Categorie: In memoriam

In memoriam Chris Heesakkers

Door Ton Harmsen

Afgelopen woensdag overleed Christianus Lambertus Heesakkers (Berlicum 24 mei 1935 – Leiden 28 november 2018). Een beminnelijk mens, die zijn grote kennis van het Nederlandse humanisme graag overbracht. Hij werkte bij de Leidse universiteitsbibliotheek, en aan de Universiteit van Amsterdam bij het Instituut voor Neolatijn en dat voor neerlandstiek; in 1989 werd hij benoemd tot hoogleraar Neolatijn vanwege het Leids Universiteits Fonds. Aan zijn colleges over humanistenlatijn heb ik veel te danken. Lang geleden namen wij, op zomerdagen gezeten in zijn tuin,  mijn vertaling van Barlaeus’ Obsidio Sylvae-Ducis door; hij wees me niet alleen op mijn fouten en misverstanden maar legde ook uit hoe ik die in de toekomst kon voorkomen. Samen begeleidden wij de proefschriften van Frans Blom over de autobiografie van Constantijn Huygens en van Olga van Marion over de sporen die Ovidius’ Heroides in de Nederlandse literatuur hebben nagelaten, in talrijke gesprekken waarbij Chris onvermoeibaar kon uitweiden over alle mogelijke zeventiende-eeuwse literatoren en geleerden. Lees verder >>

In memoriam Frans C. de Rover

Door Willem Kuiper

Afgelopen maandag, 26 november 2018, overleed Frans de Rover, in leven onder andere werkzaam aan het Instituut voor Neerlandistiek UvA als docent Moderne Letterkunde.

Bron: de Volkskrant van 30 novermber 2018

In 1976 leerde ik Frans de Rover kennen toen hij en ik de twee letterkunde vacatures vulden in de redactie van Spektator, tijdschrift voor neerlandistiek.  Frans voor Moderne Letterkunde, ik voor Historische Letterkunde. In die jaren was er nog draagvlak voor een algemeen neerlandistisch tijdschrift omdat de docenten letterkunde, taalbeheersing en taalkunde elkaar nog als collega’s zagen en niet als concurrenten. Lees verder >>

In memoriam Jacques Sicking (1 maart 1936 – 18 september 2018)

Door Erica van Boven

Op dinsdag 18 september 2018 is in Den Haag de letterkundige Jacques Sicking gestorven. Hij is tweeëntachtig jaar geworden.

Jacques Sicking was een Neerlandicus zoals we ze nu bijna niet meer kennen. Hij had een uitzonderlijk brede kennis van zijn vak, in het bijzonder van de literatuurgeschiedenis van de negentiende en twintigste eeuw. Vele generaties studenten aan de Groningse universiteit, waaraan hij vanaf 1970 tot aan zijn pensionering in 1999 was verbonden, zijn onder de indruk geraakt van zijn vakkennis, zijn liefde voor de letteren en zijn plezier in het lesgeven. Voor hem stonden de studenten op de eerste plaats.

Aanvankelijk was veel van zijn onderzoek met het onderwijs verbonden, hetgeen resulteerde in bloemlezingen en syllabi. Zijn collegesyllabus Moderne Nederlandse letterkunde vormde de basis van het handboek Literatuur van de moderne tijd (2006) dat vandaag op een aantal universiteiten in gebruik is. Ook het middelbaar onderwijs lag hem na aan het hart. Hij was zelf zijn loopbaan als leraar begonnen en hij stelde er een eer in zijn studenten goed toe te rusten voor het leraarschap. Met lede ogen heeft hij de kloof zien groeien tussen de universitaire Neerlandistiek en het schoolvak Nederlands. Jaar na jaar heeft hij zich ingezet om dat proces te keren en daarbij waarschuwde hij voor de ontwikkelingen waarover we nu in de kranten lezen: achteruitgang van het schoolvak Nederlands, een tekort aan academisch geschoolde leraren en een daling van het aantal studenten. Lees verder >>

