Categorie: column

kwestie / zaak

Verwarwoordenboek Vervolg (17)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen. 

kwestie / zaak

De woorden overlappen grotendeels in betekenis. Lees verder >>

Van standaardtaal naar harmonie

Door Marc van Oostendorp

Verdwijnt het Standaardnederlands? Over die belangrijke vraag buigen twee van de belangrijkste experts op dit gebied, Stefan Grondelaers, Roeland van Hout en Paul van Gent, zich samen in een artikel in het nieuwste nummer van het vakblad Taal en Tongval.

Er zijn mensen die denken dat de standaardtaal er onherroepelijk aan gaat. Mensen geloven niet meer aan normen en aan autoriteit en binnenkort praat iedereen hoe hij wil. De dialecten verdwijnen misschien ook wel, maar daarvoor in de plaats komen dan allerlei typische eigen manieren van praten van sociaal afgebakende groepen – sociolecten.

Inderdaad: het oude ideaal dat ooit alle Nederlandstaligen precies hetzelfde zou spreken, in volzinnen die recht uit de lijst voorbeelden van de Algemene Nederlandse Spraakkunst zou zijn ontnemen en een woordenschat uit Van Dale, minus de woorden die de labels ‘regionaal’ of ‘ongebruikelijk’ kregen – dat ideaal heeft zijn laatste tijd waarschijnlijk wel gehad.  Lees verder >>

Wat ‘like’ en ‘eh’ gemeen hebben

Door Lucas Seuren

Voor ik naar Los Angeles vertrok voor mijn promotieonderzoek maakte een kennis vaak grappen over het taalgebruik van Amerikanen, met name de hoge frequentie waarmee jongeren in Californië like zeggen. Het gebruik van dat woord is niet voorbehouden aan de jongeren aldaar – ik merkte tijdens een verblijf in York dat het ook in Brits-Engels voorkomt – maar de frequentie zou in steden als Los Angeles veel hoger liggen. Na vijf maanden kan ik beamen dat dit zeker klopt – niet dat ik daar vijf maanden voor nodig had. Maar waar mensen vaak denken dat like niets meer is dan een betekenisloos stopwoordje, begon me ook op te vallen dat het vrij nuttige functies heeft.

Twee van de voornaamste functies van like zijn breed bekend. Ten eerste wordt het gebruikt om aan te geven dat de spreker een inschatting maakt. Ten tweede wordt het gebruikt om een direct citaat in te leiden. Beide functies worden in het Nederlands ten dele vervuld door van. Zinnetjes zoals de volgende zullen de meeste mensen – ik durf zelfs te zeggen niemand – vreemd voorkomen:

  • Hij heeft er iets van vijf dagen aan gewerkt.
  • Hij zei van joh ik heb er vijf dagen aan gewerkt.

Lees verder >>

De binnenlanden van het zuiden

door Rien Rooker

Na een veertigjarige loopbaan als neerlandicus in het (Noord-)Nederlandse onderwijs denk je alles in je vak wel zo’n beetje gezien te hebben. Dat je dan toch nog opeens geconfronteerd wordt met een volstrekt blinde vlek in je kennisgebieden, is beslist een unieke ervaring. Toch was dat exact mijn beleving bij Tom Verschaffels De weg naar het binnenland, dat ik in éen ruk heb uitgelezen.

De voorgeschiedenis van het boek is bekend. Het boek is onderdeel van de nieuwe, vrijwel voltooide Geschiedenis van de Nederlandse literatuur. De reeks beoogde een geïntegreerde beschrijving van de Noord- en Zuidnederlandse letterkunde te geven vanaf het begin tot heden. Al werkend bleek dat voor de periode 1700-1800 niet vol te houden en kreeg Tom Verschaffel de opdracht om een afzonderlijk deel voor de situatie in het zuiden te schrijven.

Voor die beslissing dient de redactie geprezen te worden. De auteur nog meer. Waarom? Dat geeft hij reeds in zijn voorwoord zelf aan. Die Zuidnederlandse letterkunde bestaat in de achttiende eeuw eigenlijk niet. In zijn dankwoord aan het slot van boek bedankt hij allen, die hem het schrijven van dit onmogelijke boek toch mogelijk gemaakt hebben – zijn eigen woorden!

