Categorie: column

De tegenstrijdigheid van wetenschapscommunicatie

Door Marc van Oostendorp

Attachment-1 (1)Een van de eigenaardigheden van de mens is dat hij verschillende dingen tegelijkertijd kan geloven die met elkaar in tegenspraak zijn. Af en toe wordt hij zich bewust van zo’n conflict. En wat doet hij dan? Vooral als zijn geloof in beide dingen eigenlijk ongebroken is door de ontdekking van het conflict?

Neem mij nou. Ik geloof in het onpersoonlijke van de wetenschap. Of in ieder geval: ik geloof dat je er in ieder geval naar moet streven om als wetenschapper zo objectief mogelijk te zijn, en zo rationeel mogelijk, en zo precies mogelijk. Ieder ander moet je gegevens en je redeneringen zo nauwkeurig mogelijk kunnen controleren, zonder dat daarbij je persoonlijkheid of je retorische gaven een rol spelen. Een wetenschappelijk artikel moet daarom saai en zakelijk zijn, net als de auteur. Lees verder >>

realiteit / werkelijkheid

Verwarwoordenboek Vervolg (8)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

realiteit / werkelijkheid

Er is geen verschil in betekenis, maar héél soms wel een miniem verschil in gebruikswaarde.

realiteit                      wat feitelijk, echt bestaat

Een goed politicus moet oog hebben voor de realiteit.

werkelijkheid                       wat echt, feitelijk bestaat

Hij leeft helemaal in zijn eigen wereld en heeft geen oog voor de werkelijkheid.

Lees verder >>

Oorlog met andere middelen

Door Marc van Oostendorp

vieren-van-vrede_rgb-1024x874Ik ken echt helemaal niemand die liever Dantes Paradiso leest dan Inferno. Ellende moet er zijn en anders vallen we in slaap. Wat dat betreft valt Lotte Jensen niet te benijden, die voor haar boek Vieren van vrede. Het ontstaan van de Nederlandse identiteit 1648-1815 door vele, vele jubelzangen, allegorieën en vrome overpeinzingen over de vrede heeft moeten doorwerken.

Maar het bleek een ijzersterk idee. De zeventiende en de achttiende eeuw waren een periode van opeenvolgende grotere en kleinere conflicten in Europa, waar Nederland op allerlei manieren bij betrokken waren. In het nawoord wijst Jensen er terecht op dat bij het opsommen van al die oorlogen weleens vergeten wordt dat er dan natuurlijk net zo vaak vrede werd gesloten. En de teksten die dan geschreven werden, geven misschien de moderne lezer weinig esthetisch genoegen – maar wetenschappelijk zijn ze juist interessanter. Lees verder >>

Een goede kilometer

Door Marc van Oostendorp

15079062_2146218272270502_8253785912488183575_nIn het internationale netwerk van taalkundigen dat ik op Facebook om me heen heb, ontstond beroering toen een Weense collega met het bijgaande plaatje aan kwam zetten. Hoe zit de hier gebruikte constructie gut 1/2 Liter eigenlijk in elkaar? Om precies te zijn: wat doet gut daar?

Een deel van de discussie ging erover dat je een soortgelijke constructie ook in andere talen hebt (un bon demi litre, nu bbone mezze litre, en god halvliter, a good half litre). Lees verder >>

Vaarwel Zwarte Piet?

Door Willem Kuiper

Afgelopen zaterdagmiddag ben ik naar het lokale filmhuis ‘De Fabriek’ geweest, ideetje van mijn echtgenote, om daar de film Wild geraas. Een zoektocht naar de oorsprong van het Sinterklaasfeest te bekijken.

wild-geraas

Had er op voorhand een hard hoofd in of ik dat wel leuk zou gaan vinden, want ik erger mij groen en geel aan alle onzin die er over Sinterklaas en Zwarte Piet rondgebazuind wordt. Lees verder >>

APT: een ‘grap’ of taalkundig interessant?

