Categorie: column

‘Het omgestorte zoutvat’ (1838)

De steenrijke joodse koopman Nathan (links staand, met zwart hoofddeksel) stoot per ongeluk het zoutvat om van Omar, de heerser van Algiers. Dit kost hem het leven. Illustratie van de Nederlandse schilder en lithograaf C.C.A. Last (1808-1876) in Philarete, tijdschrift voor de jeugd (1838).

Jeugdverhalen over joden (102)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend
Vertaald uit het Duits

Herkomst en drukgeschiedenis

Het verhaal ‘Het omgestorte zoutvat’ werd in 1838 gepubliceerd in Philarete, tijdschrift voor de jeugd. Dit bestond van 1837 tot 1843 en bevatte veel vertalingen uit Duitse en Franse jeugdtijdschriften. ‘Het omgestorte zoutvat’ is vertaald uit het Duits.

         Philarete betekent ‘liefde door deugd’. Doel van het tijdschrift, dat indertijd werd uitgegeven door H. Nijgh in Rotterdam, was ‘zedelijke vorming’.

Lees verder >>

Nederland krijgt weer onvoldoende voor Fries op school

Door Henk Wolf

De Nederlandse overheid moet er nodig voor zorgen dat het vak Fries veel meer lestijd krijgt en veel meer als voertaal bij andere vakken wordt gebruikt. Dat schrijft de visitatiecommissie die in opdracht van de Raad van Europa heeft onderzocht of Nederland zich houdt aan het Handvest voor regionale talen of talen van minderheden. Wat betreft het Fries op school blijkt dat niet het geval te zijn.

Lees verder >>

Over wat het actualiteitsprincipe met de geschiedenis van het Zuiderzeepoldernederlands in vergelijking met het Waddenhollands te maken heeft

Door Henk Wolf en Reitze Jonkman

Drie weken geleden hebben wij ervoor gepleit historische interne dialectstudie te combineren met het bestuderen van de externe geschiedenis van de taal in Nederland. De aanleiding was een webinar door Marc van Oostendorp over de Waddendialecten waarin hij op basis van een vergelijking met de hedendaagse standaardtalen Nederlands en Fries, de dialecten Midslands (Midden-Terschelling) en Amelands als mengdialecten classificeerde, terwijl wij ze op basis van historische data tot de Hollandse dialecten rekenen.

Lees verder >>

Desondanks

Wonen in gedichten (14)

Door Judit Gera
Dit gedicht is geschikt voor beginners
en hoort bij de categorie Migrant,

In de serie Wonen in gedichten bespreekt Judit Gera, hoogleraar in Boedapest, gedichten uit de Nederlandstalige literatuur, ten behoeve van het onderwijs in de Neerlandistiek extra muros (buiten het taalgebied). Vandaag: ‘Het eerste mislukte begin’, van Rodaan Al Galidi (1971).

Lees verder >>

Terug naar de grottekening

Door Marc van Oostendorp

Je mag van mij van alles en nog wat ter discussie stellen, maar niet de waarde van het lezen. Wie zegt dat ‘de jeugd nu eenmaal is opgegroeid met het internet’ en dat het dus heel begrijpelijk is dat ‘ze’ niet meer lezen, of dat ‘we er maar aan moeten wennen dat hetgeen wij als belangrijk beschouwen’ tegenwoordig ‘nu eenmaal niet meer zo belangrijk is’, of dat ‘we duizenden jaren geleden ook niet met boeken met elkaar communiceerden, maar met grottekeningen’, zo iemand drijft me tot razernij.

De barbaren!

Lees verder >>

Taalunie veertig jaar

Door Yves T’Sjoen

De Taalunie is als verdragsorganisatie uniek in haar soort. De supranationale samenwerking tussen Nederland, Vlaanderen en Suriname biedt de mogelijkheid om op het gebied van taalbeleid land-overschrijdend beleid te voeren. Ze behartigt al sinds veertig jaar de belangen van het Nederlands zowel in het moedertaalgebied als in het buitenland. Bizar dat de verjaardag vrijwel geruisloos passeert. Naar aanleiding van het jaarverslag 2019 publiceerde Luc Devoldere deze beschouwing. Dat is het zowat. Wat is er aan de hand?

Lees verder >>

Wiener, of: Wat is literatuur?