[Lees het volledige artikel]

In december plaatste Neerlandistiek een interview met Tom Verschaffel

Wie geen tijd heeft om te lezen, wil geen beter mens worden

Door Marc van Oostendorp

Word je van lezen een beter mens? Het wordt tijd dat er eens een antwoord op die vraag komt, en dat antwoord luidt: jazeker! Te lang hebben de lezers zich bescheiden opgesteld omdat er ooit, ergens, een kampcommandant een gedicht van Rilke las als hij thuis kwam van zijn werk.

We houden daar mee op, in deze tijd dat ongeletterden in Nederland fractievoorzitter van de grootste fractie in het parlement kunnen zijn, en in het buitenland president van het sterkste land ter wereld. Nu de barbaren zijn gekomen, wordt het tijd om te zeggen hoe het zit. Om het goede leven te leiden moet je voortdurend en je leven lang boeken lezen – serieuze boeken, en je moet goed lezen.

Ik vond het boek De goede lezer van Damon Young aanvankelijk wat verwarrend. Hij begint in de eerste bladzijden meteen allerlei boeken naar je toe te gooien, zonder duidelijk te maken wat hij daar nu eigenlijk mee wil. Lees verder >>

Wees alsjeblieft beleefd

Door Marc van Oostendorp

Wie het gezelliger wil maken, grijpt niet onmiddellijk naar de gebiedende wijs. Wie met zinnen strooit als

  • Ruim de keuken op,

wordt niet onmiddellijk als beleefd gezien.

Toch zijn er wel verschillen, laat een groep Nijmeegse onderzoekers onder aanvoering van Helen de Hoop zien in een artikel in de onlangs verschenen bundel Linguistics in the Netherlands 2016.

Er zijn wel verschillen, laten de onderzoekers zien. Lees verder >>

Zoo wandl ik

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (11o)
Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Van veel sonnetten van Hélène Swarth is het moeilijk te zeggen in welke periode in haar leven ze precies geschreven zijn. De sombere thematiek blijft dezelfde, net als de daarmee soms contrasterende beeld- en klankrijke stijl. Het sonnet hieronder komt uit 1904, maar had bijna net zo goed uit 1889 of 1938 kunnen komen; bijna, want er zijn wel degelijk microvariaties die het de Swarthologie mogelijk zouden maken dit sonnet te plaatsen:

Zooals een knaapje, na zijn taak op school,
Met andre knapen vroolijk spelen mag,
Maar, moede en peinzend na den nijvren dag,
Geen lust bewaarde in ruwen jongensjool
En vliedt der makkers ál te luiden lach
En wandelt traag, alleen met zijn viool,
Door avondbosch, naar verre hut, gedool
In donker troostend met vioolbeklag; –

Zoo wandl ik, luistrend naar het boomgeruisch,
Nu heel mijn taak in ’t leven is volbracht,
Door woud van weemoed naar mijn vaderhuis,
Waar kalme slaap – of donkre droom – mij wacht,
In schaduw koel van wilgeloovr en kruis
En veedl, in schemer, melodieën zacht.

In dit stadium van haar werk ontdekte Swarth iets nieuws over lettergrepen. Lees verder >>

Het getal vijftig overtreft het getal veertig

Het aantal bekoringen van de semantiek is eindeloos

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-45Een van de onbetwistbare wetenschappelijke helden van de twintigste eeuw is Gottlob Frege (1848-1925), de vader van de semantiek van menselijke taal én van de grondslagen van de wiskunde. Een man die toen hij op het punt stond een doorwrochte studie te publiceren een brief kreeg van een of andere blaag die hem erop wees dat hij een ernstige denkfout had gemaakt, en die de blaag niet negeerde maar in het nawoord van zijn boek schreef: “Een wetenschappelijke schrijver kan nauwelijks iets naarders overkomen als dat hem na voltooiïng van een werk een van de grondslagen van het bouwwerk wordt weggeslagen. In deze omstandigheid werd ik gestort door een brief van de heer Bertrand Russell, toen dit boek bijna van de drukkerij kwam.”

(Menselijkerwijs was Frege veel minder een held, maar een vreselijke antisemiet.)

