelfs sentimentele liedjes, waarin autotune en bijna lieflijke beats zorgen voor een soepele luisterervaring – terwijl deze artiesten tegelijk zijn geworteld in de hiphop.

Lees verder >>

Nieuwe nummer Nederlandse Letterkunde verschenen

Vlak voor de jaarwisseling verscheen het derde nummer van jaargang 25 van Nederlandse Letterkunde met de volgende inhoud:

Artikelen

‘Jij zult nooit een slachtoffer blijven […], want jij bent een held’. De plaats van de Ander in Dertig dagen (2015) van Annelies Verbeke [OA].
Sarah Beeks, Charlotte de Beus en Esther Op de Beek

Van boerderij tot buitenhuis. Identiteitsvorming en machtsverhoudingen in het achttiende-eeuwse stroomdicht.
Tommie van Wanrooij

Lees verder >>

Thalatta!

door Jos Houtsma

Thalatta, thalatta: het geschreeuw waarin Xenofons Griekse soldaten uitbarstten toen ze in de verte onder zich de Zwarte Zee zagen blinken waarnaar ze al zo lang onderweg waren. Er is waarschijnlijk geen Europese literatuur waarin deze kreet geen weerklank heeft gevonden. In de Nederlandse is denk ik verreweg het beroemdst een kort gedicht in de bundel Experimenten van Geerten Gossaert; ‘Thalatta!’ Een gezelschap te paard trekt in een heuvellandschap door een eikenbos. Het is nacht. Er steekt een windje op. Er wordt een vreemd gemurmel hoorbaar. Het paard van de ‘ik’ springt naar voren en beklimt de heuvel. Daar is de zee:

Lees verder >>

Bekoorde kaan

door Jos Houtsma

In 1910 verscheen in de Wereldbibliotheek van de hand van de jonge dichter Alex. Gutteling (1884-1910) een vertaling van Percy Bysshe Shelly’s lyrische drama Prometheus Unbound. Willem Kloos oordeelde in jaargang 27 (1912) van De Nieuwe Gids niet mals over het werk van de jonge dichter/vertaler, die overigens in hetzelfde jaar dat zijn werkstuk werd gepubliceerd was overleden.

Lees verder >>

Nieuwe Mededelingen Weyerman en nieuws over jaarvergadering

Op de valreep van het oude jaar viel een nieuwe aflevering van de Mededelingen van de Stichting Jacob Campo Weyerman op de deurmat, nummer 2 van de 43e jaargang. Liefst honderd bladzijden, met vijf grote artikelen, vaste rubrieken over mode en menu’s in de achttiende eeuw, boekbesprekingen en een overzicht van verschenen literatuur over de lange achttiende eeuw. Wie de nieuwste ontwikkelingen in de eeuw van de Verlichting op de voet wil volgen, kan niet zonder de Mededelingen. Ga maar na: artikelen over honden en vogels van Ton Jongenelen en Dini Helmers. Helmers leidt de lezer naar haar Zeeland, naar de in menagerieën en volières gehouden vogels. Vogels uit de eigen omgeving en die uit de Oost en de West vormden een object van verzamelen en een bron van verwondering. Jongenelen schenkt aandacht aan een satire uit 1765, een Amsterdams hondenmirakel. De auteur is Willem Ockers en in de satire is een belangrijke rol weggelegd voor Petrus Burmannus Secundus.

Lees verder >>

Top 20 van Nederlandstalige Protestalbums: 18. Robert Long, Vroeger of later (1974)

door Laurens Ham

Robert Long tijdens de opnames van een VARA-televisieshow, 10 september 1974. Foto: Hans Peters / Anefo.

Toen het intro van ‘Liefste, m’n liefste’ inzette, keek een volle zaal Robert Long welwillend aan. Hij was te gast bij het televisieprogramma Voor achten van Hans van Willigenburg. De muziek kabbelde zoetjes voort: tot zover niets aan de hand. Maar hoe zou de progressieve tekst vallen in deze zaal met KRO-publiek? Hij drukte zijn twijfels weg en begon te zingen:

liefste, m’n liefste hoe kun je nu denken
dat ik niet eerlijk meer ben of ontrouw
als ik mijn lichaam aan anderen wil schenken
zegt dat nog niet, dat ik niet van je hou
vanaf mijn jeugd heb ik altijd gevlinderd
ik heb vaak mijn bed gedeeld, soms wel met drie
zo is mijn leven, het heeft niemand gehinderd
het ging om de liefde en niet om met wie

