Beatrijs’ minnaar was geen losbol

Door Marc van Oostendorp

“Wat een diepgang,” schrijft de Brusselse mediëvist Jozef Janssens over Beatrijs in zijn nieuwe boek Vreemd vertrouwd, “wat een schoonheid”.

Met die woorden karakteriseert Janssens zijn houding tegenover de middelnederlandse literatuur in het algemeen, geloof ik. Hij ziet haar als een kunstvorm, die subtiel is, en waarvan je kunt genieten.

Tegelijkertijd wil hij in Vreemd vertrouwd, dat hij zo te zien schreef bij zijn emeritaat, vooral iets anders laten zien. De ondertitel van het boek is ‘de middeleeuwse mens en zijn ideeënwereld’, en die ideeënwereld is ons volgens Janssens tegelijkertijd vreemd en vertrouwd. Dat vreemde en vertrouwde worden duidelijk gemaakt in een afbeelding op de voorkant: een tekening van een naakte vrouw die een penis berijdt als was het een paard. Die afbeelding is ons vreemd – wie had gedacht dat de preutse middeleeuwen zoiets schokkends konden voortbrengen – en tegelijkertijd zijn alle afgebeelde onderdelen natuurlijk iedereen die weleens verder kijkt op internet dan op Neerlandistiek, vertrouwd.

Reconstructies

Feitelijk gaan slechts twee van de zes hoofdstukken in Vreemd vertrouwd over het vreemde en het vertrouwde van die ideeënwereld. Dan laat Janssens bijvoorbeeld zien wat een wonderlijke kleurencode middeleeuwers er vanuit ons oogpunt op na hielden (geel beduidde de onbetrouwbaarheid van het aards bestaan, als bleke benadering van het goud), of hoe modern men eigenlijk was in de scepsis over de houdbaarheid van hoofse idealen – was niet iedereen uiteindelijk geneigd tot corruptie en aardse geneugten?

De andere hoofdstukken geven een veel breder beeld van Janssens vak. Vreemd vertrouwd lijkt daarmee meer op een proeve van inhoudelijke memoires, waarin de auteur terugblikt op de ontwikkelingen die de studie van de middelnederlandse literatuur de afgelopen decennia heeft doorgemaakt, alsmede van de manier waarop niet-wetenschappers in Vlaanderen die middeleeuwen zijn gaan beleven, bijvoorbeeld door in nauwkeurige reconstructies het leven uit die tijd na te spelen.

Franstalig

Het nadeel van dit alles is wel dat van de lezer een even diverse belangstelling wordt verwacht als de auteur kennelijk heeft: én de recente geschiedenis van zijn vak én de hedendaagse volkscultuur én de betekenis van kleuren in de middeleeuwen. Daar komt bij dat de schrijver ons soms wel erg nadrukkelijk toespreekt vanachter zijn leestafel. Af en toe wordt de argeloze lezer vertrouwd gemaakt met allerlei vakdiscussies waar hij in zijn argeloosheid geen deel aan heeft en misschien ook niet zo veel mee kan.

Het mooist vind ik de twee hoofdstukken die gaan over het lezen van middelnederlandse literatuur. Janssens ontpopt zich als een nogal eigenzinnige lezer die dus diepgang en schoonheid zoekt. Middelnederlandse teksten zijn volgens hem niet zozeer charmante vertellingen uit naïeve tijden, maar hun schrijvers wisten wat ze deden, speelden subtiel met vertelperspectief – in Karel ende Elegast doet Karel heel stoer over zijn inbrekerstechniek, maar hij maakt daarbij een paar domme fouten zodat de lezer volgens Janssens wel beter wist – of met verwijzingen naar andere literatuur – Vanden Vos Reynaerde werd waarschijnlijk gelezen door een publiek dat ook bekend was met bepaalde verhalen uit de Franstalige literatuur over de vos.

Welkom

Ik neem aan dat deze techniek niet oncontroversieel is. Janssens wijst er zelf op dat een bezwaar tegen deze methode is dat de meeste lezers luisteraars waren die ondertussen bijvoorbeeld aan het eten waren en het de vraag is of ze dan de tijd hadden voor allerlei subtiele verwijzingen. Anderzijds, denk ik dan, zijn er nu allerlei tv-series die ook allerlei subtiliteiten bevatten en die nauwelijks geconcentreerder gevolgd zullen worden.

Ik had kortom graag een heel boek over willen lezen over deze manier van lezen! Al is het maar om te zien wat de grenzen er precies van zijn. Een gids in het lezen van middelnederlandse literatuur voor mensen die de middelbare school verlaten hebben! Wat zou dat welkom zijn.

