Laat staan

Door Ad Foolen

In de recente berichtgeving over de stakingen bij Air France werd de vraag besproken in hoeverre de Franse regering als aandeelhouder van de luchtvaartmaatschappij zich met de staking zou moeten bemoeien. De NRC stelde in een artikel van 7 mei j.l. vast: Toch lijkt de huidige Franse regering meer afstand te houden. Premier Edouard Philippe, laat staan Emmanuel Macron heeft vrijdag op de uitslag van de personeelsconsultatie gereageerd.

Ik beken eerlijk dat ik deze zin een tweede keer las alvorens verder te lezen. En natuurlijk kon ik het niet laten me af te vragen waardoor het kwam dat ik een tweede aanloop moest nemen. Ik kwam tot de volgende overwegingen, die draaien om laat staan.

Laat staan z’n vrienden

Bij laat staan verwacht ik een negatie in de context. De grammatica’s van het Nederlands geven me daarin gelijk, zie bv. de ANS (editie 1997), die tot twee keer toe (p. 566 en 1650) schrijft dat aan laat staan een negatieve zin vooraf moet gaan, met als voorbeelden o.a. Hij kan niet eens Engels, laat staan Frans. Inderdaad, zo’n zin lees ik geen twee keer, die is meteen duidelijk en opgebouwd volgens de ook door mijn interne grammatica gedeelde regels. Laat staan interpreteren we hier automatisch als ‘en al helemaal niet’, waarmee als het ware de negatie uit het voorgaande opgepikt wordt en versterkt toegepast wordt op wat volgt: ‘niet eens Engels, en al helemaal niet Frans’.

Nu hebben Arie Verhagen en ik (in 2003, in de bundel Waar gaat het Nederlands naartoe?, geredigeerd door Jan Stroop) al eens geconstateerd dat de grammaticale regel die een negatieve context vereist, in de praktijk van het taalgebruik niet altijd gevolgd word. Soms wordt laat staan ook gebruikt om simpelweg een sterker geval te noemen zonder dat er een negatieve context aanwezig is, zoals in het volgende voorbeeld uit 2002: … de dood van Pim Fortuyn, die iedereen heef geschokt, laat staan z’n vrienden. Hier is een positieve parafrase, ‘en al helemaal’ op z’n plaats, de standaardinterpretatie ‘en al helemaal niet’ zou niet tot een coherente tekst leiden. Dit voorbeeld staat niet op zichzelf, in het genoemde artikel geven we meer voorbeelden. Hier is nog een voorbeeld: De verloving rehabiliteert die man nu al, laat staan het huwelijk, laat staan de troonopvolging (een voorbeeld uit het internet, waarbij met ‘die man’ de toenmalige Prins Willem-Alexander bedoel is). Iedere lezer zal hier automatisch laat staan opvatten als ‘en al helemaal’.

Laat staan dat je het hoort

Bij het lezen van een tekst zal een lezer dus altijd moeten beslissen of laat staan bedoeld is als ‘en al helemaal’ of als ‘en al helemaal niet’. Die keuze wordt aangestuurd door de context: als daarin een negatie voorkomt, de standaardsituatie, dan zal laat staan als ‘en al helemaal niet’ geïnterpreteerd worden, bij een positieve context zal ‘en al helemaal’ wel de juiste interpretatie zijn.

In het genoemde artikel hebben we ook laten zien dat de notie ‘negatieve context’ een rekbaar begrip is. De negatie hoeft maar zwak zwak aanwezig te zijn om de negatieve interpretatie van ‘en al helemaal niet’ aan te sturen, vgl. het volgende voorbeeld:

Je ziet nog amper het verschil tussen Melkert, Rosenmöller en Thom de Graaf. Laat staan dat je het hoort (Youp van ’t Hek, NRC 2001). De lezer zal hier makkelijk de negatieve interpretatie kiezen: ‘je ziet het amper en je hoort het al helemaal niet’. Als je een verschil niet ziet, dan zul je het zeker niet horen, volgens de schrijver. In deze tekst is het het naar niet neigende element amper in de voorgaande zin dat de lezer op het juiste been zet.

Lenig

Terug naar de tekst die aanleiding voor dit stukje was, hier nogmaals herhaald: Toch lijkt de huidige Franse regering meer afstand te houden. Premier Edouard Philippe, laat staan Emmanuel Macron heeft vrijdag op de uitslag van de personeelsconsultatie gereageerd. De zin waarin laat staan voorkomt is een positieve zin, wat ons tot de ‘en al helemaal’-interpretatie zou kunnen verleiden: ‘Premier Edouard Philippe heeft vrijdag op de personeelsconsultatie gereageerd en Emmanuel Macron al helemaal’. Maar tegen de achtergrond van de voorafgaande zin is deze interpretatie niet coherent, er wordt in het voorgaande juist gesteld dat van regeringswege afstand werd gehouden. De interpretatie moet dus zijn: ‘De premier heeft niet gereageerd, en Macron al helemaal niet’. We moeten als lezer niet alleen laat staan interpreteren als ‘en al helemaal niet’, maar ook nog een negatie extra in het voorafgaande deel van de zin invoegen, om het interpretatieschema ‘X niet, en Y al helemaal niet’ krijgen.

