Categorie: column

Schoolvak Nederlands: inhoud voorop of vaardigheden voorop?

Door Roland de Bonth

Tijdens de docentenconferentie op zaterdag 18 juni in Utrecht hadden de deelnemers de mogelijkheid zich van tevoren in te schrijven voor verschillende workshops, waaronder een met de titel Nederlands: inhoud voorop of vaardigheden voorop? Nadat gespreksleider Hanneke Gerits de regels van het socratisch debat – de werkvorm waarin de  workshop was gegoten – had  uiteengezet en de spreker een korte inleiding op het onderwerp had gegeven, ontstond een levendig debat onder de ruim 30 deelnemende docenten. Hieronder volgt zowel de tekst van de inleiding als een korte bespreking van enkele vragen waarbij tijdens deze workshop langer is stilgestaan.

Nederlands: inhoud voorop of vaardigheden voorop?

“De meeste leerlingen vinden Nederlands het saaiste vak op school’’ las ik in een interview met Theo Witte, vakdidacticus van de Rijksuniversiteit Groningen en een van de stuwende krachten achter het inmiddels welbekende Manifest Nederlands op school. Een ‘factcheck’ van een journalist van de Correspondent toonde aan dat op deze uitspraak wel het nodige valt af te dingen valt. Lees verder >>

Met mijn ziel in mijn hand

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (7/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 7.

Groeten uit het fugatisch koor! Inmiddels is de familie Haandrikman op Schiphol aangekomen en ingecheckt. De lezer van 2116 zal allicht inmiddels al wat voetnoten nodig hebben, maar die uit 2016 weet hoe laat het is: die dag, een vliegtuig van Malaysia Airlines, dat betekent onheil. Alle grapjes die er nu gemaakt worden werpen hun duistere schaduw vooruit.

Die lezer van 2116 heeft vermoedelijk ook wat voetnoten nodig bij een andere dimensie waarvan we inmiddels wel kunnen vaststellen dat die een rol speelt in President Tsaar: die van het internet, dat er tegen die tijd vast heel anders uitziet. Natan Haandrikman introduceert zichzelf via zijn Facebook-profiel en bleek zijn auto gekocht te hebben via eBay. Vandaag wordt er een fraaie, bijna lyrische passage gewijd aan Twitter, en de mobiele telefoon. Ook in die passage is de dood niet ver weg: “De oude uitdrukking luidde dat iemand ‘met zijn ziel onder de arm rondliep’. Nu alweer jaren liepen de mensen heel wat doelgerichter, maar nog steeds even eenzaam, met hun ziel in de hand rond.” Lees verder >>

Een langen dood

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (78)
Het Nederlandse sonnet bestaat 451 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij
Illustratie: Susanne van der Kleij

De plagiatoren van het verleden hadden buiten het internet gerekend. Nicolaas Beets zal niet vermoed hebben dat hij ooit betrapt zou worden op het zonder bronvermelding overschrijven van Jan Jacob Lodewijk Ten Kate.

De laatste werd in 1892, drie jaar na zijn dood, al niet zo serieus meer genomen, en zijn zo’n vijftig jaar eerder gepubliceerde vertaling van Auguste Barbiers sonnet Michel-Angelo was, dacht de brave Beets vermoedelijk, vergeten:

Wat deed dat frisch gelaat, dat hooge voorhoofd slinken,
Gij schepper met paneel, en lier en marmersteen?
Geen traan vloeide immer langs uw bleeke trekken heen;
Als Dante deed u nooit een glimlach de oogen blinken.Ach, al te zwaar een melk deed u de Muze drinken!
Uw liefde voor de Kunst, zij vergde uw hart alleen,
En zonder ooit een bruid vermoeid in d’arm te zinken,
Zag zij u zestig jaar ‘t driedubbel pad betreên.’t Was al uw aardsch geluk, uw innigst zielsverrukken,
Een hemelsche gedachte in ‘t marmer af te drukken,
Te ontzetten door uw kracht, beeld van Gods majesteit.

Ook, toen gij eindelijk uw avondzon zaagt tanen,
Stierft ge, als een oude leeuw met zilverblanke manen,
Een langen dood, vol roem en levensbitterheid.

Naar Auguste Barbier.

