Auteur: Maartje Lindhout

Maartje Lindhout studeerde Taalwetenschap en Nederlands aan de Universiteit Leiden en is nu docent Nederlands op het Da Vinci College in Leiden. Bij Neerlandistiek is ze webbeheerder en schrijft ze af een toe een column.

Naar de bea

https://www.dekleinemarkies.nl/index.php/pedagogische-informatie/buiten-spelenDoor Maartje Lindhout

Hoe inventief kinderen soms kunnen zijn! En hoe ’n lak ze kunnen hebben aan de spelling die de grote mensen gebruiken en die ze zo belangrijk achten.

Mijn zusje is leidster op een buitenschoolse kinderopvang en laatst hoorde ze een kind daar zeggen: “Ik moest vanmiddag natuurlijk nog naar de bea.”

Lees verder >>

Dus dat.

Door Maartje Lindhout

De laatste tijd hoor ik het veel, soms zijn de twee woorden omgedraaid, maar meestal niet: dus dat. Het lijkt een soort stopwoordje (of stopwoordjes?) die je te pas en te onpas kunt toevoegen aan je uitspraak. Het liefst aan het eind. Maar waarom zeggen mensen “dus dat” eigenlijk! Betekent het wel iets?

Dus

Het woordje “dus” is een signaalwoord. Het geeft de lezer of luisteraar een signaal. In dit geval is dat: klingel! Er komt een conclusie aan! Een conclusie is eigenlijk de slotsom van alle dingen die je ervoor hebt verteld. Nou, daar komt -ie, hoor! Tromgeroffel… dat!

Dat

De hele conclusie wordt geuit met het kleine, korte woordje “dat”. Maar wat zegt dat nou? Niets toch? Nou ja, niet helemaal. Het woordje “dat” verwijst naar iets anders. Vaak is datgene al genoemd. Even een voorbeeld:

Lees verder >>

Maartje Lindhout: Te lui om naar de bieb te fietsen

e-bookDoor Maartje Lindhout

Over 25 jaar is mijn leeftijd verdubbeld.

Als relatieve jongeling binnen de neerlandistiek gedraag ik me niet compleet ‘jong’ als het gaat om het medium van romans. Ik lees echte boekenboeken. Slechts één keer heb ik een volledig e-book gelezen, op een tablet, en dat was uit nood: het boek was in alle bibliotheken uitgeleend, ik kon het me niet veroorloven om het te kopen en ik was té nieuwsgierig naar de inhoud. Het lezen gaf me geen rust. Het voelde alsof ik scannend moest lezen, iets wat je over het algemeen toch meer gewend bent op een tablet of smartphone.

Want wat lees je zoal op die moderne en steeds meer vertegenwoordigde devices? Vooral WhatsAppberichtjes, Facebook-posts, tweets. En dan heb ik het nog niet eens over wat je allemaal alleen nog maar zíét op zo’n ding: foto’s, icoontjes, indelingen, overzichten, kernwoorden, alles gemaakt ten behoeve van gebruiksgemak en snelheid. Je hoeft de afbeeldingen en woorden niet echt te bestuderen. Vluchtig kijken en herkennen is voldoende. Van de verschillende leesstrategieën neemt het scannen de overhand.

Lees verder >>

Call for papers HSN Conferentie

De conferentie HSN-31 (24 en 25 november 2017 in Zwolle) beoogt alle leeromgevingen aan bod te laten komen waarin Nederlands geleerd wordt: basisschool, secundair onderwijs op alle niveaus (vwo, havo, (v)mbo, resp. aso, bso, kso, tso), hogeschool/universiteit en lerarenopleidingen. Wij verwachten weer een tachtigtal presentaties / workshops te kunnen plaatsen in de parallelle programmakolommen. De stichting HSN Conferenties Onderwijs Nederlands roept docenten, didactici en anderen op om zich als spreker of workshopleider te melden met een inhoudelijk voorstel. Er wordt in het algemeen vooral belang gehecht aan praktijkgerichtheid en het vernieuwende karakter van de presentatie. Gedacht wordt aan programmakolommen die gericht zijn op onderwijstypen (bv. primair onderwijs, hoger onderwijs, mbo – i.e. in  Vlaanderen bso en tso – lerarenopleidingen) en aan themakolommen als:

  • literatuuronderwijs
  • taalvaardigheid, resp. een der taalvaardigheden
  • innovatie en digitale geletterdheid
  • taalbeschouwing
  • Nederlands in een meertalige context
  • taal- en letterkunde (mag iets minder praktijkgericht)

Lees verder >>

Is ‘jij’ netter dan ‘je’?

man-407083_1920Door Maartje Lindhout

Wat is dat toch dat sommige mensen hardnekkig jij, jou en jouw schrijven in plaats van gewoon je? Vandaag weer. Een onbekende beantwoordde mijn e-mail en koos ervoor me te tutoyeren. Geen probleem wat mij betreft. We wisten beide van elkaar dat we twintigers waren. Ik had hem overigens – terecht of onterecht – gevousvoyeerd, want ja, we kenden elkaar dan weer niet persoonlijk.

Maar hij schreef dus jij. En jou en jouw. Gestaag vermeed hij de je die hij hoogstwaarschijnlijk wel zou zeggen. De jij’s en jou(w)’s zorgden voor een nadruk waar dat helemaal niet de bedoeling was. “Hartelijk dank voor JOUW mail.”

Lees verder >>

Spelling als remmer van klankverandering?

Bedankjes voor de kinderen die deelnamen aan het onderzoek
Bedankjes voor de kinderen die deelnamen aan het onderzoek

Door Maartje Lindhout

In veel gebieden van het Nederlands gaat de z steeds meer als de s klinken en de v als de f. “Ik heb de son sien sakken in de see”, is een stereotype uiting van een Amsterdammer. Het verschil tussen de s en z en tussen de f en de v is wel eens groter geweest. In het zuiden van het land is dat verschil nog het meest aanwezig. Daar vind je ook nog een onderscheid tussen de (geschreven) ch en g. In Zuid-Holland, waar ik woon, is er zo goed als geen verschil meer tussen die klanken. Maar je schrijft ze dus nog wel anders! Over deze klankverandering wilde ik meer te weten komen. Sterker nog: hier wilde ik het scriptieonderzoek voor mijn master Taalwetenschappen over gaan doen.

Ik ging op onderzoek uit om te weten te komen hoe Zuid-Hollandse kinderen deze wrijfklanken precies aanleren. Hierbij wilde ik antwoord op de volgende vragen. Maken de kinderen überhaupt wel een onderscheid tussen de korte variant (v, z, g) en de lange variant (f, s, ch)? Zo ja, op welke leeftijden doen ze dat? En speelt de klankomgeving eigenlijk nog een rol? Lees verder >>

Streektaalbeleid

Door Leonie Cornips
Binnenkort verschijnt de erfgoednota van de Provincie die het beleid voor de komende jaren voor het (im)materieel cultureel erfgoed presenteert. Taal valt onder cultureel erfgoed en kent veel verschijningsvormen in Limburg. Diverse vertegenwoordigers, betrokken bij de streektaal, schreven onlangs het visiedocument ‘Sjiek is miech dat’ als input voor de nieuwe erfgoednota. In dit visiedocument staat dat de regionale taal in Limburg mensen mobiliseert in hun gevoel van eigenwaarde, zelfbewustzijn en zelfredzaamheid. Taal is onmisbaar om regionale identiteiten te creëren: ze leidt tot sociale binding en herkenbaarheid van de provincie.

De ambities van de erfgoednota zijn duidelijk: dialecten hebben een digitaal platform nodig om ze vitaal te houden. Talentontwikkeling is een uitdaging: Limburg heeft een blijvende diversiteit aan podia nodig waar jongeren zich cultureel en literair kunnen manifesteren. Kennis over hoe de jeugd zich organiseert is urgent om streektaalbeleid te kunnen continueren. Kennisverspreiding over meertaligheid naar leerkrachten in het onderwijs (van kinderopvang tot middelbare school) is hard nodig. Limburgers zijn vaak van huis uit meertalig. Naast het Nederlands spreken zij dialect; een buurtaal zoals Duits of Frans, een lingua franca als Engels of een andere veel voorkomende taal zoals het Arabisch/Berbers, Turks en Spaans. Deze meertaligheid is niet alleen een cognitieve, sociaal-culturele kracht in Limburg maar zeker ook een economische. De kunst is om die meertaligheid te bevorderen en in te zetten waar dat nodig is (bijvoorbeeld in grensoverschrijdend werkverkeer en toerisme).