Door Jos Joosten

Als begin een commercial break die mijn eigen plaatselijke boekhandelaar me niet zal kwalijk nemen: in de mooie stad Deventer staat de prachtboekhandel Praamstra, waarvoor ieder die toevallig in stad of ommeland verkeert de omweg moet maken. Bij Praamstra bleek mij weer dat het web toch niet tegen de fysieke winkel op kan. Ik ben nogal een liefhebber van het werk van L.H.Wiener, maar had totaal gemist dat nét pre-corona De zoete inval is verschenen, een kleine bundel korte verhalen van hem ter gelegenheid van zijn vijfenzeventigste verjaardag.

Lees verder >>

katheder / katheter

Verwarwoordenboek Vervolg (178)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

Dit woordpaar kun je beter niet verwarren.

Lees verder >>

Waar vind ik de ‘beestachtige’ roman Loon naar werken van Hirschmann?

Advertentie 6 november 1889 in de Java-bode

Door Marita Matijsen

Met diepe verontwaardiging wierp de recensent het boek Loon naar werken opzij toen hij eraan begon. In het ‘Voorspel’ van deze roman wordt iets beschreven dat zo schandalig is, zo afschuwelijk, zo ingemeen, zo lager dan dierlijk, zo indruisend tegen alles wat menselijk heet, dat iedere lezer toen hetzelfde zou doen als de recensent van De Vaderlandsche Letteroefeningen uit 1874, volgens deze recensent, de predikant Johannes Hoek. Het tweedelige boek is geschreven door een zekere Hirschmann, en in 1873 uitgekomen bij de Gorinchemse uitgever Horneer. De recensent is geschokt over wat hij in het boek leest, iets wat zo exceptioneel schijnt te zijn dat hij er in zijn zestigjarige leven nog nooit van gehoord had en zelfs nooit gedacht had dat er zoiets bestond. Hij heeft wel kennis van beestachtigheden bij natuurvolken en bij door drank en oorlog verhitte soldaten, maar wat hij nu te lezen kreeg ging over elke grens heen. Hirschmann beweert in het ‘Voorspel’ dat de schanddaad waarover hij schrijft werkelijk gebeurd is – en die is zo afschuwelijk dat de recensent er verder geen woorden aan wil vuil maken. Maar mocht de gebeurtenis verzonnen zijn, dan is de verbeelding van de bedenker wel bijzonder smerig. Dit soort boeken hoort gewoon niet uitgegeven te worden en Johannes Hoek raadt alle directeuren van leesbibliotheken dringend af het boek aan te schaffen.

Lees verder >>

Uniek zijn, met naamvarianten

Voornamendrift 58

Door Gerrit Bloothooft

Mijn naam wordt wel als Bloothoofd geschreven in plaats van Bloothooft, wat met de huidige spelling begrijpelijk is. Maar is Bloothoofd een schrijffout en gaat het om mij, of is het een wezenlijk verschil en gaat het om iemand anders die echt Gerrit Bloothoofd heet? Voor historische persoonsreconstructie (als onderdeel van een individuele biografie of van de reconstructie van een hele bevolking) is dat een groot probleem, want dan moet iemand uniek geïdentificeerd kunnen worden.

Lees verder >>

‘Jochai. Een Oostersch verhaal’ (1836)

Jochai (links) overhandigt aan vizier Hassan, de man die hem in het ongeluk heeft gestort, een beurs vol goudstukken. Hassan wordt geboeid afgevoerd naar ‘een woest eiland’. Illustratie uit Hollandsch penning-magazijn voor de jeugd (1836).

Jeugdverhalen over joden (101)

Door Ewoud Sanders

Herkomst en drukgeschiedenis

‘Jochai. Een Oostersch verhaal’ werd in 1836 gepubliceerd in het Hollandsch penning-magazijn voor de jeugd. Het is gebaseerd op het boek Job uit het Oude Testament, waarin de rijke, vrome Job al zijn bezittingen verliest en ziek wordt. Job is onschuldig en bekritiseert God, maar als die zich openbaart erkent Job dat zijn kritiek ongepast was. Aan het eind van dit Bijbelverhaal brengt God hem terug in zijn vroegere staat van welvaart, gezondheid en geluk.

         Het Hollandsch penning-magazijn voor de jeugd werd uitgegeven door S.E. de Visser en Zoon in Amsterdam.

Lees verder >>

Categoriale perceptie: de een hoort een [d], de ander een [r]

Door Henk Wolf

“Ik fyn sniders alt fan dy droevige figueren, ik kin ’t net helpe.”
“No, sa wurde se útbeeld yn dy âlde boeken.”
“Ja, mar oer ’t geheel, dy’t ik no meimakke ha, wienen allegear fan dy …”
“… twadde mannen?”
“Ja. Twadde âlde keareltsjes. Mar ja.”