Hooglied

In het allerlaatste hoofdstuk past Janssens die techniek toe op Beatrijs. Hij laat dan zien dat de minnaar die Beatrijs verleidt uit het klooster te treden en met hem een gezin te beginnen, niet zo’n losbol is als er vaak van hem wordt gemaakt, maar dat hij Beatrijs heel schroomvallig en galant benadert, met duidelijke kennis van de hoofse codes en mogelijk een verwijzing naar het Hooglied. Uiteindelijk komt er van al die hoofse idealen natuurlijk niets terecht.

Hoe houdbaar die interpretatie is, moeten de collega’s van Janssens maar uitmaken, maar mij als eenvoudige lezer van de middelnederlandse literatuur geeft dat toch weer een nieuw venstertje op zo’n middelbareschooltekst: je ziet er, inderdaad, de diepgang en de schoonheid, van in.

Jozef Janssens.Vreemd vertrouwd. De middeleeuwse mens en zijn ideeënwereld. Amsterdam: AUP, 2018. Bestelinformatie bij de uitgever.

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in column, recensies met de tags , . Bookmark de permalink.

6 reacties op Beatrijs’ minnaar was geen losbol

  1. Deze boekbespreking van Marc van Oostendorp heeft mij wel bevallen. Hij geeft een kritische maar toch originele kijk op de nieuwe boekpublicatie. Hoeveel belangstelling er evenwel nog bestaat voor de lectuur van de Beatrijs na de middelbare schooltijd valt niet zo goed in te schatten, maar ik vermoed dat die belangstelling op een laag pitje brandt.

  2. Dank voor deze boektip! Vreemd is de hoge prijs: € 39,99. Uitgever AUP vond veertig euro terecht iets te veel van het goede en haalde daar 1 cent af. Maar ook dat blijft voor velen een verbiedende prijs. Alleen een aantal bibliotheken zullen het kopen.

    Ik citeer uit de website van AUP: ‘Amsterdam University Press (AUP) is een uitgeverij gespecialiseerd in toonaangevende non-fictie voor algemeen geïnteresseerde lezers en voor wetenschappers. (…) Met wat zij uitgeeft beoogt de uitgeverij het maatschappelijk debat te stimuleren. (…) Doel is wetenschappelijke inzichten adequaat en snel te verspreiden, zowel voor de algemene markt als voor de academische.’

    Je verspreidt de wetenschappelijke inzichten sneller en adequater wanneer zo’n boek bijvoorbeeld € 14,99 zou kosten. Daarvoor zou ik het direct bestellen en met de verworven inzichten meedoen aan het maatschappelijk debat.

    • Jan Uyttendaele schreef:

      Ik begrijp deze reactie niet. Het boek is prachtig uitgegeven (met harde kaft) en schitterend geïllustreerd. Het is zijn prijs helemaal waard.

      • “Het is zijn prijs helemaal waard.”
        De recensie hierboven suggereert dat het nogal specialistisch van aard is, vandaar dat ik eraan twijfel of een groot publiek die prijs wil neerleggen; er zijn zoveel andere boeken te koop voor die algemeen geïnteresseerde lezer.

  3. Jan Uyttendaele schreef:

    Ik hou van deze genuanceerde visie op de hoofse minnaar van Beatrijs, maar zijn hoofse gedrag en zijn kennis van de hoofse code maken hem daarom nog niet tot een positieve figuur. De boodschap van de dichter is duidelijk. Hij ontmaskert de hoofse levenshouding, het ideaal bij uitstek in die tijd, en wijst het radicaal af. Hij waarschuwt voor de schijnwereld van luxe en vergankelijke liefde, en vooral voor hoofse minnaars, voor mooi ogende en mooi pratende jongens, die gul zijn met cadeaus en eeuwige beloften. Precies die boodschap maakt het verhaal voor jongeren bijzonder actueel.

  4. Anton schreef:

    Een aspect dat bij mijn weten aan de aandacht ontsnapte is het karakter van de schuld van 14 jaar in zondeval leven door Beatrijs, die al twee kinderen had. Als al haar erotische werkzaamheden zonder gevolgen zijn gebleven dan is de opgebouwde schuld niet bijzonder te noemen. De hulp en vergeving die Maria gaf horen zo slechts thuis in een wondermirakel-tje.

    Maar vermoedelijk speelt er meer. In de Middeleeuwse schilderijen van de Annunciatie en de Adoratie (met de koningen) staan talloos veel symbolen die verwijzen naar De Grote Zonde In De Wereld: de vruchtafdrijving. Jezus nam die schulden bij zijn geboorte (!) natuurlijk op zich, maar een middeleeuwer kon zich waarschijnlijk goed voorstellen dat Maria veel later van bovenaf ook nog een oogje in het zeil hield. Beatrijs kon bij haar klanten nooit aankomen met de vraag “Wij krijgen een kindje, wat nu ?”.

    Maria heeft Beatrijs in naam van Jezus al die tijd ook beschermd tegen het zwanger worden.

    Zij heeft hiermee een oude schuld aan Haarzelf kunnen delgen.

Reacties zijn gesloten.