Als Anne, Janne en Sanne elkaar iksen

Door Marc van Oostendorp

Anne, Janne en Sanne kennen elkaar: wie kent dan wie? Normaliter zul je ervan uitgaan dat de volgende zaken waar zijn:

  • Anne kent Janne.
  • Anne kent Sanne.
  • Janne kent Anne.
  • Janne kent Sanne.
  • Sanne kent Anne.
  • Sanne kent Janne.

Met andere woorden: iedereen kent iedereen. Toch heeft elkaar niet altijd precies die betekenis, zegt  een groep Utrechtse en Telavivse taalkundigen in een nieuw artikel in Glossa. Neem bijvoorbeeld de volgende zin:

  • Anne, Janne en Sanne bijten elkaar.

Die zin zul je meestal niet interpreteren als:

  • Anne bijt Janne.
  • Anne bijt Sanne.
  • Janne bijt Anne.
  • Janne bijt Sanne.
  • Sanne bijt Anne.
  • Sanne bijt Janne.

In plaats daarvan ga je ervan uit dat ieder lid van de groep een ander lid van de groep bijt (en in het beste geval ook dat ieder lid van de groep door een ander lid gebeten wordt). Er wordt dus drie keer gebeten. De Utrechters en Telavivenaren noemen dit S3 (er zijn drie acties), en de betekenis van ‘A, J en S kennen elkaar’ noemen ze S6 (er zijn zes acties).

Nogal logisch, zeggen veel semantici: je kunt nu eenmaal niet meer dan één persoon tegelijkertijd bijten. De betekenis van elkaar wordt daardoor gebonden; je gaat er als luisteraar vanuit dat als een groepje elkaar ikst (voor een willekeurig werkwoord x), dat er dan zoveel mogelijk leden uit het groepje zoveel mogelijk andere leden in het groepje iksen, maar dat binnen de logische mogelijkheden van de actie x in kwestie. Er is geen grens aan hoeveel mensen je kunt kennen, en daarom levert de kennen-zin betekenis S6 op. Omdat bijten wel beperkt is, krijg je ten hoogste betekenis S3.

Maar in een serie experimenten lieten de auteurs Nederlanders en Israëli’s luisteren naar nog een andere zin, en te proberen te zien welke actie daarmee correspondeert (zie het plaatje hierboven):

  • Anne, Janne en Sanne knijpen elkaar.

Voor mensen met twee functionerende handen en armen is het heel wel mogelijk om twee mensen tegelijkertijd te knijpen. Je zou dus verwachten dat de betekenis van deze zin S6 is, maar heel veel mensen kozen bij het luisteren naar dat plaatje voor het linkerplaatje (A) hierboven, en niet voor het rechter (B). Ze hadden met andere woorden een voorkeur voor de S3-betekenis, ook al is de ‘wijdsere’ betekenis wel mogelijk.

Dat vertelt ons dus iets over de manier waarop we elkaar interpreteren. We kiezen niet een zo groot mogelijke groep acties die logischerwijs mogelijk is, we gaan ook uit van de typische betekenis van een werkwoord. Je kunt wel meer dan een persoon tegelijkertijd knijpen, maar erg vaak gebeurt dat niet en we beschouwen dat ook niet als de normale gang van doen. Voor kennen is dat niet: er is voor ons (taal)gevoel geen grens aan hoeveel mensen je tegelijkertijd kunt kennen.