Uit mijn hoofd: Tomas Lieske, De kindertijd van Robespierre

Door Marc van Oostendorp

Wie is er aan het woord in de bundel Keto Stiefcommando van Tomas Lieske? In de meeste gedichten zijn dat minstens drie verschillende stemmen tegelijk. De bundel is namelijk een verhaal over een groep vuilnismannen, meest van Afrikaanse afkomst, in de Parijse buurt die besluiten een aantal dode (of verzonnen) helden uit de westerse cultuur te adopteren en gedichten te schrijven over de kindertijd van die helden.

Omdat in die gedichten de held – in dit gedicht Robespierre – in de ik-vorm aan het woord is, klinkt de stem van, in dit geval, Robespierre. Omdat het gedicht geschreven heet te zijn door een Parijse vuilnismannen, klinkt de stem van die vuilnismannen. Omdat er op de omslag van de bundel Tomas Lieske staat, klinkt ook de stem van Tomas Lieske. En dat allemaal tegelijkertijd.

Kun je nagaan wat er gebeurt als nog weer iemand anders zo’n gedicht voordraagt. En het dan door een stuk software haalt die die voordracht automatisch omzet van een rap: komen er ineens nog twee lagen bij. (Waardoor het geheel misschien af en toe onbegrijpelijk of minstens onvertaalbaar wordt, maar dat hoort erbij.)

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in audio, column met de tags , , . Bookmark de permalink.

1 Response to Uit mijn hoofd: Tomas Lieske, De kindertijd van Robespierre

  1. Marcel Meijer Hof schreef:

    Mijn dag is goed: Het is decennia geleden dat ik iemand bij vol verstand ‹ afkomst › in de zin van afstamming zie schrijven, in plaats van die eeuwige flauwiteit. Pfoe, wat een opluchting !

Laat een reactie achter