Gedicht: Louis Couperus • Baders te Lido

Baders te Lido

Op ’t rosse strand, blinkende naakt, bijna
Antiek, in ’t wolkgetemperd zonuitgloeien,
Stevig, vleeschroze, of brons en bruiner, stoeien
De baders bij de ruischende Adria.

Zij late’ in ’t brandend zand zich koper schroeien;
Zij stuive’, in krijgertjen, elkaâr dol na;
Tritonen, duiklen zij in ’t golfvervloeien;
Klassiek van vouw valt blank hun badewâ.

Lichtbrons, gespierd — of blanker, roze en room, —
Leve’ òp in ’t straffer licht statuë-leden
Der Venetiaanse knape’ als in ’t Verleden.

In zóo veel lucht en licht is ’t nauw een droom:
Latijnsch en werklijk scheen dit uur van ’t Heden,
Zoo ginds een boot niet uitliet pluim van stoom….

Louis Couperus (1863-1923)
uit: Nagelaten werk (1975)

Tekening: Hendrik Willem Mesdag


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.