Hete truffel. Een terzijde bij het overlijden van Clara Haesaert

Door Kurt Deswert

Afgelopen zaterdag overleed dichteres Clara Haesaert, een ‘grande dame’ van de Vlaamse poëzie. Jos Joosten schreef hier op Neerlandistiek een treffend in memoriam waar ik graag een klein terzijde naast plaats. Op een bepaald moment, nu enige tijd terug, heb ik haar erg goed heb leren kennen. Naar aanleiding van een interview voor Vlam werd ik gedurende een aantal maanden zo ongeveer gestalkt door haar, omdat ze mijn inspanningen voor de Nederlandstalige poëzie in Brussel wel kon waarderen. Ze kwam bijvoorbeeld ook naar een slechts door een tiental mensen bijgewoonde poëzievoordracht van Vers uit Brussel in gemeenschapscentrum Op-Weule (Sint-Lambrechts-Woluwe). Ze was erg ingenomen met dat initiatief. Lees verder >>

In memoriam Clara Haesaert (1924-2018)

Door Jos Joosten

Vanochtend vroeg was het het eerste berichtje dat ik zag. Dichteres Clara Haesaert is overleden. Zelf heb ik Clara pas op latere leeftijd leren kennen – enfin, wat is latere leeftijd voor iemand die uiteindelijk 94 jaar oud werd? Ze was begin zeventig toen we in contact kwamen. Ik stond aan de aanvang van het onderzoek voor mijn Walravens-boek en zocht een plek in Brussel om rustig het grote familie-archief te kunnen doorvlooien. Clara bood uitkomst: in de zomermaanden van 1996 verbleef ik zo in het souterrain van haar Stichting Diapason, aan de Chazallaan vlakbij het Josafatpark.

De eerste rondleiding herinner ik me goed. De ruime ruimte was in gebruik als archief en opslagruimte. Tussen de vele dozen en stapels papier was het even zoeken, maar er stond een comfortabel bed en een werkende PC. En enthousiast leidde Clara me naar de achterruimte met een keukentje én een doucheruimte. ‘Ik weet dat jullie Hollanders minstens een keer per dag douchen of baden.’ Lees verder >>

In memoriam Jurjen van der Kooi (Hardegarijp 22-12-1943 – Drachten 4-9-2018).

Door Theo Meder

Jurjen van der Kooi

Met grote verslagenheid is kennis genomen van het overlijden van Jurjen van der Kooi. Jurjen was vele jaren onderzoeker en hoofddocent aan het Nedersaksisch en Fries Instituut van de Faculteit der Letteren aan de Rijksuniversiteit Groningen, onder andere op het gebied van vertelcultuur. Jurjen was een gedreven publicist en een vraagbaak voor wie maar een beroep op hem deed. Hoewel Jurjen al langere tijd problemen had met zijn gezondheid, komt zijn overlijden toch erg plotseling, en treft ons diep. Lees verder >>

In memoriam Wim Drop

Door Carel Jansen & Daniël Janssen

Op 21 juli van dit jaar is prof. dr. Wim Drop overleden in zijn woonplaats Amersfoort. Hij is 89 jaar oud geworden.

Voor ons beiden is Wim Drop van grote betekenis geweest, als docent, promotor en leermeester. Maar veel groter nog was zijn betekenis voor het vak Taalbeheersing en voor de Utrechtse afdeling met diezelfde naam, die hij eigenhandig heeft opgericht.

Zijn academische carrière begon eind jaren zestig bij het Instituut De Vooys in Utrecht. Daar ging hij aan het werk als letterkundige, gepromoveerd op de historische roman. In die jaren schreef hij behalve inleidingen bij toen al vrijwel vergeten klassiekers als De Boekanier en De Renegaat ook – samen met anderen – vernieuwende schoolboeken voor het voortgezet onderwijs. Met name de close reading benadering die in Indringend lezen centraal stond, heeft een grote invloed gehad op het Nederlandse literatuuronderwijs. Lees verder >>

Naar aanleiding van het overlijden van Wim Drop

Door Ghislain Duchâteau

Het overlijden van een belangrijke didacticus Nederlands doet mij denken aan de tijd dat zijn werk in de actualiteit was. Dat is dan wel een hele tijd geleden. Toch blijven een aantal aspecten en ideeën van Wim Drop tot op zekere hoogte doorwerken in het actuele onderwijs Nederlands.

