Categorie: column

bijzonder / zeldzaam

Verwarwoordenboek Vervolg (140)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

bijzonder / zeldzaam

De woorden verschillen in betekenis, maar hebben vaak dezelfde gebruikswaarde.

Lees verder >>

Brandbrief: gezondheidstaal op school

Door Annelies Bakker en Frans Meijman

Bij gezondheid, ziekte en zorg  is taal een onmisbaar middel. Hoe vanzelfsprekend ook, gezondheids- en medische taal moet je wel leren. Daarvoor vragen wij in dit bericht aandacht.

Gezond zijn en blijven heeft (terecht) grote prioriteit. Met het programma Gezonde Generatie investeren de gezondheidsfondsen gezamenlijk in de gezondheid van toekomstige generaties. Onder de vlag Gezonde School versterken talrijke (overheids)instanties, instituten en organisaties gezamenlijk gezondheidsbevordering in het onderwijs.  Als auteurs van het boek Medische mensentaal zijn wij van mening dat taal hierin een belangrijk, zelfs onmisbaar, instrument is dat speciale aandacht verdient, juist ook in het onderwijs.

Lees verder >>

Foute boeken? Uit de kast (2)

Door Nico Keuning

In de huidige overgevoelige identiteitsmaatschappij is onder andere het woord ‘neger’ tot taboewoord verklaard. Vandaar dat een boek als De negerhut van oom Tom van Harriet Beecher Stowe deel uitmaakt van de collectie van de tentoonstelling Foute boeken? in het Meermanno Museum in Den Haag. Het gaat om het woord neger in de vertaalde titel, dat het boek in onze tijd verdacht maakt, maar de inhoud van Uncle Tom’s cabin or life among the lowly (1852) is juist een aanklacht tegen de slavernij. Lees verder >>

De aangeboren weerzin tegen het idee dat weerzin aangeboren kan zijn

Door Marc van Oostendorp

– Iris Berent, Foto: Matthew Modoono/Northeastern University

Sommige kennis is mogelijk aangeboren. Er bestaat op dit punt bijvoorbeeld al een lang lopende discussie over taal. Nu is dat een nogal wonderlijke discussie als je kijkt naar wat er wetenschappelijk bekend is: bijvoorbeeld dat baby’s van een paar uur oud al verschil horen tussen hun moedertaal en een vreemde taal. Dat betekent dat ze zich al aspecten van de klankvorm van hun moedertaal hebben eigengemaakt in de moederschoot, zonder dat iemand ze verteld heeft dat zoiets van belang zou zijn, dat uitgerekend die klanken iets zijn om heel precies op te letten.

Op zijn minst de motivatie om taal te leren, en het idee dat er in de omgeving zoiets bestaat als ‘taal’ dat de moeite waard is om te leren, lijkt me aangeboren. Heel slimme dieren komen nooit op dat idee.

Lees verder >>

Keukenstafels

Door Henk Wolf

Waar het Nederlands één woord keukentafel heeft, heeft het Fries er minimaal twee: keukentafel en keukenstafel. Die twee vormen zijn niet onderling uitwisselbaar.

Een keukentafel (zonder tussen-s en met de woordklemtoon op keuken) is een willekeurige tafel die in een keuken staat of die gemaakt is om in een keuken te staan. De Ikea en de Kwantum verkopen een heleboel van die keukentafels.

Lees verder >>

Je moet dat niet zeggen!

Nene leert Nederlands

Door Marc van Oostendorp

Ongeveer een half jaar hoort Nene nu veel minder Hongaars dan in de eerste vijf jaar van haar leven. Begin april zijn we begonnen met Nederlands met haar te spreken, maar in die tijd spraken de meeste andere mensen nog wel Hongaars met haar, want we verbleven in Hongarije. Begin mei zijn we naar Nederland gekomen en sindsdien spreken de meest andere mensen ook Nederlands.

