Mijn antwoorden op het centraal examen Nederlands vwo 2018

Door Marc van Oostendorp

Samen met een groep anderen heb ik vanmiddag op het Dominicus College het centraal eindexamen (cse) Nederlands gemaakt. Omdat het correctiemodel niet online staat zijn hier mijn antwoorden; ik heb het examen vrijwel zeker niet perfect gemaakt. Onze examens gaan mee in de correctierondes voor de gewone kandidaten; te zijner tijd zal ik natuurlijk vertellen welk punt ik heb gehaald.

De opgaven staan hier. Een verslag van Voxweb staat hier; een reportage van de NRC hier en een van Omroep Gelderland hier.

  1. C
  2. A
  3. B
  4. Door een dergelijk irreëel scenario te schetsen, komt Hawking niet toe aan waar het om gaat: een echt menselijke oplossing.
  5. A
  6. D
  7. B
  8. Het is paradoxaal dat juist wie zich beroept op Erasmus, diens vak aan de kant schuift. Nederland eert Erasmus, maar schuift de filosofie aan de kant.
  9. Het beleid in het hoger onderwijs is bedrijfseconomisch fatalistisch. Belangrijke opleidingen worden gesloten omdat ze geen studenten hebben. Andere criteria worden genegeerd. Dat is een slechte ontwikkeling.
  10. Men let op de onmiddellijke kosten, niet op het grotere belang. (Oscar Wildes definitie van een cynicus.)
  11. Ten eerste zijn instellingen voor hoger onderwijs belangrijke hoeders van ons culturele erfgoed, dat niet verloren mag gaan. Ten tweede is puur intellectuele vorming uiteindelijk ook van economisch belang. Ten derde vraagt een tijd van politieke instabiliteit om specialisten die andere culturen door en door kennen.
  12. A
  13. D
  14. C
  15. A
  16. D
  17. Ten eerste kun je in Rotterdam nog steeds filosofie studeren, zij het bij een andere faculteit. Ten tweede vind je in de nabijheid van Rotterdam nog andere opleidingen filosofie. Ten derde zijn er nog altijd veel meer geesteswetenschappers dan bèta’s. Ten vierde gebeuren juist aan technische universiteiten interessante dingen waarbij wijsgerig geïnteresseerden beter aan hun trekken komen.
  18. D
  19. 1. ‘Grote Vragen’, 2. ‘de contactgestoorde ingenieur’, 3. ‘het hele gebeuren’, 4. ‘oude koeien’, 5. ‘het eenzame eilandje wijsbegeerte’, 6. ‘een leger van communicatiewetenschappers’, 7. ‘Gelukkig’
  20. Natuurwetenschappers ondernemen zelf interessante alfa-achtige activiteiten. De echt boeiende zaken gebeuren bij de technici. Alfa’s moeten zich daarom niet krampachtig in hun eigen domein opsluiten.
  21. Tekst 1 presenteert als een belangrijke taak voor geesteswetenschappers dat ze de grote vragen waartoe technologische ontwikkelingen aanleiding geven beantwoorden. Tekst 2 stelt dat de geesteswetenschappen een eigen, belangrijke, maatschappelijke rol vervullen doordat ze kennis doorgeven die van grote waarde is en die je elders niet vindt. Tekst 3 ontkent dat de geesteswetenschappen grote waarde hebben; de auteur ziet ze liever geïntegreerd in andere (bèta-)wetenschappen.
  22. 1,3,45
  23. “De Erasmus… overheid krijgt.”
  24. “Dan moet… geesteswetenschappen toejuichen.”
  25. 1.onachtzaamheid voor breder maatschappelijk nut
    2.bestuurders aan de leiband van het rendementsdenken
    3.geld overhevelen van studies die het makkelijk redden naar belangrijke opleidingen die het moeilijk hebben
    4. beperkt denkende opiniemakers
    5. opheffen van scheidslijnen
  26. D
  27. Docenten die de juiste attitude hebben kunnen hun leerlingen leren zich intellectueel beter te ontwikkelen.
  28. Zij moeten niet laten merken dat ze denken dat de capaciteiten van leerlingen ontoereikend zijn; ze moeten de overtuiging uitstralen dat de hersenen werken als een spier.
  29. A
  30. 1. je hard werkt en je hersenen traint
    2.kan door gemotiveerde docenten worden aangeleerd
  31. Het beeld van Pygmalion was niet plotseling levend, maar werd dit door actief ingrijpen van de godin. Zo wordt een kind niet ‘zomaar’ slim, maar door actief ingrijpen van een docent.
  32. Als ze niet overtuigd worden dat ze te weinig kunnen én ze niet faalangst raken door verkeerde verwachtingen bij hoog IQ.
  33. Is intelligentie aangeboren of aangeleerd?
    Wat is een slimme manier om kinderen op te leiden?
  34. Talent is in de eerste plaats iets wat ontwikkeld kan worden, geen noodlot.
  35. In tekstfragment 1 wordt explicieter gemaakt dat men niet slechts streeft naar een goede baan, maar naar excellentie. Daarbij worden ook andere kwaliteiten dan cognitieve genoemd.