Gedicht: Agnita Feis • De gil

Agnita Feis won in 2016 de Coster-verkiezing voor de beste gedichtenbundel van 1915, voor haar bundel Oorlog. Verzen in staccato.

De gil.

Een gil
snerpt rond
van noord
naar zuid,

van pool
tot pool.
’t Is geen
geluid.

Het is
een dolk.
Het is
een zwaard!

Die gil,
die gil!
Die gil
bezwaart

den mensch,
bezwaart
wat leeft.
Het vee

woelt rond;
’t is bang.
Het beest
huilt mee.

De aar-
de dreunt.
De lucht
wordt rood.

Het hart
staat stil.
Het oog
wordt groot.

De ziel
krimpt weg.
De geest
sterft af.

Voor al
wat zacht
was is ‘t
een graf!

’t Geluid
was rood.
Nu wordt
het wit,

als sterk
fel licht.
Zóó erg
is dit,

dat kleur
en klank,
de aard’
ontvlucht

’t Beheerscht
elk zacht,
elk zoet
gerucht.

Wie heeft
nù rust?
Wie is
nu stil?

Wie vindt
geluk
bij zulk
een gil?

Die gil
is wit.
Die gil
is rood.

Die gil
is zwart,
is meer
dan dood!

Die gil
is ijs.
Die gil
is vuur!

Die gil
dringt door,
door huid
en muur.

Die gil
snerpt rond
van noord
naar zuid.

O hoedt
u toch,
voor zóó’n
geluid!


Agnita Feis (1881-1944)
uit: Oorlog: verzen in staccato (1915)


Abonnees van Laurens Jz. Coster ontvangen iedere werkdag een gedicht per mail.