nederland waarom kijk je zo sip

De Dichter des Vaderlands (1)

Door Marc van Oostendorp

Met Tsead Bruinja heeft Nederland geloof ik de eerste Dichter des Vaderlands voor wie het internet al lang een echt belangrijk medium is.

Ik heb hem nooit ontmoet maar ik volgde hem al op Twitter toen Twitter nog helemaal niet bestond. Hij heeft verschillende bundels op het net gepubliceerd. Hij voerde tien jaar geleden al via allerlei websites campagne om het ambt te bereiken; op zijn eigen site publiceerde hij toen een ambitieus programma met op nummer 1: een dagelijks blog. Dat ga ik hier honoreren: niet dagelijks, maar net zo vaak als Bruinja als Dichter gedichten plaatst zal ik commentaar geven op die gedichten.

Zijn eerste gedicht als Dichter des vaderlands, voor volk en moederland, is een programma, en een oorlogsverklaring. Geen eerdere Dichter (ik weet dat die lui DiDeVa of DdV worden genoemd, maar ik noem ze Dichter) is ooit begonnen met zo’n duidelijke positiebepaling:

nederland waarom kijk je zo sip
als ik je achterlijke zelfbeeld niet omarm
niemand wil een misogyne homofobe racist genoemd worden
waarom wil jij dat dan zo graag zijn?

Hier is een dichter aan het woord die op geen enkele manier zijn best doet om aardig gevonden te worden. Niet naar inhoud, want als je begint je publiek als misogyne homofobe racisten aan te spreken, telt dat niet onmiddellijk als een captatio benevolentiae.

Ook naar de vorm streeft Bruinja niet onmiddellijk naar knuffeldichterschap, want ‘voor volk en moederland’ doet geloof ik niet zijn best om zo snel mogelijk uitgehakt te worden uit marmer.

De geciteerde strofe is daar kenmerkend voor. Waar de bekende politicus Erik Jurgens over een gedicht van de vorige Dichter, Ester Naomi Perquin, al in de war raakte (‘Zoals zo vaak, tegenwoordig, vraag ik mij af waarom deze tekst ‘gedicht’ mag heten.’), daar gooit Bruinja er nog een schepje bovenop. Niks geen dichterlijk taalgebruik, niks wat maar zweemt naar binnenrijm. Dat het een gedicht is, zie je bij wijze van spreken alleen door de regelafbrekingen, door het gebrek aan hoofdletters en interpunctie. Verder zijn het twee tamelijk prozaïsche zinnen, in deze strofe.

Nu zijn andere strofen in het gedicht wel iets poëtischer van taal, bijvoorbeeld doordat ze alliteratie gebruiken. Maar ook daar heb je het idee dat het allemaal niet bedoeld is om de lezer een fijn esthetisch gevoel te geven:

nederland je gaf ons en de wereld waterwerken
baggeraars bruggen en bordeeleigenaren die bonnetjes schrijven
waarop ze hun onderneming een brasserie noemen
je bent mijn brea bûter en griene tsiis
my favourite slippery motherfucker ben je
en dat pakken ze ons nooit meer af

Bruinja schrijft een liefdesverklaring waarbij hij meteen op de tenen van zijn lief gaat staan, bijvoorbeeld door in dit gedicht achteloos Engels te gebruiken (naast vier woorden Fries), of een onmiskenbaar cliché als ‘dat pakken ze ons nooit meer af’.

De nieuwe Dichter roept op om de grenzen te openen voor vluchtelingen. Hij pleit tegen gepolder en tegen kapitalisme. Hij pleit voor geslachtsverandering. De nieuwe Dichter spreidt een gebrek aan angst tentoon om te worden uitgemaakt voor linkse elite, of voor deugmens.

het mes erin                 we gaan ruimte maken

Dat belooft nog wat voor de komende jaren. Gaat het genderconservatieve vaderland pikken dat de dichter het ‘op de operatietafel’ tot moederland wil maken? Ik hoop dat een journalist Bruinja een keer naar zijn ambities van tien jaar geleden gaat vragen, maar ben in ieder geval van plan dat de komende twee jaar hier te volgen en ieder gedicht van commentaar te voorzien.