Categorie: In memoriam

In memoriam Hans Henk Ekkel (1932-2020)

Dit in memoriam is geschreven door Lamberthe de Jong, journaliste en historica. Met hartelijke dank daarvoor van Sandrijn Ekkel en Laurens Ekkel.

De Neerlandicus Hans Ekkel publiceerde diverse dichtbundels en leerboeken voor het voortgezet onderwijs. Hans Henk Ekkel werd op 14 oktober 1932 geboren in Twello. Zijn vader had een wijnhandel ‘Wijnkooperij De kabouter’. In Deventer bezocht hij de Rijks HBS en de Rijkskweekschool en later behaalde hij in Utrecht zijn MO-A en -B Nederlands. Hij begon als onderwijzer op een lagere openbare school in Winterswijk, gaf les op het gymnasium en de MMS aan de Hofstraat in Deventer, en op het Alexander Hegius Lyceum. Daar was hij ook decaan. De laatste tien jaar van zijn onderwijscarrière tot 1989 werkte hij als rector van de scholengemeenschap Midden IJsel voor dag- en avondonderwijs voor volwassenen. 

Lees verder >>

Gedicht: Arthur Lava • Toekomstmuziek

Arthur Lava, een van de voormannen van de Maximalen, is overleden.

Toekomstmuziek

Geef mij de ballade uit de Hades
of een opgewekte blues, ik swing op elke
hiphopversie van Vivaldi, mijn smaak

kent geen limiet, dus leve het licht ontvlambaar
geuzenlied, de wals voor weduwen en wezen,
de bloedeloze stierenvechtersrapsodie.

En vanzelfsprekend zweer ik bij de alchemie
van een schlager voor de goede zeden
of een nocturne voor de ochtendmens.

Maar wat bovenal moet worden aangeprezen
is een marsmuziek, jawel een marsmuziek,
die de mensheid van marcheren zal genezen.

Arthur Lava (1955-2020)
uit: Bravisssimo! (1994)

Foto: North Sea Poetry.


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.

In memoriam Fons van Buuren (6 november 1932–31 augustus 2020)

Fons thuis in Amersfoort 7-11-2018.
Foto O.S.H. Lie.

door Orlanda S.H. Lie

Fons van Buuren studeerde Nederlandse taal- en letterkunde aan deUniversiteit van Amsterdam. Hij werkte enige jaren als leraar te Amersfoort. Van 1961 tot 1969 was hij werkzaam bij de afdeling Letterkunde van het Instituut voor Neerlandistiek van de Universiteit van Amsterdam. In 1969 verruilde hij Amsterdam voor Utrecht, omdat hier naar zijn eigen zeggen het Middelnederlands “hoog opgestoten werd in de vaart der volkeren”. Na 25 jaar werkzaam te zijn geweest als wetenschappelijk (hoofd)medewerker aan het Instituut De Vooys voor Nederlandse taal- en letterkunde van de Universiteit van Utrecht ging Fons in 1994 met vervroegd pensioen.

Lees verder >>

In memoriam Mieke B. Smits- Veldt (11 juli 1936-21 augustus 2020)

Door Riet Schenkeveld- van der Dussen

In 1986 kwam Mieke Smits de Neerlandistiek binnenstormen met een omvangrijk proefschrift (504 blz.)  Samuel Coster, Ethicus-Didacticus. Zoals ze in haar woord vooraf vertelt, vond de conceptie ervan plaats in 1979 en het boek is dus binnen zeven jaar ontstaan. Het bood een grondige studie van persoon en werk van de arts, toneelschrijver en organisator Coster. Nog belangrijker en stimulerender was haar vernieuwende kijk op de belerende aard van het vroege renaissance-toneel en de functie die de personages daarin vervulden, waarbij de lering het won van de karaktertekening. 