Lees verder >>

PhD Candidate “Multilingualism at the work place: the use of Dutch and German in the Meuse-Rhine Euregion” 1.00 fte

Arbeidsvoorwaarden

Standplaats: Minderbroedersberg, Maastricht, Limburg
Dienstverband: Tijdelijk contract / Tijdelijke opdracht
Uren per week: 38 uur
Salarisindicatie: € 2174 – € 2799 per maand
Opleidingsniveau: WO

Research projectITEM is an initiative developed by the interfaculty Maastricht Centre for Citizenship, Migration and Development (MACIMIDE), in cooperation with the province of Limburg and the municipality of Maastricht as part of the “Limburg …

Functieomschrijving

Research project
ITEM is an initiative developed by the interfaculty Maastricht Centre for Citizenship, Migration and Development (MACIMIDE), in cooperation with the province of Limburg and the municipality of Maastricht as part of the “Limburg Knowledge/Axis” cooperation. The aim of this PhD project is to examine good and bad practices in intercultural communication at the multilingual workplace in cross-border mobility between Limburg and North-Rhine Westphalia. In this type of mobility, individuals and groups can choose in their interactions at the workplace between (i) the national language of the other which is German or Dutch, (ii) code-mixing between Dutch and German (iii) English as a lingua franca, (iv) dialect that is spoken throughout this Euregion and (v) a lingua receptive which is a mode of multilingual communication in which speakers employ a language (variety) different from their partner(s) but still are able to understand each other.

The proposed PhD project will observe daily linguistic practices at work places, using classic sociolinguistic and ethnographic methods with audio- and self-recordings and qualitative semi-structured interviews. In addition, the project will explore how the findings can be incorporated in a large-scale quantitative survey conducted by Statistics Netherlands (SN) to assess the impact of (un)successful language interactions on social participation and trust.

Lees verder >>

2016 04 19 Boekpresentatie & debat: “The roots of nationalism” (Amsterdam)

Het nationalisme neemt de laatste jaren in Europa weer sterk toe. Hoe oud zijn nationalistische sentimenten en wanneer zijn nationale identiteiten ontstaan? Nationale identiteiten worden vaak beschouwd als uitvindingen van de moderne tijd, maar er is een groeiende groep ‘traditionalisten’ die stelt dat de wortels van het nationalisme en nationale identiteitsvorming verder terug gaan. In hoeverre liggen culturele continuïteiten aan de basis van moderne uitingen van nationalisme? Hoe ver reikt de arm van de geschiedenis? Is er een algemeen patroon op te stellen dat voor alle Europese landen geldt, of moeten we differentiëren tussen de verschillende landen, zoals IJsland, Nederland, Hongarije, Duitsland, Denemarken, Frankrijk, Rusland en Engeland? Op 19 april vindt in Spui25, Amsterdam, een debat plaats over deze vraagstukken. Drie kenners van de Europese geschiedenis zullen van gedachten wisselen: Joep Leerssen, Judith Pollmann en Yolanda Rodríguez Pérez.

Bij deze gelegenheid wordt de bundel The Roots of Nationalism. National Identity Formation in Early Modern Europe, 1600-1815 (Amsterdam University Press) voorgesteld. Dit boek, dat geredigeerd werd door Lotte Jensen (Radboud Universiteit) gaat over het ontstaan van nationale identiteitsvorming in vroegmodern Europa en bevat bijdragen van onder meer David Bell, Azar Gat en David Hadfield.

Wanneer: 19 april 2016, 17:00u-18:30u
Waar: Spui 25-27, Amsterdam
Aanmelden dient te gebeuren via deze website.

Verschenen Onze Taal 85.2/3

Februari/maart 2016

85ste jaargang nummer 2/3
Veel artikelen zijn los te koop bij eLinea en Myjour.

Meer lezen? Koop het losse nummer of word lid!