Que ton visage est triste et ton front amaigri,
Sublime Michel-Ange, ô vieux tailleur de pierre!
Nulle larme jamais n’ a baigné ta paupière:
Comme Dante, on dirait que tu n’ as jamais ri.Hélas! D’un lait trop fort la muse t’a nourri,
L’ art fut ton seul amour et prit ta vie entière;
Soixante ans tu courus une triple carrière
Sans reposer ton coeur sur un coeur attendri.Pauvre Buonarotti! Ton seul bonheur au monde
Fut d’ imprimer au marbre une grandeur profonde,
Et puissant comme Dieu, d’effrayer comme lui:Aussi, quand tu parvins à ta saison dernière,
Vieux lion fatigué, sous ta blanche crinière
Tu mourus longuement plein de gloire et d’ennui.

Nicolaas Beets deed het in 1892 zo: Lees verder >>

Een zelfverzonnen Oedipuscomplex

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (6/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 6.

obama6Vandaag heb ik voor het eerst echt even gehuiverd bij dit verhaal, want er zit iets gruwelijks verborgen in de passage van vandaag – een heel moeilijk te vatten gevoel.

Eerst denk je, die Oedipus, daar worden we wel met de neus opgedrukt, nee, die wordt ons in onze toetjes gewreven. Dit is al de tweede keer dat de naam expliciet valt, en naar het complex werd ook al indirect verwezen. Maar in deze aflevering – we zijn nu op eentiende van het feuilleton – wordt het allemaal wel heel duidelijk gemaakt. Zelfs Freuds naam wordt expliciet genoemd.

De zoon denkt dat zijn moeder zin heeft in een ‘liefdesnacht’, hij overweegt als zesjarige heel even zijn vader te doen struikelen en een doodsmak te bezorgen, waarna hij zich ‘wekenlang’ miserabel voelt omdat dit misschien wel zijn ‘diepste verlangen’ was. Zelfs als klein kind begrijpt Natan in zekere zin dus al dat hij misschien een Oedipus-complex heeft. (Een mooi detail vind ik dat de moord gepleegd zou worden door het samenknopen van de veters – een mooie straf voor het verminken van Oedipus’ voeten door zijn vader in de mythe.)

Lees verder >>

Een man met dezelfde eigenschappen als iedereen

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (5/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 5.

obama5Natan Haandriksman is zo’n beetje het meest gemiddelde Nederlandse romanpersonage dat je kunt verzinnen. Dat blijk uit gisteren in het Journal of Dutch Literature gepubliceerd onderzoek.

Dat artikel laat zien dat niet alleen uitgevers, schrijvers, recensenten en academici nog steeds en tot ons aller schande overwegend blanke mannen van middelbare leeftijd zijn, maar dat dit ook geldt voor romanpersonages. De auteurs namen alle personages in alle 170 romans die werden ingezonden voor de Libris Literatuurprijs 2013: dat blijken er 1176 te zijn geweest. Een gemiddeld boek kent dus 7 karakters, en voor iedere 1445 werd er een romanpersonage bedacht in een boek dat in ieder geval iemand Libris-waardig vond. (Er zijn natuurlijk veel meer boeken geschreven en als we de vertaalde boeken erbij nemen is de verhouding tussen bestaande Nederlanders en verzonnen personen misschien wel 1 op 1!)

Lees verder >>

Gelazerd schaamhaar

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (4/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 4.

obama4Valt er iets te verwachten van de held van dit verhaal? Van Natan Haandrikman? In de twee afleveringen waarin we hem tot nu toe hebben leren kennen, blijkt hij vooral een zielloze marionet, iemand die zich voegt naar alle nukken van wie hij toevallig ook maar tegenkomt.

Gisteren was het zijn vriendin, Branda, met haar buitenissige seksuele voorkeuren. Het komt niet eens in Natan op om zich daar tegen te verzetten: “Ik had ondertussen leergeld betaald, en voelde intuïtief aan dat ik (actief) voor prooi of (passief) voor aas moest spelen.” Ik bleef even haken achter dat woordje: een actieve prooi?