Ruim dertig jaar later, in 2008, sloot ze haar loopbaan af met Een nieuw vaderland voor de muzen, in samenwerking met Karel Porteman. De beide auteurs hebben wel eens uitgerekend dat ze, zonder daar speciaal op gemikt te hebben,  precies evenveel tekst hadden geschreven, dat was dus voor Mieke de helft van 1054, te weten 527 bladzijden, waarmee ze haar proefschrift in omvang dus nog overtrof. In dat rijke boek wordt de Renaissance-literatuur in den brede van het begin in 1560 tot het eind van de 18de eeuw behandeld, met een verbazingwekkende grondigheid en ongelofelijke kennis van de secundaire studies. Een standaardwerk dat het nog lang zal uithouden.

Lees verder >>

Dag Tanneke

Door Marc van Oostendorp

Tanneke Schoonheim, die deze week plotseling overleed, was de aardigste taalkundige van Nederland – iemand die niet alleen geïnteresseerd was in de taal, maar ook in de verpakking van vlees en bloed. Iemand voor wie een collega in de eerste plaats ook een mens was. Het klinkt vanzelfsprekend – helaas zijn er weinig mensen van wie dat ook echt gezegd kan worden. 

Lees verder >>

In Memoriam Tannetje Hendrika Schoonheim (1965 – 2020)

Door Frieda Steurs

Op 25 augustus is tot ons grote ontzetting en verdriet onze dierbare collega Tanneke Schoonheim totaal onverwacht overleden.

Tanneke heeft haar hele werkzame leven besteed aan de Nederlandse Taal, bij het Instituut voor Nederlandse Lexicologie, later het huidige Instituut voor de Nederlandse Taal. Dit in memoriam probeert weer te geven van welke onschatbare waarde Tanneke is geweest. Tanneke ging na het gymnasium op de Christelijke Scholengemeenschap Zandvliet in Den Haag in 1983 Nederlands studeren in Leiden, waar ze al in 1987 afstudeerde. Docenten uit die tijd herinneren haar als een van hun meest briljante studenten, maar tegelijk ook als een van de aardigste en warmste. Ze ging meteen aan de slag als student-assistent bij het toenmalige INL. Ze promoveerde in 2004 tot Doctor in de Letteren op een proefschrift getiteld “Vrouwelijke persoonsnamen in Holland en Zeeland tot het jaar 1300”, met als promotor prof. dr. P.G.J. van Sterkenburg.

Lees verder >>

De schoonheid van de vorm: Gedachten aan Liesbeth Koenen (1958-2020)

Door Hans Bennis

Op 4 maart 2020 presenteerde Liesbeth Koenen in Atheneum Boekhandel haar laatste boek. Het beste van Hugo Brandt Corstius volgens Hugo Brandt Corstius. Maar wel met inleiding en uitleg van Liesbeth Koenen. Het is veelzeggend dat Liesbeth haar imposante en veelzijdige oeuvre heeft beëindigd met een boek over HBC. Ze had in het begin van de jaren tachtig bij hem gestudeerd bij de vakgroep Algemene Taalwetenschap aan de Universiteit van Amsterdam. Dat is ook de plek waar ik Liesbeth ontmoette. Zij was student en ik was promovendus. Wij deelden onze bewondering voor het werk van Hugo BC, en dan vooral voor Opperlands dat in 1981 net was verschenen. Het was de vorm van taal tot in het extreme, een fascinerend en intrigerend spel met taal, een genot voor de verbeelding. Zoals Liesbeth schreef: naast het ABC bestaat er ook een HBC van onze taal. Het is dan ook niet heel verwonderlijk dat haar boek uit 1990 een fraaie, taalspelige titel kreeg: Het vermogen om te verlangen (9 letters)

Lees verder >>

In memoriam Francis Bulhof (1930-2020)

Door Hans Beelen en Ralf Grüttemeier

Op 12 augustus is Frans Bulhof in zijn geboorteplaats Den Haag overleden.

