Groot Dicté der Nederlandsche Taal

Advertentie uit de Opregte Haarlemsche Courant van 3 augustus 1865 [bron: Delpher]

Door Roland de Bonth

Omdat het op 9 november 2020 precies tweehonderd jaar geleden is dat woordenboekmaker Matthias de Vries werd geboren, heeft het Instituut voor de Nederlandsche Taal 2020 uitgeroepen tot Matthias de Vriesjaar. Op 16 september 2020 vindt als een van de activiteiten rond De Vries in de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren in Gent – en via een livestream – het Groot Dicté der Nederlandsche Taal plaats. De tekst is geschreven door Kristien Hemmerechts en zal door de auteur zelf worden voorgelezen. Niet het Groene Boekje maar de regels van de spelling-De Vries en Te Winkel zullen leidend zijn bij dit Dicté. Deelname is gratis, maar inschrijven (voor zowel op locatie als online) is wel verplicht.     

De spelling-De Vries en Te Winkel 

In 1851 besloten Nederland en Vlaanderen samen een wetenschappelijk woordenboek van het Nederlands te maken. Het probleem was dat er op dat moment geen algemeen geldende spelling voor het hele Nederlandse taalgebied bestond. Daarom besloten de taalgeleerden Matthias de Vries en Lammert te Winkel voor dit woordenboek de regels op te stellen voor een spelling die zoveel mogelijk rekening hield met verschillende taalkundige opvattingen én zoveel mogelijk aansloot bij de spelling die taalgebruikers al gewend waren. België stelde deze spelling al in 1863 verplicht voor de overheid en het onderwijs. In Nederland gebruikte het onderwijs de spelling vanaf 1870, de overheid deed dat pas in 1883. De spellingregeling van De Vries & Te Winkel vormt de basis voor onze huidige spelling.  

Spellingoefeningen 

Ter voorbereiding op deelname aan het Dicté – of om uw kennis van de spelling-De Vries en Te Winkel op te frissen – leggen we u 19 spellingkwesties voor. Ze worden alle besproken in de inleiding van de Woordenlijst voor de spelling der Nederlandsche taal (1866), die De Vries en Te Winkel hebben opgesteld als ‘’een practisch hulpmiddel” bij hun regels uit De Grondbeginselen der Nederlandsche Spelling (1863). U moet de spellingregels alleen toepassen voor het in te vullen woord, de rest van de zin staat wel in de huidige spelling. Kunt u foutloos spellen volgens de spelling van De Vries en Te Winkel? De correcte antwoorden en een toelichting daarbij uit de Woordenlijst voor de spelling der Nederlandsche taal (1866) vindt u aan het eind van deze bijdrage.  

Tip: voor De Vries en Te Winkel was de Regel der Beschaafde Uitspraak het belangrijkst: “geef door letterteekens al de bestanddeelen op, die in een woord gehoord worden, wanneer het door beschaafde lieden zuiver uitgesproken wordt; en kies in gevallen, waarin de juiste uitspraak niet voorgesteld kan worden, het naast bijkomende letterteeken.”  

Wat is de juiste spelling volgens De Vries en Te Winkel?  

Vraag 1 van 19 

Tijdens zijn reis naar China zag Matthias drie … met … prachtig kalligraferen. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. Chineezen, penseelen
  2. Chinezen, penseelen 
  3. Chineezen, penselen 
  4. Chinezen, penselen 

Vraag 2 van 19 

In modern Nederlands kun je aan de vorm niet zien of tonen de infinitief van het werkwoord is of het meervoud van het zelfstandig naamwoord toon. Maakten De Vries en Te Winkel dat onderscheid wel? 

  1. ja, tonen was het meervoud van toon en toonen was het werkwoord 
  2. ja, toonen was het meervoud van toon en tonen was het werkwoord 
  3. nee, in beide gevallen schreven zij tonen 
  4. nee, in beide gevallen schreven zij toonen 

Vraag 3 van 19 

Lammert was een groot liefhebber van klassieke … Wat is de juiste schrijfwijze?  