Lees verder >>

De metaforen van de natuur

Théodore Géricault, Het vlot van de Medusa

Door Marita Mathijsen

De natuur was niet mild in de negentiende eeuw. Als het regende kwam er geen motregen, maar stortregen. De rivieren overstroomden, dijken braken door. Duizenden mensen verloren bij overstromingen het leven. Als het vroor, vroor het hard. Er was dan geen scheepvaart meer mogelijk, en Amsterdam kreeg het drinkwater uit de Lek niet meer aangevoerd. Bij storm stortten huizen in en vergingen schepen. De natuur was slechts voor een deel getemd, zij was onberekenbaar en kon toeslaan als een moordenaar.

Lees verder >>

Ceci n’est pas un vase

Wonen in gedichten (22)

Door Judit Gera
Categorie: poëticaal
Moeilijkheidsgraad gedicht: gevorderden

In de serie Wonen in gedichten bespreekt Judit Gera, hoogleraar in Boedapest, gedichten uit de Nederlandstalige literatuur, ten behoeve van het onderwijs in de Neerlandistiek extra muros (buiten het taalgebied). Vandaag: een gedicht van Pieter Boskma (1956).

Lees verder >>

Amsterdam vs. Rotterdam in de 18e eeuw

Tommie van Wanrooij doet na zijn BA Nederlandse Taal en Cultuur in Nijmegen een onderzoeksmaster Literary Studies. Hij schreef al zijn eerste wetenschappelijke artikel – over twee ‘stroomgedichten’ uit de achttiende-eeuw, waaruit blijkt dat men in Amsterdam zijn eigen centrale positie ook toen al vanzelfsprekend achtte, terwijl men daar in Rotterdam heel anders over dacht.

Nimma! is een serie korte video’s met neerlandici van de Radboud Universiteit. Meer info.

Top 20 van Nederlandstalige Protestalbums: 19. Klein Orkest, Het leed versierd (1982)

door Laurens Ham

Harrie Jekkers presenteert samen met FNV-voorzitter Johan Stekelenburg zijn solo-elpee Yoghurt met banaan (1988), een album over arbeid en de werkende klasse in opdracht van de vakbond. Foto: Anefo / Rob C. Kroes.

1982 en 1983 waren doorbraakjaren voor de Nederlandstalige popmuziek. Een ongekend aantal Nederlandstalige artiesten bestormde de poppodia en de hitlijsten: van Het Goede Doel tot Toontje Lager, van De Dijk tot Drukwerk, van VOF de Kunst tot Frank Boeijen Groep. De absolute vaandeldrager van die jaren was natuurlijk Doe Maar, de groep die in deze jaren alle Nederlandse popmuziekrecords verbrak. Maar ook in de marge was er van alles gaande: er waren punkartiesten actief als (de vroege, nog vrij rauwe) Tröckener Kecks; Ton Lebbink maakte eigenaardige punkpoëzie; De Div en Bazooka brachten stuwende new wave-mini-albums uit; en Cherry Wijdenbosch startte een solocarrière, wat onder meer resulteerde in het culthitje ‘Dame uit Suriname’.

Lees verder >>

In ongemak zijn we echt

door Helen Gerretsen

Wat is de inspiratie van goede kunst, goede literatuur en van de roman De avond is ongemak van Marieke Lucas Rijneveld in het bijzonder? De grote waarde van alle goede kunst, muziek, theater en ook literatuur, is dat deze onze werkelijkheidsbeleving verdiept. Bij het lezen van zulke literatuur gaan we meer voor mogelijk houden dan zonder dit lezen. We worden meer mens. Dit gaat niet zomaar. Om dit kostbaars te realiseren is natuurlijk eerst nodig dat de kunstenaar, in dit geval de schrijver, in staat is verdieping te bieden. Dat wil zeggen: de schrijver moet in staat zijn tot voldoende distantie tot de waan van de dag, meer dan gemiddeld levenskennis hebben opgedaan en hieraan ook woorden kunnen verlenen. Dit selecteert al velen uit. Maar genoeg voorwaarde is dat nog niet. De schrijver moet dit ook op zo’n manier kunnen doen, dat zij/hij de lezer ertoe beweegt het natuurlijke verzet tegen de verruiming op te geven en de geboden werkelijkheid te willen omarmen. De verdieping is meestal geen prettig inzicht, het betreft vaak juist dat wat we verdringen. Het vraagt dus kwaliteit om ons tot acceptatie te krijgen. Deze kwaliteit is tamelijk schaars. Goede literatuur zijn de pareltjes uit de zee.