Lees verder >>

Competatief

Door Marc van Oostendorp

De man met de beste taaloren van Nederland is zonder twijfel Siemon Reker. Deze emeritus hoogleraar Gronings was de eerste die het verschijnsel opmerkte dat Jan Stroop later Poldernederlands zou noemen. Nu hoorde hij drie jaar geleden al iets bij Mark Rutte dat anderen, pas recentelijk begint op te vallen: de man zegt competatief. Net als tal van anderen, die trouwens ook bijvoorbeeld repetatief zeggen.

Lees verder >>

Kennis van woordgeslacht: balancerend tussen taalnorm en taalgevoel

Door Kristel Doreleijers

Vrijdag 25 oktober 2019 stond ik met mijn interactieve onderzoekslab ‘Changing gender’ op het DRONGO talenfestival aan de Radboud Universiteit. In mijn lab konden bezoekers meedoen aan een digitale test over woordgeslacht. Het onderzoekslab en de test zijn onderdeel van mijn promotieonderzoek naar variatie en verandering in geslachtsmarkering in het Nederlands en Nederlandse (Brabantse) dialecten, dat wordt gesubsidieerd door het NWO-programma Promoties in de Geesteswetenschappen 2019.

Lees verder >>

De barnsteendief (1871)

Jeugdverhalen over joden (61)

Door Ewoud Sanders

Auteur: Eduard Gerdes (1821-1898)
Oorspronkelijk Nederlands

Herkomst en drukgeschiedenis

Eduard Gerdes, de auteur van De barnsteendief, behoort tot de productiefste en meest gelezen jeugdboekenschrijvers uit de tweede helft van de 19de eeuw. Hij publiceerde ruim 250 jeugdboeken. Daarnaast schreef hij verschillende liederen. Zijn beroemdste lied, ‘Daar ruischt langs de wolken’ (1858), is nog steeds populair en wordt wel de ‘Christelijke Internationale’ genoemd.

         Gerdes werkte geruime tijd als onderwijzer in Amsterdam. Daar bezocht hij de zogenoemde zondagavondbijeenkomsten van de bekeerde jood Isaac da Costa (1798-1860). Ook gaf hij Nederlandse les aan dominee Carl Schwartz (1817-1870), een Duitse bekeerde jood die halverwege de 19de eeuw in Amsterdam werkzaam was als jodenzendeling.

         De barnsteendief verscheen in 1871 bij uitgeverij A.W. Sijthoff in Leiden als zelfstandige druk en in Nieuwe Zondagsvertellingen, een bundel met vier verhalen, alle van Gerdes. In 1912 werden de rechten van De barnsteendief – samen met alle andere werken van Gerdes uit het fonds van Sijthoff – aangekocht door uitgeverij Callenbach in Nijkerk. In tegenstelling tot veel andere titels werd De barnsteendief echter niet opnieuw door Callenbach uitgegeven.

Lees verder >>

Overlappende zinnen

Taalkunde van 1919

In een onregelmatig verschijnende reeks bespreek ik af en toe taalkundige publicaties van 100 jaar geleden.

Door Marc van Oostendorp

Honderd jaar geleden werden er soms zaken geobserveerd in het Nederlands die nog altijd bestaan en nog altijd niet goed beschreven zijn.

Zo publiceerde J. Kooistra in 1919 een artikel over ‘twee Hollands-Engelse parallellen in de syntaxis‘ in De Nieuwe Taalgids. Het ging in beide gevallen om zaken die in het formele Engels wel zijn toegestaan terwijl ze in het Nederlands worden fout gerekend terwijl ze zelfs 100 jaar geleden (toen van invloed van het Engels op het Nederlands, zeker op het niveau van de zinsbouw, nog geen sprake was) al wel voorkwamen.

Op één van die parallellen kwam in hetzelfde nummer nog een kritische reactie; die parallel is ook later nog regelmatig besproken. Het gaat om het vooropplaatsen van een zelfstandignaamwoordgroep zonder het voorzetsel. Hier zijn een paar van Kooistra’s zinnen:

  • een koe krijg je zo maar honderd gulden meer voor
  • dat stuk land begint nu eindelik wat op te groeien
  • die kommissie zat hij zelf ook in
  • de melk is een raar smaakje aan
Lees verder >>

De boeken die voorbijgaan – of niet, dankzij hertalingen

Door Michelle van Dijk

‘Hertalen en inkorten is de enige manier om literaire pareltjes van de vergetelheid te redden,’ stelde Marita Mathijsen vorig jaar in de Volkskrant. Ronald Giphart riep in radioprogramma De Nieuws BV schrijvers op om aan het hertalen te slaan. Als schrijver en leraar Nederlands voelde ik me geroepen: het eerste hoofdstuk van Van oude mensen, de dingen die voorbijgaan had ik al eerder hertaald en plaatste ik diezelfde week nog op mijn blog.

