Is vaagtaal altijd Engels?

Door Marten van der Meulen

Twitterlegende Mark Traa (o.a. bekend van de schitterende oude liefdesadvertenties) deelde een tijdje geleden een deel van een advertentie op Twitter.

Veel mensen zullen deze advertentie als een gedrocht ervaren (ik ben daar zeker één van): wat staat hier in hemelsnaam? Vaagtaal in optima forma. Natuurlijk kwam ook snel de reactie die je wist dat ging komen:

Inmiddels schreef zelfs Japke-d. Bouma erover. De relatie tussen vaagtaal in het bedrijfsleven en Engels wordt vaak gelegd. Maar is die terecht? Deze advertentie biedt een inkijkje. Geen antwoord, wel een voorbeeld.

Tellen

Ik gaf vorig blok onderwijs aan de tweedejaars Nederlands in Nijmegen. In het methodevak corpustaalkunde (waar ik al eerder over schreef) leren studenten omgaan met grote hoeveelheden tekst. Ongeveer het eerste wat ze leren, is dat je de woorden in een tekst op twee niveaus kunt tellen: je kunt kijken hoeveel verschillende woorden er zijn (types) en je kunt tellen hoeveel woorden er überhaupt voorkomen in de tekst (tokens). In het geval van deze advertentie zien we het volgende:

tokens – 56
types – 41

Laten we nu eens kijken hoeveel daarvan Engels is. Ik zou zeggen: owner, employee, journey, people, employee, experience, employee, journey, onboarding en HR. Tien tokens, waarbij customer journey en employee experience natuurlijk één begrip zijn en optimaliseren nog een twijfelgeval is (misschien Engels, misschien Frans). Hoe dan ook is in dit tekstje 18% van de tokens Engels, en 17% van de types (want sommige tokens komen meerdere keren voor). Flink veel, maar meer dan 80% van de woorden is zowel op type- als op tokenniveau géén Engels. Wat dat betreft is het glas, vanuit Nederlands gezien, niet eens halfvol: het is voor viervijfde vol. Zeggen dat deze advertentie ‘in het Engels’ is, lijkt me dus nogal overdreven. Toch is het een flink aandeel.

Alternatief

Het is bovendien de moeite waard eens verder in te zoomen op deze advertentie. Hoeveel is nou echt vaagtaal, en hoeveel is potentieel onnodig Engels? In die laatste categorie valt volgens mij sowieso het woord employee. Ik zit niet zo in deze scene, maar ik kan geen verschil bedenken tussen employee en werknemer, althans inhoudelijk. Hiermee verschilt dit woord van bijvoorbeeld awkward, dat een andere distributie heeft dan de vergelijkbare woorden gênant en ongemakkelijk. Niet alles wat gênant is, is awkward, maar volgens mij is iedere employee een werknemer. Employee is dus misschien inhoudelijk onnodig, maar heeft wel een sociale functie (we schreven er vorige week over)

Hetzelfde geldt volgens mij voor experience (ervaring), HR (personeelszaken) en people (mensen). Vooral dat laatste woord is gek, want is niet iedereen bij HR een people medewerker? E.e.a. wordt duidelijk wanneer we de originele vacature erbij pakken (hier). De vacature is voor People Coördinator (opvallend mét trema, dus niet op z’n Engels). Je hebt dus mensmedewerkers en mensbazen. Als dat geen vaagtaal is…

Zo houden we nog journey en onboarding over. Dat eerste begrip, als eigenaar van decustomer journey, is een van de meestgebruiktevoorbeelden van clichématige managerstaal. Dat andere woord kende ik niet eens, maar het gaat blijkbaar om het snel integreren van een nieuwe werknemer. Een alternatief is organisatorische socialisatie, maar ik begrijp dan wel waarom onboarding wordt gebruikt: ik associeer socialisatie vooral met het zindelijk maken van katten. Je kunt de term onboarding dus lelijk vinden, ik begrijp in ieder geval deels dat dit woord gebruikt wordt en niet een ander woord of begrip.

Nederlands (of Frans?)

Is er ook Nederlandse vaagtaal in deze advertentie? Jazeker, maar op een ander niveau. De Engelse bijdrage gaat vooral om begrippen, om woorden. De Nederlandse vaagheid zit ‘m voor mij vooral in de frasen. Drie daarvan zijn voor mij onduidelijk:

  • je zorgt voor een experience (ervaring)
  • je waarborgt en optimaliseert alle fases
  • je tilt projecten vanuit een HR oogpunt naar een hoger niveau

Zelfs als je namelijk de Engelse woorden zou aanpassen, dan nog blijft het voor mij vrij wollig. Het is moeilijker dit soort frasen te kwantificeren, en misschien vallen ze daardoor minder op. Maar opnieuw: ook Nederlands kent zijn vaagtaal. En het is op z’n minst grappig om te zien dat daar dan weer Frans in voorkomt (in ieder geval fase en niveau, maar ook bv cultuur). Dat vergeten mensen vaak, al dat Frans.

Alles tellen

Nu is dit natuurlijk maar één advertentie. Of het representatief is voor het geheel is ernstig de vraag. Maar gek genoeg kijkt bijna niemand naar dat geheel. Er is de leenwoordentelling van Nicoline van der Sijs uit 2012 (zie hier): die liet (opnieuw in een klein sample) zien dat in krantentaal 1,5% van de tokens Engels is. Dat is potentieel heel interessant: de intuïtie dat advertenties zoals bovenstaand dus ook verhoudingsgewijs enorm veel Engels bevatten wordt bevestigd. Maar het laat ook zien dat er dus niet overal zoveel Engels voorkomt.

Maar hier blijft het bij (totdat ons artikel over Engels in krantentaal is geaccepteerd, ik hou julli op de hoogte). Er is wel wat onderzoek dat bestudeert hoe dit Engels (en andere talen) wordt ervaren, maar niemand kijkt hoeveel er nou echt wordt gebruikt. Je ziet dit probleem heel breed: veel mensen ervaren of framen Engels als een bedreiging (de anti-Engels lobby voorop), maar bijna niemand neemt de moeite eens te tellen hoe vaak deze woorden voorkomen, en hoe ze zich verhouden tot het geheel aan tekst in advertenties. Terwijl dat toch de meest wetenschappelijke methode is. Dat weten zelfs mijn tweedejaars studenten inmiddels.

Dit stuk verscheen eerder op De taalpassie van Milfje Meulskens