Maar zo is het kennelijk bedoeld. Lees verder >>

Nijntje in actie tegen achterstand

Door Fleur Bonafee

666757638 Honderd meter buiten station Utrecht stond de trein stil. Twintig minuten later waren we terug op perron 20. Nu zaten we hutjemutje in de sprinter, want een intercity zou voorlopig niet rijden.
‘Vindt u het leuk als ik een verhaal vertel?’ vroeg ik, om de tijd te doden.
De dame tegenover me trok met haar schouders. ‘Ligt eraan waar het over gaat.’

Lees verder >>

Hofland over taal

door Jan Stroop

Hofland“ Als ik me eenzaam voel schrijf ik een stukje over de taal en de brieven stromen binnen.”

De laatste column over taal die Henk Hofland als S. Montag schreef, heette  ‘Oorverdoving’. Hij stond op zaterdag 28 mei 2016 in de krant en ging o.a. over ‘superleuk’ een ‘nieuwe’ term om extreme waardering uit te drukken woord. Een typisch Hoflandiaanse taalcolumn: hij signaleert een nieuw verschijnsel, meestal een woord, beschrijft wat hij opgemerkt heeft en zoekt in zijn geheugenarchief naar parallelle gevallen.

Lees verder >>

De A-index

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (3/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 3.

obaamaaEen van de grote verschillen tussen een roman en Facebook is dat je je op sociale media maar zelden afvraagt wat iemands naam betekent. Een of andere jonge gast meldt zich met een vriendverzoek; die iemand blijkt Natan Haandrikman te heten. En zijn vriendin heeft Branda. (De persoon blijkt bovendien al in 2007 op Facebook te hebben gezeten, wat vrij uitzonderlijk, zij het niet onmogelijk, is voor een Nederlander.)

Nu, dat is allemaal vrij curieus, maar ik geloof niet dat ik er iets achter zou zoeken. Alleen nu het een romanpersonage betreft, begin je toch wel even te pluizen. Haandrikman is blijkens de Nederlandse familienamenbank een bestaande Nederlandse naam. In 2007 (het jaar dat Natan op Facebook ging) waren er 547 mensen die zo heetten; de meesten in Twente. De naam komt van een boerderij van iemand die Hendrik heette. Het is volkomen onduidelijk of dat gegeven ook maar enige rol gaat spelen in het enige verhaal.

Lees verder >>

De adem van de ondervraagde

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (2/60)

Door Marc van Oostendorp

Deze zomer publiceren nrc.next en NRC Handelsblad de roman President Tsaar op Obama Beach van A.F.Th. van der Heijden als feuilleton. De afleveringen verschijnen ’s ochtends <op de website van de krant>. In de loop van de dag blog ik een bespreking. Vandaag: aflevering 2.

obama2Een pagina van Van der Heijdens proza kun je herkennen aan de dialogen. Zijn karakters hebben allemaal dezelfde toon. Een enkele keer laat hij iemand een dialectwoord gebruiken, of een ietwat ongebruikelijke constructie om de persoon te karakteriseren.

Maar naar mijn gevoel praat in Van der Heijdens werk iedereen een beetje op dezelfde manier. Zoals in de passage van vandaag de commandant Mazepa:

‘Naar de kelder met hem,’ riep Mazepa. ‘De lamp is daar sterk genoeg om het vuiltje in zijn oog te zien. Geef hem iets te roken… een sigaret brandt het lekkerst op de huid als hij is aangestoken met de adem van de ondervraagde zelf.’

Lees verder >>

Blij in dit millennium

Door Marc van Oostendorp

9789460042669_Dichters-van-het-nieuwe-millennium1-1024x918 (1)Hoe ziet het poëtisch landschap van Nederland en Vlaanderen er uit 2016? Als je Dichters van het millennium leest, een deze week verschenen bundel boeiende beschouwingen onder redactie van de jonge letterkundigen Jeroen Dera, Sarah Posman en Kila van der Starre, kun je je alleen maar afvragen: is er wel een landschap?