Door Kristel Doreleijers,
student Neerlandistiek aan de Universiteit Utrecht

in samenwerking met Roos Hamelink en Noortje Smits

badmeesterIedere zomer vertrekt een groep van ongeveer 24 jongens van het Utrechtsch Studenten Corps voor negen weken naar Texel om daar als badmeester te werken. Rode zwembroeken, spijkerblouses (die NIET gewassen mogen worden) en veel bier zijn de ingrediënten voor hun periode op het eiland als ‘bademeisters’. Maar hun uiterlijk en studentikoze gedrag is niet het enige wat de jongensgroep zo’n opvallende verschijning maakt. De bademeisters spreken immers ook een eigen taal: Algemeen Puur (of Plat) Texels (APT).

Op 19 april 2015 wordt op NPO 3 de teledocumentaire Bademeisters uitgezonden. De documentaire is een observatie van de jongens: ‘de Texelse boys’. Wat doen zij tijdens hun opleiding en hun werk als badmeesters? Filmregiseusse Judith van Leeuwen wilde de bademeisters vastleggen zonder een expliciet oordeel te geven. ‘Ze spelen een spel, het is een initiatieritueel waarbij de vraag is hoe zij zich eigenlijk tot de badgasten verhouden: zijn zij er voor de badgasten of zijn de badgasten eigenlijk pionnen in hun spel?’ Lees verder >>

Linkse politiek en taalwetenschap

Door Marc van Oostendorp

imagesIn het begin begreep ik niet welk probleem de Britse antropoloog Chris Knight nu precies wilde oplossen in zijn nieuwe boek Decoding Chomsky. Wat viel er te decoderen? Ja, hij legt in het begin vrij duidelijk uit dat het gaat over een kwestie die anderen ook bezighoudt. Maar die kwestie heb ik ook nooit echt begrepen: hoe is het mogelijk dat Noam Chomsky beroemd is om twee soorten boeken: over taalwetenschap en over internationale politiek?

Ik zou zeggen: sommige mensen hebben nu eenmaal een brede belangstelling, en het is een beetje vreemd om dan per se te willen dat hun liefhebberijen met elkaar in verband staan. Ik kan bijvoorbeeld niet onverdienstelijk stamppot maken, maar men moet mij niet komen vragen wat er overkoepelend is aan mijn taalwetenschap en mijn hutspot. Ik maak ze allebei, dus ik ben het verband,dat is het hele antwoord, en het is ook mutatis mutandis het antwoord dat Chomsky geeft. Het enige verschil is dat hij zoveel energie, talent en concentratie heeft dat hij met allebei zijn belangstellingen wereldberoemd is geworden. Dat kun je op zichzelf dan weer een raadsel noemen, hoe komt iemand zo, maar daar gaat Knights boek niet over. Lees verder >>

De hof is hoog ommuurd!

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (100)
Het Nederlandse sonnet bestaat 451 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij
Illustratie: Susanne van der Kleij

Tot diep in de negentiende eeuw was het sonnet een mannenvorm. Toen ik begon aan dit project, leek het me aardig om de mannelijke en vrouwelijke dichters in balans te houden. Maar dat lukte me tot nu toe eenvoudigweg niet. Voor de eerste helft van de negentiende eeuw heb ik jullie bijvoorbeeld alle vrouwen besproken van wie ik sonnetten kon vinden: Katherina Bilderdijk.

Er waren in die tijd natuurlijk wel vrouwelijke dichteressen, maar aan het sonnet waagden zij zich om de een of andere reden niet.

