Met taal gaat hij naar bed

Een geschiedenis van het Nederlands in 196 sonnetten (175)
Het Nederlandse sonnet bestaat 453 jaar. Hoe is het de taal in die tijd vergaan?

Door Marc van Oostendorp

De taalsmid

De klinker en de medeklinker zijn
De weke onderbuik en het korset.
Dichter is hij die, schijnbaar zonder pijn,
Het vormeloze in de steigers zet.

Zijn woorden, corpulent of slank van lijn,
Verenigen zich vloeiend tot couplet.
De moeiteloosheid, niet het rookgordijn,
Is zijn geheim. Met taal gaat hij naar bed.

De taal, van A tot Z, is zijn fles wijn.
Halfdronken wordt er, zomaar voor de pret,
Een kind verwekt, een epos of kwatrijn,

Of iets daartussenin, zeg een sonnet,
Terwijl de lezer onbekend blijft met
Zijn worsteling met spekvet en balein.

(Gerrit Komrij)

In dit gedicht is iemand aan het opscheppen over hoe moeiteloos hij orde weet te scheppen – en dat terwijl het gedicht altijd vrij chaotisch is geweest.

Het gedicht gaat in reuzenstappen door de taal, van klein naar groot. Het begint met de fonologie, de betrekkelijk vormeloze klinkers die worden ingekaderd door de hardere medeklinkers. Zoals vaak bij Komrij krijgt het al snel allemaal iets erotisch – er valt volgens mij een interessant proefschrift te schrijven over de seksuele onderstroom die er altijd in zijn werk zit: als we op het niveau van de woorden zijn ‘verenigen’ zich deze al ‘vloeiend’ en het duurt niet lang of de dichter gaat met de taal naar bed en verwekt een kind – een compleet gedicht, van enige omvang.

Maar ondertussen is die taal van een bedpartner wel veranderd in een ‘fles wijn’, het afrodisaicum. Zoals eerder iemand een dichter wordt genoemd die klinkers en medeklinkers weet te combineren – alsof er mensen zijn die dat niet kunnen. En zoals in het tweede couplet eerst wordt gesuggereerd dat de woorden zélf samen smelten, terwijl we vervolgens daar de dichter om moeten eren, die vervolgens eigenlijk zelf de liefde bedrijft. Met een fles.

Je ziet in dit gedicht, als je goed kijkt, het spekvet dus als het ware zitten tussen de baleinen. Niks moeiteloosheid, alleen rookgordijn. En precies dat werkt sensueel.

 

BewarenBewaren

Over Marc van Oostendorp

Marc van Oostendorp is onderzoeker aan het Meertens Instituut (KNAW). hoogleraar aan de Radboud Universiteit en hoofdredacteur van Neerlandistiek. Hij heeft een website, een YouTube-kanaal en een Twitter-account.
Dit bericht is geplaatst in column met de tags , , , . Bookmark de permalink.

Één reactie op Met taal gaat hij naar bed

  1. Rob Alberts schreef:

    Een mooi gedicht

    Vredelievende groet,

Reacties zijn gesloten.