De auteurs en de redacteuren doen nog zo hun best. Hoewel de redacteurs niet expliciet zeggen wat ze de auteurs precies gevraagd hebben, krijg je de indruk dat de auteurs op het hart is gedrukt om ‘hun dichter’ te plaatsen ‘in het literaire veld’. Dat is een uitdrukking die de moderne literatuurwetenschapper sowieso graag gebruikt, maar hier doet menig auteur zijn best een twee of driedeling te maken tussen dichters. Daarbij valt dan wel op die de gemaakte indeling iedere keer een andere is. En dat de besproken dichter er steevast net buiten valt: Lees verder >>

Gratuit gezeik over A.F.Th. van der Heijden

President Tsaar op Obama Beach op de voet gevolgd (1/60)

Door Marc van Oostendorp

Memo 2016-06-25 06-47-05 +0000President Tsaar schreef ik gelijk op met de ontwikkelingen in de werkelijkheid,” zegt A.F.Th. van der Heijden vandaag in NRC Handelsblad. “op een aanvankelijk ongemakkelijke, tastende manier: iets geheel nieuws voor me.”

Het is daarom passend dat het feuilleton in de krant verschijnt. Zo kunnen wij van het publiek het verhaal op onze beurt ongemakkelijk, tastend lezen, gelijk op met de werkelijkheid. Om dat te eren wil ik deze zomer net als de schrijver ‘iets geheel nieuws doen’: dag-aan-dag meelezen met President Tsaar op Obama Beach. Vandaag stond de eerste aflevering in de krant <hier>.

Náást dat interview met Van der Heijden. Lees verder >>

Ik had zoiets van: “Lang leve de van-citaties!”

Door Gillan Wijngaards
(student Nederlandse Taal en Cultuur, Leiden)

Ze zijn vaak een onderdeel van de top 10 grootste taalergernissen onder Nederlanders. Zinnen als Ik had zoiets van: “Nee dankjewel!” of Toen zei ik van: “Eindelijk” zijn volgens velen geen prachtige voorbeelden van de Nederlandse taal. Toch worden ze, ondanks de ergernissen, door iedereen overweldigend veel gebruikt: man en vrouw, rijk en arm, hoogopgeleid en laagopgeleid. Maar waarom? Wat is de functie van deze eigenaardige, gehate constructie? Iedereen die de zogeheten van-citaties onnodig vindt zou toch eens goed moeten opletten waarom en hoe ze eigenlijk gebruikt worden, want er zijn genoeg redenen voor het gebruik. Open daarom uw taalpuristische hart en omarm dit lelijke eendje van de Nederlandse taal.

Nog een jaar

De oorsprong van de van-citaties ligt waarschijnlijk bij de Engelse ‘I was like’– constructie. Lees verder >>

Mijn spade lent’

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (77)
Het Nederlandse sonnet bestaat 451 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij
Illustratie: Susanne van der Kleij

Het bijvoeglijk naamwoord spade (‘laat’) heeft zijn doodsstrijd nog lang weten te rekken. Inmiddels is het geloof ik verdwenen: ik geloof niet dat iemand het ooit op Facebook heeft gebruikt, tenzij misschien om een oude dichter aan te halen. Jan Jacob Lodewijk ten Kate bijvoorbeeld, die een vertaling maakte van een sonnet van Milton:

Milton op zijn drie-en-twintigste verjaardag

De dief der jeugd, de vlugge tijd, ontstal
Mij op zijn wiek mijn drie-en-twintig jaren.
Mijn dagen vliên–‘k zocht vruchtloos overal:
Mijn spade lent’ doet bloem noch knop ontwaren.

Mijn uiterlijk misleidt: ‘k zal haast mij scharen
Bij ’t mannenkoor, naar mijner jaren tal;
Maar heb ik ook die geestes-rijpheid al,
Die vroegontwikkelden bij zich ervaren?

’t Zij schittrend of gering, ’t zij vroeg of laat,
Mijn krachten ook vervullen eens heur maat,
En doen mij ’t pad van mijn bestemming loopen,

Waarheen de tijd en ’s hemels wil mij drijft.
Blijf ik mijn roeping trouw–Gods Trouw ook blijft:
Mijn toekomst ligt voor ’s Meesters oogen open.

