Categorie: column

“Ongelofelijk geblunderd” en “ongelofelijk respect”: het vertrek van Bruno Bruins

Door Siemon Reker

Het Coronadebat gisteravond kreeg een beklemmende wending – we zagen Geert Wilders aan de interruptiemicrofoon van schrik zijn mond vertrekken – toen minister Bruins plotseling ineen zakte achter het spreekgestoelte. Vanmiddag bleek dat dat het laatste was wat we van de minister voor Medische Zorg en Sport in de vergaderzaal van de Tweede Kamer zouden zien, Bruno Bruins is vandaag afgetreden.

Lees verder >>

Een eerlijk hertentamen via Skype

Iemand heeft een vitaal beroep in De verleden tijd van lijken

Door Marc van Oostendorp

“Ik kan jou wel zien, maar niet horen”, riep Maribella, de Chair of Arie de Jager Studies tegen haar beeldscherm. “Maar zo te zien kun jij mij wel horen, maar niet zien.” Wouter, haar collega van Digitaal-Financiële Letterkunde, schudde het hoofd. “Probeer het anders nog eens!” riep Maribella. Wouter drukte op het knopje.

Lees verder >>

Taalconstructies in tijden van corona

Door Marten van der Meulen

Alles wordt beïnvloed door het coronavirus: ook taal. We hebben een aantal nieuwe woorden, de communicatie over het virus is interessant, en eerder deze week zag ik bijvoorbeeld het blog dat ik wist dat ging komen, over het gebruik van metaforen rondom corona-berichtgeving. Wat mij op mijn beurt dan weer opviel was de titel van dat blog: Metaphors in the time of coronavirus. De constructie die in die titel wordt gebruikt hebben we in het Nederlands ook, in een variant: X in tijden van Y. Voor mij is deze constructie vooral bekend door de titel van Gabriel Garcia Marquez’ boek Liefde in tijden van cholera (1985)Misschien vanwege de ziekte in die titel viert deze constructie de laatste weken hoogtij, in deze tijden van corona.

Lees verder >>

Beginzinnen bakken

Door Wouter van der Land

Wat zijn de drie gemakkelijkste, meest toepasbare, toch bijna altijd effectieve, maar eigenlijk toch vaak iets te gemakzuchtige manieren om een tekst te beginnen? Ik demonstreerde ze zojuist alle drie: de opsomming, de superlatief en de intrigerende vraag. Er zijn zo veel andere mogelijkheden! Speciaal voor het quarantaine-onderwijs en voor iedereen die weleens schrijft, bedacht ik een eenvoudige oefening om meer te variëren.

Lees verder >>

Piemel

Nene leert Nederlands

Door Marc van Oostendorp

Nene is zes jaar oud en nu ongeveer 10 maanden in Nederland. Ze is geboren in Hongarije, haar moeder is Italiaans en haar vader ben ik. Ze spreekt al heel lang Nederlands tegen iedereen behalve tegen haar Italiaanse oma, al krijgt zelfs die op in het Italiaans gestelde vragen antwoord in het Nederlands.

Lees verder >>

Corona

Door Gert M. Knepper

Het coronavirus dankt zijn naam aan de krans (in het Latijn: corona) rond de virusdeeltjes. Die informatie heb ik van Wikipedia dus als het niet klopt verspreid ik hierbij fake news. Erg veel wijzer word je van die omschrijving trouwens ook niet, want waar is de krans dan van gemaakt? Maar dit wordt geen medisch of biologisch verhaal, want het gaat me nu alleen om dat Latijnse woordje corona. Dat betekende in de Oudheid inderdaad ‘krans’, de hoofdtooi die bijvoorbeeld priesters  bij het offeren droegen. Pas in het middeleeuws Latijn ging corona ‘kroon’ betekenen, en veel Europese talen hebben dat woord toen in die betekenis geleend.