In mijn didactische bibliotheek Nederlands grijp ik dicht bij de hand het werk Taalbeheersing. Handboek voor taalhantering van dr. W. Drop en Drs. J.H.L. de Vries uit 1974. Daarbij hoort een Oefenboek 1 bij Taalbeheersing Preliminaire vaardigheden eveneens van beide auteurs uit 1974. Ook reik ik naar Inlevend lezen. Een cursus verhalen lezen, bij Wolters-Noordhoff in 1983 gepubliceerd. En dat is nog niet alles. Van Drop/De Vries is ook Ter informatie. Leergang samenvatten & schrijven van zakelijke teksten en het daarbij horende Docentenboek steeds bij dezelfde uitgever in 1976 gepubliceerd. Lees verder >>

In memoriam Steven ten Brinke

Door Helge Bonset

Op 26 april is op 89-jarige leeftijd Steven ten Brinke overleden. Hij was van 1980 tot aan zijn emeritaat in 1994 hoogleraar Didactiek van het voortgezet onderwijs, in het bijzonder de brugperiode, aan de Universiteit Utrecht. Daarnaast was hij in de jaren ’80 van de vorige eeuw bijzonder hoogleraar in de theorie van de moedertaaldidactiek aan de Katholieke Universiteit Nijmegen, tegenwoordig Radboud Universiteit. Hieronder ga ik vooral in op de bijdragen die hij heeft geleverd aan de ontwikkeling van de didactiek van en het onderwijs in het schoolvak Nederlands, indertijd ook aangeduid als moedertaalonderwijs.

Ten Brinke’s eerste belangrijke bijdrage was de oprichting van de VON (Vereniging voor het Onderwijs in het Nederlands) in 1969, waarvan hij in de beginjaren ook voorzitter was. De VON was een bijzondere vereniging, die een voortrekkersrol heeft gehad in de wending van een vooral literair-grammaticaal naar een meer communicatief gericht moedertaalonderwijs. Daarnaast was de VON ‘longitudinaal’ en ‘latitudinaal’: ze hield zich bezig met het moedertaalonderwijs/Nederlands van basisonderwijs tot en met hoger onderwijs, en met de rol van de moedertaal bij andere schoolvakken dan Nederlands. Ze gaf het blad Moer uit en organiseerde in de jaren zeventig van de vorige eeuw grote, druk bezochte congressen waar ‘stromen’ waren gewijd aan alle denkbare thema’s in en om het moedertaalonderwijs. In 1977 bijvoorbeeld waren dat Werken met prentenboeken. Creatief schrijven, Teksten in het LBO (Lager Beroepsonderwijs), Letterkunde-onderwijs, Luisteronderwijs, Taalonderwijs van morgen, Projectonderwijs, Politieke vorming via dramatische werkvormen en Vertellen. De VON en Moer hebben helaas de 21e eeuw niet overleefd, maar wel vindt de creatieve geest van de VON-congressen vandaag de dag nog zijn uiting in de jaarlijkse conferentie van Het Schoolvak Nederlands (HSN). Lees verder >>

In Memoriam Erzsébet Mollay (31 oktober 1949 – 15 februari 2018)

Door Judit Gera &  Roland Nagy

De moeder van de Hongaarse neerlandistiek is op 15 februari jl. overleden. Dit bericht heeft ons, voormalige studenten en collega’s van Erzsébet zeer geschokt. Ongeveer tien jaar geleden was ze van een dodelijke ziekte genezen. We wisten niet dat de verlate bijwerkingen van de geneesmiddelen haar vroegtijdige dood zouden veroorzaken. Ze is 68 jaar geworden.