Na een studie Romaanse talen in Groningen werkte hij tien jaar lang als leraar Frans aan Het Nederlands Lyceum in Den Haag. In die tijd schreef hij ook zijn dissertatie Transpersonalismus und Synchronizität. Wiederholung als Strukturelement in Thomas Manns „Der Zauberberg“, waarop hij in 1966 in Utrecht bij de germanist en literatuurtheoreticus H.P.H. Teesing promoveerde. In hetzelfde jaar werd Bulhof benoemd tot assistant professor in Austin/Texas bij het Department of Germanic Languages. In 1981 werd hij hoogleraar Nederlandse letterkunde in Oldenburg, waar hij de vakgroep Nederlands oprichtte, deze in 1989 structureel met een tweede, taalkundige hoogleraar wist uit te breiden (dat was een primeur voor de tot dan toe eenmanshoogleraarsposten in Duitsland) en in 1995 met pensioen ging.

Lees verder >>

Overleden: Hans Henk Ekkel (1932-2020)

Ons bereikt het bericht dat de Diepenveense dichter en neerlandicus Hans Henk Ekkel op 15 juni is overleden.

Samen met J.G. Zoetbrood schreef Ekkel onder meer Doel-bewust lezen (1967), Boekwerk 1-2-3 (1980-1982-1984), Spellen en ontleden (1977), Redekundige ontleding en taalkundige benoeming (1968). Dit waren succesvolle onderwijsboeken. Samen met Aart van Zoest schreef hij Frans leren zonder studeren (2003). Ekkel schreef later ook dichtbundels als Tuinfeest (2006),  Een oogopslag (2001), IJssel Balansact (2012).


In memoriam: Frans Wilhelm (1945-2020)

Door Frank Vonk, Jan Noordegraaf, Roland de Bonth, Gijsbert Rutten

Op 12 juni overleed de Nijmeegse anglist Frans Wilhelm, bij neerlandici en historiografen van het talenonderwijs wellicht bekend als medeauteur van de Geschiedenis van het talenonderwijs (2015). Frans is in Nijmegen geboren en overleed aldaar. Net als Ruud Lubbers en Hans van Mierlo ging Frans naar het gymnasium van het Canisius College, een katholieke jongenskostschool van de jezuïeten. Vanaf 1963 studeerde hij Engelse Taal- en Letterkunde aan de Katholieke Universiteit te Nijmegen, tegenwoordig de Radboud Universiteit. In 1971 behaalde hij zijn doctoraaldiploma aan het Radley College in Berkshire (UK).

Frans Wilhelm (links) voor een belangrijke deur van de Bodleian Library in Oxford (2004). Foto: G. Rutten
Lees verder >>

Gedicht: Hans Sleutelaar • twee gedichten

De vorige week overleden Hans Sleutelaar was dichter van een klein maar veelgeprezen oeuvre.

Hemellichamen

het uur dat ik de dag heb opengebroken
en de zee in een dauwdruppel samengevat
was ik radeloos was ik vuur

was ik
een gat in de huid van de ruimte
een kreet van vreselijke vreugde
een magere morgen van zand en honger

en wist mij later blindgestaard en doodgewoekerd
en viel
en spleet uiteen

Lees verder >>

In Memoriam Flip Droste (1928-2020)

Door Dirk Geeraerts

Op 13 juni 2020, enkele weken voor zijn 92e verjaardag, overleed Flip Droste, taalkundige, essayist, romancier. Flip (officieel Frederik Gerrit) Droste werd geboren in Arnhem op 4 juli 1928. Hij studeerde Nederlands in Nijmegen, en promoveerde daar in 1956 met het proefschrift Moeten. Een structureel-semantische studie. In 1968 – hij was toen docent aan de Europese School in Mol – werd hij hoogleraar aan de Katholieke Universiteit Leuven, een positie die hij tot zijn emeritaat in 1993 bekleedde, en vanwaaruit hij op een belangrijke manier bijdroeg tot de verspreiding van de poststructuralistische taaltheorieën in het taalonderzoek in Vlaanderen. 

Lees verder >>

Overleden: Flip G. Droste (1928-2020)

Ons bereikt het bericht dat eergisteren de Nederlandse taalkundige en schrijver Flip G. Droste is overleden. Droste werkte tot zijn emeritaat in 1993 aan de Katholieke Universiteit Leuven en publiceerde behalve boeken over de taalwetenschap ook fictie.