Congres ‘Klinkend Nederlands’

Marc van Oostendorp en Michiel de Vaan
Van swootjeeroo apploo tot soet appo
De uitspraak van het Nederlands van 500 tot 2500

De uitspraak van onze taal verandert iedere dag een beetje, maar pas over een afstand van enkele eeuwen begin je de verschillen echt te merken. Hoe klonk het Nederlands in 500 en 1500? En hoe zal het in 2500 klinken?

Henkjan Honing
Voor de muziek uit
Waarom muzikaliteit aan muziek én taal voorafgaat

Hoe het brein van onze verre voorouders eruitzag, is niet meer na te gaan. Toch is er via een omweg misschien iets te zeggen over het ontstaan van taal, en de rol die muziek daarbij speelde.

Lees verder >>

Kom dwalen tussen schrijvers en verhalen

 
Het Letterkundig Museum en Huygens ING presenteren het online Literatuurmuseum.
Verdiep je in mooie en unieke verhalen over de Nederlandse literatuur. Schrijvers, thema’s en gebeurtenissen worden tot leven gebracht aan de hand van literaire schatten.
 
Het Literatuurmuseum is een snel groeiend online museum; er komen regelmatig verhalen bij. Ook verschijnen er wekelijks nieuwe artikelen, waarin schrijvers van nu vertellen over de collectie van het museum.

Lees verder >>

Het poëtische woord van 2016: maar

Door Marc van Oostendorp

Waarover dicht de Nederlander anno 2016? Over tegenstellingen, over het feit dat dingen niet zijn wat ze lijken. Die conclusie kunnen we trekken uit de Turing Gedichtenwedstrijd 2016. Van de gepubliceerde top-100 met gedichten uit die wedstrijd heb ik gisterenmiddag een woordenwolk gemaakt: je ziet hem hiernaast.

Om hem te begrijpen moet je wel weten dat de woorden die in de dagelijkse taal bovenaan staan — de, het, in — weggefilterd zijn. Maar gegeven dat alles blijft maar over als hét dichterlijke woord van 2016.

Maar is het woord van de gebroken verwachtingen. Het lijkt hier wel gezellig, maar onder de tafel ligt een slordig afgebeten wijsvinger. Dat is wel een aardige man, maar hij stemt stiekem op Wilders. Of omgekeerd: de hele stad is in rep en roer maar ik begiet rustig mijn begonia’s.

Wij mensen hebben alleen maar een woord maar omdat de dingen niet zijn op ze lijken. En op die prefilosofische verwondering is een heleboel hedendaagse vaderlandse dichtkunst gebouwd.
Dat geldt ook voor de winnares, ook al schreef die een gedicht waarin op geen enkel moment het woord maar voorkomt. Ook het gedicht van Else Kemps constateert echter aan de hand van een taalverschijnsel dat er iets niet klopt aan de werkelijkheid;

En of het zo door kan gaan

Het verschil tussen wachten en verwachten leerde je
van een kat die twee keer van huis liep en maar één keer terugkwam.

Je denkt aan de zuurstoffles die je opa kunstmatig in coma hield.
Of het zo door kon gaan, vroeg je tante steeds, en op Google Maps

heeft zijn fiets nog drie jaar voor de deur gestaan. Daarna was er
S, de man die zei niet verder te willen en daarom al die tijd gebleven is.

’s Nachts vertel je hem over de keer dat iemand je uitschold
voor ‘hoer’ omdat je stilstond op een zebrapad. Alles wat hij zegt

is dat ‘lopen’ in het Russisch twee werkwoordsvormen heeft,
afhankelijk van of men een bestemming heeft of niet.
Het gedicht richt zich op een verschijnsel dat grammatici aspect noemen. Zoals uit de laatste regels blijkt is het meer iets van de Slavische talen dan van de onze: in die talen beschrijf je aan de vorm van een werkwoord hoever je met een handeling bent. Begin je er net mee? Is het iets dat eindeloos door kan gaan (‘koekjes eten’) of leidt het naar een eindpunt (‘deze appel opeten’).