En nu heeft de Duitse semanticus Friederike Moltmann een foutje bij Frege ontdekt. Het foutje is niet zo vreselijk ingrijpend, en Moltmann is geen blaag, maar ze zet wel een interessante redenering op, waar het gaat om de betekenis van uitdrukkingen als het aantal planeten. Frege dacht op basis van zinnen zoals de volgende dat de betekenis van zo’n uitdrukking een getal was: Lees verder >>

Kan een wetenschapper nog op de VVD stemmen?

Door Marc van Oostendorp

De verwarrende vraag doet zich ineens voor of je als wetenschapper nog wel op de VVD kunt stemmen bij de komende Kamerverkiezingen. Of je, zelfs als je sympathie hebt voor de standpunten van die partij over pakweg de infrastructuur of defensie, niet eigenlijk links moet kiezen als de wetenschap je lief is.

Dat komt door een motie van VVD-Kamerlid Duisenberg en een tweet die deze eerder deze week wijdde aan de stemmingsuitslag:

Wat is er mis met die motie?  Lees verder >>

Trumps fantastische taalgebruik: 3 redenen waarom het werkt (of niet)

Door Christine Liebrecht

Fantastisch was de satirische welkomstboodschap van Arjen Lubach aan Donald J. Trump waarin hij Nederland voorstelde aan de kersverse president van de Verenigde Staten. Amerika mocht in de ogen van de machtigste man van de wereld dan misschien wel op een staan (‘America first!’), maar mag ons kikkerlandje dan op de tweede plaats komen (‘The Neterlands second!’)? De hilarische video ging viral en haalde zelfs mainstream media zoals CNN en de New York Times, inmiddels hebben ook andere landen een dergelijk filmpje gemaakt.

Superlatieven liefhebber

Een van de elementen die het filmpje van Lubach zo sterk maakte, was het taalgebruik. In één klap was duidelijk dat er maar één man in de wereld praat zoals de voice over. Lees verder >>

Ik ben ook feminist

De managers begrijpen elkaar goed, in ons managementhorrorfeuilleton De verleden tijd van lijken

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-42“Begrijp me goed,” zei Wouter, die op jonge leeftijd al hoogleraar Financiële Letterkunde was geworden en tegenwoordig strakke pakken droeg, een vlotte bril en kekke schoenen, en hoogleraar-directeur was van de afdeling HR-management van de universiteit.

[Omdat hij onlangs had besloten dat hij “jammer genoeg” (zoals hij zelf zei) meer tijd nodig had voor zijn directeurschap, had hij besloten zich terug te trekken en voortaan alleen nog een nulaanstelling als hoogleraar HR Management in de hedendaagse Nederlandse letteren te bekleden. Daarom was er nu een vacature ontstaan als hoofd van de afdeling en men was hij nu in voorberaad met enkele vertrouwelingen voordat de benoemingsadviescommissie bij elkaar zou komen. Einde van het commentaar van de auctoriële verteller.]

“Begrijp me goed,” herhaalde Wouter geduldig na deze interruptie. Lees verder >>

Raar directeur zijn

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-40Wat is het verschil tussen de radio en de walkietalkie? Over die intrigerende vraag gaat het proefschrift dat Maartje Schulpen vorige maand in Utrecht verdedigde. Dat er een verschil is blijkt uit de vergelijking tussen zinnen als de volgende:

  • Martha luisterde naar de radio en Alice ook.
  • Martha luisterde naar de walkietalkie en Alice ook.

Niet alleen klinkt de tweede zin wat vreemder dan de eerste, maar in het eerste geval kun je je best voorstellen dat Martha en Alice naar verschillende radiotoestellen luisterden, terwijl de tweede zin veel eerder in gedachten roept dat er één (al eerder genoemd) walkietalkietoestel is en dat de dames daar gezamelijk naar luisteren.

Bepaalde lidwoorden (de, het) roepen dat laatste normaliter op. Lees verder >>

Engelstalig onderwijs verandert je fouten in het Frans

Door Marc van Oostendorp

Dat er op steeds meer middelbare, en zelfs basisscholen tweetalig onderwijs wordt gegeven – heel veel hoor je er niet over. En áls er al eens bezwaar wordt gemaakt, gaat het meestal om de invloed die zulk onderwijs heeft op het Nederlands. Kunnen zulke kinderen zich nog wel goed in onze taal uitdrukken? En willen ze dat nog wel?