Aan het eind van de negentiende eeuw komt daar verandering in. Dan komt Hélène Swarth het sonnet opeisen voor de vrouwelijke stem: Lees verder >>

Hugo de Groot op de zeilwagen van Simon Stevin

Door Ton Harmsen

061stevinzeilwagenIn de winter van 1601 nodigde prins Maurits een gezelschap van 28 man uit om hem te vergezellen op het uitstapje van de eeuw. De reis in de zeilwagen die Simon Stevin voor hem had gebouwd ging in razende snelheid over het strand van Scheveningen naar Petten. Onder de genodigden waren de Franse gezant Paul Choart de Buzanval, de Spaanse admiraal Francisco Mendoza (een half jaar eerder krijgsgevangen gemaakt in de slag bij Nieuwpoort) en de grote belofte Hugo de Groot, toen nog een jongen van vijftien. Een half jaar later werd Mendoza uitgewisseld voor 400 krijgsgevangen zeelieden, onder wie Piet Hein. De arme admiraal die de slag bij Nieuwpoort had verloren verloor daarmee, indirect en een kwart eeuw later, ook de Zilvervloot.

Lees verder >>

Is taal bedoeld als geheimtaal?

Door Marc van Oostendorp

brushstroke-2Een van de fundamentele puzzels van de taalwetenschap is: waarom zijn er zoveel verschillende talen? Waarom spreken we niet allemaal hetzelfde, en tellen we nu zo’n zevenduizend verschillende talen, nog even afgezien van de eindeloze lappendeken van dialecten die er over de wereld ligt?

Die vraag wordt des te dringender als je aanneemt dat alle talen uiteindelijk gebaseerd moeten zijn op een en dezelfde blauwdruk, bijvoorbeeld omdat onze hersenen gespecialiseerd zijn in taal. De Amerikaanse taalkundige Mark Baker is een van de prominente vertegenwoordigers van deze stroming. En in een recent artikel stelt hij inderdaad deze vraag.

Eerst legt hij het model van taal uit waarin hij gelooft. Lees verder >>

Opzoek de mist ingaan

Door Robert Chamalaun

Soms kom je in schrijfproducten van leerlingen constructies tegen die op het eerste gezicht niet zo verwonderen, behalve dan dat ze ieder jaar weer terugkeren. Bij nadere beschouwing blijken ze echter onverwacht heel interessant. Zo moesten mijn leerlingen vorige week een sollicitatiebrief schrijven en menig leerling bleek opzoek naar een interessante baan. Zonder spatie dus. Nu is spatiefetisjisme niet direct aan mij besteed, maar de formulering prikkelde me wel.

Een zoektocht op Google liet zien dat niet alleen pubers zich ‘schuldig’ maken aan de verwarring tussen op zoek en opzoek. Lees verder >>

Max Havelaars met zombies en culturele toeëigening

Door Marc van Oostendorp

92000000599827852016 was het jaar dat Max Havelaar door een vooraanstaand schrijver een ‘effectief moordwapen voor elk sluimerend vonkje literaire interesse ‘ werd genoemd, een boek dat je vooral niet aan middelbare scholieren moet geven omdat ze dan nóóit meer een boek willen lezen.

Het was ook het jaar dat Max Havelaar met zombies verscheen, een bewerking die volgens de auteur, Martijn Adelmund, door scholieren gelezen kan worden naast het origineel om ze te laten zien dat het een ‘sensatiegerichte aanklacht’ is. Om dat sensationele karakter te onderstrepen voorziet hij het verhaal van opengereten buiken met naar buiten stulpende ingewanden.

Er lijkt me in ieder geval genoeg stof tot discussie. Lees verder >>

De oer-Nederlandse traditie van meertaligheid

Door Alisa van de Haar

Al sinds de middeleeuwen staan de bewoners van de lage landen bekend om hun indrukwekkende talenkennis. In reisverslagen uit voorgaande eeuwen uiten auteurs niet zelden hun bewondering voor de vaardigheid van de bevolking (mannen en vrouwen) om zich niet alleen in het Nederlands maar ook in het Frans, Duits en soms ook Italiaans uit te drukken. Maarten Luther verwees zelfs naar een populair spreekwoord over de Nederlandse meertaligheid: al zou je een Nederlander in een zak door Frankrijk en Italië dragen, bij thuiskomst zou hij beide talen vloeiend spreken.