In 2019 schreef Droste nog drie bijdragen aan Neerlandistiek:

Enkele andere taalkundige publicaties zijn te vinden in de DBNL.

In Memoriam dr. Hugo Ryckeboer (1935-2020)


Hugo Ryckeboer en Magda Devos in het WVD-redachtielokaal (1996)

Door Magda Devos

Op 21 mei ll. overleed te Oudenaarde de Gentse taalkundige Hugo Ryckeboer. Hij zou in juli van dit jaar 85 zijn geworden. Hij was een alom gewaardeerd dialectoloog en lexicograaf, en tevens de grootste specialist van zijn generatie inzake de streektaal en de taalsociologie in Frans-Vlaanderen.

Lees verder >>

Gedicht: Mischa de Vreede • Heel mijn korte leven lang



Vorige week is Mischa de Vreede overleden. Ze schreef veel romans, maar ook poëzie.

Heel mijn korte leven lang.

heel mijn korte leven lang
een en twintig oude jaren
heb ik mijzelf verbeterd
heb ik mijzelf bebouwd
alles alleen genoten
alles alleen geleden
heb ik met mijzelf geslapen
in een eenzame vredige nacht
heb ik mijzelf omhelsd
in het donkere zoetige water
wie wil mij
wie kan mij wat leren
mijn bestwil verwarrend met god
niemand toch lacht met mij
als ikzelf
niemand toch lijdt onder mij
als ik
en niemand weet zo goed
als ikzelf
hoe ik aan de zon mij heb verwarmd
en verbrand
god betere het!

Lees verder >>

Gedicht: Hans Verhagen • Azalea

Dichter en P.C. Hooft-laureaat Hans Verhagen overleden.

Azalea

Die het kwade spreken krijgen steeds meer te vertellen
In dit ondermaanse licht ontleend aan schaduwen
anderen de vingers breken tot ze niet meer meetellen
om ooit de sultans ezel voor zich uit te mogen duwen

Keldert het vertrouwen in de voortplanting, drommen
er wel pap van lustende van onder gladgeschorenen
zich bescheurend samen voor een pas op!
slipgevaar-party

Lees verder >>

In memoriam Eddy Grootes (1936-2020)

Door Peter Altena

Onlangs overleed Eddy Grootes, emeritus hoogleraar Historische Nederlandse Letterkunde, na een welbesteed en geleerd leven. De laatste jaren van zijn leven was een stok nooit ver weg – blijkbaar was hij moeilijk ter been  – en onwillekeurig moest ik denken aan het gedicht dat Vondel wijdde aan Oldenbarnevelt, het Stockske. Er waren grote verschillen tussen beide stokafhankelijken, maar toch ook enkele overeenkomsten: voor de goede verstaander is het niet nodig om de vergelijking uit te werken.

Lees verder >>

In memoriam Eddy Grootes (22 maart 1936 – 5 februari 2020)

Door Jeroen Jansen

Een hoogleraar hoort erudiet te zijn. Dat was Eddy Grootes dan ook: erudiet en enigszins gedistingeerd. Zijn uiterlijk boezemde ons als jonge studenten ontzag in. Vanaf het eerste jaar kenden we zijn deftige pak, de vlotte tred en zorgvuldig gecoiffeerde snor. Met enige schroom klopte je op zijn kamerdeur. Minzaam glimlachend stond hij je te woord. Zijn stem had iets betoverends, een melodieuze lijn van woorden die je haast bedwelmde. Heel persoonlijk werd het niet vlug. Maar de twinkeling in zijn ogen en de vrolijke intonatie toonden zijn enthousiasme. Zo leerde ik Eddy Grootes kennen in de vroege jaren ’80. Dat hij de hoogleraar was, wist iedere student. Zijn voornaam hoorde ik pas veel later, toen ik al bijna afgestudeerd was, uiteraard bij hem.

