Auteur: Lucas Seuren

Politiek correcte spreekwoorden

Door Lucas Seuren

Als veganist is het leven niet altijd eenvoudig; hoe vaak ik wel niet moet uitleggen dat ook zonder dierlijke producten ik aan mijn eiwitten, B12, en ijzer kom. Het helpt dan ook niet als organisaties als PETA af en toe op bezoek komen en het doen voorkomen alsof we allemaal van lotje getikt zijn. Nu heeft de organisatie blijkbaar ook een taalpolitie in dienst genomen, die voorstelt dat spreekwoorden en gezegden aangepast worden aan deze politiek correctere tijden. Weg dus met de dierenmishandeling, want dat geeft alleen maar het idee dat in onze cultuur het normaal is om dieren uit te buiten. En laten we wel wezen, net zoals racisme fout is, is specieisme ook fout.

Sapir-whorf

Het idee van PETA is dat ons taalgebruik vormt wie we zijn. Als aan kinderen geleerd wordt dat je twee vogels kunt doden met een steen—in Nederland slaan we twee vlliegen met onze handen—dan suggereert dat dat het oké is om dieren te doden. En wie het heeft over cavia’s “guinea pigs—proefkonijnen in het Nederlands—stelt feitelijk dat het acceptabel is om dieren te gebruiken in experimenten. Lees verder >>

Waarom zijn we bang voor telefoongesprekken?

Door Lucas Seuren

De telefoon is niet meer uit het dagelijks leven weg te denken. Toch bellen we steeds minder. Veel taken waarvoor we vroeger zouden bellen regelen we nu online: reserveringen maken in een restaurant, een afspraak maken bij de kapper, een klacht indienen omdat je gloednieuwe pan stuk is, etc. Mensen zouden bang zijn om te bellen, een gevoel dat ik herken. Ik vermijd telefoongesprekken met onbekenden als de pest—mijn ouders en oma bel ik nog altijd met alle liefde. Maar als ik probeer uit te leggen waarom, kan ik eigenlijk geen goede verklaring geven. En als ik kijk naar wat onderzoekers of experts zeggen, dan kan ik niet anders concluderen dat niemand weet wat telefoongesprekken nu zo vervelend maakt. Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (7/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: Wacht met praten als je iets te zeggen hebt. Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (6/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: geef fatsoenlijke antwoorden. Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (5/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: just say ‘hello’. Lees verder >>

Gespreksnormen: van alledag tot debat

Door Lucas Seuren

Eerder schreef ik een kort stukje over de normen van nieuwe media, met name Tinder. De reactie die ik kreeg merkte terecht op dat veel van de gespreksnormen die ik noemde helemaal niet zo duidelijk naar voren komt in politeke debatten in politiek Den Haag: “Van luisteren naar elkaar is geen enkele sprake, meer van het willen overtuigen van het eigen gelijk en dat niet alleen willen hebben, maar willen krijgen.” Mijn leekobservatie is dat dit altijd klopt, en niet alleen in politiek Den Haag; ik herinner me goed hoe Donald Trump in de debatten door Hillary Clinton heen praatte, en tijdens de debatten die ik zag bij de voorlaatste verkiezingen in Groot-Brittanië was het niet beter gesteld. Dit roept natuurlijk de vraag op: wat zijn nu eigenlijk de normen in een gesprek? Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (4/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: dring je mening niet op. Lees verder >>

De normen van nieuwe media

Door Lucas Seuren

Tinder logoDe gesprekken die we elke dag voeren zijn – ook al voelt dat misschien niet zo – goed georganiseerd. We hebben duidelijke normen op basis waarvan we structuur tot stand brengen. Ik luister als jij praat; ik geef antwoord als je mij een vraag stelt; de manieren waarop we problemen oplossen zijn afgesteld op het soort probleem; enzovoorts. Dat die structuur normatief is merk je goed als je van normen afwijkt. Denk maar eens wat er gebeurt als je een collega niet groet in de wandelgangen ’s ochtends: die collega zal gelijk gaan zoeken naar een reden, in plaats van het gewoon te accepteren alsof het de normaalste zaak van de wereld is.

