Gedicht: Paul Hermans • twee gedichten

Coïncidentie

Over de vensterbank trippelde
de schaduw van een merel.
En de merel vloog naar zich toe
en nam plaats in zijn schaduw en
trippelde over de vensterbank en
floot als een fluitende schaduw.

uit: Dierzien (2017)

*

Een man met onderstreepte
gevoelens was je. Een stevige
man met een breekbare stem.

Op je tafel lag altijd iets kleins
wat je die dag had aangebracht.

Meestal wel onroerend, zoals
glinsteringen in de regen of lapjes
bewegende, meeuwgrijze lucht.

De laatste keer echter ook pijnlijk
dode vuurvliegjes en het werven van
een doffer om een veel te rappe duif.

 

Paul Hermans  (1953)
uit: Oud licht (2014)

———————————–