Lees verder >>

Pandemiefictie in tijden van corona

Door Thomas Pierrart

Misschien hebt u de term de afgelopen dagen wel ergens zien voorbijkomen: ‘pandemiefictie’, de genrebenaming voor romans en films waarin een of ander onbekend virus of een vreemde ziekte de wereld in zijn greep houdt. Nu de coronacrisis heeft toegeslagen, blijken zulke verhalen immers enorm populair kijk-, lees- en discussievoer te zijn – ook al schetsen ze meer dan eens een angstaanjagend en apocalyptisch doemscenario. Zo wordt Stephen Kings thriller The Stand (1978), waarin het ‘Captain Trips’-virus bijna de gehele wereldbevolking uitroeit, dezer dagen op sociale media vlijtig becommentarieerd. Nog populairder is Contagion, Steven Soderberghs virusdrama uit 2011. In 2020 is het voorlopig zelfs de derde (!) meest gedownloade film op iTunes.

Lees verder >>

De coronacommunicatie “kan (kon?) beter” – maar hoe?

Door Gudrun Reijnierse

De afgelopen weken staat het nieuws bijna volledig in het teken van de ontwikkelingen rondom het coronavirus. Eerst ging het vooral over China, toen over Italië, en nu over Nederland. Het virus is in korte tijd van een ‘ver-van-mijn-bed-probleem’ geworden tot een nationaal probleem dat ons dagelijks leven de komende tijd drastisch zal beïnvloeden. Met het lokaler worden van het probleem verandert ook de communicatie over het virus: het gaat niet langer over wat ‘de Ander’ doet of zou moeten doen, het gaat om de maatregelen die ‘wij’ moeten nemen, en of die niet te vergaand of misschien juist niet vergaand genoeg zijn.

Lees verder >>

spreekwoord / gezegde

Verwarwoordenboek Vervolg (158)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

spreekwoord / gezegde

De woorden verschillen in betekenis.

Lees verder >>

Mark Rutte zonder het Ruttiaans. Dat moet ik uitleggen.

Door Siemon Reker

De toespraak van premier Rutte wilde ik hóren en daarom zag ik hem pas later. Ik kon me geen voorstelling maken van het decor: was het opgenomen in ‘t Torentje, zou er een afbeelding staan van Den Uyl die zich tot ons op 1 december 1973 richtte tijdens de Oliecrisis en zou er een Nederlandse vlag staan waar de Tweede Kamer zo op gesteld is? Een vaantje op z’n minst?

Lees verder >>

Verwarrende tijden

Dichter des Vaderlands (9)

Door Marc van Oostendorp

Je komt dezer dagen lekker weg met de observatie dat we in verwarrende tijden leven. Alsof niet elke tijd verwarrend is! Alsof het leven niet gewoon doorgaat in zijn rechte lijn naar het al te bekende!

Affijn, wat doe je in tijden van verwarring? Je zet de dingen op een rijtje – naast elkaar en na elkaar. Dat is wat Tsead Bruinja doet in zijn nieuwe Dichter des Vaderlands-vers:

Lees verder >>

Adde Klaas en Derk Anne Knol ingedikt tot AK en DAK

Variatie in familieberichten (6)

Uit DvhN

Door Siemon Reker

Deze reeks zal voor een aanzienlijk deel in het teken staan van het onderscheid – vaak het logische onderscheid – tussen ‘de’ officiële doopnaam en de roepnaam uit de praktijk van alledag. Ook het lidwoord aan het slot van de vorige zin zou apart gemarkeerd kunnen worden: er is niet altijd sprake van éen enkele doopnaam of die ene waar een roepnaam van is afgeleid. Ook de praktijk van alledag is eveneens zoiets waarbinnen variatie kan bestaan, want iemand kan in de familie anders genoemd worden dan bijvoorbeeld op het sportveld of in een studentenhuis.

Lees verder >>

De corona van de negentiende eeuw: cholera

Zo veranderden choleraslachtoffersi n korte tijd

Door Marita Matijsen

Wie zijt ge, die heel de aard’ met siddering vervult?
Gij, die, in duisternis en nevelen gehuld,
Niets dan verderving aâmt? Een vloekharpij, de kolken
Des afgronds uitgebraakt, om land op land te ontvolken?