Digitale communicatie maakt dit alles door de technologische beperkingen lastiger. Het idee dat we om de beurt praten is in chat op een volstrekt andere manier van toepassing, omdat je tegelijk aan een berichtje kunt werken. En we moeten weliswaar reageren, maar wie een mailtje leest hoeft niet a la minute een reactie te sturen. WhatsApp maakt dat wat lastiger nu we weten wanneer iemand onze berichtjes leest, maar zonder die kennis heb je veel vrijheid om te bepalen wanneer je reageert. Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (3/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: stel vragen.

Beurtwisseling

In een gesprek heeft veelal iedereen wel wat te vertellen, en dat doen we graag. De reden waarom wordt nog onderzocht, maar duidelijk is dat we het allemaal prettig vinden om over onszelf te vertellen. Wie goed wil overkomen doet er dus slim aan om veel ruimte te creëren voor gesprekspartners om over zichzelf te vertellen. Dat gaat weliswaar in tegen onze drang om zelf te praten, maar je kunt het zien als een langetermijninvestering. Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (2/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: Herhaal wat je verteld wordt.

Aandacht

Een van de kernpunten die in veel gespreksadviezen wordt gegeven is dat je aandacht moet hebben voor je gesprekspartner(s). Maar hoe laat je nu zien dat je aandachtig luistert? Mijn vorige blog ging over oogcontact; door de ander aan te kijken laat je zien dat je beschikbaar bent voor een gesprek, dat je aandacht gericht is op die ander. Maar hoe weet die ander dat je niet gewoon aan het staren bent, dat je daadwerkelijk luistert naar wat hij of zij te zeggen heeft? Dit is waar herhalen van pas zou komen.  Lees verder >>

Houden ‘Conversation superstars’ zich aan gespreksnormen? (1/7)

Door Lucas Seuren

De wereld is vol adviesboeken over hoe je een goed gesprek kunt voeren. Dit is met name handig voor de mensen onder ons die moeite hebben om met vage kennissen of wildvreemden een gesprek te voeren. Maar wat me keer op keer opvalt is dat veel van die adviezen loodrecht staan op de praktijk; daarmee wil ik niet zeggen dat het slechte adviezen zijn—al zitten die er zeker tussen—maar ze zijn niet per se karakteristiek voor een goed gesprek. Het zijn adviezen om aardig gevonden te worden. Ik zal in een korte reeks wekelijkse artikelen zeven adviezen onder de loep nemen, waarbij ik ze vergelijk met de dagelijkse praktijk. Vandaag: Maak oogcontact.

Mens als dier

Oogcontact is een van de meest bijzondere aspecten van menselijke interactie als we kijken naar andere diersoorten. In het dierenrijk kan oogcontact verschillende betekenissen hebben. We denken vaak aan dreiging of dominantie, maar het kan bij verschillende primaten ook gebruikt worden in verzoening en andere vormen van vriendelijke interactie. Duidelijk is in ieder geval dat dieren niet standaard oogcontact hebben als ze interacteren. Lees verder >>

Taalvermogen, taalsysteem, en taalgebruik

Door Lucas Seuren

Aan het begin van mijn promotie ging ik voor een studieverblijf naar York; ik wilde meer leren over klankleer en de rol die het heeft in taalgebruik. Ik werkte daar samen met dr. Traci Walker, een vooraanstaand interactioneel taalkundige, met andere woorden, iemand die bestudeert hoe taalstructuren in taalgebruik worden vormgegeven en betekenis krijgen. Tijdens ons eerste koffiegesprek hadden we het kort over mijn masterscriptie: ze kon er met haar hoofd niet bij hoe ik generatief taalkundig onderzoek en interactioneel taalkundig onderzoek naast elkaar kon doen. De eerste aanpak, gestart door Noam Chomsky in de vorige eeuw, was wat haar betreft onverenigbaar met een interactionele blik op taal. Lees verder >>

We kunnen niet zonder taal

Door Lucas Seuren

Het was deze week weer zo ver: een zelfbenoemd expert legde aan mij en iedereen wie het wilde horen uit dat communicatie zo bijzonder is, omdat het voor 65% non-verbaal is. Eens in de zoveel tijd kom ik die stelling tegen—het cijfer varieert nogal, maar het is altijd meer dan de helft—en elke keer vraag ik me weer af waarom mensen het geloven. Ik ben nog nooit iemand tegengekomen die kan uitleggen waar dat idee vandaan komt, men neemt het dus gewoon aan. En dan denk ik, als je er even bij stil staat en kritisch nadenkt, dan moet toch snel duidelijk zijn dat het totale onzin is? Lees verder >>

