Twee soorten baie in het Afrikaans

Door Marc van Oostendorp

In het Nederlands heb je twee verschillende woorden om een verhoogde graad uit te drukken. Bij bijvoeglijk naamwoorden gebruik je erg of heel (‘hij is erg leuk’, ‘hij is heel leuk’), bij werkwoorden die activiteiten uitdrukken die meer of minder intensief zijn, alleen erg (‘het regent erg’, maar niet ‘het regent heel’), bij werkwoorden die een activiteit uitdrukken die zich kan herhalen gebruik je ‘veel’ (‘het regent veel’), en zo ook bij vergrotende trappen (‘hij is veel groter dan ik’ en niet ‘hij is erg groter dan ik’ of ‘hij is heel groter dan ik’) en zelfstandig naamwoorden (‘hij heeft veel boeken’ en niet ‘hij heeft erg boeken’).

Het Frans deelt de wereld net een beetje anders op. Je gebruikt très bij bijvoeglijk naamwoorden (‘il est très sympa’) maar in alle andere gevallen beaucoup (il pleut beaucoup, il est beaucoup plus grand que moi’, ‘beaucoup de livres’).

Vergeleken met dit alles lijkt het Afrikaans een toonbeeld van eenvoud. Je zegt in alle genoemde gevallen baie:

  • Jan is baie snaaks. (Jan is erg grappig)
  • Ek waardeer hom baie. (Ik waardeer hem erg)
  • Sy reis baie. (Zij reist veel)
  • Gys is baie slimmer as Piet. (Gijs is veel slimmer dan Piet)
  • Ek het baie Afrikaanse vriende. (Ik heb veel Afrikaanse vrienden.)

Het betekent dat in het Afrikaans de zin hy is baie siek, twee dingen kan betekenen: hij is erg ziek (zijn ziekte is heel intens) of hij is veel ziek (zijn ziekte komt regelmatig voor).

In een recent op internet geplaatst artikel laten een aantal onderzoekers uit Zuid-Afrika, Nederland en Amerika zien dat je de twee soorten baie (erg-baie en veel-baie) toch duidelijk van elkaar kunt onderscheiden, omdat ze grammaticaal net anders zijn.

Zo kan de zin ‘sy is baie siek op Dinsdae’ dus twee betekenissen hebben (ze is op dinsdagen heel ziek of ze is op dinsdagen vaak ziek). Maar als je iets aan de woordvolgorde verandert, dringt de tweede betekenis zich op

  • Sy is baie siek op Dinsdae. (2 betekenissen)
  • Sy is baie op Dinsdae siek. (alleen: ze is vaak ziek op dinsdagen)

Een ander voorbeeld:

  • Ek moet baie vleis eet.

Ook deze zin heeft weer twee betekenissen (net als ‘ik moet veel vlees eten’ in het Nederlands): ik moet vaak vlees eten, of ik moet grote hoeveelheden vlees eten. Ook die dubbelzinnigheid verdwijnt weer in bepaalde constructies:

  • Vleis moet ek baie eet.

Deze zin kan alleen betekenen dat ik vaak vlees moet eten. (Ook die test kun je in het Nederlands herhalen: in de zin ‘vlees moet ik veel eten’, kan veel ook alleen maar betekenen ‘vaak’ en niet ‘in grote hoeveelheden’.)

Het is dus net alsof het Afrikaans net als het Nederlands en het Frans verschillende woorden heeft voor erg, veel en vaak, woorden die zich in de grammatica anders gedragen, maar die toevallig allemaal hetzelfde klinken: als baie.