Uit J.J. Goeverneurs gedicht ‘De cholera’ uit 1832, de tijd van de eerste cholera-epidemie in Nederland, blijkt hoe bang men was voor de onbekende en onverklaarbare ziekte. Een arts uit Utrecht beschreef wat hem overkwam in 1832. Hij werd bij een vijfjarig meisje geroepen, dat duidelijk de tekenen vertoonde die in de kranten beschreven waren voor cholera. Ze lag in een kruiwagen in een koud achterhuisje. Talloze buren waren uitgelopen omde vreemde ziekte te bekijken. Op aandrang van de dokter trokken de toeschouwers zich terug, want hij wist van het besmettingsgevaar. Een man van zestig was niet te bewegen weg te gaan en bleef hoofdschuddend naar het kindje kijken. De dokter haalde de moeder over om het kind naar het nieuw ingerichte cholerahospitaal te brengen. Het lijdertje huilde luidkeels met de eigenaardige hese cholerastem en smeekte om bij haar moeder te mogen blijven. De oude man raakte hierdoor nog meer van streek. Het kind was nog niet weggevoerd, of de dokter zag dat de meelevende toeschouwer de ziekte ook had. Binnen een uur veranderde hij totaal van uiterlijk. Tien uur later was hij dood. Het kindje overleed ook.

Lees verder >>

J.W.P. [v.] D[AM] (?): To the East-India Company

Nederlandse sonnetten voor de Engelssprekende wereld (3)

Door Cornelis W. Schoneveld

? J.W.P. [v.] D[AM] (1621-1706)   

You, wealthy Folk, with cinnamons and ointments healing, 
Pearls, precious stones, and other valuables in clove,
Spread through the East, do prove the power you love,
Warehouses stacking to the full, by your wide dealing:

Now does the Briton false, intent on robbing, stealing,
Make a demand, which rightly you denied, by which he strove
To dress his naked Majesty with all your treasure trove,
So as to be th’ Ocean’s Master-in-command in feeling.

If you concede his thrift, his thirst for gold, right now,
Though still a calf, next year he’ll claim to be the cow; 
Then who can stop the wish of empty entrails wailing?

Give rather ships, crew, arms, and shot, for him to indulge.
The famished Beast will then, while soon the sails will bulge,
Fill up his famished paunch till, bursting, it’s derailing.

Lees verder >>

Een Haagse familiariseringstendens: Mark doe dat nou niehiet

Door Siemon Reker

Het was een lang debat over het coronavirus afgelopen donderdag in de Tweede Kamer. Ik zie vooraf dat een van de drie aanwezige bewindslieden (Grapperhaus, Justitie en Veiligheid) zich naar het gestoelte van de voorzitter begeeft en een eerbiedige buiging maakt voor mevrouw Arib. Zij beantwoordt dat met een even minzame nijging van haar kant. Als alle spelers hun plaats op het toneel hebben ingenomen zonder handen te schudden kan het debat beginnen. De spreektijden zijn zes minuten, dit gaat duren.

Lees verder >>

‘De daad bij de term voegen’

Door Roland de Bonth

Niet hippisch ingewijden zullen vreemd opkijken als zij horen dat een paard niet spoort. Heeft het dier een aan de gekkekoeienziekte gerelateerde stoornis? Nee hoor, een paard dat niet spoort treedt met zijn achterbenen niet in het spoor van zijn voorbenen. Het is maar één van de termen uit de dressuur, de gymnastische basis van de paardensport, die Lut Colman bespreekt in haar bijdrage aan het boekje Vak-taal. Van achterhand tot zwavelgeel elfenbankje (2017). Intrigerend zijn ook enkele andere termen die zij in dat stuk Paardengym aan de orde stelt. Wist je dat je in de dressuur één paard kunt verzamelen en dat je in de dressuurproef vierkant moet halthouden?  

Lees verder >>

‘De haringjood’ (1813)

De haringjood. Illustratie uit Kweekhof van vernuft en smaak aangelegd voor de Nederlandsche jeugd van beide seksen (1813). ‘Ik heb zulk een man voor mijne jonge vrienden laten afbeelden’, aldus de anonieme schrijver, ‘ofschoon zij zonder dat wel zullen weten welk mensch zij zich onder die benaming moeten voorstellen.’

Jeugdverhalen over joden (81)

Door Ewoud Sanders

Auteur: onbekend
Moraal: kijk niet neer op lagere standen

Herkomst en drukgeschiedenis

De ‘haringjood’ komt voor in een tweespraak tussen vader Lizimon en zijn dochter Bethje. Die tweespraak is te vinden in Kweekhof van vernuft en smaak aangelegd voor de Nederlandsche jeugd van beide seksen. Dit boekje werd in 1813 uitgegeven door H. Gartman in Amsterdam.

