Sonnettenkrans(enkrans)

Door Bas Jongenelen

Ik wilde een dichtbundel hebben van een dominee-dichter, zo eentje met gedichten over God, Oranje en huiselijkheid – van die gedichten waar ik helemaal niet van hou. Eliza Laurillards Bloemen en knoppen uit 1878 leek me wel wat. Kostte slechts € 5,- op boekwinkeltjes.nl. Bovendien was het de 1e druk, dus dat is leuk. 2 dagen later viel het bundeltje in de bus en toen ik het opende zag ik meteen… een sonnettenkrans! Hier het meestersonnet:

Ik was in de veronderstelling dat Jeanne Reyneke van Stuwe de 1e sonnettenkrans geschreven had, gepubliceerd in Impressies in 1898. Niet dus. Voorlopig is Laurillard de 1e. Ik heb een verzoekje aan u: mocht u een sonnettenkrans tegenkomen die ouder is dan die uit 1878, laat het me weten!

Met een sonnettenkrans bedoel ik niet een verzameling sonnetten met min of meer hetzelfde thema. Een sonnettenkrans bestaat uit 14 geschakelde sonnetten en een 1 meestersonnet gemaakt van de 1e of laatste regels van die 14 sonnetten.

Als je nou 14 sonnettenkransen aan elkaar weet te schakelen, dan heb je een sonnettenkransenkrans. Olax is de enige in het Nederlands taalgebied die in zijn 1tje sonnettenkransenkransen schrijft. Eigenlijk is het heel simpel, hoor, zo’n sonnettenkransenkrans. Je hoeft slechts 196 sonnetten te schrijven en die genereren er 15 bij (14 meestersonnetten en 1 grootmeestersonnet), zodat je in totaal op 211 sonnetten komt.

Deze week is de 4e sonnettenkransenkrans van Olax gepubliceerd: Met rasse schreden naar het laatste feest. Dit is het grootmeestersonnet:

Zo is het Nederlands binnen een week een sonnettenkrans en een sonnettenkransenkrans rijker.