Vertaling:
“Ik vind kleermakers altijd van die droevige figuren, ik kan het niet helpen.”
“Nou, zo worden ze uitgebeeld in die oude boeken.”
“Ja, mar over het geheel, (degenen) die ik nu meegemaakt heb, waren allemaal van die …”
“… tweede mannen?”
“Ja. Tweede oude kereltjes. Maar ja.

Lees verder >>

Wat was er echt belangrijk in mijn academisch leven?

Door Jan Blommaert

Twee van mijn maîtres à penser stierven relatief jong. Michel Foucault was 57, Erving Goffman 60. Het is zeer waarschijnlijk dat ook ik relatief jong zal sterven. Ik ben nu 58 en bij mij is medio maart 2020 kankerstadium 4 gediagnosticeerd. Als er plotseling heel weinig toekomst over is om te plannen, over te speculeren of van te dromen, gebruikt men zulke historische momenten vaak als een aansporing om na te denken over het verleden. De leidende vraag hierbij – een nogal voor de hand liggende – is: wat was er belangrijk?

Ik zal mijn aantekeningen beperken tot het professionele deel van mijn leven. Dit is natuurlijk een kunstmatige onderverdeling en de lezer moet in gedachten houden dat het professionele deel van mijn leven altijd verweven was met de niet-professionele delen, vaak op een lastige of slecht uitgebalanceerde manier. Misschien moet dat verhaal elders worden verteld. Voor nu zal ik me concentreren op het deel van mij dat “academisch” kan worden genoemd.

Lees verder >>

Marga Minco in India

Marga Minco in India

In India lezen leerlingen in klas 11, te vergelijken met 5 vwo in Nederland, het korte verhaal ‘Het adres’ van Marga Minco. ‘The Address’ is al jaren onderdeel van het verplichte curriculum van het Central Board of Secondary Education (CBSE) en het Tripura Board of Secondary Education (TBSE). Ook voor het examen van 2021 staat het weer op het programma. Hoofdstuk 2 van het leerboek voor Engels voor klas 11 is geheel gewijd aan Minco’s korte verhaal, dat zij in 1957 schreef. De andere hoofdstukken gaan over onder meer The Tale of Melon City van Vikram Seth en Mother’s Day van J.B. Priestly.

Lees verder >>

Een klucht in meetkundige trant

Adriaan, , Geertruij, Hendrik, Lucia, Joost en Agniet op het frontispice van 1704

Door Ton Harmsen

Zoals ik in mijn vorige column schreef: in De wanhébbelyke liefde (1678) krijgt Hendrik te horen dat zijn meisje met zijn vader gaat trouwen en dat haar moeder op hem verliefd is. Hij is helemáál van zijn stuk als Agniet, de nicht van zijn meisje, hem aanraadt op de avances van zijn beoogde schoonmoeder in te gaan. Maar dat is een valstrik: 

[…] men zal niet toelaaten, dat een vader ’t kind
Van zyn zoons vrouw trouwt; men is niet ontzind,
Of dol in dit land, om dat te dulden: én veel minder
Dat een moeder haar schoonzoons zoon trouwt.
De wanhébbelyke liefde, vs. 387-390

En inderdaad, als de trouwplannen van het meisje met zijn vader en tegelijk die van de jongen met haar moeder bekend worden zijn de poppen aan het dansen: Lucia wordt de vrouw van Joost en daardoor de stiefmoeder van haar vrijer, die haar vader wordt, zodat zij ook zijn stiefdochter zal zijn. In spiegelbeeld gelden precies dezelfde complicaties voor Hendrik. Wie bedenkt zoiets? Deze duizelingwekkende constructie geeft meteen aanleiding tot heftige ruzie, die door Hendriks neef bezworen wordt:

Lees verder >>

Waarom heet een theedoek in het Fries ‘skûlk’ en in het Nederlands niet?

Door Henk Wolf

Een schort is in het Fries een skelk en een theedoek wordt door een deel van de Friestaligen skûlk (uitspraak ‘skoelk’) genoemd. Beide woorden zijn ontstaan uit samenstellingen van twee woorden:

  • skelk < skerteldoek < skerte (‘schoot’) + -el- (tussenklanken) + doek
  • skûlk < skûteldoek < skûtel (‘schotel’) + doek

De woorden zijn heel sterk ineengeschrompeld: van doek is alleen de laatste -k overgebleven.