Dit stuk komt van twee van haar collega’s: Roland Nagy, die als taalkundige haar vakkundige opvolger is geworden en Judit Gera die het geluk had om van de eerste groep studenten deel te mogen uitmaken die Erzsébet aan de Eötvös Loránd Universiteit Boedapest Nederlandse lesgaf. Vandaar dat dit in memoriam zowel uit een persoonlijk onderdeel als uit een meer vakkundig overzicht van haar loopbaan bestaat. Lees verder >>

Katholiek met een knipoog

In memoriam Harry Scholten (1936-1987)

Door Peter van Zonneveld

Gisteren, 18 januari, dacht ik aan de dichter en letterkundige Harry Scholten, die 31 jaar geleden overleed. Hij werd niet ouder dan vijftig. Ik heb veertig jaar bij de Leidse universiteit gewerkt, en had niet te klagen over aardige collega’s, maar hij was misschien wel de aardigste. Bescheiden, verlegen, hartelijk en buitengewoon geestig. Zo bescheiden, dat ik niet eens een goede foto van hem kan vinden (wie wel?). Hij kwam uit een katholiek milieu, en zijn werk getuigt daarvan:

(de eigentijdse katholiek)

savonds voor ik slapen ga
kijken mij twee engeltjes na

service van de dealer.

In 1978 promoveerde hij op een proefschrift, getiteld: ‘Aspecten van het tijdschrift De Gemeenschap.’ Aan de bestudering van dit katholieke orgaan had hij jarenlang gewerkt. Hij vertelde me eens hoe ongemakkelijk hij het vond wanneer een bekende hem vanaf de overkant van de straat luidkeels begroette met ’Ha Harry, hoe gaat het met De Gemeenschap?’ Die promotie zal ik niet snel vergeten, vanwege twee dingen. Lees verder >>

Afscheid Miep Diekmann

Door Mathijs Kamphoff

Redactionele notitie [Aart G. Broek] / Op zaterdag 15 juli 2017 namen familie, vrienden, collega’s en lezers afscheid van Maria Hendrika Jozina (Miep) Diekmann (26 januari 1925 – 9 juli 2017) in het crematorium Haagse Duinen. Bij die gelegenheid sprak haar oudste zoon Matthijs een opmerkelijke rede uit. Pijnlijk genoeg moest de familie op 15 december 2017 afscheid nemen van Matthijs (11 februari 1949 – 10 december 2017).

Als een goede zoon van mijn moeder, kan ik het niet nalaten om zo af en toe iets schokkends in de groep te gooien. Miep kon dat uitstekend – ze had het gecultiveerd – maar het zat ook in haar genen. En dus ben ik al een leven lang bezig om de kracht van dat ene gen een beetje te leren temperen. Maar soms moet het er toch even uit.  Zou je mij bijvoorbeeld vragen of ik vandaag verdrietig ben, dan zou ik antwoorden: ‘Nee, ik ben niet verdrietig! ’ Wel heel emotioneel, maar ‘verdriet’ is niet het goede woord daarvoor. En, nóg schokkender: misschien voel ik, ergens diep in mijn hart, wel iets van blijheid.

Ja, blijheid – want de wereld waarheen Mieps geest nu is vertrokken, is een wereld  waar zij bevrijd zal zijn. Bevrijd, niet alleen van het versleten en geschonden lichaam waarin zij de laatste maanden van dit leven doorbracht. Maar bevrijd ook van haar zelfgekozen noodzaak om ‘Miep Diekmann’ te zijn. Lees verder >>

Bevlogen drukker in de marge

In memoriam Kees Thomassen (1950-2015)

Door Peter van Zonneveld

Vandaag is het twee jaar geleden dat Kees Thomassen overleed. Hij was conservator na-middeleeuwse handschriften van de Koninklijke Bibliotheek, bevlogen drukker in de marge en een bijzonder aimabel mens. Kees was de eerste student die veertig jaar geleden, in 1977, bij mij afstudeerde. We waren vrijwel leeftijdgenoten en onze liefde voor de negentiende eeuw was de basis voor een langdurige vriendschap. Het contact was weliswaar niet erg intensief, maar wel altijd hartelijk. Steeds was het fijn hem te ontmoeten, al liet de communicatie soms te wensen over (hij was zo mogelijk nog dover dan ik).

