Anekdote: een briefje dat je door ‘begrijpend lezen’ niet kunt ontcijferen

Door Henk Wolf

Goed begrijpend lezen is een belangrijke vaardigheid, daar waren de deelnemers aan de soms verhitte discussie over het eindexamen Nederlands hier op Neerlandistiek het de afgelopen dagen wel over eens. Begrijpend lezen houdt in het voortgezet onderwijs onder meer in dat je de in een tekst staande structuurelementen als alinea’s en verwijswoorden gebruikt om de bedoeling van de schrijver te achterhalen.

Dan moet die schrijver die structuurelementen alleen wel gebruiken op zo’n manier dat de lezer er wat aan heeft. En dat doet lang niet elke schrijver. Een probleem is dat niet per se. Dat zal ik hieronder laten zien.

Van de week zette iemand de hierboven overgenomen foto van een kaartje op Facebook. Dat kaartje was door de postbode in z’n brievenbus achtergelaten. Ik las de tekst erop eerst vluchtig, zoals mensen dat met Facebookberichtjes wel vaker doen, en begreep eruit dat de postbode er pro forma spijt voor betuigde dat ie een poststuk beschadigd had afgegeven. Over de precieze formulering van die spijtbetuiging had ik heen gelezen.

Maar omdat de op-Facebook-plaatser iets taligs in de tekst wilde bespreken (dat hier niet ter zake doet), las ik die nog eens kritisch door en toen viel me op dat ik ‘m door goed begrijpend lezen helemaal niet zinvol kon interpreteren.

Want wat staat er dan in? Het eerste binnentekstuele verwijswoord in de tekst is Dit. Dat woord kan alleen maar verwijzen naar de eerste zin. De tweede zin laat zich dan ook alleen maar lezen in de betekenis: de bezorging van de post is gebeurd bij de verwerking van de post. Dat slaat nergens op.

Het tweede binnentekstuele verwijswoord is dat. Dat woord kan alleen maar verwijzen naar de zin voor en. Het tweede deel van de nevenschikking betekent daardoor bij een precieze lezing dat het team van PostNL het erg vervelend vindt dat de bezorging van de post gebeurd is bij de verwerking van de post. Klinkklare nonsens, natuurlijk!

Misschien is heuristisch lezen ook wel een nuttige vaardigheid in een wereld waarin Tante Pos het te druk heeft om lang op verwijswoorden te broeden. Maar die vaardigheid zit dan weer niet in het eindexamen.