woord?woord (4/6)

Nultaal (11)

Door Jan Renkema

Zonder nul is er geen wiskunde. Zonder niets is er geen communicatie. Want niets in taal is niet niets, maar iets. In deze serie een verkenning van onder meer: de stilte, de spatie, de betekenis van de punt, wat er gebeurt tussen ‘navel’ en ‘truitje’, het inhoudsloze gesprek, ‘Dat hebt u mij niet horen zeggen,‘E 621’ op een verpakking en verbale reddingsvlotten. Niets?zeggend, nee: Iets!zeggend.

In deze miniserie binnen Nultaal gaat het over het niets tussen woorden in een speciaal soort samenstelling. Zie hierover aflevering 8. Startpunt van de analyse is dat de relaties tussen de woorden te herleiden zijn tot drie basisrelaties: 1 de naamwoordelijke relatie, gebaseerd op het koppelwerkwoord ‘zijn’, bijvoorbeeldhoeslaken; 2. de werkwoordelijke relatie, met onderwerp of agens, lijdend voorwerp, enz., bijvoorbeeldmoederliefde; 3 de bijwoordelijke relatie, met bepalingen van tijd, plaats, enz., bijvoorbeeldmaandabonnement. De vorige aflevering ging over naamwoordelijke relaties. Deze aflevering gaat over de werkwoordelijke relaties.

Er lijkt een tweede soort van relaties te bestaan die alle herleidbaar zijn tot een relatie met het werkwoord, uitgezonderd natuurlijk het koppelwerkwoord ‘zijn’ dat de basis vormt voor de vijf naamwoordelijke relaties in de vorige aflevering. Het lijkt handig om de volgende drie te onderscheiden.

Werkwoordelijke relaties

  1. onderwerp mannenpraat, rookschade, familiegeheim, prijsstijging
  2. lijdend voorwerp kinderverzorging, tuinsproeier
  3. voorzetselvoorwerp slaolie, crisisoverleg, kraamcadeau

In 6 kan het onderwerp een actor zijn: ‘wie doet er iets’ zoals inmannenpraat, maar ook een veroorzaker (rookschade) of een bezitter (familiegeheim) en het onderwerp kan ook onderdeel zijn van een gebeurtenis, in intransitief gebruik, zoals inprijsstijging. In 7 gaat het vaak om samenstellingen waarvan het tweede deel te herleiden is tot een overgankelijk werkwoord; in de voorbeelden: ‘verzorgen’ en ‘sproeien’.

In 8 zijn alle andere voorwerp-relaties samengenomen: meewerkend, belanghebbend, enz., omdat een nader onderscheid lastig is. Het gaat om constructies met ‘onderliggend’ een werkwoord dat een vast voorzetsel bij zich heeft. Hier staan voorbeelden met ‘voor’ (slaolie) en ‘over’ (crisisoverleg). Maar het kan ook een omschrijvend voorzetsel zijn: ‘met betrekking tot’, ‘ten aanzien van’, ‘ter gelegenheid van’ zoals inkraamcadeau.

En nu maar hopen dat deze drie onderscheidingen duidelijk zijn. Een oefening kan helpen om na te gaan of dit ook werkelijk zo is. Kun je bij de volgende twaalf samenstellingen met een nummer aangeven welke relatie zich verschuilt tussen de woorden? Als je vindt dat er meer relaties van toepassing zijn, noteer dan twee nummers. Je kunt ook de naamwoordelijke relaties uit de vorige aflevering in de codering betrekken. Zie het overzicht woordwoordcombinaties. Het kan zijn dat geen van de relaties van toepassing is. Zet dan een vraagteken. De antwoorden staan onder de streep.

deurwaarder kruisbessenvariant sporttrui
hardheidsclausule landschapspijn* staatsbemoeienis
Koningsdag regenboog schrijversstandbeeld
kruisbessenjam sciencefiction zonnescherm

* pijn veroorzaakt door de aanblik van verknoeid landschap

Antwoorden

De vraag luidde als volgt. Kun je bij de volgende twaalf samenstellingen met een nummer aangeven welke relatie zich verschuilt tussen de woorden? Als je vindt dat er meer relaties van toepassing zijn, noteer dan twee nummers. Je kunt ook de naamwoordelijke relaties uit de vorige aflevering in de codering betrekken. Zie het overzicht woordwoordcombinaties. Het kan zijn dat geen van de relaties van toepassing is. Zet dan een vraagteken. Hier volgen de antwoorden.

deurwaarder 7 lijdend voorwerp(letterlijke betekenis ‘deurbehoeder’)
hardheidsclausule 8 voorzetselvoorwerp, ‘clausule over hardheid’
Koningsdag 8 voorzetselvoorwerp (t.g.v. de verjaardag van de koning)
kruisbessenjam ? andere relatie: ‘gemaakt van’. Wel mogelijk is 5, ‘bestaat uit’
kruisbessenvariant 8 voorzetselvoorwerp, ‘variant op kruisbes’
landschapspijn 6 onderwerp (het landschap veroorzaakt pijn)
regenboog ? andere relatie: ‘regen’ geeft hier de tijd aan.
sciencefiction 8 voorzetselbepaling, ‘over’ of ‘m.b.t.’
sporttrui ? het gaat hier om een relatie van doel of functie
staatsbemoeienis 6 onderwerp
schrijversstandbeeld 8 voorwerpsrelatie, ‘voor’
zonnescherm 8 voorzetselbepaling, ‘tegen’

Drie samenstelling hebben een relatie die niet valt onder te brengen:kruisbessenjam, regenboog en sporttrui. Over deze (bijwoordelijke) samenstellingen gaat de volgende aflevering.

Dit bericht is geplaatst in column, taalkunde met de tags , , , . Bookmark de permalink.