Het onderzoek naar dat onderwerp laat over het algemeen zien dat zulke effecten er nauwelijks zijn: leerlingen van tweetalige scholen worden niet echt slechter in het Nederlands – zoals ze, zeker op termijn, ook nauwelijks beter worden in het Engels.

Maar hoe is de invloed eigenlijk op de kennis van weer andere talen, zoals Frans en Duits? Lees verder >>

Goud. Van middagzon

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (109)
Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

In gedichten is het einde van regels belangrijker dan het begin en niemand weet precies waarom. Aan het einde bevindt zich bijvoorbeeld doorgaans het rijm (ik ken geen conventie waarbij de eerste woorden van regels systematisch op elkaar moeten rijmen). Ook veroorloven dichters zich doorgaans meer vrijheden tegenover het metrum aan het begin van een regel dan aan het eind.

En dan is er het enjambement, de woordgroep die zich over een regel uitstrekt, zoals in het sonnet Hoogvlak van Hélène Swarth:

Ik blik verwonderd neer van ’t hoogvlak: was
Dat ijl klein bosch mijn heilig smartewoud,
Waar ‘k handenwringend doolde in donker? – Stout
Beklom den berg spiralend de enge pas.

De reine wind der hoogte omwaait me en goud
Van middagzon uit blauwen hemelplas
Verblindt mijn blik, die weg zich wendt al ras
Van ’t kleine bosch, vol rouwen dat mij rouwt.

Armzaalge boomgroep! kinderspeelgoed-tuin!
De kruinen wuiven, suizlend droeven groet.

In d’ afgrond rolt een brokje rotsepuin,
Als eenig antwoord van mijn trotschen voet,
Die hooger stijgt, naar d’ ijsbekroonde kruin,
Waar ‘k wel van weet, dat ik er sterven moet.

Lees verder >>

verzet / weerstand

Verwarwoordenboek Vervolg (15)

Door Jan Renkema

In het Verwarwoordenboek worden zo’n 500 woordparen behandeld met vaak onduidelijke verschillen: afgunst-jaloezie, bloot-naakt, geliefd-populair, plaats-plek, enz. Talrijke lezers hebben woordparen aangedragen met het verzoek om ook die te behandelen. Vandaar deze wekelijkse rubriek.

Mocht u ook een ‘verwarpaar’ behandeld willen zien, plaats dan een reactie onder deze rubriek. Kijkt u dan wel even op de website om te zien of de woorden al zijn opgenomen. 

verzet / weerstand

De betekenissen overlappen grotendeels. Lees verder >>

Water en taal

Door Marc van Oostendorp

untitled_artwork-1Een taal is geen stroompje, maar een grote, brede rivier. Traag stroomt ze permanent in de richting van de zee. Als je iets dichter bij kijkt, zie je golfjes die in de richting van de oever gaan. En nóg dichterbij, onder de microscoop, bewegen de moleculen alle kanten op.

Zo is het ook met de taal. In de loop van de eeuwen gaat ze een bepaalde richting op. Het Nederlands verandert bijvoorbeeld in een naamvalsloze taal; die verandering is in de 14e eeuw voortgezet, nu hebben we alleen nog een paar naamvallen voor de persoonlijk voornaamwoorden (ik/mij), maar ook die zijn langzaam maar zeker aan het wegslijten.

Een niveau lager zijn er wat gedetailleerdere veranderingen, die zo’n beetje alle kanten op gaan.  Lees verder >>

Noordelijk dialect praat je achter in de mond

Door Marc van Oostendorp

attachment-1-38Wanneer je naar de volksuniversiteit gaat om een taal te leren, hoor je het nog wel eens iemand beweren: Russich spreek je “voor in de mond” uit, Duits “achter in de mond”. Ook over dialecten hoor je dat soort dingen weleens: wie dit of dat dialect wil imiteren, moet een plekje ergens in zijn mond vinden om het uit te spreken.

