Gedicht: Anna Blaman – Regen

Nieuwe titels in de DBNL, waaronder veel van Anna Blaman.

Regen

Het lied is tot een dreun versleten
Ik stop mijn oren dicht en schrei
Jij regen, van een droom bezeten
en zonder kentering of tij –
eerst dacht ik dat wij samen zongen
een hymne tussen God en grond
dat ons bijeenbehoren was voldongen
omdat ook ik daar tussen stond

Je grote lied, je grijze ogen
verwijlen smachtend voor mijn ruit
Het is het zinloos mededogen
van een vampyr voor zijn buit
Het hoofd omlaag de hemel uitgesprongen
tussen de flatten door, een luchtmeermin,
zal jij me, naar het venster heengedrongen,
hymnisch verleiden de gore straatgoot in

Anna Blaman (1905-1960)
uit: Anna Blaman over zichzelf en anderen (1968)