Lees verder >>

Met Lambert van den Bos naar de kerken van Napels

Door Ton Harmsen

SpaccanapoliWie naar het buitenland gaat koopt een reisgids. In de zeventiende eeuw was dat niet anders. Er waren gidsen voor allerlei landen, variërend van praktische handleidingen (type Lonely Planet) tot beschrijving van kunst en cultuur (Agon cultuurgids). Italiëgangers – handelaars, studenten, geleerden, geestelijken en militairen – reisden over de Alpen of per boot, en bezochten Milaan, Florence, Venetië en Rome. Napels was veel minder in trek, misschien vond men het te ver of te onveilig. Het was niet zo dat men geen belangstelling had voor de oude en rijke hoofdstad van het koninkrijk Napels, want de gidsen bevatten vaak een uitvoerige en euforische beschrijving van de schoonheden ervan. In ieder geval geldt dit voor de Wegh-wyser door Italien, die voor het eerst verscheen in 1657. Vier jaar later kwam een vermeerderde en geïllustreerde editie uit, en weer vier jaar later de derde druk van dit werk van Lambert van den Bos, de orangistische Dordtse conrector die een van de meest productieve auteurs van zijn tijd was. Zijn boeken, veelal vertalingen en compilatiewerken, maken allerlei kennis toegankelijk voor het Nederlandse publiek. Hij vertaalde als eerste Don Quichotte in het Nederlands, hij schreef lofdichten op de Oranjes en hun veldheren, en schreef of redigeerde talrijke historiewerken. Hij was goed thuis in de contemporaine geschiedenis van Napels: zijn vertaling van Giraffi’s Napelsche beroerte (1652) over de opstand van Mas Anjello (1647) bracht Thomas Asselijn in 1668 tot het treurspel Op- en ondergang van Mas Anjello, of Napelse beroerte. Zelf schreef Van den Bosch ook zeven treurspelen, waarvan er enkele door Ceneton zijn uitgegeven.

Lees verder >>

De Taalunie als een zwerm spreeuwen

Door Marc van Oostendorp

zwermMen kan de Taalunie bekritiseren, men kan pleiten voor een Texit, maar men kan ook het feit vieren dat er zoiets bestaat.  Wanneer je daarbij de problemen niet ontkent, is de vraag al snel: hoe moet het wél? Hoe zouden we het oude Taalunie-verdrag tussen Nederland en Vlaanderen opnieuw vorm kunnen geven op een manier die zuiniger is én beter werkt?

Er is volgens mij één sleutelwoord: decentraal. De taal hoopt erop, de moderne media snakken ernaar, verstandig beleid smeekt erom.

Lees verder >>

Uit de archieven van ’t Meertens Instituut: de proefkaart ‘hark’

 

houten hark3Terwijl we bij de hooivork en de etensvork in een vorige column zagen dat we hun namen voor een belangrijk deel (hooivork) of zelfs allemaal (etensvork) te danken hebben aan de Romania, ’t Latijns-Franse taalgebied, is dat bij de hark niet ’t geval. Alle benamingen zijn Germaanse ‘erfwoorden’. Ik heb er in 1966 bijgaande proefkaart van getekend. Die toont de verspreiding van de namen van de houten hooihark, maar die is vrijwel gelijk aan die van de namen voor de ijzeren tuinhark.  Ik onderscheid de volgende types:  reek, rijf, hark, griessel en toge.

Lees verder >>

Het ideale examen?

Door Arnoud Kuijpers

Afgelopen jaar kende het examen Nederlands een dieptepunt als het gaat om alle kritiek die er zowel voor- als achteraf werd verkondigd. Er bestaat al langer onvrede over het examen, maar met alleen klagen verander je uiteindelijk niks. Aan de hand van twee socratische gesprekken van ongeveer een uur, hebben meer dan zestig docenten zich afgelopen zaterdag tijdens de conferentie Nederlands Nu gebogen over de vraag hoe een ideaal examen Nederlands eruit zou zien. Een lastige en complexe vraag, maar de deelnemers wisten er wel raad mee. Er werd in mijn ogen constructief nagedacht over hoe we het huidige examen zouden kunnen verbeteren. Wat er precies is besproken kun je hier lezen. Uiteindelijk resulteerden de gesprekken in een paar aanbevelingen. 

Goed zoals het is

De eerste aanbeveling is wellicht opvallend, maar volgens de docenten zou er op de korte termijn niet zo veel hoeven te veranderen. Lees verder >>

De Taalunie moet saaier worden

Door Marc van Oostendorp

zzzzHoe zou een ideale Taalunie eruit zien? Stel dat we de talloze vreugdeloze bladzijden van de afgelopen jaren zouden kunnen omslaan, stel dat we helemaal opnieuw mochten beginnen om een ideale organisatie op te zetten die het taal- en letterenbeleid voor Nederland en Vlaanderen (en Suriname) mocht leiden – hoe zou die organisatie er dan uit moeten zien?