In de Nederlandse dialectologie was het idee, onder de naam ‘articulatiebasis’, ook enige tijd populair in de jaren dertig. Het idee was dat sprekers van dialecten ook net iets verschillende monden hadden, bijvoorbeeld omdat ze van net iets andere stammen waren die zich ooit in de Lage Landen vestigden.  Lees verder >>

Ook Neerlandistiek is voor taalcompetentie!

Door Marc van Oostendorp

Alleen al uit de titel blijkt dat Iedereen taalcompetent! een van de meest ambitieuze stukken die de afgelopen jaren uit de boezem van de Nederlandse Taalunie is opgeweld: een ‘visiedocument’ van de organisatie op het onderwijs Nederlands in de 21e eeuw!

Die ambitie zit op verschillende niveaus. In de eerste plaats betreft het al het onderwijs in Nederland en Vlaanderen tot en met het eindexamen. In de tweede plaats wordt er een nogal grootse visie uiteengezet op dat onderwijs – het gaat hier niet om de details, maar om de grote lijnen van wat we met het onderwijs in de moedertaal willen en waar het naartoe moet.

Sterker nog, met dit rapport durft de Taalunie strijd aan te gaan met allerlei krachten tegen wie het waard is om gestreden te worden. Zo roept het rapport op tot: Lees verder >>

Amsterdamned!

Door Marc van Oostendorp

Om te vieren dat Ester Naomi Perquin de Dichteres des Vaderlands is geworden, bewijs ik in mijn zondagochtendminicollege (nou ja, ochtend) van vandaag dat Perquin haar best doet om niet te liegen in haar recente gedicht ‘Amsterdamned’! Ik haal er ook nog een forensisch wetenschapper bij die deze week in de Volkskrant werd geïnterviewd.

Let op: de film Amsterdamned staat ook in zijn geheel op YouTube. Ik heb het fragmentje waar dit gedicht over gaat niet kunnen vinden. Prijs voor wie het wel vindt!

Netflix & chillen: een kwestie van beleefdheid

Door Stella Vivian Dippell
Eerstejaars student Taalwetenschap aan de universiteit Leiden

17 januari 2017 postte Lucas Seuren de column ‘Seinfeld als wetenschap’, waarin hij liet zien dat eufemismen een geloofwaardige connectie met de realiteit moeten hebben, willen ze goed werken als eufemisme. Zijn genoemde eufemisme was “een kopje koffie komen drinken”, altijd gezellig natuurlijk, het hangt er maar net vanaf wat je er precies mee bedoelt. In reactie hierop noemde Alex Reuneker de moderne versie van iemand uitnodigen voor een kopje koffie, namelijk: Netflix & chill.

Inderdaad, onder jongeren dé nieuwe vorm van “kom je een kopje koffie bij me drinken?” of “would you like to come up and see my etchings?”. Eén voor één eufemismen voor seks, maar waarom vragen we indirect naar seks? Waarom is flirten meestal indirect? Waarom zeggen we niet gewoon “ik vind jou interessant en ik stel voor om te vrijen”? De simpele reden is: omdat dat het heel confronterend is voor de bevraagde, en het voor de vrager wel een keiharde afwijzing is als het antwoord nee is. Beide personen in deze situatie lijden dan ‘gezichtsverlies’. Lees verder >>

Onsterflijkheid-in-pijn, je-weet-wel

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (108)
Het Nederlandse sonnet bestaat 452 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

Illustratie: Susanne van der Kleij

Rond het jaar 1900 – het jaar dat het onderstaande sonnet van Hélène Swarth in De Gids verscheen – vulden de dichters het liefst oude stramienen met nieuwe woorden. Waar dertig, veertig jaar eerder sonnetten en andere vormen als te beknellend werden gezien voor het dichterlijk gemoed, en ándere vormen werden gebruikt om bestaande woorden op een rijtje te zetten, daar hesen dichters van deze generatie zich graag in een korset om gruwelen te beschrijven met nieuwe woorden: Lees verder >>

Taalstemwijzer Tweede Kamerverkiezingen 2017

Door Marc van Oostendorp

Als u uw stem wilt laten bepalen door de visie op taalbeleid, kunt u daarvoor het onderstaande handige stroomdiagram gebruiken. Meer toelichting valt te lezen in mijn bespreking van de verkiezingsprogramma’s van de rechtse partijen, de linkse partijen, D66 en de ChristenUnie.