Ik zie hem nog bij mij thuis in Amsterdam aan tafel zitten, voor de bespreking van zijn doctoraalscriptie. Die ging over twee negentiende-eeuwse tijdschriften, De Vriend des Vaderlands en De Muzen. Daar wist hij alles van. Ik heb het nooit geprobeerd, maar je kon hem daar midden in de nacht voor wakker maken. Vanuit mijn huis in Amsterdam moest hij snel terug naar Leiden, om een laatste tentamen te doen bij Professor Gomperts. In Sloterdijk stapte hij op de trein. Groot was zijn verbazing, toen hij opeens de duinen zag opdoemen. Hij was abusievelijk in de trein naar Zandvoort gestapt. Dat was schrikken, maar het is allemaal nog goed gekomen. Lees verder >>

Maarten van den Toorn 4 januari 1929 – 23 november 2017

door Maarten Klein

51 jaar geleden, 19 jaar oud, begon ik in Utrecht, bij het Instituut De Vooys, Emmalaan 29, aan de studie Nederlands. Direct voelde ik in de gangen van dat statige pand een bijzondere sfeer, een magische sfeer van wetenschap die gecreëerd werd door de fantastische docenten die er toen waren: Gerritsen, Sötemann, Van den Berg, Koelmans, Vermeer en Van den Toorn. De neerlandistiek, zo voelde ik in de bibliotheek en collegezalen, was een bijna heilige wetenschap, je was een bevoorrecht student als je in de Nederlandse taal- en letterkunde ingewijd mocht worden.

Lees verder >>

Overleden: M.C. van den Toorn (4 januari 1929 – 23 november 2017)

Door Marc van Oostendorp

Ons bereikt het bericht dat de taalkundige M.C. (Maarten) van den Toorn afgelopen donderdag in zijn woonplaats Nijmegen overleden is.

Van den Toorn studeerde Nederlands in Leiden en was daarna jarenlang verbonden aan het Instituut De Vooys van de Universiteit Utrecht. In 1974 werd hij benoemd als hoogleraar Nederlandse Taalkunde aan de toenmalige Katholieke Universiteit Nijmegen. Hij publiceerde onder andere een veel bestudeerde Nederlandse Grammatica (Prisma, 1973), een leerboek over de Nederlandse taalkunde en een studie over de taal van het nationaal-socialisme. Ook stond hij aan de basis van de Algemene Nederlandse Spraakkunst.

Van den Toorn was een neerlandicus van de oude stempel, die het vak nog in zijn geheel had kunnen overzien voor het gaandeweg specialistischer werd. Hij bleef zijn hele leven ook belangstelling houden voor de letterkunde en hij hechtte er ook aan zich helder uit te drukken. Tegelijkertijd was hij sceptisch over het bestaan van dat vak: zijn afscheidscollege was getiteld De eenheid van de neerlandistiek, en hoewel Van den Toorn betwistte dat er ooit zo’n eenheid was geweest, pleitte hij wel voor meer streven naar gezamelijkheid.

Bovenal was Van den Toorn zelf natuurlijk een taalkundige, die zijn vak goed bijhield, en die ook op de hoogte was van moderne ontwikkelingen, zoals de Chomskyaanse taalwetenschap. Bekend is zijn artikel over ‘De methode Paardekooper‘, waarin hij de bekende grammaticus respectvol bekritiseerde vanwege diens gebrek aan theoretisch kader. Tegelijkertijd was Van den Toorn in zijn eigen werk toch ook vooral een eclecticus die het moest hebben van goede inzichten, los van strakke theoretische kaders.

Bij dit alles was Van den Toorn een zeer beminnelijk mens die tot deze week geïnteresseerd bleef in het vak; ook in de jonge mensen die erin werkzaam waren.

Vijfentwintig jaar geleden schreef Van den Toorn een aardig autobiografisch essay voor Neerlandica extra muros.

In memoriam Ben Peperkamp (21 april 1959 – 18 november 2017)

Door Johan Koppenol, Anne-Fleur van der Meer en Nelleke Moser (Literatuur en Samenleving, Vrije Universiteit)

Op 18 november 2017 overleed in het VUmc, aan de gevolgen van een longembolie, prof.dr. Ben Peperkamp, onze hoogleraar Moderne Nederlandse Letterkunde aan de Vrije Universiteit. Wij zijn onthutst en verslagen door dit plotselinge verlies.