  1. musiek 
  2. musijk 
  3. muziek 
  4. muzijk 

Vraag 4 van 19 

Toen Lammert aan Matthias een aardige anekdote vertelde, moest de laatste erg … Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. lachchen 
  2. lachen 
  3. lagchen 
  4. laggen 

Vraag van 19 

Lammert keek naar een schilderij waarop een boer aan het … was. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. zaaien 
  2. zaaijen 
  3. zaayen 

Vraag 6 van 19 

Omdat de baby net in slaap gevallen was, zei Geertruida tegen Matthias dat hij … moest praten. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. zachtjes 
  2. zachtjens 

Vraag 7 van 19  

In 1863 was Willem III der Nederlanden (1817-1890) vorst van het … der Nederlanden. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. koningrijk 
  2. koninkrijk 

Vraag 8 van 19 

Op de markt kocht Cornelia een pond … voor het avondeten. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. verse vis 
  2. verse visch 
  3. versche vis 
  4. versche visch 

Vraag 9 van 19 

Uit het huwelijk van Matthias de Vries met Geertruida Gockinga worden … drie kinderen geboren. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. noch 
  2. nog 
  3. nogch 

Vraag 10 van 19 

Matthias versierde met zijn kinderen een dennenboom voor … . Wat is de juiste schrijfwijze?   

  1. Kersmis 
  2. Kerstmis 

Vraag 11 van 19 

Lammert en Matthias werkten jaren … aan een nieuwe spelling voor het Nederlands. Wat is de juiste schrijfwijze?  

  1. te samen 
  2. te zamen 

Vraag 12 van 19  

Tijdens zijn vakantie moest Matthias’ zoon Scato Gocko zich laten behandelen voor een … Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. dolle honds beet 
  2. dolle-hondsbeet 
  3. dollehonds-beet 
  4. dollehondsbeet 

Vraag 13 van 19 

Bij het optillen van de … zag Johan Herman een … in het nest liggen. Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. eendenvleugel, eendeëi 
  2. eendenvleugel, eendenei 
  3. eendevleugel, eendeëi 
  4. eendevleugel, eendenei 

Vraag 14 van 19  

Tijdens zijn vakantie bracht Lammert een bezoek aan de … in Lhee.   

  1. dorpschool 
  2. dorpsschool 

Vraag 15 van 19 

Voor zijn verjaardag kreeg Lammert van zijn vrienden prachtige … Wat is de juiste schrijfwijze? 

  1. cadeaus 
  2. cadeaux 
  3. cadeau’s  

Vraag 16 van 19 

Na een congresbezoek in Duitsland bracht Matthias voor Cornelia een zeer bekend reukwater mee. Wat is de juiste schrijfwijze?  

  1. eau de Cologne 
  2. odeklonje  

Vraag 17 van 19  

In de … van de uitgever kwam Matthias een aantal boeken over … tegen die hij graag wilde hebben. Wat is de juiste schrijfwijze?  

  1. catalogus, physica 
  2. catalogus, fysica 
  3. katalogus, fysica 
  4. katalogus, physica 

Vraag 18 van 19  

In Lammerts geboortejaar 1909 viel 13 … op een … Welke schrijfwijze is juist?  

  1. September, zaterdag 
  2. September, Zaterdag 
  3. september, zaterdag 
  4. september, Zaterdag  

Vraag 19 van 19  

Dichters laten soms twee lettergrepen tot één lettergreep versmelten. Hoe moeten zij het woord voeden volgens De Vries en Te Winkel dan spellen?  

  1. voe-n 
  2. voen 
  3. voên 

Antwoorden 

1 Chineezen, penseelen. Toelichting: “Alle achtervoegsels, die òf altijd, òf soms den vollen klemtoon hebben, dus niet alleen –eel en –loos, maar ook –ees, –eesch en –eeren, worden steeds met den dubbelen klinker geschreven.” (nr. 5, blz. xxvi) 