Lees verder >>

als je weet waar ik ben zoek me dan

In memoriam Wim Klooster (1935-2019)

Door Guido Leerdam

Op 15 september overleed Wim Klooster, emeritus hoogleraar Nederlandse taalkunde aan de Universiteit van Amsterdam, op 84-jarige leeftijd, na een kort ziekbed. In de verschillende obits zijn kwalificaties te lezen als “beminnelijk”, “bedachtzaam” (toen hij tijdens college eens – naar de smaak van het gehoor te – lang peinsde over een vraag werd even overwogen of er niet een dokter gebeld moest worden), “taalbeschouwelijk”, en ze zouden met gemak kunnen worden aangevuld met andere, als subtilist, taalmethodist, en het objectiefst: generativist (al zou dat toen, maar ook nu, aan hem de nodige op aarzelende toon uitgesproken tenminste’s en nota bene’s hebben ontlokt).

Lees verder >>

In memoriam Anneke Reitsma (1949-2019)

Geboren  Pematang Siantar: 31 december 1949, overleden Idsegahuizum: 15 oktober 2019

Door Johan Reijmerink

Op de herfstige zondagmiddag van 8 november 1981 hoorde ik voor het eerst Anneke Reitsma op een literaire middag een lezing houden in het voormalige Hotel ‘s-Gravenhof te Zutphen. Zij hield een voordracht over het werk van Ida Gerhardt. De violiste Emmy Verhey en de pianist Frédéric Meinders omlijstten haar lezing met muziek van Mozart en de in Zutphen geboren componist Jan Brands Buys. De toneelspeler Henk van Ulsen droeg gedichten van Gerhardt voor.

Lees verder >>

De school van WPG

Waarom elke docent Nederlands schatplichtig is aan W.P. Gerritsen (1935-2019)

Dia uit colleges vakdidactiek Nederlands 1&2 op 28 en 29 oktober 2019 (GST UU, Erwin Mantingh).  

Door Erwin Mantingh

Als een vooraanstaande schrijver, dichter, cabaretier of liedjesschrijver een prijs ontvangt of overlijdt, als taalonderzoek de pers haalt, als er een onmisbaar naslagwerk verschijnt over de Nederlandse taal of literatuur: bij taal- en letterenactualiteiten stond ik als leraar, en sta ik als vakdidacticus, kort stil in mijn les of college. Maar wat vertel ik aan leraren-Nederlands-in-opleiding als een groot wetenschapper en neerlandicus overlijdt, wiens wetenschappelijke oeuvre bijna zestig jaar omspant, die ik een kleine twintig jaar van nabij heb meegemaakt als zijn student, student-assistent, promovendus en collega-docent? Een geleerde bovendien van wie de meeste van deze leraren-in-opleiding nog nooit hebben gehoord: op 24 oktober jl. overleed W.P. Gerritsen, de Utrechtse hoogleraar Nederlandse letterkunde van de Middeleeuwen van 1968 tot 2000 en daarna Scaliger hoogleraar in Leiden (2001-2007). 

Lees verder >>

De leermeester

In memoriam Wim Gerritsen

In april 2016 ontving W.P. Gerritsen (rechts) de uitgave Gevoel, vernuft en verbeelding. 200 jaar Utrechtse neerlandistiek

Door Frits van Oostrom

Het vak dat Wim Gerritsen met hart en ziel beoefende, de studie van de Nederlandse letterkunde van de Middeleeuwen, kent een traditie van inmiddels zo’n tweehonderd jaar. Maar dat vak is pas een vakgebied geworden dankzij hem. Voordien staan de grote namen uit ons vak als silo’s in het landschap: (ik noem er maar een paar) Van Mierlo, Muller, C.C. de Bruin, Maurits Gysseling en ook nog Hellinga en Maartje Draak. Knappe geleerden stuk voor stuk, maar werkend op zichzelf, en nauwelijks met duidelijke leerlingen, voor zover ze die al hadden en ze zich daarom bekreunden. Dat was nu eenmaal het geleerdentype in die tijd in ons soort vakken – en ook W.A.P. Smit, de Utrechtse hoogleraar Nederlandse letterkunde, belichaamde een zuil op zich. 

Lees verder >>