Het is blijkbaar het werkwoord afhouden in de voorgaande zin, dat ons op het juiste interpretatiebeen moet zetten: afhouden is ‘niet reageren’. Hier hebben we de (impliciete) negatie en die moet ervoor zorgen dat we de daarop volgende zin negatief interpreteren, hoewel er nergens een negatief element in de zin zelf voorkomt. Zoals gezegd, ook laat staan is niet per se een negatief element, soms is het positief als ‘en al helemaal’ te interpreteren. Niet alleen moeten we voor laat staan de negatieve interpretatie kiezen (Macron niet), we moeten ook nog interpretatief een negatie aan het voorgaande toevoegen (de premier niet).

Het zij de lezer, mijzelf in dit geval, dus vergeven dat hij een tweede aanloop moest nemen om op het juiste interpretatiebeen te landen. Waarmee ik helemaal niet wil zeggen dat de journalist in gebreke blijft, slecht Nederlands schrijft, teveel van de lezer vergt. De Nederlandse taal is lenig, en ja, in je luie stoel de krant lezen houdt ook de lezer lenig, mentaal althans.

Dit bericht is geplaatst in geen categorie. Bookmark de permalink.

11 reacties op Laat staan

  1. Mient Adema schreef:

    Je moet als lezer/luisteraar toch wel over enige fantasie beschikken om “laat staan” van het juiste synoniem te voorzien. Het beeld van laten staan (overslaan, optisch) zou je kunnen vergelijken met het beeld van verzwijgen (om nog maar te zwijgen van, akoestisch) of iets aandikkends (a fortiori, en dus zeker ook).
    Het makkelijkst is inderdaad die negatieve contekst. Maar als je tot iets anders gedwongen wordt, wordt het lastiger bij een ingewikkelde voorzin altijd de bedoelde relatie te kiezen; elk woord uit die zin zou die “laat staan”-associatie kunnen oproepen.
    Het houdt je mentaal lenig, maar om nou te zeggen dat het klare taal is…
    Een interviewer zou zeggen “hoe bedoelt u?”

    • Mient Adema schreef:

      Maar, na herlezing, ligt het zwaartepunt toch op het feit dat die tweede zin zonder de eerste een onzinnige is. Je begrijpt in eerste instantie dat zij beiden juist wel hebben gereageerd. Macron nog het ergst. Foutje! 🙂

  2. Ad Foolen schreef:

    Dank Mient voor je reflectie over de voorbeeldzin. Naar aanleiding van je reactie heb ik nog eens naar de zin gekeken, hier herhaald: “Toch lijkt de huidige Franse regering meer afstand te houden. Premier Edouard Philippe, laat staan Emmanuel Macron heeft vrijdag op de uitslag van de personeelsconsultatie gereageerd.” De schrijver had ook ‘noch’ kunnen gebruiken, dan zou de zin wel meteen duidelijk zijn geweest: Edouard Philippe niet en ook Emmanuel Macron niet. Maar dan zou de scalerende betekenisdimensie afwezig zijn, blijkbaar wilde de journalist ook overbrengen dat als het om de regering gaat de premier eerder in aanmerking komt om te reageren dan president Macron. Misschien kunnen we zeggen dat het Nederlands hier een klein systeempje heeft gevormd, bestaande uit ‘noch’ en ‘laat staan’, met ‘laat staan’ als de scalerende tegenhanger van ‘noch’.

  3. Mient Adema schreef:

    Ik weet niet of we allemaal wel dezelfde gevoelens hebben bij dit fenomeen en of je er steeds van zou moeten uitgaan dat “laat staan” nu terugslaat op een negatief iets of (zoals uit het stuk min of meer blijkt, zie Willem Alexander) mogelijk ook op iets niet-negatiefs. Misschien moet je wel iets negatiefs creëren om “laat staan” helemaal correct uit de verf te laten komen.

    Dat het een scalerende werking heeft (en dan zeker…) lijkt me evident.
    De uitleg van een uitspraak met “laat staan” kan dan echter twee kanten op: wat je leest is waar of wat je leest is niet waar. Lees er dan maar “niet” bij.

    In de voorbeeldzinnen speelt dezelfde dubbelzinnigheid:

    Optie 1: de regering lijkt wat afstand te nemen, en niet alleen de premier, maar ook de president laat na te reageren op wat het personeel zegt. De tussengedachte is dan dat het niet-reageren als het ware het bewijs is van het afstand nemen. Macron is daarin het sterkst.

    Optie 2: de regering lijkt wat afstand te nemen, en niet alleen de premier, maar ook de president laat na te reageren op wat het personeel zegt. Hierbij is de tussengedachte dat het er weliswaar op lijkt dat de regering wat afstand neemt, maar vergis je niet: die Philippe heeft het hoogste woord en over Macron hoeven we het al helemaal niet te hebben, die haantje-de-voorste kennen we allemaal wel.