De commissie die de Taalunie onderzocht en die onlangs met een zeer kritisch rapport kwam, beveelt aan om terug te gaan naar het Taalunie-verdrag van 1980: alle aangekoekte stoflagen wegzwabberen en weer gaan doen waar de Taalunie oorspronkelijk is opgericht.

Essentie

Dat is een goed idee, al moeten misschien her en daar wat rare zinnetjes worden weggepoetst.  Lees verder >>

Column 107 : Voer voor vertalers : De laatste Toren ?

Door Willem Kuiper

In 1929 publiceerde de Amerikaan Arthur Dickson: Valentine and Orson. A Study in Late Medieval Romance. Schitterend boek! Daarin behandelt hij eerst Valentin und Namelos en vervolgens Valentin et Orson. Valentin und Nameloos is de Nederduitse vertaling / bewerking van de Middelnederlandse vertaling / bewerking van een verloren gegaan Oudfrans chanson de geste over een tweeling die onmiddellijk na hun geboorte gescheiden raakt. Het ene kind groeit op als vondeling in de periferie van het koninklijk hof van Frankrijk. Het andere in het bos, waar het gezoogd wordt door een berin en zo opgroeit als ‘wildeman’. Aan het einde van de Middeleeuwen werd het Franse verhaal opnieuw en sterk uitgebreid in proza naverteld als Valentin et Orson. Die roman verscheen in druk, vond zijn weg naar de Lage Landen en werd daar vertaald als Valentijn ende Oursson. Ware de 16e eeuw wat rustiger verlopen, bijvoorbeeld zonder Beeldenstorm, Reformatie, Opstand, de hertog van Alva en de koning van Hispanje, dan zou de overlevering van de literatuur uit die dagen vast en zeker beter, zo niet véél beter geweest zijn. Nu bezitten wij geen oudere druk van Valentijn ende Oursson dan die van Jan Jacobszoon, Amsterdam 1657. Bijna anderhalve eeuw  jonger dan de vermoedelijk in Antwerpen vervaardigde vertaling.

Vorig jaar bezorgde ik een editie van Helena van Constantinopel. Een fantastisch verhaal! Al editerend bekroop mij het gevoel dat de auteur van Valentin et Orson deze roman gekend en gebruikt moest hebben. Wist Dickson dat? Die somt in zijn boek een aantal door gevonden bronnen op. Op zulke momenten zou je weer een kamer op het PCH willen hebben, want dan hoef je alleen maar wat trappen af te lopen en luttele minuten later weet je wat je weten wilt. Momenteel heb ik Die vergaderinge der historien van Troyen op de digitale lezenaar liggen. En weer bekruipt mij het gevoel, zeg maar de absolute zekerheid, dat de auteur van Valentin et Orson ook Le Recoeil van Raoul met smaak verorberd heeft en in zijn roman verwerkt. Wist Dickson dat? Gelukkig deed zich nu een concrete aanleiding voor om naar Amsterdam te gaan: een lezing van Marjolein Hogenbirk over Arturs doet. En dan is een bezoek aan de UBA balie in het PCH een kleine moeite. Nu weet ik dat Dickson wist dat La belle Hélaine als bron gebruikt is, maar ik weet nu ook dat het hem ontgaan is dat ook Le Recoeil als bron heeft dienst gedaan. Leuke lezing trouwens. Over de complexe wordingsgeschiedenis van Arturs doet, over Lodewijc van Velthem als de compilator van 129 A 10 [?] en zijn alter ego: kopiist B [?]. Ga ik het binnenkort ook eens over hebben. Houd u vast aan u bretellen! Lees verder >>

Waarom taalkundigen kaarten maken

Door Marc van Oostendorp

1-s2.0-S0024384115002211-fx6Wij van het Meertens Instituut, wij maken, zoals jullie weten, kaarten. Dat doen we al tientallen jaren tot ieders tevredenheid – vroeger met de hand, en tegenwoordig met de computer.