Lees verder >>

Vondels Kerstnacht: schooner dan de daegen en zo verschrikkelijk

La strage degli innocenti door Matteo di Giovanni. Napels Museo di Capodimonte

Door Ton Harmsen

Traditioneel zijn de laatste tien dagen van het jaar aan De Avonden gewijd, maar in de Kerstnacht gonst toch vooral de ‘Rey van Klaerissen‘ uit de Gysbreght door het hoofd. Een paar jaar geleden ging het gerucht dat men de Gysbreght zou opvoeren in een aan de hedendaagse smaak aangepaste versie, dat wil zeggen dat het zinloze geweld in volle glorie vertoond zou worden, maar dat een tekstschrijver de vier reien zou vervangen. Daarmee zou men het publiek vier hoogtepunten uit de literatuur onthouden. De reien in de Gysbreght zijn wonderschone lyriek. Ook al zijn ze geschreven voor publiek dat een andere taal sprak dan wij en op de hoogte was van enkele zaken die niet iedereen nog kent, met de toelichting van de WB-editie of van de uitgave van Mieke Smits – beide in de schatkamers van onze DBNL – en met een beetje leestechniek zijn Vondels reien een indrukwekkende ervaring.

In de ‘Rey van Klaerissen’, die het derde bedrijf afsluit, spelen twee personen een rol: Herodes en Rachel. Herodes is de onderkoning die toestemming gaf Jezus aan het kruis te nagelen, maar zover is het nog niet: hij is ook de kindermoordenaar van Bethlehem. Rachel is de aartsmoeder van het Joodse volk, de moeder van Jozef over wie Vondel drie tragedies schreef: Jozef in Dothan, Sophompaneas en Jozef in Egypte. Zij ligt begraven in Bethlehem. Als moeder en lokale heilige is zij de aangewezen persoon om het verdriet over de dode kinderen in het gedicht te symboliseren. Vondel verzint het niet zelf: Mattheus 2 zegt ‘Rachel beweende haer kinderen.’

Lees verder >>

Frank Willaert leest de Rey van Klaerissen

Door Frank Willaert

Vondels ‘Rey van Klaerissen’, met het beroemde beginvers ‘O Kerstnacht schooner dan de daegen’, komt voor aan het eind van het derde bedrijf van zijn Gysbreght van Aemstel. Dat stuk was bedoeld om op Tweede Kerstdag 1637 te worden opgevoerd ter gelegenheid van de inwijding van de Amsterdamse Schouwburg aan de Keizersgracht.

Lees verder >>

Bilderdijks vals licht

Door Jos Joosten

Tijdens mijn studie Nederlands in Nijmegen viel de negentiende eeuwse letterkunde een beetje tussen wal en schip. Dat had met personele kwesties vandoen (waarover ik niet uitweid) maar had ook een institutionele oorzaak: Kees Fens’ leeropdracht was ‘Letterkunde van de twintigste eeuw’ en zijn collega proximus Hummelen was specialist in Rederijkerstoneel. En van Sinnekens naar Kloos is, tsja, nogal een stap. Die taakverdeling overigens had een al oudere oorsprong, namelijk toen W.J.M.A. Asselbergs (Anton van Duinkerken) besloot dat die nieuwerwetse literatuur niks voor hem was en hij Meeuwesse in Nijmegen liet benoemen en hem de 20ste eeuw kado deed.

Lees verder >>

Gijsbreght van Aemstel, de lockdown-editie

Nu spelen voor publiek rond de jaarwisseling verboden is, komt Theater Kwast op zondag 3 januari 2021 met een hoorspel-editie van de Gijsbreght van Aemstel live vanuit de oude Schouburgh. Om zo voor het vierde jaar op rij het nieuwe jaar te openen met Vondels beroemdste toneelstuk. Op 3 januari 1638 opende de eerste Amsterdamse Schouwburg op de Keizersgracht haar poorten, met de première van Vondels meesterwerk. In 1772 brandde deze Schouwburg volledig af. Alleen de toegangspoort en enkele muren en interieurresten bleven bewaard. Tegenwoordig huist hier het chique Hotel The Dylan. De afgelopen jaren heeft Theater Kwast op deze plek de Gijsbreght nieuw leven in geblazen. Met de Lockdown-editie wordt een gekoesterde theatertraditie voortgezet.

Lees verder >>