Ben werd geboren in Den Haag op 21 april 1959, maar hij groeide op in katholiek Brabant. Als jongetje mocht hij regelmatig zijn school verzuimen om misdienaar te zijn, omdat hij zo mooi vroom kon kijken – hij vertelde graag over de rijksdaalders die hem dat opleverde. Ben ging Nederlandse Taal en Letterkunde en Algemene Literatuurwetenschap studeren  in Utrecht. Na zijn afstuderen in 1987 begon hij daar aan een promotietraject en ook na het voltooien zijn dissertatie, bleef hij werkzaam aan de Universiteit Utrecht als docent, hoofddocent en senior onderzoeker.

In 2007 werd hij hoogleraar aan de VU. Ben begon zijn VU-loopbaan aan een traditionele opleiding Nederlandse taal en cultuur. Een aantal jaren na zijn aanstelling besloot de Faculteit Letteren  van de Vrije Universiteit te kiezen voor een model van brede bacheloropleidingen. Het werd een ingrijpende operatie, waarbij oude opleidingen verdwenen en samengevoegd werden in nieuwe constellaties. Zo ontstond in 2013 de opleiding Literatuur en Samenleving / Literature and Society. Het was Ben die met een enorme denk- en daadkracht de kar trok om de vereiste omslag mogelijk te maken. De website van de nieuwe opleiding is prachtig en terecht was Ben daar heel trots op: het is voor een belangrijk deel zijn werk. Lees verder >>

In memoriam voor Johan Taeldeman (23.12.1943 – 31.10.2017).

Mens van goede wil, schatbewaarder van de Nederlandse taal

Door Georges de Schutter en Frans Hinskens

Johan Taeldeman werd geboren in het kerkdorpje Kleit, aan de oostelijke kant van de provinciegrens tussen West- en Oost-Vlaanderen. Zijn vader was arbeider in een plaatselijk bedrijf, zijn moeder huisvrouw zoals het in die tijd betaamde. Hij had een broer en een zuster.

Zijn vader was actief voor het Algemeen Christelijk Vakverbond, een Belgische christelijke vakvereniging, maar Johan heeft de keuze voor de katholieke zuil al heel vroeg verworpen, en heeft het engagement van zijn vader vertaald naar wat hij als het enige deugdelijke alternatief zag. Johan Taeldeman is zijn hele leven socialist geweest. Die overtuiging heeft hij ook aan zijn drie kinderen doorgegeven en de grootste genoegdoening van zijn laatste, moeilijke jaren was de benoeming van zijn jongste, de sociaaldemocraat Sven Taeldeman, als schepen (wethouder) van o.a. milieuzaken in Gent. Groot was Johan Taeldemans engagement voor de cultuur van de volksmens van het Oost-Vlaamse platteland en voor zijn taal. Johan is verrassend vroeg uit zijn geboortedorp weggegaan: op z’n twaalfde werd hij op internaat gestuurd naar Eeklo. Dat was wel nog het Meetjesland waar ook Kleit toe behoort, maar als half stedelijk centrum was het anders en veel minder intiem dan Kleit. En daarna kwam de Gentse periode, eerst nog wat halfslachtig, toen hij in zijn studieperiode buiten de lessen weer thuis verbleef, daarna helemaal. Johan heeft daarna in Landegem verbleven, kort in Gent zelf, in Landskouter en uiteindelijk in Balegem. Wie Oost-Vlaanderen kent, ziet een lijn van het noordwesten naar het centrale zuiden, steeds verder van zijn geboortedorp vandaan. Johan Taeldeman heeft dus niet lang in Kleit gewoond; maar de relatie tussen hem en zijn geboorteplaats is er niet minder hecht door, want Kleit en zijn bewoners en niet te vergeten zijn taal hadden bezit genomen van zijn geest. Zij waren in Johan Taeldeman gaan wonen, en ze zijn daar tot zijn dood gebleven. Lees verder >>

