Substandaard in de Tweede Kamer: “Je mot dit en je mot dat”

Door Siemon Reker

Wie dagelijks een overzichtje van het belangrijkste Nederlandse politieke nieuws wil hebben, kan zich abonneren op de nieuwsbrief van NRC Handelsblad die De Haagse Stemming heet: een aanrader. Deze eindigt telkens met een Quote van de Dag, vandaag ontleend aan het coronadebat van gisteren (01.04.2020) waarover verderop meer. Eerst terug naar het vorige debat over hetzelfde onderwerp van 26 maart.

Daarin sprak minister De Jonge (VWS) volgens de ongecorrigeerde Handelingen van “een enorme uitbreiding van de testcapaciteit” die nodig was. Hij had het even verderop over zijn wens dat de Kamer “een beetje zuinig” moest zijn (op haar eigen instrumentarium).

Los van de kwesties waarover het ging, ik hoorde de minister in die twee citaten dialect spreken, substandaard-Nederlands: hij noemde het in mijn herinnering “heule andere testcapaciteit” en wenste “zunig an” te doen. Ik heb mijn eigen gelijk niet via Debatgemist gecontroleerd.

De Quote van de Dag in de nieuwsbrief van de NRC betreft dus een aanhaling uit de mond van premier Rutte, gebaseerd op het verslag van Barbara Rijlaarsdam en Pim van den Dool: “We organiseren het als samenleving met elkaar zonder dat we betuttelend tegen iedereen hoeven te zeggen: ‘Je mot dit en je mot dat.’” Substandaard! Hugo de Jonge spreekt soms bewust ‘niet aan de normen van de standaardtaal beantwoordend’ (zoals Van Dale het omschrijft), ook de premier zegt wel eens iets dat geen ABN is en toch Nederlands genoemd kan worden, laten we zeggen volkstaal. Die uitlating van de premier had ik gisteren gemist en ik controleerde vervolgens mijn eigen ongelijk.

Ongecorrigeerde Handelingen

Volgens het Verslag zei de minister-president: “We organiseren het als samenleving met elkaar zonder dat we betuttelend tegen iedereen hoeven te zeggen: dit is exact wat je moet doen.” Zoals het bij de Handelingen gaat, er wordt niet letterlijk genotuleerd maar wel vlakbij wat er gezegd is. Deze keer hebben de stenografen naar wat ik op Debatgemist hoor gelijk aan hun zijde: ik hoor niet dat de premier hier het werkwoord motten gebruikt. Hij had dat héel goed zo kunnen zeggen, absoluhuut! Hij zei het niet – voorzover ik kan nagaan. Kennen de verslaggevers van de NRC de premier misschien té goed toen zij het volgende schreven?

Verslag NRC Handelsblad

Ik hoop dat de Dienst Verslag en Redactie die bewust-dialectische taal in de Handelingen accepteert. “Je mot dit en je mot dat” klinkt als zodanig al betuttelend en de gekozen variant onderstreept dat: het ging er in dit blog vaker over, niet alleen bij Teugen en bij een woordenlijstje met taal van premier Rutte. Zeker voor iemand met wortels in het Zeeuwse Bruinisse zoals Hugo de Jonge heeft zunig een toegevoegde waarde en dat zal met heule voor ‘hele’ niet anders zijn.

P.S. Snelle (re)actie Barbara Rijlaarsdam via Twitter:

Dit stuk verscheen eerder op het blog van Siemon Reker