Ja, tonen was het meervoud van toon en toonen was het werkwoord. Toelichting: “Doordien de zachte en scherpe e’s en o’s in het Hollandsche dialect, dat in de schrijftaal den toon geeft, niet meer duidelijk onderscheiden worden, en sommige woorden ook elders niet op overeenstemmende wijze worden uitgesproken, zoo is er ten aanzien van enkele woorden onzekerheid en verwarring ontstaan, waaruit alleen de afleiding uitkomst kan geven.” (nr. 5, blz. xxvi-xxvii)  

muziek. Toelichting: “De ij was oorspronkelijk eene lange i en luidde vroeger algemeen, gelijk nog in sommige gewesten, als ii of ie. Toen zij den ei-klank aannam, had dit ook plaats bij vreemde woorden als bijbel, mijter, pijl, tijger, fabrijkkolijkmuzijk, praktijk enz. Sommige dezer woorden hebben later hun vroegeren i-klank hernomen, ofschoon men desniettemin voortging ze met ij te schrijven. Die spelling is thans verkeerd, nu de uitspraak der ij veranderd is. Daarom vervangen wij in al die worden de ij door ie, en schrijven fabriek, katholiek, muziek.” (nr. 11, blz. xxviii-xxix)  

lachen. Toelichting: “De medeklinkers worden in het midden van een woord verdubbeld, wanneer de voorafgaande klinker kort is en de lettergreep den vollen of halven klemtoon heeft (…). De regelmatigheid zou dus ook eischen, dat de ch werd verdubbeld in lachchenlichchaamechcho enz.” In de schrijftaal hebben De Vries en Te Winkel de variant lachchen nooit aangetroffen. Van de twee wel gebruikte spellingen – lagchen en lachen – vonden zij de schrijfwijze met de enkele ch nog de minst onregelmatige (nr. 17, pp. xxx-xxxi). 

zaaien. Toelichting: “De j, welke de gebruikelijke spelling in woorden als baaijen (…) invoegt, is geheel overtollig, nadeelig voor de uitspraak en strijdig met de regelmaat. Zij is overtollig, omdat de klank, dien zij moet voorstellen, van zelf ontstaat en dus niet behoeft aangeduid te worden. Zij is nadeelig voor de uitspraak omdat zij slechts aanleiding kan geven, dat men den bedoelden klank te sterk uitspreekt (…). Zij strijdt met de analogie, omdat de spelling baaijen (…) om regelmatig te kunnen heeten (…) ook baaij (…) zou eischen.” (nr. 22, pp. xxxi-xxxii). 

zachtjes. Toelichting: “De spelling der verkleinwoorden met eene n (…) is strijdig met de beschaafde uitspraak niet alleen, maar ook met de meeste dialecten. Wij schrijven daarom overeenkomstig de meest algemeene uitspraak (…) zachtjes (…) zonder n.” (nr. 26, blz. xxxii-xxxiii).  

koninkrijk. Toelichting: “Het is (…) strijdig met ons taaleigen, aan eene sluitende g, door eene n voorafgegaan, den klank eener zachte ch te geven, en haar in tangtangendingdingen enz. zóó uit te spreken als in aangaaningetogenongelukkig enz. Daarom vervangen wij ng door nk in al die gevallen, waarin de spelling met ng meer bijzonder tot de verkeerde uitspraak aanleiding kan geven, namelijk in koninkrijkjonkheidlankmoedig” (nr. 28, blz. xxxiv) 

versche visch. Toelichting: hoewel de ch achter de s aan het einde van versch en visch niet meer wordt uitgesproken – “stom geworden is” schrijven De Vries & Te Winkel (nr. 29, blz. xxxiv) – kiezen zij in dit geval toch voor de Regel van het Gebruik: woorden als verschvisch en mensch zijn zo ingeburgerd dat deze de voorkeur genieten boven de varianten versvis en mens die de Regel der Beschaafde Uitspraak voorschrijft. 

nog. Toelichting: ‘’Ten behoeve der duidelijkheid blijven wij, evenals in de gebruikelijke spelling geschiedt, nog (daarenboven, tot nu toe) van noch (ook niet) onderscheiden, ofschoon ook het eerstgenoemde woord volgens de afleiding eene ch behoorde te hebben” (nr. 30, blz. xxxiv) 