Het is het verschil tussen wachten en verwachten, tussen op een zebrapad stilstaan of hem oversteken: als je een foto laat zien, kun je het verschil niet zien. Je moet de hele handeling overzien om iets te kunnen zeggen.

Kemps is een een dichter van pas 20 jaar oud, en ik vind dit een knap gedicht. Het valt op een natuurlijke manier in de hedendaagse trend in de dichtkunst: de dingen zijn niet wat ze zijn en dat zien we aan de taal. Maar! Maar Kemps doet dat zonder in modieus gemaar te vervallen. Maar ze geeft er ook een heel zwierige draai aan.

De lucht is guur

Door Marc van Oostendorp

In een van de essays in Hans Groenewegens laatste boek, De lezer van poëzie en mystiek, bespreekt de auteur Hadewijch, Kees Ouwens en Bertolt Brecht. Hebben die dan iets met elkaar te maken? Tja, zegt Groenewegen in de inleiding, “het enige intuïtieve verband dat men schrijvend zichtbaar heeft gemaakt, is dat de drie losse onderdelen onder één titel zijn samengebracht.”

Lees verder >>

Taal is taal

Door Jan Renkema

Deze voorlopig laatste bijdrage in de serie Taal is taal is bedoeld om u te stimuleren voorbeelden te verzamelen. Het gaat om uitdrukkingen die te herleiden zijn tot de formule X = X. Deze zijn als volgt onderverdeeld:

‘X = X’ in vijf categorieën

1 X = X                                   Afspraak is afspraak.

2 (X)-(X)                                Ik doe wat ik doe.

3 X, X  + voorwaarde             Als het af is, is het af.

4 X, X + reden, vergelijking, duur
4a reden                                   Het gaat zo omdat het zo gaat.
4b vergelijking             Het gaat zoals het gaat.
4c duur                                    Het gaat zolang het gaat.

5 X, X  in nevenschikking, met ‘en’ of met ‘of (niet)’
5a X = X en Y = Y                  Werk is werk en vakantie is vakantie.
5b X of X?                              Is het mooi of is het mooi?
5c X of niet X                         Je bent vader of je bent het niet.

Lees verder >>

Worstelen met onbekende woorden in het Groot Dictee

Door Maartje Lindhout

Schrijvende pers, dat was ik. De zaal waarin ik moest wachten nadat ik me had gemeld bij de balie druppelde langzaam vol met allerlei mensen die ik zou moeten kennen van de Nederlandse of Vlaamse televisie. Uit het ruime aanbod drankjes koos ik een glas versgeperste sinaasappelsap en ik ging aan een tafel zitten om nog eens op mijn laptop te kijken wie er ook alweer als BN’ers aanwezig zouden zijn. Een man kwam op me af met het Groene Boekje in z’n hand. “Zo, ben je ook nog aan het voorbereiden?” Ik vertelde dat ik redacteur was van Neder-L en even was ik bang dat ik hem van tv zou moeten kennen. Hij bleek een Volkskrantlezer te zijn, een Amsterdamse spellingfanaat. Gelukkig.

Lees verder >>

Sociaal persoon die…


De Weg-met-dat-woord!-verkiezing van het INL is eigenlijk niks voor mij. Ik erger me aan geen één woord. Wat is er mis met het genomineerde ‘chillen’? Is het woord ‘mensenmens’ echt overbodig omdat iedereen het is? En hoe kun je het woordpaar ‘zeg maar’ nou bannen? Als er íets vaak wordt gezegd. Nee, woorden en uitdrukkingen die mensen zat zijn, horen niet zwart gemaakt te worden. Foutieve woorden en constructies daarentegen…

Een schoone historie van Palmerijn van Olijve: Hoofdstuk 48

Een seer schoone ende ghenoechelicke
historie vanden aldervroomsten ende vermaertsten ridderPalmerijn van Olijve,

sone van den coninck van Macedonien, ende van de schoone Griane,
dochter van Remicius, keyser van Constantinopelen,
de welcke vele wonderlicke avontueren in haren leven ghehadt hebben,
seer ghenoechelick ende playsant om lesen.