‘Dit kan niet, Couperus is het niet meer,’ zei de één. ‘Mooi initiatief, goed gedaan,’ prees de ander. Over enkele weken verschijnt de hertaling bij Uitgeverij de Kleine Uil.

Maar toch weer even die vraag: waarom zou je Couperus hertalen?

Lees verder >>

Iedere poging om eenvoudiger en natuurlijker te worden, wordt eerst bejegend met geschreeuw over gezochtheid

De Multatulileescursus (55)

Door Marc van Oostendorp

– Als je Een zaaier van Carel Vosmaer leest, begrijp je wel ongeveer wat Multatuli bedoelde als hij klaagde dat hij niet goed gelezen werd.

– Maar over Vosmaer had hij toch geen klachten? Hij…

– Nee, dat maakt het eigenlijk des te erger. Vosmaer was hem natuurlijk gunstig gezind…

– … hij was denk ik de eerste die een uitgebreidere studie aan zijn werk wijdde?

– … en bovendien was hij inmiddels een persoonlijke vriend. Maar het is allemaal van een zeer laag niveau. Hij komt nauwelijks aan een serieuze analyse toe omdat hij het zo druk heeft met omstandig verklaren hoe geweldig het allemaal is:

Met een enkel woord weet de dichter de fijnste snaren van de ziel te doen trillen, het geheele gemoed in beweging te brengen

– Ja, Een zaaier is meer een reclamebrochure. Zo worden ze tegenwoordig niet meer geschreven, een moderne criticus wil toch niet zo jubelen.

– De uitzondering in onze hedendaagse letteren is misschien Maarten ’t Hart?

Lees verder >>

Straattaal: onnavolgbaar?

Door Khalid Mourigh

Iedereen die met jongeren te maken heeft, als ouder, als leraar of als agent, kent het fenomeen straattaal. Lukraak strooien tieners en volwassenen met exotische woorden die voor ouderen onverstaanbaar zijn. Hun gesprekken zijn onnavolgbaar. Hoe kunnen wij straattaal toch proberen te begrijpen? In dit eerste blog ga ik in op de belangrijkste, maar zeker niet de enige, bron van de woorden in straattaal: het Sranan Tongo, oftewel Surinaams.

Daarvoor gaan we een straattaalbericht lezen dat de politie vorig jaar publiceerde.

Lees verder >>

Ironische wetenschap

Door Marc van Oostendorp

De Amerikaanse wetenschapsjournalist John Horgan heeft zichzelf een eigenaardige opdracht gesteld in het leven: aantonen dat de (natuur)wetenschap nu wel zo’n beetje klaar is. Ja, er zullen vast nog allerlei uitvindingen worden gedaan op basis van wat we allemaal weten, en wellicht zullen er her en der nog wat witte plekjes op de landkaart worden beantwoord. Maar de hoop dat de grote vragen nog worden opgelost – hoe is het heelal nu precies tot stand gekomen? Wat zijn de kleinste samenstellende delen van onze werkelijkheid? Of, zou ik zeggen, hoe werkt taal?

Lees verder >>

Moet je entameren leren?

Door Marc Kregting

Goeie bal! Dat dacht ik bij het nieuws dat het tijdschrift DWB een nummer had gewijd aan Het literair klimaat 2010-2019. Fanate lezers als ik missen het bredere perspectief waarin we opereren. Voor het poëziegenre bestaan daarover al twee boeken, die ik trouwens niet zo geweldig vond, maar nu wordt er waarlijk een gooi gedaan naar een Olympisch overzicht. Inspiratie voor hun onderneming vonden de samenstellers in de nuchtere contemporain-historische reeks Het literair klimaat, ontsproten aan het strikt tekstanalytische Literair lustrum, en in het bredere en gewaagdere Nederlandse literatuur. Een geschiedenis.