    Optie 1 is zonder twijfel bedoeld, maar daarbij is “laat staan” wel erg blootgesteld aan een tweede en derde beoordeling van de tekst. Bovendien speelt de contekst van je eigen wetenschap natuurlijk mee.

  4. Ad Foolen schreef:

    Ik ben onzeker of optie 2 werkelijk een interpretatiemogelijkheid is. Wel helemaal mee eens dat je als lezer je achtergrondkennis moet inbrengen om tot een coherente interpretatie te komen. En als je die achtergrondkennis niet hebt, dan maak je uit de tekst eventueel op welke achtergrondkennis de schrijver bij je verwacht had. Met andere woorden, je ‘repareert’ je achtergrondkennis op basis van het stukje. Als je mij buiten deze tekst om gevraagd had of de premier of de president de eerst aangewezene zou moeten zijn om te reageren, dan had ik het antwoord niet geweten. Uit de tekst maak ik op dat dat blijkbaar de premier moet zijn. Als die gereageerd heeft, dan zal zeker iemand die niet geacht wordt als eerste te reageren, dat zeker niet gedaan hebben.

    • Mient Adema schreef:

      Ik probeer een sluitende redenering te vinden voor het verschil in uitleg dat we hebben geconstateerd. In de ene situatie moet je “laat staan” vertalen met “en dan zeker” en in een andere met “en dus zeker niet” of liever “en dus zeker evenmin”. Ik denk dat dat te maken heeft met de twee gedachten die je aan elkaar verbindt en waarvan de ene een sprekender effect heeft dan het andere.

      Philippe en Macron, hebben die nu ja of nee gereageerd?
      Je kunt, zoals ik, in eerste instantie denken dat Macron nu niet echt het verlegenste type is dat heel gemakkelijk zijn commentaar ten beste geeft. Vanuit dat idee hebben ze beiden gereageerd, want over Macron hoeven we het al niet meer te hebben en Philippe (de hoofdzin zegt het al) reageert natuurlijk.

      Maar nu is niet dat karakter van Macron leidend in ons hoofd, maar het politieke gegeven dat een premier en niet de president de eerste spreekbuis naar de bevolking is. In dat gedachtenspinsel hebben we het niet reageren door Macron al in ons hoofd zitten en hevelen we dat negatieve element uit de boodschap over naar Philippe. Want over die twee personen hadden we ‘t, toen we er een lieten staan.

      En dan lijkt me de verhouding tussen de scaleerder en het gescaleerde van belang.

      Vergelijk eens: Ik heb dit stuk begrepen, laat staan doorgrond (1)
      Ik heb dit stuk doorgrond, laat staan begrepen (2)

      Als we even van het (algemeen aanvaarde) uitgangspunt uitgaan dat doorgronden de optimale vorm van begrijpen is. dan heeft (1) een negatieve betekenis, omdat de redenering is: als het een niet waar is, is het ander dat ook niet.
      Je gaat van laag naar hoog en de zinsdelen moeten beide aangeven dat je er geen zier van snapt.

      Bij (2) ga je van hoog naar laag en daar zal het lage des te waarder zijn, nu je zo hoog met dat doorgronden hebt ingezet. Conclusie: positieve betekenis.

      Maar ik moest hier maar eens mee stoppen. Taal moet een beetje mindfuck blijven…

      • Ad Foolen schreef:

        Helemaal mee eens dat de schaal in twee richtingen ‘afgetast’ kan worden. Als je van boven naar beneden gaat (van doorgronden naar begrijpen) dan heb je voor de positieve interpretatie van ‘laat staan’ gekozen, en bij de richting van beneden naar boven de negatieve. Deze observatie versterkt nog eens het punt dat de lezer heel wat interpretatief werk te doen heeft om tot een lezing te komen, hopelijk dezelfde die de schrijver bedoeld heeft. Mient, dank voor het meedenken!

        • Mient Adema schreef:

          Zonder Neerlandistiek is onze nachtrust slechts loomheid, laat staan een belevenis. 🙂

  5. Theo Janssen schreef:

    Zou het toeval zijn dat de zin-in-kwestie ontbreekt in de bijgewerkte versie van het artikel? Er staat nu:
    “Toch lijkt de huidige Franse regering meer afstand te houden. „De staat is er niet om schulden over te nemen of bedrijven te hulp te schieten die niet de noodzakelijke inspanningen doen om concurrerend te worden”, zei minister van Financiën Bruno Le Maire op tv-zender BFM.”

    • Ad Foolen schreef:

      Theo, dank voor het signaleren van deze tekstwijziging. Ik wist niet dat men dat deed, achteraf krantenstukken herschrijven. Of zouden ze bij de NRC ook Neerlandistiek lezen? In ieder geval weten we nu dus dat de Franse regering het reageren aan de minister van Financiën overliet en dat de premier en president zich (voorlopig) stil houden.

      • Theo Janssen schreef:

        Ja, Ad, wat meer neerlandistiek zou goed zijn voor de journalistiek, laat staan voor de politiek.

Reacties zijn gesloten.