Zestiende-eeuwse humanisten als Abraham Mylius en Johannes Goropius Becanus, die beargumenteerde dat het Nederlands van Antwerpen de beste en oudste taal ter wereld was, gingen actief op zoek naar een mogelijke oorzaak van de wonderlijke talenkennis van de Nederlanders (door Mylius ‘talensponzen’ genoemd). Ze concludeerden dat de Nederlandse taal zelf er een belangrijke rol in speelde. Het zou een gematigde taal zijn die haar sprekers in staat stelde om gemakkelijk de klanken van andere talen te leren en zonder accent uit te spreken. Lees verder >>

arbeid / werk

Verwarwoordenboek Vervolg (7)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

arbeid / werk

Er is soms een miniem verschil in betekenis en gebruik. Lees verder >>

Het gebouw is morgen

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-24Een van de vele, vele dingen die je met taal kunt doen: uitdrukken hoe de werkelijkheid in diepste wezen in elkaar zit. Neem de volgende zin:

  • Socrates is wijs.

Die zin zegt iets over Socrates (een mens), namelijk dat hij wijs is. Hij zegt daarmee ook iets algemeners dat mensen eigenschappen kunnen hebben, zoals wijsheid.

Dat klinkt heel flauw, maar is het ook zo? Taal – in ieder geval het Nederlands, maar heel veel andere talen ook – heeft bijvoeglijk naamwoorden. Die drukken eigenschappen uit. Dat werkt alleen in een wereldbeeld waarin dingen ‘eigenschappen’ hebben.  Lees verder >>

Verlies van botheid door buitenlanders

Door Marc van Oostendorp

stipriaan_botheidIn zijn nieuwe boek Lof der botheid deinst René van Stipriaan er niet voor terug zijn lezer eens flink te kwellen. In een van de hoofdstukken gaat het over de biografie van Constantijn Huygens, en Van Stipriaan beschrijft dan hoe in de loop van de tijd verschillende potentiële biografen zijn teruggedeinsd: dat leven duurde te lang, en zat te vol met geleerdheid, talen, contacten. Alleen een voldoende jong iemand met enorme ambitie en de mogelijkheid om zich ‘veertig jaar lang’ in dat leven te verdiepen zou een kans maken. Nog los van of iemand dat dan zou willen lezen.

Dan wijst Van Stipriaan erop dat hijzelf de dertig inmiddels gepasseerd is, maar anders best zo’n boek zou willen schrijven. Doe dat dan! wil je hem als lezer toeroepen. Lees verder >>

Sinterklaos in Neel

Door Leonie Cornips

De intocht van Sinterklaas in Limburg is complex omdat november ook de maand van de opening van het nieuwe carnavalsseizoen is. De Sint en carnaval moeten zich dus altijd tot elkaar verhouden. Afgelopen november ontvingen de Stadsschutterij Sint Sebastianus en de Blauwe Schuit Sinterklaas in Heerlen die Nederlands sprak met een westelijk accent. De Blauw Sjuut was voor die gelegenheid van een carnavalsschuit omgedoopt in het stoomschip Spanje met de schoorsteen in Spaanse kleuren. Vaak past het regionale carnaval zich aan de dominante, landelijke Sinterklaas aan. Maar soms ruimt de nationale Sinterklaas het veld voor het eigen carnaval zoals op 17 november 2012 toen de landelijke Sint in Roermond arriveerde.

Promovenda Lotte Thissen van de Universiteit Maastricht onderzoekt het effect van die komst van de Sint in 2012 tijdens de prinsenproclamatie van de carnavalsvereniging De Katers in Maasniel (Neel). De Katers verwelkomen een lokale Sint op de avond van de landelijke intocht in hun thuisbasis café De Ster. Bij de tonen van het eigen lied ‘Neel blief Neel’ valt het publiek stil en de kapel loopt vanaf de ingang van De Ster naar het podium achterin gevolgd door de vorst, de voorzitter en de raad van elf. Even later treedt de Sint binnen terwijl de kapel de gebruikelijke Nederlandstalige Sinterklaasliedjes speelt. Lees verder >>

Voer voor filologen : Twee briesende beren!