Conform de opzet van laatstgenoemd werk is voor DWB elk van de tien jaren tussen 2010 en 2019 opgehangen aan een betekenisvolle aanleiding. Samen weerspiegelen de teksten veranderingen in literatuur die in de inleiding worden herleid tot drie ‘constellaties: (literaire) infrastructuur, verbinding en activisme’. De stelling is dan dat deze kunstvorm het juk van de autonomie heeft afgeworpen en in het afgelopen decennium haar heteronomie aan lezers toonde. Voor ‘nieuwe niches en gemeenschappen’.

Lees verder >>

Boekenplanken voor gevorderden

Door K.P. Hart

In dit vervolg op deze blogpost ga ik het hebben over het ordenen van boeken.

Bij de twitterdiscussie over er verschil is, of niet, tussen boeken en getallen kwam ook de mogelijkheid getallen en boeken te ordenen ter sprake. Hierbij werd met `getal’ stilzwijgend `natuurlijk getal’ bedoeld. Nu komen natuurlijke getallen met een natuurlijke ordening, waarin elk getal een directe opvolger heeft en elk getal, behalve het eerste, een directe voorganger. Hoe zit het met de boeken? Als je het met Marc eens bent dat een boek van vijf miljard pagina’s meer dan genoeg is zijn we gauw klaar.

Lees verder >>

‘Het hoeft niet meer per se.’

De geschiedenis van hoeven

Door Marc van Oostendorp

Alles moet altijd veranderen en dus ontkomt ook het werkwoord hoeven daar niet aan. Het is een opmerkelijk werkwoord, bijvoorbeeld omdat het in het moderne Nederlands eigenlijk alleen kan voorkomen in zinnen waar een ontkenning voorkomt: je kunt wel zeggen ‘je hoeft dat niet te doen’, of ‘je hoeft niets te doen’ of ‘niemand hoeft dat te doen’, maar niet ‘je hoeft dat te doen’.

In een nieuw artikel zetten de Antwerpse hoogleraar Nederlandse taalkunde Jan Nuyts en twee van zijn promovendi (Henri-Joseph Goelen en Wim Caers) de geschiedenis van het werkwoord op een rijtje, van het Oud-Nederlands tot gesproken werd tot pakweg 1150 tot en met het hedendaagse Nederlands. De manier waarop het woord ontstond uit behoeven. De buitelingen in de betekenisgeschiedenis. Maar vooral ook: de almaar veranderende woordsoort.

Het woord begon vermoedelijk ooit als hoofdwerkwoord, later werd het een hulpwerkwoord, en inmiddels kan het, zij het in anderssoortige constructies, weer als hoofdwerkwoord worden gebruikt:

Lees verder >>

beek / rivier

Verwarwoordenboek Vervolg (139)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

beek / rivier

De woorden verschillen in betekenis.

Lees verder >>

Hoe publieker hoe EMOTIONEEELERRR!!! :-D

Door Marc van Oostendorp

De eigenaardigheden van de taal die vooral jongeren gebruiken op onder andere de sociale media is inmiddels vrij uitvoerig in kaart gebracht. Ze verkorten woorden en zinnen. Ze gebruiken meer informele taal dan in andere geschreven genres. En ze gebruiken allerlei expressieve middelen die je buiten het beeldscherm niet vindt: verdubbelde letters, en hoofdletters, en emoji, bijvoorbeeld:

  • Dit vind ik echt SUUUUPERRR!!!!! 😀

Een recent onderzoek van Lisa Hilte, Reinhild Vandekerckhove en Walter Daelemans werpt nieuw licht op de zaak. De drie wonnen onlangs de Academische Jaarprijs 2019 voor het beste taalkundige artikel.