Verdwenen zijn de taal- en letterkunde bij NWO

Door Lucas Seuren

Deze week kondigde NWO vol trots de lijst met VENI-toekenningen voor 2018 aan. Ruim €38 miljoen werd verdeeld over 154 talentvolle, jonge onderzoekers. Zij krijgen op die manier drie jaar om hun onderzoeksvoorstel uit te werken en hun plannen te verwezenlijken. Het is een geweldige kans voor wetenschappers aan het begin van hun carrière; drie jaar waarin ze hun tijd voornamelijk of zelfs volledig—afhankelijk van het instituut waar ze werkzaam zijn—mogen besteden aan onderzoek van hun eigen keuze. Het is een luxe die de meeste wetenschappers niet gegeven is, en daarmee een belangrijke drijfkracht van de Nederlandse academie. Maar wie goed naar de lijst keek, en ik zag menig Twitteraar die dat had gedaan, viel een enorme leemte op: slechts één van de 154 toegekende beurzen ging naar een taalkundig of letterkundige studie!

Je eerste reactie als neutraal toeschouwer zou kunnen zijn dat er gewoon geen goede voorstellen waren uit hoek van de taal- en letterkundigen. Dat kan natuurlijk gebeuren. Het aantal voorstellen dat wordt toegekend aan de verscheidene disciplines fluctueert jaarlijks, en kleine disciplines, wat taal- en letterkunde toch zouden zijn gekeken naar de wetenschap in brede zin, kunnen dan gerust een keer buiten de boot vallen. En hoewel ik niet kan aantonen dat dit niet zo is, lijkt het me bijzonder onwaarschijnlijk. Lees verder >>

Zo kom je onder die verkeersboete uit

Door Lucas Seuren

Toen ik nog een ongemotiveerde tweedejaarsstudent was, fietste ik met wat mede-studenten over de Groningse Vismarkt. We waren onderweg naar een feest, het was donker, en ik had geen licht. Op een afstandje zag ik twee agenten te paard, en ik realiseerde me gelijk dat ze mij ook gezien hadden. Ik fietste dus door in de wetenschap dat ik staande gehouden zou gaan worden. En inderdaad, ik werd gestopt en mocht tekst en uitleg geven. Wat ik precies allemaal gezegd heb weet ik niet meer – mijn excuus was, geloof ik, dat mijn lampjes waren gejat eerder die week – maar ik kwam er af met een waarschuwing. De vraag die iedereen op dit soort momenten heeft is, hoe heb ik dit geflikt en wat moet ik doen om voortaan altijd onder boetes uit te komen? Twee onderzoekers uit de VS, Mardi Kidwell en Heidi Kevoe-Feldman, publiceerden recent een artikel waarin ze een antwoord geven. Lees verder >>

Het sikje van Ronaldo

Door Lucas Seuren

Het WK voetbal is in volle gang en dat kan ik natuurlijk niet zomaar negeren. Het ligt voor de hand om te praten over de bijzondere taalconstructies van de commentatoren; mijn favoriete uitspraak komt van de Belgische tv waar Messi tijdens de wedstrijd tegen Kroatië omschreven werd als een treurende tuinkabouter. Maar dat ligt allemaal zo voor de hand. In plaats daarvan wil ik de aandacht richten op een gebaar dat Christiano Ronaldo maakte na zijn doelpunt in de wedstrijd tegen Marokko. Hij wreef toen over zijn onderkin, een plek waar sommige mannen—en voor wie goed kijkt ook Ronaldo—nog wel eens een sikje hebben groeien.

GOAT Lees verder >>

Hoe maak je carrière in de wetenschap?

Door Lucas Seuren

Het is niet iedereen gegeven: een carrière in de wetenschap. Dat merkte ik al voordat ik begon te promoveren. Weliswaar had ik met succes een onderzoeksmaster afgerond, maar het bleek lastig om een universiteit te vinden die mijn interesses wilde financieren. Uiteindelijk was pas mijn vijfde poging succesvol. En daarmee ben ik zeker geen uitzondering. Wie na zijn promotie door wil gaan komt bovendien voor nog grotere hordes te staan; afhankelijk van je discipline is de kans op een baan in de wetenschap 20%. Althans, dat is een cijfer dat regelmatig wordt genoemd. Een studie in Nature vorig jaar liet zien dat in het Verenigd Koninkrijk voor maar 3-4% van de promovendi een academische carrière is weggelegd! Lees verder >>

Een compliment verdient een dankjewel, of niet?