Lees verder >>

bevattelijk / vatbaar

Verwarwoordenboek Vervolg (177)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

bevattelijk / vatbaar

De woorden verschillen zo duidelijk in betekenis, maar … we willen dat niet.

Lees verder >>

Als je iets zou moeten, moet je het dan ook?

Door Henk Wolf

In de Trouw stond maandag een artikel waarin arbeidsjurist Pascal Besselink vertelt dat Nederlandse werknemers twee weken loon kunnen mislopen als ze op vakantie gaan in een land waarvoor het Nederlandse Ministerie van Buitenlandse zaken een zogenaamd ‘oranje reisadvies’ heeft afgegeven.

Besselink wordt in dat stuk als volgt geciteerd: “Als je als werknemer zelf het risico neemt om naar zo’n gebied te gaan, wetende dat je bij terugkomst twee weken in quarantaine zou moeten, mag de baas gedurende die twee weken je loon inhouden.”

Iets verderop in het stuk spreekt Besselink die stellige uitspraak zelf tegen door aan te geven dat het niet zeker is of de werkgever werkelijk loon mag inhouden. Hij wordt dan als volgt geciteerd: “Er is nog geen werkgever of werknemer geweest die hiermee naar de rechter is gestapt. Als er zo’n zaak komt, is het afwachten wat daaruit komt.”

Lees verder >>

Uniek zijn, voor een historische bevolkingsadministratie

Voornamendrift 57

Door Gerrit Bloothooft

82% van alle Nederlanders heeft een unieke naam, als je tenminste alle voornamen en de achternaam gebruikt. Met alleen de eerste voornaam en de achternaam daalt dat percentage naar 46%.  Op basis van alleen een naam kunnen we niet iedereen identificeren. Omdat ik naar analogie met de huidige basisregistratie personen graag een historische bevolkingsregistratie (vanaf 1811) gerealiseerd zou zien, is het van belang om ieder individu uniek te onderscheiden. De ingrediënten daarvoor zijn de historische akten van geboorte, huwelijk en overlijden. Maar die zijn niet aan elkaar gekoppeld. Een vermelding van Jan de Jong die geboren wordt, huwt en overlijdt kan over verschillende personen gaan. Pas met meer informatie is het mogelijk om iemand uniek te identificeren. Maar welke informatie is daarvoor voldoende?

Lees verder >>

Was een universitaire loopbaan vroeger gemakkelijker?

Door Freek Van de Velde

Wie het reilen en zeilen van de academische wereld een beetje in de gaten houdt, wordt getroffen door de noodkreten van het gild. Op gezette tijden wordt geklaagd over de enorme werk- en publicatiedruk. De Nederlandse taal- en letterkundigen vormen geen uitzondering. Ook in het online tijdschrift Neerlandistiek staat geregeld een stuk over de vreselijke werkomstandigheden.

Lees verder >>

‘Koppige Klaas’ (1858)

Illustratie van J. Norweb/ John Browne uit de eerste editie van Stoute Kinderen voor Zoete Kinderen (1858).

Jeugdverhalen over joden (100)

Door Ewoud Sanders

Auteur: John Browne (1823-1901), onder het pseudoniem J. Norweb

In het jeugdboek Stoute Kinderen voor Zoete Kinderen, waarvan de eerste druk verscheen in 1858, ondervinden zeven kinderen hoe relatief onschuldige overtredingen gevolgen kunnen hebben die even radicaal als absurd zijn. Zo valt bij ‘Jantje Pulkneus’ zijn neus eraf omdat hij niet wil stoppen met neuspeuteren. ‘Gerrit de leugenaar’ krijgt de pokken van het jokken, ‘Mietje met het mes’ snijdt zichzelf per ongeluk helemaal doormidden, en zo verder.

   De waarschuwingen zijn vervat in rijk geïllustreerde verzen.

Lees verder >>

Zou je graag op willen letten?

Door Henk Wolf

Op de Facebookgroep Leraar Nederlands schreef een paar dagen geleden iemand:

Ik hoor steeds vaker zinnen als: ‘Zou je graag op willen letten?’ en ‘Zou je graag een persoonlijk berichtje willen sturen?’ Het woordje graag lijkt me daar niet op z’n plek. Of is dit een normale zinsconstructie die ik niet ken? Waar komt het vandaan? Een bepaald dialect/bepaalde streektaal?

Lees verder >>