Lees verder >>

Orde van de Knalgaslamp (2)

Door Bas Jongenelen

Vorige week deed ik een oproep om de zeer beperkte lijst van knalgaslampwoorden aan te vullen. Een woord in de Orde van de Knalgaslamp (deze orde is geïnstalleerd door Lea Theunissen) is een samenstelling van drie eenlettergrepige zelfstandige naamwoorden die alle drie dezelfde klinker gemeen hebben. Bijvoorbeeld knalgaslamp, inktvisring en dakpanklas. Het is leuk om dit soort woorden te verzinnen (deurkleurzeur, drolkophond, draadplaatvlaai), maar om opgenomen te worden in de Orde van de Knalgaslamp moet je als woord bestaan zonder dat je wist dan je een knalgaslampwoord was. Woorden die speciaal voor de Orde verzonnen zijn, vallen af. Helaas dus voor de gangbangslang (het sociolect dat gesproken wordt als een groep mannen seksuele handelingen verricht met één vrouw). Maar niet getreurd, want er zijn op dit moment 61 woorden die voldoen aan de eisen. Van ieder woord op de lijst is nagegaan of er een bron van is. Dit zijn ze:

Lees verder >>

Foute boeken?

Uit de kast (1)

Door Nico Keuning

In het Meermanno Museum in Den Haag presenteert ‘Het huis van het boek’ van 20 oktober tot 1 maart de tentoonstelling Foute boeken? In het NOS Journaal-verslag van Peer Ulijn zien we de verslaggever langs stellingen met boeken en strips lopen. Van Mein Kampf van Hitler, via Sjors en Sjimmie (van de rebellenclub), naar seksblaadjes en pornoboeken: ‘Er ligt ook literatuur tussen,’ merkt Ulijn op en hij pakt Mieke Maaike’s obscene jeugd (1972) van Louis Paul Boon van een plank. ‘Goed boek hoor.’

Het kwam mij voor alsof het mijn exemplaar was dat daar lag, na een schaamteloze greep uit mijn boekenkast. ‘Vierde druk, mei 1973, 25.000 – 35.000’. De inhoud van het boek wordt op de titelpagina een ‘pornografisch verhaal’ genoemd, ‘voorafgegaan door een proefschrift “in en om het kutodelisch verschijnsel”, waarmee student Steivekleut promoveerde’. Het boek is ‘geïllustreerd met foto’s’. Deze zijn van rond 1900, leert mij een blik in de bibliofiel uitgegeven doos met prentfoto’s uit Boons Fenomenale Feminatheek.

Lees verder >>

Het sympathiekste blad van Nederland

Door Marc van Oostendorp

Misschien heb ik nog een bijzonder aardig krantje van een volkstuinvereniging in het oosten van het land over het hoofd gezien, maar het sympathiekste tijdschrift van Nederland lijkt mij tot nader order De Parelduiker.

De titel is al sympathiek. Hij verwijst naar het motto van het blad, dat ontleend is aan Multatuli: “De parelduiker vreest de modder niet”. Het betekent dat men zelf als het uiteindelijke doel van het tijdschrift ziet: parels op te duiken. Zoveel trots, kom daar maar eens om.

Lees verder >>

Multatuli en de historische taalkunde: ‘alles gaat over in alles’

Door Freek Van de Velde

Op de laatste dag van het jaar 1872 begint Eduard Douwes Dekker (Multatuli), die op dat ogenblik in Wiesbaden is, aan een brief aan Sicco E.W. Roorda van Eysinga, een koloniaal bestuurder in Nederlands-Indië, die (net als Multatuli) in vlammende geschriften tekeer ging tegen de Europese uitbuiting van de lokale bevolking.

De brief gaat over heel andere dingen. Multatuli, zelfverklaard expert op allerlei gebieden, heeft het in de eerste paragrafen terloops over onder andere de onbetrouwbaarheid van kranten, de stelling dat vrouwen beter pijn kunnen verdragen dan mannen, de observatie dat we meer bevreesd zijn voor een ingescheurde nagel en voor diepte dan voor een grote wonde, om dan plots over te springen op historische fonologie, wellicht iets waarover hij het met Roorda van Eysinga eerder gehad heeft. Multatuli schrijft:

Lees verder >>