Eigenzinnig uit het Frans vertaald door een onbekende renaissancistische Amsterdammer [?]

in de oudste bewaard gebleven druk van Jan Janszen, Arnhem 1613.
Hoofdstuk 48 van de 139
Verantwoording (met naschriften)

Wie is wie in Palmerijn van Olijve?

Alle tot nog toe gepubliceerde hoofdstukken in één pdf:

Etymologie: kwalm

Door Michiel de Vaan

kwalm zn. ‘dikke damp’
Nnl. qualm, quallem (Steendam, 1649), kwalm (1820) ‘vettige rook’, opkwalmen (1806).
Verwanten: Oudfries quelma ‘(in rook) doen stikken’. Nieuwhoogduits Qualm m. ‘walm, damp’ (niet voor de 16e eeuw aangetroffen) is volgens Seebold25 afkomstig uit het Nederduits, maar daarover bestaat onzekerheid.

kwelm zn. ‘kwelwater’
Mnl. quelm m. ‘grond waaruit het grondwater opwelt’ (1402), qualm ‘opwelling, opborreling’ (1477), santqwalm ‘opborreling van zand’ (1477), Nnl. quelm‘grondwater, kwelwater’ (1561), de oirsaeck der opspringing des quelmwaters en welsants(Stevin, 1608), quelmsant ‘kwelzand’ (1624). In moderne dialecten kwelm, kwulm (Vlaanderen, Limburg), kwelp (Oost-Vlaanderen, Zeeland) ‘grondwater, kwelzand’.

Lees verder >>

Bredero’s onbekende: de tragikomedie Stommen Ridder weer op de planken

Amsterdam, 21-10-2015 


Bredero is tegenwoordig vooral bekend als de koning van de kluchten, maar schreef ook tragedies waarmee hij in de Gouden Eeuw vaak meer lof en waardering oogstte dan met het kluchtenrepertoire. Stommen Ridder verscheen kort na de dood van Bredero in 1618 en bleef gedurende de 17e-eeuw één van zijn meest gespeelde stukken. Op 23 januari 2016 neemt Theater Kwast het stuk in de serie Mond op Mond eenmalig op het repertoire. 

Lees verder >>

Etymologie: kukelen

Door Michiel de Vaan

kukelen ww. tuimelen
Nnl. kukelen tuimelen (1897), omkukelen op handen en voeten duikelen; omvallen (1897). Daarnaast bestaat de variant keukelen (1835), dat als tuimelen, duikelen, strompelen in het Gelders, Overijssels en Drents bekend is, en ook goochelen, toveren kan betekenen. Verder Kleverlands en Rijnlands kaukele, kookele, keukele de koprol maken, onhandig lopen te doen.
Ondanks de late datum van overlevering is keukelen de directe voortzetting van Middelnederlands kokelen bedriegen(Noordoostnl., 1434-46, mogelijk uitgesproken als keukelen). Een afleiding is Mnl. kokelaer tovenaar (1399), dat nog in Vlaamse en Brabantse familienamen als Keukelaere voortleeft.De betekenis van het werkwoord is dus van bedrieglijke kunsten maken, goochelen naar toeren uithalen, zich onhandig gedragen, omvallen gegaan.

Lees verder >>

Oude betekenissen in nieuwe Van Dale


Er is een nieuwe Van Dale, en dat zullen we weten. Bij de royale aandacht voor de zojuist verschenen 15e editie van Van Dale gaat het vooral over vernieuwingen. Er zijn nieuwe woorden opgenomen (dodebomenmedia, factchecken) en oude geschrapt (schrijfjeukte, hongerbloempje). En er is veel publiciteit over de onlineversie, waarin gebruikers zelf dingen kunnen toevoegen, de zogenaamde ‘Van Dale Wiki’. Op beide is wel wat aan te merken, zo is bijvoorbeeld hongerbloempje met 2900 hits op Google geschrapt, maar pijpenstrootjemoederkorenmet 648 gehandhaafd. De onlineversie is veel te duur: de gedrukte versie, waar je tien jaar mee doet, is in de eerste aanbieding € 149.- (daarna € 179.- ), 10 jaar de onlineversie kost je 10 x € 75.-

Maar het belangrijkste: je leest weinig over de kerntaak van een woordenboek: de betekenisdefinitie van woorden. In Onze Taal (2015:10, p. 266)  vertelt hoofdredacteur Den Boon, dat ‘ouderwetse betekenisomschrijvingen’ soms zijn aangepakt, met als voorbeeld dat definities waarin het woord inzonderheid voorkwam inmiddels zijn gewijzigd. Voorbeeld absentielijst ‘lijst waarop de absenten (inz. absente leerlingen) aangetekend worden’. Dat is nu geworden ‘lijst waarop de absenten (m.n. absente leerlingen) aangetekend worden’. (Ik kwam inz.overigens in totaal maar 8 keer tegen in Van Dale14). Een hele modernisering.