Overlijden van Johan Taeldeman

Door Jacques Van Keymeulen

Foto: Miet Ooms

Het is met grote verslagenheid dat ik hier in Kaapstad het onverwachte overlijden van Johan Taeldeman heb vernomen. Ik heb hier aan de studenten van de Universiteit van Weskaapland uitgelegd hoe men dialectologisch veldonderzoek kan doen – iets waar Taeldeman uitermate beslagen in was. De Zuid-Afrikaanse professoren (meer bepaald Wium van Zyl) hebben mij verzekerd dat Johan ook aan de basis ligt van de hernieuwde contacten tussen Zuid-Afrika en de Letterenfaculteit van de Gentse Universiteit na de democratische verkiezingen van 1994.

Er is in de late jaren 90 inderdaad een uitwisseling tot stand gekomen met het zgn. ‘Kaapse Forum’, en Taeldeman is waarschijnlijk de eerste Gentse professor geweest die na de apartheidsperiode college heeft gegeven in Kaapstad en de academische banden met Zuid-Afrika nieuw leven heeft ingeblazen. Lees verder >>

In memoriam Johan Taeldeman (1943-2017)

Door Marc van Oostendorp

Ons bereikt het bericht dat vanochtend de Gentse taalkundige prof. dr. Johan Taeldeman is overleden.

Taeldeman studeerde Germaanse filologie aan de Universiteit Gent en zou vrijwel zijn hele werkzame leven aan die universiteit verbonden blijven. Ook was hij lid van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal- en Letterkunde, eveneens in Gent. hij schreef veel over dialectologie en fonologie, en was bijvoorbeeld, met Ton Goeman en Piet van Reenen, verantwoordelijk voor het grootse GTR-project, en was een van de belangrijkste auteurs van de Fonologische Atlas van de Nederlandse Dialecten die hieruit voortkwam. Samen met Frans Hinskens redigeerde hij nog maar enkele jaren geleden een imposant Engelstalig handboek over Nederlandse taalvariatie in Nederland, Vlaanderen en buitengaats. Lees verder >>

In memoriam Peter King (1922-2017)

Door Roel Vismans

Op 3 juli overleed Peter King, 95 jaar oud. Hij was een van de prominentste naoorlogse neerlandici van Groot-Brittannië. Peter was geboren in Wimbledon en diende tijdens de tweede wereldoorlog geruime tijd als verbindingsofficier van de Royal Navy op een Nederlandse onderzeeër, waar hij zijn belangstelling voor de Nederlandse taal, literatuur en cultuur aan overhield. Na de oorlog studeerde hij Nederlands bij Theodoor Weevers aan het Bedford College van de Universiteit van Londen, en in Groningen waar hij zijn toekomstige vrouw, Greeth Leeflang, leerde kennen.

Na zijn MA begon Peter op uurbasis Nederlands te doceren in Cambridge, maar in 1959 kreeg hij een vaste aanstelling als University Lecturer. In die tijd werd hij ook actief in de Anglicaanse kerk, waar hij een lekenambt bekleedde. In 1976 werd hij aangesteld als hoogleraar aan de universiteit van Hull, een havenplaats in Noord-Engeland met een historische band met Nederland en Vlaanderen. Lees verder >>

In memoriam Koen Jaspaert

Door Kris Van den Branden

Koen Jaspaert is in de nacht van donderdag 7 op vrijdag 8 september 2017 in zijn slaap overleden. Hij vocht dapper tegen ALS, de vreselijke ziekte die hem zijn krachten en zijn geliefde taal ontnam.

Koen was een academicus. Zo eentje die zijn laarzen aantrok en vol idealisme het veld instapte. Eentje die al zijn wetenschappelijke wijsheid probeerde te gebruiken om de wereld te verbeteren. Hij zocht in zijn onderzoek, hij wroette diep in zichzelf om waarheden te ontdekken die voor anderen een verschil konden maken. Hij wilde weten hoe mensen taal verwerven, zodat hij kon timmeren aan beter taalonderwijs voor kansarme kleuters, sociaal kwetsbare jongeren en volwassen migranten. Aan de KU Leuven stampte hij het Steunpunt NT2 uit de grond (het staat er nog) en zei duizend keer: onderwijs gaat om emancipatie. Onderwijs moet kansen geven aan mensen die weinig kansen krijgen. Een maatschappij is maar zoveel waard als de zorg die ze geeft aan degenen die het moeilijk hebben. En een academicus waarschijnlijk ook. Lees verder >>