Door Willem Kuiper

Wat doet een rusteloze filoloog na zijn pensioen behalve wachten op antwoord op zijn e-mails aan collega’s die nog in loondienst zijn? Eén van de teksten die ik onder handen heb, is ’t Spel vanden heiligen sacramente van der Nyeuwer vaert, een mirakelspel geschreven door Jan Smeken, stadsdichter van Brussel van 1485 tot zijn dood in 1517. Wanneer precies Jan dit schreef en waarom, weten wij niet, maar de oudste bewaard gebleven vermelding in de stadsrekeningen betreft een opvoering op Sint Jan in de zomer (24 juni) AD 1500 op de markt van Breda door de rederijkerskamer Vruechdendael [ed. Asselbergs en Huysmans, Zwolle 1955, p. 37]. Het laat-middeleeuwse handschrift waarin dit spel in het net werd opgeschreven heeft de Beeldenstorm overleefd en wordt nog altijd in Breda bewaard. Samen met Ludo Jongen vertaal ik dit spel in hedendaags Nederlands, en al doende maak ik een nieuwe kritische editie van deze letterlijk en figuurlijk theatrale tekst.

Dat handschrift is zeker niet foutloos, zoals ik al eens eerder liet zien in Neder-L column 92: Tekstkritiek. Neem nu dit geval:

sacrament

Lees verder >>

Ik wist geen ander lied

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (99)
Het Nederlandse sonnet bestaat 451 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij
Illustratie: Susanne van der Kleij

Als je denkt dat het altijd allemaal niet erger meer kan, kun je altijd nog Hélène Swarth (1859-1941) lezen. Geen Nederlandstalig oeuvre zit zo vol smart, onterecht zelfbeklag en diepgevoelde zielepijn als dat van Swarth. Je zou vermoedelijk wel een bloemlezing van 196 treurige sonnetten uit haar werk kunnen lichten. Zoals bijvoorbeeld dit, uit de bundel Beelden en stemmen (1887):

Ik zocht een zang die lucht gave aan mijn smart,
Een zachte klacht vol zuchten van verlangen.
En zoele tranen vloeiden langs mijn wangen,
In weeken weemoed smolt mijn weenend hart.

Zoo bleef ik machtloos in mijn leed gevangen,
Gelijk een vogel, wien de hemel tart
Door gulden tralies en een knaapje sart,
Met schel gefluit en zoet gevlei, om zangen.

En ‘k hoorde een stem: – ‘Vrouw, klaag uw lijden niet!
Al maakte uw lied uw lijdenslast ook lichter,
Sluit om uw ziel den blanken sluier dichter!

‘Gelijk een liefde die zich allen biedt
Is ’t lied waarin het hart klopt van den dichter.’
Toen zweeg ik stil: ik wist geen ander lied.

Dit is als het ware een polyfoon gedicht, waarin vier verschillende stemmen klinken. Lees verder >>

Computer vindt tussentaal

Door Marc van Oostendorp

image00Een van de problemen voor vertaalcomputers was tot nu toe altijd dat er zoveel talen zijn. Je kunt jaren besteden aan een computer die goede vertalingen maakt van het Frans in het Engels, en dan vele jaren voor een computer die Russisch in het Engels vertaalt, maar dan heb je het Frans en het Russisch nog niet aan elkaar gekoppeld. Dat probleem lijkt nu op een interessante manier te worden opgelost door het team achter Google Translate, die er deze week een artikel over publiceerden.