Door Lucas Seuren

Totaal ongerelateerd aan de recent verschenen studie over de frequentie, of beter gezegd infrequentie, waarmee we in het dagelijks leven dankjewel zeggen, publiceerde de Amerikaanse nieuwsblog Slate vorige week een artikel, waarin de auteur bespreekt hoe lastig complimenten zijn. Vrouwen krijgen regelmatig te horen dat ze gewoon moeten leren complimentjes te accepteren, maar stelt ze, verwijzend naar een recente column in de NY Times, ook mannen accepteren complimenten weinig. Ze presenteert dit als een recente ontdekking, en verwijst daarbij naar een website van de University of Minnesota, maar nieuw is deze observatie zeker niet (zoals ook blijkt uit de vele studies op die website). Lees verder >>

Waar is mijn bedankje?

Door Lucas Seuren

Menig krant besteedde er vorige week aandacht aan: Een groep taalkundigen en antropologen van, onder andere, het Max Planck Instituut in Nijmegen had in verschillende culturen onderzocht hoe vaak mensen in alledaagse situaties met vrienden en familie een teken van dankbaarheid geven als een verzoek werd ingewilligd. Hun antwoord: zelden! In het Engels en het Italiaans gaat het nog wel, daar zeggen mensen in respectievelijk 14,5% en 13,5% van de gevallen iets als dank je of super. Maar in talen als het Siwu, gesproken in Ghana, en het Murrinhphata, gesproken in het noorden van Australië, liggen die percentages maar rond de 2-4,5%. In het Cha’palaa in Ecuador zegt men het zelfs helemaal niet. Lees verder >>

Wie mag wanneer praten in een groep?

Door Lucas Seuren

Al onze gesprekken zijn gestructureerd via een systeem van beurtwisseling: (i) we praten om de beurt, (ii) waarbij stiltes tussen beurten kort zijn. Hoe krijgen we dat voor elkaar? In een-op-een gesprekken is dat redelijk simpel. Op elk punt waar een beurt grammaticaal, prosodisch, en pragmatisch mogelijk compleet is, is er ruimte voor beurtoverdracht. Met andere woorden, als een spreker mogelijk klaar is met zijn beurt, wordt de hoorder, en er is er maar één, de nieuwe spreker. (In werkelijkheid gaat het niet altijd zo soepel, maar problemen worden veelal razendsnel opgelost.) Maar hoe moet dat dan in gesprekken waar drie of nog meer mensen aan deelnemen? Plots zijn er meerdere hoorders die potentieel de volgende spreker kunnen en misschien zelfs willen worden. Hoe lossen we het dan op? Lees verder >>

Praten met robots dankzij Google

Door Lucas Seuren

De afgelopen decennia heb ik regelmatig claims gezien dat computers spoedig probleemloos kunnen communiceren met mensen, en dat we het niet eens meer door zullen hebben als we met een AI praten. Maar tot op heden waren dialoogsystemen absoluut niet in staat om de Turingtest te doorstaan; we maken nog altijd eenvoudig onderscheid tussen een menselijke gesprekspartner en een AI. Maar het lijkt er nu op dat Google toch een flinke sprong voorwaarts heeft gemaakt met Duplex.

Wie luistert naar de voorbeeldopnamen die Google heeft gedeeld kan niet anders dan onder de indruk zijn van de effectiviteit waarmee Duplex gesprekken kan voeren en afspraken kan maken. Duplex weet wat hij of zij—ik ga voor sekse maar af op de gebruikte stem—moet zeggen, wanneer hij of zij het moet zeggen, en hoe hij of zij het moet zeggen. Natuurlijk, wie met een kritisch oor luistert merkt dat we nog altijd met een AI te maken hebben, maar Duplex brengt ons op een punt dat die kennis irrelevant is. We kunnen normaal praten met Duplex; we hoeven niet meer moeilijk te doen om ervoor te zorgen dat de computer ons kan verstaan zoals met bijvoorbeeld Siri of Alexa nog vaak het geval is. Lees verder >>

Schrijf vraag en antwoord op

Door Lucas Seuren

Enkele maanden terug betoogde Marc van Oostendorp hier dat leden van de promotiecommissie hun vragen niet langer van te voren zouden mogen opschrijven. Hoewel het bedenken van een goede vraag namelijk lastig is, bevinden de hoogleraren en universitair docenten zich in een bevoorrechte positie ten opzichte van de promovendus: het is immers de promovendus die goed moet overkomen op de commissie (en eventueel het publiek), niet andersom. De zenuwachtige promovendus moet dus improviseren terwijl zijn opponenten weken bedenktijd hebben gehad.

