Poezengedicht 5: Gerrit Komrij – Je kat

• Vandaag is het de zesde sterfdag van Gerrit Komrij.

Je kat

Vanmiddag gaf je je kat een kopje en likte haar
Staart schoon, toen ze plotseling naar je opkeek,
Zoals je daar op je knieën zat, en merkbaar
Aangedaan zei ze: ‘Jongen, wat zie je bleek.’

Ze merkte niet meer hoe je naar haar terugkeek,
Want ze kneep haar ogen toe, en legde haar kop
Plat over haar voorpoten heen. Even streek
Je haar huid nog glad en hield toen verslagen op.

Tuberculeuze muziek dreef door het huis en
Je voelde je kleiner worden – onverwacht
Werden haar poten zo groot als leidingbuizen
En lag je verschrompeld tegen haar vacht.

Gerrit Komrij (1944-2012)

———————————–

Dit bericht is geplaatst in gedicht met de tags , , . Bookmark de permalink.