Lees verder >>

Een kloek Groen Boek


“Een kloek boek! Handzaam en in een mooi formaat” was het verse oordeel van de eerste bezitster van het nieuwe Groene Boekje, minister Jet Bussemaker (zonder tussen-n). Nadat afgelopen dinsdag de nieuwe Dikke Van Dale was verschenen, was het nu de beurt aan het Groene Boekje, heel toepasselijk in de Week van het Nederlands. De aanwezigen in het Spaansche Hof in Den Haag luisterden aandachtig naar de overduidelijk vooraf ingestudeerde woorden.

Tijdens de ontvangst in een zaal met groene gordijnen mochten zij al groene sapjes drinken en groene petitfourtjes proeven. Zelfs de stropdassen van de obers waren groen! In de presentatiezaal was het Groene Boekje in de hand van de minister echter het enige van die kleur en de metallic kaft blonk hierdoor nóg meer. (Want ja, het nieuwe Boekje glimt!)

Lees verder >>

Eén oorlog is alvast voorbij: de spellingsoorlog


Zoals u wellicht weet, woedde er tot voor kort in Nederland een spellingsoorlog. De strijdende partijen hadden hun eigen kleur: de groenen en de witten.

Goed nieuws van het front: de oorlog is voorbij! De groenen hebben gewonnen. Dat wil zeggen: de witten volgen nu de spelling van de groenen, maar als ze het niet met de groenen eens zijn, vermelden ze in hun eigen spellinglijst een alternatief. Hun vlag hebben ze echter gestreken: ze noemen die alternatieven niet langer de Witte spelling.

Lees verder >>

Tentoonstelling ‘Aan tafel! Een boekje open over eetcultuur’

Allerhande boeken en tijdschriften over eten en koken in Museum Meermanno

10 oktober 2015 t/m 31 januari  2016



De Koninklijke Bibliotheek (KB) en Museum Meermanno doen van 10 oktober 2015 t/m 31 januari 2016 een boekje open over eetcultuur in Nederland. In de tentoonstelling ‘Aan Tafel!’ staan receptenboeken voor allerhande huis-middeltjes, achttiende-eeuwse handgeschreven kookschriften en standaardwerken van de huishoudschool tot vooroorlogse reclame-uitgaven, populaire kooktijdschriften en glossy koffietafelboeken centraal. Culinaire kaskrakers zoals De volmaakte Hollandsche keuken-meid (1746) en The naked chef van Jamie Oliver (2000) zullen te zien zijn net als Bakken en braden met Barbie uit 1966 en het legendarische kookboek Koken ‘con amore’ van Sophia Loren. Ook het Oorlogs-kookboek van A. Geurts en Het nieuwe Haagse kookboek van F.M. Stoll en W.H. de Groot zijn te bewonderen.

Lees verder >>

Etymologie: blouwen

Door Michiel de Vaan 

blouwen ww. hennep braken; de armen slaan om warm te worden
Vmnl. blouwen slaan, afranselen (1237) bluwen (126570), teblowen afranselen, straffen, sterk ww. (verl.tijd. 3mv. blowen), Vnnl. blouwen afranselen (1567, Bijns), in Holland ook de armen slaan om warm te worden (1599, Kiliaan). Na 1500 komt het nog maar zelden in teksten voor. In 19e-eeuwse dialecten nog vlas braken en de armen over de borst slaan om warm te worden:  Westvlaams blouwen slaan, verblouwen verslaan, vlas blouwen vlas breken, Noordhollands blouwen de armen slaan om warm te worden.

Lees verder >>