Alleen partijen die momenteel vertegenwoordigd zijn in de Tweede Kamer zijn meegenomen in dit overzicht. Een uitzondering is gemaakt voor de PVV, omdat deze geen enkel standpunt over taalbeleid verwoordt in het verkiezingsprogramma, en voor Nieuwe wegen (de partij van Jacques Monasch) omdat ik deze vergeten ben.

Klik voor een grote versie (ook handig als wallpaper).

Etymologie: tondel

tondel zn. ‘licht ontvlambare stof’

Middelnederlands tunder ‘stof om vuur mee te slaan’ (1477), Nnl. tonder o. ‘licht ontvlambaar materiaal, zoals dorre bladeren, niet geheel verkoold linnen of katoen, gedroogde zwammen’ (1617; na de 19e eeuw niet meer gebruikelijk), tondel (1705), tontel o. (1692), tuntel (1743); verder tondeldoos (1686), tonteldoos (1681). Met de klinker i of e: Middelnederlands tendelen ‘doen ontvlammen’ (ca. 1470, Zuidwest-Limburg), Nnl. tintel o. ‘tondel’ (1618; sinds de late 18de eeuw verouderd).

In dialecten: (a) tonder in Zuid- en Noord-Holland en Twente, tontel in Limburg en Noord-Holland, tuntel, tundel in de Achterhoek, tunder, tunner in Groningen, tonter in Drente; (b) tintel in West-Vlaanderen, Zeeland en Zuid-Holland, sporadisch ook tintel, tentel in Brabant, Limburg en West-Vlaanderen, tendel, tentel, tintel in het Nederrijns en noordelijk Ripuarisch. Lees verder >>

Laat die kinderen vertalingen lezen

Door Marc van Oostendorp

Een paar weken geleden raakte Christiaan Weijts in een opinie-artikel in NRC Handelsblad een interessante kwestie aan: waarom lezen leerlingen op de middelbare school geen Tolstoj of Murakami? Die schrijvers hebben in de verkeerde talen geschreven, daarom, en vertalingen worden op de middelbare school niet gelezen. Weijts stelt daarom een uitbreiding van het vak CKV voor met wereldliteratuur.

In hun reactie op Neerlandistiek van gisteren gaan de leden van het zogeheten ‘meesterschapsteam’ helaas vooral in op de organisatorische kant van de zaak: ze geven argumenten waarom je literatuur niet weghalen bij Nederlands. Maar ze gaan daarbij helaas voorbij aan wat ik als de kern van Weijts’ voorstel zie: verruim de grenzen van wat kinderen mogen lezen. Lees verder >>

Het L-woord

Door Lucas Seuren

Het presidentschap van Donald Trump is nog maar net begonnen, maar nu al is duidelijk dat de relatie tussen zijn bestuur en de pers niet beter zal zijn dan toen hij nog kandidaat was. Sean Spicer, de perschef van de kersverse president, haalde al op zijn eerste werkdag hard uit naar de pers vanwege de manier waarop ze verslag hadden gedaan van Trumps beëdiging. Er zou nog nooit zo veel publiek bij een inauguratie zijn geweest, en de media zouden dat hebben geprobeerd te verhullen met fototrucs en onjuiste rapportages. De kwestie zelf lijkt niet heel interessant, maar om de reactie van de media te begrijpen moest ik mijn vocabulaire flink uitbreiden.

Op zondag interviewde Chuck Todd voor het programma Meet the Press een van Trumps belangrijkste adviseurs: Kellyanne Conway. Daarin stelde hij de persconferentie van Spicer aan de orde. Maar op geen enkel moment beschuldigde hij Spicer van liegen: in plaats daarvan vroeg hij waarom Speicer zich had verlaten tot falsehoods, ‘onwaarheden’. Dit is ongetwijfeld een bewuste keuze geweest, anders dan een leugen hoeft een onwaarheid niet intentioneel te zijn. Met andere woorden, door zijn vraag zo te framen beschuldigt Todd de perschef niet van bedrog, hooguit van inaccurate berichtgeving. Lees verder >>