Het zwarte Afrikaans van Namibië emancipeert zich

Schematische weergave waar in de mond zwarte (C), gekleurde (B) en witte (A) sprekers van het Afrikaans in Namibië hun klinkers maken. Afbeelding uit het besproken artikel.,

Door Marc van Oostendorp

Het Afrikaans is geen officiële taal meer in Namibië sinds het land dertig jaar geleden onafhankelijk werd van Zuid-Afrika. Die rol wordt tegenwoordig vervuld door het Engels. Toch speelt de taal nog een belangrijke rol in het dagelijks leven, als een lingua franca. En wat blijkt: langzaam ontwikkelt zich, in ieder geval onder de zwarte bevolking van Namibië, een eigen variëteit van de taal. De witte Namibiërs spreken nog ongeveer zoals de mensen in Zuid-Afrika, maar het zwarte Namibisch Afrikaans gaat langzaam een eigen weg op.

Die conclusie kun je, zij het voorzichtig, trekken uit een artikel van Gerald Stell in het wetenschappelijk tijdschrift International Sociology of Language. Stell onderzocht de manier waarop Namibiërs, zowel met het Afrikaans als moedertaal als leerders van de taal, de klinkers uitspreken. Dat is een kenmerk van iemands taal dat je vrij gemakkelijk kunt afmeten aan het geluidssignaal, dat heel variabel is en dat niet vereist dat de spreker in kwestie bijzonder geletterd is.

Kleurlingen en zwarte Afrikanen – die postapartheidsterminologie wordt in Nambië nog gehanteerd – blijken hun klinkers op sterk op elkaar gelijkende manieren te maken, en anders dan witte sprekers. Nu zou je dat nog kunnen verklaren als dat er twee etnisch bepaalde ‘dialecten’ (etnolecten) van de taal zijn.

Vooral opvallend is echter dat zwarte sprekers die het Afrikaans als vreemde taal leren zich ook richten op die nieuwe variëteit. Het Afrikaans zoals dat in Zuid-Afrika gesproken wordt, heeft voor hen kennelijk geen bijzondere waarde. Omdat de niet-witte Afrikaanstalige gemeenschap redelijk groot is, betekent dit dat mogelijk in Namibië een eigen dialect van de taal aan het ontstaan is.