10 Kerstmis. Toelichting: “De spelling KersdagKersfeestKersmis enz. maakt die woorden geheel onverstaanbaar. Het ongerijmde van die schrijfwijze komt vooral in kersboom belachelijk uit. De herstelling der van den naam Kerst (Christus) doet den zin der woorden begrijpen, en verhindert althans aan eene verkeerde afleiding te denken.” (nr. 38, p. xxxvi) 

11 te zamen. Toelichting: “Uit de bijwoordelijke uitdrukking te zamen ontstond eerst het bijw. tsamen, en hieruit, door het wegvallen der t, nadat zij de z tot verscherpt had, samen. (…) Te samen zou echter niet te verdedigen zijn, dewijl het niets anders kan beteekenen dan te te zamen, met dubbel voorzetsel.” (nr. 42, p. xxxvi-xxxvii) 

12 dollehondsbeet. Toelichting: “Het koppelteeken wordt … gebezigd in samenstellingen, waarin het eerste lid – hetzij een bijv. nw., hetzij een voornaamwoord, lidwoord of telwoord – alleen betrekking heeft op het eerste gedeelte der volgende samenstelling, en niet op dit woord in zijn geheel” (nr. 50, p. xl) 

13 eendevleugeleendenei. Toelichting: “Wanneer het eerste lid noodwendig een enkelvoud voorstelt, schrijft men het woord zonder n, behalve in die gevallen, waarin deze letter (…) ter vermijding van den hiatus gevorderd wordt. (…) In galgenaaseendenei (…) kan de n, wegens de volgende klinkers (…) niet gemist worden, ofschoon het eerste lid enkelvoudig is.” (nr. 57, blz. xli-xlii) 

14 dorpsschool. Toelichting: “In woorden, wier tweede lid met s of z begint, wordt zij [de verbinding-s] ingelascht, wanneer ook de overige samenstellingen, waarin het eerste lid voorkomt, ontwijfelbaar eene s hebben. Zoo leeren (…) dorpsherbergdorpshuisdorpsleeraar (…) dat men ook eene s heeft te voegen in (…) dorpsschool” (nr. 66, blz. xliii) 

15 cadeau’s. Toelichting: het woord cadeau behoort tot de vreemde woorden, “waaraan niets veranderd is, zoodat zij door ons juist of nagenoeg zóó als in de vreemde taal worden uitgesproken” (nr. 68, blz. xliii). Deze woorden “behouden hunne oorspronkelijke spelling” (nr. 72, blz. xliv), maar in het meervoud worden deze vreemde woorden van de Nederlandse meervouds-s gescheiden door een apostrof (zie ook blz. 60). 

16 eau de Cologne. Toelichting: Hoewel de spelling odeklonje niet in strijd is met de regel van de beschaafde uitspraak, hebben De Vries en Te Winkel toch gekozen voor de spelling eau de Cologne: “Er is voor dergelijke uitzonderingen geene andere reden te bedenken, dan dat de aangevoerde en meer zulke woorden, op Nederl. wijze geschreven, een al te gedrochtelijk voorkomen zouden hebben.” (nr. 85, p. xlvii) 

17 catalogusphysica. Toelichting: de spelling katalogus kan niet worden goedgekeurd, omdat “de Lat. uitgang us in strijd is met de Gr. of Nederl. k. Schrijfwijzen, die twee of drie verschillende spellingen, zonder noodzaak en zonder eenig nut, op de willekeurigste wijze vermengen, kunnen niet ordelijk en regelmatig heeten. Wij behouden daarom niet slechts de Gr. th en y, maar ook de cen ph, waar de Latijnsch-Grieksche spelling die letterteekens meebrengt.” (nr. 86, blz. xlvii) 

18 SeptemberZaterdag. Toelichting: “De namen van maanden en van week- en feestdagen” hebben een hoofdletter (nr. 89, blz. xlix). 

19 voên. Toelichting: omdat “het aanduiden van alle samentrekkingen zeer lastig zou wezen en in de meeste gevallen volstrekt geen nut zou hebben, bezigen wij het samentrekkingsteeken alleen dan, wanneer de ineensmelting van twee lettergrepen, die in den gewonen stijl niet samengetrokken worden, opzettelijk, met bewustheid, plaats heeft ten behoeve van maat, rijm of welluidendheid.” (nr. 90, blz. L).