Koen Jaspaert (1956-2017) als Algemeen Secretaris van de Nederlandse Taalunie

Door Elisabeth D’Halleweyn

Koen Jaspaert kende ik enkel van naam toen ik zitting nam in de driekoppig personeelsafvaardiging die in 1998 de beoogde nieuwe algemeen secretaris van de Nederlandse Taalunie moest ‘keuren’. Daar zat hij dan: een imposante man met priemende ogen, zware wenkbrauwen, kort stekelig haar maar wonderlijk zachte stem. ‘En?’ vroegen de collega’s na het gesprek. ‘We krijgen een geweldige nieuwe algemeen secretaris’, antwoordden we met volle overtuiging.

En dat bleek de waarheid.

Koen werd algemeen secretaris vanuit een diep verlangen zijn visie op taalbeleid in werkelijkheid te kunnen omzetten. Lees verder >>

Koen Jaspaert overleden

Ons bereikt het bericht dat afgelopen nacht prof. dr. Koen Jaspaert (1956-2017) na een ziekbed is overleden. Jaspaert was opgeleid in de germanistiek aan de Katholieke Universiteit Leuven en was daarna verbonden aan de universiteiten van Tilburg en Leuven als specialist op het gebied van de sociolinguïstiek, taalonderwijs, minderheidstalen en taalpolitiek.

Van 1990-1998 was hij in Leuven directeur van het Steunpunt Nederlands als tweede taal. Van 1998-2004 werkte hij vervolgens als Algemeen Secretaris bij de Nederlandse Taalunie, waar hij sommige van zijn ideeën over taalbeleid in praktijk kon brengen. Hierna keerde hij terug naar Leuven, waar hij tot zijn dood aan de universiteit verbonden bleef. Binnenkort zal nog een boek van hem en Carolien Frijns verschijnen over het leren van het Nederlands als tweede taal: Taal leren. Van kleuters tot volwassenen

Dit interview uit 2002 geeft meer inzicht in Jaspaerts leven en ideeën.

Jaap de Rooij en de ANS

Door Walter Haeseryn

De geestelijke vader van de ANS, de Algemene Nederlandse Spraakkunst, is niet meer. Dr. Jaap de Rooij is op 24 augustus 2017 overleden (zie het in memoriam door Jan Berns).
Het initiatief voor een uitvoerige grammaticale beschrijving van het hedendaagse Nederlands, die onder meer dienstig moest zijn voor het onderwijs aan anderstaligen, was afkomstig uit de kringen van de buitenlandse neerlandistiek. Als sinds de jaren zestig van de vorige eeuw werd de behoefte aan een dergelijke grammatica met enige regelmaat geëxpliciteerd in resoluties op de driejaarlijkse colloquia van de Internationale Vereniging voor Neerlandistiek (IVN).

De mogelijkheden om tot de gewenste grammatica te komen werden onderzocht in de schoot van het Belgisch-Nederlands Interuniversitair Centrum voor Neerlandistiek, het toenmalige overlegorgaan van de hoogleraren Nederlandse taalkunde. Deze verkenning resulteerde in een opdracht voor voorbereidende werkzaamheden, gesubsidieerd door de Nederlandse Organisatie voor Zuiver-Wetenschappelijk Onderzoek (ZWO) en het Belgisch Fonds voor Kollektief Fundamenteel Onderzoek (FKFO). Met die opdracht werd Jaap de Rooij belast. Die keuze was niet toevallig. Jaap was van 1962 tot 1970 lector Nederlands in Stockholm en Uppsala geweest en was sinds 1970 lid van het IVN-bestuur en wist uit eigen ervaring wat de behoeften en wensen van de docenten in het buitenland waren. Zelf had hij ook samen met zijn Zweedse collega, Ingrid Wikén Bonde, in 1971 een Nederländsk grammatik geschreven. Lees verder >>