Hoewel het een goed voorstel is met het oog op discussie tijdens de verdediging, was mijn kanttekening indertijd dat een commissielid de vraag natuurlijk gewoon uit zijn of haar hoofd kan leren. Dus een verbod op een opgeschreven vraag lost in die zin weinig op. Maar ik ben het met Marc eens dat de status quo het de promovendus wel erg lastig maakt. Ik zou dus een tegenvoorstel willen doen: geef de promovendus de gelegenheid om vooraf zijn of haar antwoorden al op te schrijven, waarna er kort de ruimte wordt geboden voor reactie over en weer. Lees verder >>

Stilte zegt meer dan genoeg

Door Lucas Seuren

Wie taal bestudeert denkt er vaak niet aan om te kijken naar stilte. In stilte gebeurt immers niks. Het is niet voor niets dat gesprekspartners proberen stiltes te voorkomen—en daar zijn ze bijzonder succesvol in. Maar juist omdat stiltes zo ongewenst zijn, kunnen ze betekenisvol zijn. In de conversatieanalyse weten we al sinds de late jaren 70 dat zelfs een korte stilte van een paar honderd milliseconden een indicatie kan zijn van een probleem, en dat gesprekspartners zich daar terdege van bewust zijn.

Conventionele stiltes

Die betekenis van stiltes is goed te zien in dialoogjes als de volgende. De gemiddelde stilte tussen twee beurten is 200ms Als B niet gelijk antwoord geeft op de vraag of ze kan lopen, vraagt A of dat te moeilijk zou zijn: Lees verder >>

Van George Lakoff naar Bette Midler

Door Lucas Seuren

Onlangs mailde een collega dat hij van een deel van zijn boekenvoorraad af wilde. Aangezien hij decennia aan leesvoer had liggen was dit de ideale gelegenheid om wat klassiekers in de kast te krijgen. In de stapel die hij me toestuurde zat onder andere Metaphors We Live By van George Lakoff en Mark Johson. Ik had het boek nooit eerder gelezen, maar er werd wel uit geciteerd bij een introductievak Taalkunde dat ik al jaren gaf, dus het werd wel eens tijd dat ik me erin ging verdiepen. Dat was een geweldige beslissing: hoewel het boek in 1980 verscheen bevat het een nog altijd fascinerende blik op taalgebruik en betekenis. De relevantie van het boek werd me extra duidelijk toen Spotify voor mij The Rose afspeelde van Bette Midler; het is bijna alsof Lakoff en Johnson het boek geschreven hebben met dat lied in gedachten—beide kwamen nota bene uit in hetzelfde jaar! Lees verder >>

Emoji’s betekenen wat je maar wil

Door Lucas Seuren

Wat betekent de hiernaast afgedrukte emoji? Het lijkt volgens mij op een windvlaag, maar bij emoji’s is wat je ziet niet altijd wat je zou moeten zien. Zo gebruikt een collega de knuffelemoji als een uitdrukking van gelukzaligheid, en de samengedrukte handen worden vaak geïnterpreteerd als een bidemoji, terwijl het dankjewel moet uitdrukken. Ik kwam zelfs een keer een verhaal tegen van een oudere dame die de huilen-van-het-lachenemoji had begrepen als een diep bedroefde emoji, wat geen handige verwarring is als het gaat over een bekende die is overleden.

Wat deze voorbeelden goed laten zien is dat het lastig is om visuele tekens zoals emoji’s goed te begrijpen. Door de gesimplificeerde weergave worden ze toch snel anders geïnterpreteerd dan de makers hadden bedoeld. Meestal levert dat geen problemen op; zolang iedereen de knuffelemoji als een gelukemoji gebruikt, is er geen kans op een misverstand. Maar in andere gevallen, zoals bij de huilen-van-het-lachenemoji kan het funest mis gaan. Lees verder >>