Maar nu opgelet, want hier volgt een goede vraag: waarom maken we eigenlijk die kaarten. Wat moet je ermee, behalve je eigen geboorteplaats opzoeken om te kijken of er wel een balletje staat in de juiste kleur.

Voorbeelden

Daarover gaat een nieuw artikel dat mijn collega’s Sjef Barbiers en Hans Bennis samen met twee Utrechtse collega’s (Norbert Corver en Marjo van Koppen) onlangs publiceerden, en dat gratis online staat. Ik noem ze voor het gemak vanaf nu Bakobeco

In het artikel presenteren Bakobeco een nieuw hulpmiddel waarmee je heel makkelijk kaarten met elkaar kunt vergelijken; dat hulpmiddel staat gratis online. En juist uit dat vergelijken kun je allerlei dingen leren, laten ze zien, aan de hand van een paar concrete voorbeelden.

Lees verder >>

Waarom praten sommige mensen op een manier of ze een hete aardappel in hun mond hebben

Onverwachte taalvragen aan de wetenschapsagenda (20)

Door Marc van Oostendorp

aardappelHet geldt in het Nederlands niet als aanbeveling om in je taal te laten horen dat je veel geld hebt. Zou je in andere talen ook een licht smalende uitdrukking hebben zoals met een hete aardappel in de keel praten?

Wat die uitdrukking precies betekent, valt dan weer moeilijk te definiëren. Het is een beetje als met een variatie op een bekende definitie van porno: je herkent het als je het hoort. De volgende vragensteller aan de Nationale Wetenschapsagenda gebruikt er overigens nog een andere bekende term voor (‘bekakt’), maar ook een definitie die ik nog niet kende:

Waarom praten sommige mensen op een manier of ze een hete aardappel in hun mond hebben (in de volksmond…….bekakt praten) ze slikken dan als het ware de letter R in. Je hoort het vaak bij studenten. Ik zag op tv een aantal studenten die allemaal dezelfde uitspraak hadden , vandaar mijn vraag

Lees verder >>

De Taalunie belazert de boel

Door Arie Pos

Een analyse van het cijferwerk in het rapport van de Adviesgroep Financiële Openheid (AFO) laat zien dat de Taalunie de onderzoeksopdracht van het Comité van Ministers en het AFO-onderzoek heeft gemanipuleerd. Het focus op de bezuinigingen in de jaren 2010-2014 leidt af van de ware impact van de geplande bezuinigingen op de ‘Internationale neerlandistiek’ over de jaren 2015-2020. Daarnaast onttrekt een ondoorzichtige presentatie van begrotingsposten en -cijfers aan het oog waarom het was begonnen: de onevenredige korting op het universitaire onderwijs in het buitenland.

In gewone mensentaal: de Taalunie belazert de boel en het Comité van Ministers belazert mee of is te weinig geïnteresseerd of te slecht geïnformeerd om weerwerk te bieden.

Lees een volledige analyse van de huidige financiële situatie van de Taalunie, en de problemen met het AFO-rapport, alsmede de reactie van het Comité van Ministers, als pdf-bestand.

Lang leve de kommaneukers?

Door Marc van Oostendorp

Attachment-1 (3)Het is een bekende anekdote, die Jolenta Weijers onlangs ophaalde op het weblog van het NWO-project Begrijpelijke taalZe trekt er, zoals veel mensen, alleen de verkeerde conclusie uit. Of in ieder geval een onvolledige.

Een man is veroordeeld ter dood. Terwijl hij over de binnenplaats van de gevangenis in de richting van de galg schrijdt, komt er ineens een bode binnen met een telegram. Halt! Wat zou de koning te melden hebben? Nieuwsgierig opent de gevangenisdirecteur de brief, en leest:

  • Wacht niet, hangen! [1]

Onverwijld wordt de gevangene inderdaad ter dood gebracht. Pas later constateert men dat de boodschap van de koning eigenlijk luidde:

  • Wacht, niet hangen! [2]

Conclusie van de meeste mensen: wanneer men in de tijd van strop en telegram de komma juist had weten te plaatsen, was er menig mensenleven gespaard gebleven. Wat fijn dat er zulke duidelijke afspraken zijn. Lees verder >>