Bij iedere taal die je toevoegt wordt het probleem ingewikkelder. Drie talen (Frans, Russisch, Engels) betekent drie paren talen (Frans-Engels, Frans-Russisch, Engels-Russisch); maar als je een vierde aan de verzameling toevoegt (Nederlands) worden dat er ineens zes (Nederlands-Frans, Nederlands-Engels, Nederlands-Russisch komen erbij). En bij een vijfde taal komen er vier taalparen bij, enzovoort. Omdat vertalen van het Russisch naar het Nederlands nog iets anders is dan vertalen van het Nederlands naar het Russisch, moet je die aantallen eigenlijk nog verdubbelen. Hoe meer talen er al zijn, hoe meer werk het wordt om er nog een aan toe te voegen.  Lees verder >>

Kapotgeframed

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-28De populairste taalkundige theorie onder niet-taalkundigen is op dit moment in Nederland zonder enige twijfel die van framing: het idee dat je door je woorden te kiezen een bepaald perspectief op de werkelijkheid kunt geven dat soms zo dwingend is dat je gesprekspartner er wel in mee móét gaan.

Als ik spreek van belastingdruk roep ik door dat druk (en door last) het beeld op van overbodig gewicht dat te zwaar op ons aller schouders ligt. Waarop een verstandig politicus dus alleen om verlichting kan vragen. Zodra je als tegenstander vervolgens juist om een hogere belasting vragen, zit je eigenlijk al automatisch verkeerd: je wil nog zwaarder op de geplaagde burger leunen. Het beste wat je kunt doen is er andere beelden tegenover stellen: die van een bijdrage aan een betere wereld.  Lees verder >>

Buts / bluts

Verwarwoordenboek Vervolg (6)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen.

bluts / buts

Er is geen verschil in betekenis. 

bluts               deuk, kwetsuur

Moet je kijken, zeker door die enorme hagelbui. Allemaal blutsen in mijn auto!

buts                 deuk, kwetsuur

Wat jammer, die peren. Ik heb ze laten gevallen. Allemaal gebutst.

Lees verder >>

Een warme trui voor het Surinaams-Nederlands

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-27Over het Surinaams-Nederlands weten we belachelijk weinig. Het is een variëteit van het Nederlands met eigen woorden (tori voor verhaal), eigen constructies (‘voordat je denkt, raakt een 50SRD op’), eigen klanken (de met de lippen uitgesproken w), enzovoort, maar een en ander is nauwelijks in kaart gebracht.

Dat komt doordat Nederlandse en Surinaamse taalkundigen de taal links hebben laten liggen (over het Sranan weten we bijvoorbeeld veel meer). En dat heeft op zijn beurt weer te maken met de lage dunk die men in Suriname nog van de variëteit heeft. Het ‘Europese Nederlands’, zoals dat in Nederland gesproken wordt, geniet er nog het hoogste aanzien. Het is de taal die leerlingen en leraren op school geacht worden te spreken, en de taal die intellectuelen en ambtenaren geacht worden te gebruiken. Lees verder >>

De oorlog in het bos. Over literaire stijl

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-5
‘Vijftig tinten grijs in het bos’. Illustratie: MvO
Kun je uitrekenen of een boek in een literaire stijl geschreven is? En kun je dat rekenen vervolgens door een computer laten doen? Dat is een van de vragen die Andreas van Cranenburgh probeert te beantwoorden in zijn onlangs verdedigde proefschrift Rich statistical parsing and literary language.

Om dat te doen, moet je natuurlijk eerst een maat hebben van hoe literair een boek eigenlijk is. Van Cranenburgh haalt deze uit het project The Riddle of Literary Language, waarin een groot aantal internetgebruikers over een groot aantal relatief recente, vertaalde en oorspronkelijke, boeken een oordeel hebben gegeven. Die oordelen zijn bij elkaar opgeteld, en dat levert de uiteindelijk maat van literariteit op. (Vijftig tinten grijs kwam daar als allerlaagste uit, als je dat wil weten.) Lees verder >>