20 april 2018, Leiden: Themamiddag Lang leve de vaderlandse taal en cultuur!?

Maatschappij der Nederlandse Letterkunde
Themamiddag Commissie voor Taal- en Letterkunde
Vrijdag 20 april 2018 – Vossiuszaal UB Leiden

Welke rol hebben de geesteswetenschappen in de samenleving? De studie van de ‘moedertaal’, de ‘vaderlandse’ literatuur en de ‘nationale’ geschiedenis kreeg gestalte rond 1800. De neerlandistiek en de vaderlandse geschiedenis werd een prominente rol toebedacht in de natievorming. De geesteswetenschappen dienden zo eerst en vooral een groot maatschappelijk belang.

Welke belangen dienen de geesteswetenschappen vandaag de dag? Is er nog een brede maatschappelijke functie? Of is er vooral een academisch belang? Moet dat academisch belang “gevaloriseerd” worden en zo ja, hoe dan? Waartoe zijn de neerlandistiek en de vaderlandse geschiedenis (nog) op aard?

Onder leiding van dagvoorzitter Peter Altena zullen prominente geestes-wetenschappers spreken en debatteren over dit thema: Gert-Jan Johannes, Odile Heynders, Roland de Bonth, Henk te Velde en Lotte Jensen.

De Commissie voor Taal- en Letterkunde nodigt iedereen van harte uit voor deze themamiddag.

Aansluitend wordt het eerste exemplaar van de bundel Language, Literature and the Construction of a Dutch National Identity (1780-1830), die bij AUP verschijnt, aangeboden aan Joep Leerssen.

Programma
13.30u Opening
15.00u Koffie/thee
16.30u Boekpresentatie
Aansluitend borrel

Organisatie & opgeven
Georganiseerd door Rick Honings, Ton van Kalmthout en Gijsbert Rutten
Opgeven a.u.b. voor 10 april 2018 bij Gijsbert Rutten (g.j.rutten@hum.leidenuniv.nl)

Dit bericht is geplaatst in evenementenagenda met de tags , , . Bookmark de permalink.

2 Responses to 20 april 2018, Leiden: Themamiddag Lang leve de vaderlandse taal en cultuur!?

  1. Anton schreef:

    De franse overheersing als instigerende factor had misschien wel in een voetnootje weggestopt mogen worden. Zo lijkt de vlucht teveel gedreven op vaderlandsche wieken.

  2. Peter Altena schreef:

    De vlucht dreef ook op ‘vaderlandsche wieken’. Jacob van Dijk, over wie ik een stuk in het boek schreef, rondde zijn literatuurgeschiedenis af in 1792. In dat jaar heersten de Oranjes, dankzij Pruisisch ingrijpen, weer als lang daarvoor. Het lijkt me een simplificatie om de beoefening van de litratuurgeschiedschrijving exclusief met de Franse overheersing (als instigator) in verband te brengen. Politieke motieven waren meer dan eens wél in het geding, maar ook voor 1794 was er politiek in de Republiek.

Reacties zijn gesloten.