Samenvatting

Bethje is een arrogant meisje. Tot ‘levendig verdriet’ van haar vader laat zij zich voorstaan op haar ouders rijkdom. Zij heeft weinig vriendinnen want iedereen vindt haar ‘volstrekt ongezellig’.

Lees verder >>

Kloofstaat aan de Schelfzee

Door Marc Kregting

Prepositie, propositie, polepositie. In sommige kringen heet een crisis een kans. Moge perikelen in de neerlandistiek dan gelijkaardig uitmonden. Na opdoeking anno 2019 van de vakgroep aan de Vrije Universiteit kwamen er al een Olympiade en Neerlandistiekdagen, gecoverd door het programma De Taalstaat. Vibes & dies meer dat me aangenaam kietelt.

Lees verder >>

Özcan Akyol heeft geen flauw benul

Door Luck van Leeuwen

In zijn essay Generaal zonder leger doet Özcan Akyol het thema van de Boekenweek eer aan. Met een ferme knuppel in het hoenderhok geeft Eus praktisch iedereen in het hedendaagse literaire veld ervan langs: de ‘linkse’ schrijversclub rondom uitgeverij Das Mag, de op de succesvolle Lucinda Riley neerkijkende boekhandelaren en de steeds naar elkaar verwijzende literair recensenten van de landelijke dagbladen. Ook de academische studie van het Nederlands krijgt het zwaar te verduren, omdat zij geen werkelijke inhoud omvat. Eus slaat met zijn ideeën over het vak de plank volledig mis. De academische neerlandistiek is namelijk grensverleggend, intermediaal en vooral ambitieus. 

Lees verder >>

De keerzijde van de medaille

Wonen in gedichten (4)

Door Judit Gera
Deze analyse is bestemd voor gevorderde studenten
en hoort bij de categorie Woord en beeld,

In de serie Wonen in gedichten bespreekt Judit Gera, hoogleraar in Boedapest, gedichten uit de Nederlandstalige literatuur, ten behoeve van het onderwijs in de Neerlandistiek extra muros. (buiten het taalgebied. Vandaag: ‘Een kind als dit’, van Hans Tentije (1944) .

Lees verder >>

De virale verspreiding van een nieuwe voornaam

Voornamendrift 52

Door Gerrit Bloothooft

De populariteit van Kevin, nauwelijks zichtbaar na de eerste naamgeving in 1948. Gemodelleerd met (rood) een voorlopend golfje tussen 1972 en 1982 die tegelijk de grote populariteitsgolf van 50 jaar initieert die nu vrijwel is weggeëbd. De groene curve beschrijft het geheel.

Het viel me op dat er grote overeenkomsten zijn tussen de verspreiding van het corona virus en nieuwe voornamen. Het gaat in beide gevallen via menselijk contact. Het begint met een enkele besmetting, of ouders die een nieuwe naam introduceren, en die wordt overgedragen op, of geïmiteerd door anderen. Het verschil is wel dat wat voor een voornaam een jaar duurt, voor het virus ongeveer in een dag lijkt te gebeuren. Het zijn in mijn optiek in beide gevallen sociale netwerken waarlangs de voornaam of het virus zich verspreidt. Bij een voornaam zijn het de mensen die op de een of andere manier weten dat je een dochter Liselot hebt genoemd en daardoor geïnspireerd kunnen worden, bij een virus zijn het degenen waarmee je in fysiek contact bent geweest. Op 12 maart waren er 612 corona besmettingen in Nederland, we zitten dan op het niveau van het aantal mensen dat Toine, Jorinde, Myrte of Rocco heet. Maar voor je het weet zitten we, net als in Italië, op het niveau van Sandra, Kim of Kevin, en daar lopen er hier meer dan 20.000 van rond.

Lees verder >>

Proza is geen poëzie

Door Marc van Oostendorp

“Horen wij, Monsieur, niet zorgvuldig alexandrijnen te vermijden als we proza schrijven?” vraagt een personage in Sartres roman Walging. Hij drukt daarmee een eigenaardig principe uit dat al duizenden jaren een rol lijkt te spelen in het literaire proza: dat een prozaschrijver nadrukkelijk probeert om géén poëtische middelen in te zetten. Goed proza heeft misschien een ritme, maar geen metrum.

Lees verder >>