Gedicht: Maria Barnas • Toekomst

Uit Nachtboot, de nieuwe bundel van Maria Barnas.

Toekomst

Een bureaustoel rolt stommelend weg.

Ik zou tegen de spiegel kunnen zeggen: jij bent die vis.
En daarbij: je zult me beminnen o teerbeminde
wat smak je nou is dat soms snakken aan het oppervlak?

We kunnen zeggen: de toekomst is een geblakerde spiegel.
Of: er is een toekomst die we vormgeven.
Er komen vissen in voor

onder te dompelen in zwaar water en op te rapen
als donkere robijnen te bewaren bij de bank
of bij de woorden onder je matras.

De roggen in het zeeaquarium kun je overigens aaien.
Ze wenden de vleugels naar de strelende vingertoppen

die vormen van een toekomst oefenen
op een beeldscherm waarop het licht haast breekt.

Maria Barnas (1973)
uit: Nachtboot (2018)

———————————–